ECLI:NL:PHR:2017:1186

ECLI:NL:PHR:2017:1186, Parket bij de Hoge Raad, 12-09-2017, 16/01346

Instantie Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak 12-09-2017
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 16/01346
Rechtsgebied Strafrecht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:2018:21
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 3 zaken
4 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001830 BWBR0001854 BWBR0001903 BWBR0030885

Samenvatting

Voorzitter Hof heeft in zijn hoedanigheid van Rh-C (poortraadsheer) ex art. 411a.1 Sv enig onderzoek in de zaak verricht door getuigenverzoek toe te wijzen. Functiecumulatie van Rh-C en voorzitter Hof. Behandeling door onpartijdig gerecht en toepasselijkheid art. 268.2 Sv in h.b.? Art. 268.2 Sv verbiedt op straffe van nietigheid dat de rechter die als RC enig onderzoek in de zaak heeft verricht, deelneemt aan het onderzoek ttz. In ECLI:NL:HR:1997:ZD0798, NJ 1998/188 is geoordeeld dat bij niet-naleving van dit voorschrift sprake is van "een zodanig gebrek (...) in de samenstelling van het gerecht dat de behandeling van de zaak niet heeft plaatsgevonden door een onpartijdige rechterlijke instantie a.b.i. art. 6.1 EVRM". Gelet op de wetsgeschiedenis houdt HR het ervoor dat de wetgever niet heeft beoogd het verstrekkende verbod van art. 268.2 Sv toepasselijk te laten zijn op het rechtsgeding in h.b.. Het middel, dat is gebaseerd op de opvatting dat art. 268.2 Sv in h.b. van toepassing is, faalt derhalve. Opmerking verdient nog dat het deelnemen van een raadsheer, die als Rh-C in de zaak enig onderzoek heeft verricht, aan het onderzoek ttz. in h.b. onder bijzondere omstandigheden met zich kan brengen dat de behandeling van de zaak niet heeft plaatsgevonden door een onpartijdige rechterlijke instantie a.b.i. art. 6.1 EVRM. Het optreden van de Rh-C ex art. 411a Sv dat zich beperkt tot het voor aanvang van het onderzoek ttz. in h.b. nemen van de beslissing of een getuige wordt gehoord - welke beslissing in wezen niet verschilt van een zogeheten voorzittersbeslissing a.b.i. art. 412.1 jo. 258.2 Sv - brengt echter niet met zich dat vanwege het nadien deelnemen van die Rh-C als raadsheer aan het onderzoek ttz. in h.b. de behandeling van de zaak daardoor niet heeft plaatsgevonden door een onpartijdige rechterlijke instantie als hiervoor bedoeld. CAG: anders

Uitspraak

18. Het eerste middel slaagt.

19. Het tweede middel klaagt dat het hof ongemotiveerd is afgeweken van het uitdrukkelijk onderbouwde standpunt van de verdediging dat de verklaring van de getuige [betrokkene 2] wordt uitgesloten door de verklaring van de getuige [betrokkene 1] en de verdachte mede daarom diende te worden vrijgesproken.

20. De schriftuur wijst op de volgende passages uit de blijkens het proces-verbaal van de terechtzitting in hoger beroep van 18 februari 2016 voorgedragen en daaraan gehechte pleitnotities:

“Getuige [betrokkene 1]

15. Voorts heeft de vriend van cliënt, [betrokkene 1] , een korte globale verklaring bij de politie en een uitgebreide bij de RHC afgelegd over hetgeen hij heeft waargenomen op die bewuste avond.

16. Uit zijn verklaring bij de RHC blijkt dat hij de gehele tijd vrij zicht heeft gehad op cliënt en aangeefster en dat hij cliënt nooit een glas heeft zien breken dan wel een steekvoorwerp bij hem in zijn handen heeft gezien. Ook heeft hij cliënt niets zien gooien behalve het bier over aangeefster heen.

17. Kort gezegd heeft hij cliënt de gehele tijd goed waar kunnen nemen en heeft hij hem nooit enig letsel zien toebrengen aan aangeefster.

18. Geconfronteerd door de RHC met de verklaring van aangeefster stelt hij dat hij daar niets van heeft gezien.

19. Het enige wat hij heeft gezien is dat er over en weer bier over aangeefster en cliënt is gegooid, er heel kort een opstootje is geweest waarbij aangeefster cliënt heeft geduwd en dat binnen 2 seconden de beveiliging al ingreep. Hij stelt wel dat nog een andere man zich ermee ging bemoeien aan het einde voordat de beveiliging ingreep.

(…)

27. Ik ben van mening dat met name gezien de nieuwe verklaring van getuige [betrokkene 1] bij de RHC, verre van vast is te stellen met name hoe en door wie het een en ander heeft plaatsgevonden. Het in het midden laten of een glas is gegooid of dat ermee is gestoken is een essentieel onderdeel van de bewijsconstructie, met name gezien het letsel, maar ook de mate van opzet. Doordat niet is vast te stellen welke van de twee handelingen het letsel heeft veroorzaakt, is er twijfel.

28. Uit de bewijsmiddelen is het alleen getuige [betrokkene 2] die een steekvoorwerp en een steekbeweging heeft gezien. Ook zou “de man” naar de bar zijn gelopen en een glas kapot hebben geslagen op die bar. Ik heb gevraagd aan getuige [betrokkene 1] of cliënt ten allen tijde bij aangeefster stond (en derhalve niet naar de bar is gegaan om een glas af te breken):

“Heeft u bij [verdachte] een scherp voorwerp in zijn handen gezien? Neen.

Heeft u [verdachte] steekbewegingen zien maken? Neen.

Is hij daarvoor altijd bij het meisje gebleven? Ja. Hij stond bij haar.”

[betrokkene 1] sluit de verklaring van [betrokkene 2] dus uit.

(…)

35. Nu er teveel twijfel en teveel mogelijk is, dient cliënt te worden vrijgesproken wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs.”

21. Het hof heeft – voor zover voor de bespreking van het middel van belang – het volgende overwogen:

“Bewijsoverweging

Het standpunt van de verdediging

De raadsman van de verdachte heeft bepleit dat de verdachte van het ten laste gelegde dient te worden vrijgesproken. Hij heeft hiertoe primair aangevoerd dat niet bewezen kan worden dat de verdachte met een glas(scherf) heeft gegooid of gestoken, aangezien de verklaringen van de verschillende (al dan niet indirect) betrokken personen te zeer uiteenlopen en te weinig ondersteuning bieden om tot een bewezenverklaring te kunnen komen. Subsidiair heeft de raadsman aangevoerd dat niet bewezen kan worden dat de verdachte opzet heeft gehad op het mishandelen van aangeefster, ook niet in voorwaardelijke zin.

Het standpunt van de advocaat-generaal

De advocaat-generaal heeft zich op het standpunt gesteld dat het dossier voldoende wettig en overtuigend bewijs bevat om tot bewezenverklaring van het ten laste gelegde te komen.

Het oordeel van het hof

Vast staat dat tussen de verdachte en aangeefster een incident heeft plaatsgevonden waarbij er bier over elkaar is gegooid. De aangeefster heeft verklaard dat zij kort na dit bier incident glasgerinkel hoorde, waarna zij zag dat de verdachte iets in haar richting gooide. In reactie hierop heeft zij zich omgedraaid en voelde zij iets langs haar lichaam gaan. Direct hierna zag en voelde aangeefster dat zij gewond was aan haar arm. Toen zij opkeek zag ze dat de verdachte van achteren werd vastgegrepen. De verklaring van aangeefster sluit aan bij de verklaring van de getuige [betrokkene 2]. [betrokkene 2] heeft verklaard dat zij heeft gezien dat de verdachte na het bier incident en voordat de verdachte werd meegenomen door de beveiliging, een glas stuksloeg op tafel.

Gelet op bovengenoemde verklaringen en het letsel dat blijkens de daarvan opgemaakte geneeskundige verklaring naar aanleiding van dit incident bij de aangeefster is ontstaan, is het hof van oordeel dat vast staat dat het letsel bij aangeefster is ontstaan door een in haar richting gegooid kapot glas. Nu uit het dossier niet blijkt van enig ander incident dat aannemelijk zou maken dat een ander het letsel bij de verdachte zou kunnen hebben veroorzaakt, is het hof van oordeel dat het niet anders kan dan dat het de verdachte is geweest die het kapotte glas naar de aangeefster heeft gegooid. Door te gooien met een kapot glas heeft de verdachte de aanmerkelijke kans aanvaard dat bij aangeefster pijn en letsel zou worden veroorzaakt, zodat minst genomen sprake is van voorwaardelijk opzet. Het ten laste gelegde is wettig en overtuigend bewezen.”

22. Het hof heeft hetgeen door de verdediging is aangevoerd niet onbegrijpelijk in algemene zin opgevat als een verweer strekkende tot vrijspraak wegens onvoldoende wettig en overtuigend bewijs, waartoe door de raadsman is aangevoerd dat de verschillende verklaringen te veel uiteen lopen en te weinig ondersteuning bieden. Het hof heeft daarop gereageerd met als slotsom dat het ten laste gelegde wettig en overtuigend is bewezen.

23. In de in het proces-verbaal van de zitting van het hof van 18 februari 2016 ingevoegde pleitnota wordt opgemerkt dat de verklaring van [betrokkene 1] de verklaring van [betrokkene 2] uitsluit, maar daaraan wordt niet de conclusie verbonden dat de verklaring van [betrokkene 2] onbetrouwbaar is en/of uitgesloten dient te worden van het bewijs en juist om die reden vrijspraak is aangewezen. Indien hetgeen is aangevoerd desondanks als zodanig wordt opgevat, dan ontbreekt nadere onderbouwing. Ik meen dan ook dat van een uitdrukkelijk onderbouwd standpunt als bedoeld in art. 359, tweede lid, Sv geen sprake is. Voor zover daarover anders wordt gedacht geldt dat de motiveringsplicht niet zo ver gaat dat op ieder detail van de argumentatie moet worden ingegaan.

24. Het tweede middel faalt.

25. Het eerste middel slaagt. Het tweede middel kan worden afgedaan met de aan art. 81 RO bedoelde motivering. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoren te geven.

26. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak en tot terugwijzing van de zaak naar het gerechtshof Amsterdam, opdat de zaak op het bestaande hoger beroep opnieuw wordt berecht en afgedaan.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?