ECLI:NL:PHR:2018:1451

ECLI:NL:PHR:2018:1451, Parket bij de Hoge Raad, 20-11-2018, 17/00364

Instantie Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak 20-11-2018
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 17/00364
Rechtsgebied Strafrecht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:2019:45
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 1 zaken
Aangehaald door 5 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001830

Samenvatting

Profijtontneming, w.v.v. uit medeplegen gewoonteheling, medeplegen Opiumwetdelicten en medeplegen gewoontewitwassen. Methode van eenvoudige kasopstelling. Hof heeft verzuimd in strafzaak verbeurdverklaarde geldbedragen in mindering te brengen op opgelegde betalingsverplichting, art. 33a.1.a Sr. HR: Op gronden vermeld in CAG is middel terecht voorgesteld (vgl. ECLI:NL:HR: 2016:874). CAG: Hof heeft in eenvoudige kasopstelling contante bedragen opgenomen die tijdens doorzoekingen onder betrokkene in beslag zijn genomen (in totaal € 9.580,-). Uit onherroepelijk geworden vonnis van Rb in strafzaak blijkt dat diezelfde geldbedragen verbeurd zijn verklaard, aangezien geldbedragen aan betrokkene toebehoorden, deze afkomstig zijn uit bedrijf van betrokkene en zijn vader, en legale en illegale vermogensbestanddelen van verdachte, zijn vader en hun vennootschap zijn vermengd en grotendeels afkomstig zijn uit gewoonteheling en drugshandel. Derhalve is dit voordeel reeds aan betrokkene ontnomen. Gelet daarop had Hof in strafzaak verbeurd verklaarde geldbedragen in mindering moeten brengen op aan betrokkene opgelegde betalingsverplichting. HR doet zaak zelf af door betalingsverplichting te verminderen met verbeurdverklaarde geldbedragen. Samenhang met 17/00362 P.

Uitspraak

BESLISSING

Het hof:

Vernietigt het vonnis waarvan beroep en doet opnieuw recht:

Stelt het bedrag waarop het door de veroordeelde wederrechtelijk verkregen voordeel wordt geschat vast op een bedrag van € 90.127,00 (negentigduizend honderdzevenentwintig euro).

Legt de veroordeelde de verplichting op tot betaling aan de Staat ter ontneming van het wederrechtelijk verkregen voordeel van een bedrag van € 90.127,00 (negentigduizend honderdzevenentwintig euro).

6. Het hof heeft de overwegingen van de rechtbank Gelderland, zittingsplaats Arnhem, in de uitspraak in de ontnemingszaak van 9 december 2015 vanaf “pagina 4 onderaan tot en met pagina 6 onderaan” herhaald en opnieuw ingelast. Deze overwegingen houden – voor zover relevant – in:

De rechtbank heeft bewezenverklaard dat door het bedrijf van veroordeelde en zijn vader op grote schaal goederen werden geheeld. Het daarmee verkregen geld werd in de kas van de onderneming gestort. Dit heeft tot gevolg gehad dat er een vermenging is ontstaan van legaal en illegaal verkregen gelden en dat daardoor al het vermogen van de onderneming besmet is geraakt en moet worden gezien als afkomstig van misdrijf.

Een aantal overwegingen uit het vonnis daaromtrent:

De rechtbank vindt dat ten aanzien van de bedrijfsvoorraad sprake is van een zodanige vermenging van legale en criminele voorraden dat de totale bedrijfsvoorraad als illegaal kan worden bestempeld. (Gerechtshof Amsterdam d.d. 3 juli 2009, GHAMS:2009:BJ1687 en Hoge Raad 23 november 2010, ECLI:NL:HR:2010:BN0578).

Niet aannemelijk is geworden dat slechts een klein deel van de bedrijfsvoorraad is onderzocht. De rechtbank vindt bewezen dat verdachte samen met [medebetrokkene] wist dat de goederen van misdrijf afkomstig waren.

Met de raadsman is de rechtbank van oordeel dat het verwerven en voorhanden hebben van de bedrijfsvoorraad uit eigen misdrijf – zoals bij feit 1 overwogen : (medeplegen van) gewoonteheling – afkomstig is. Door het verwijderen VIN-nummers en barcodes en de gebrekkige administratie was de herkomst van de auto-onderdelen niet langer te herleiden en heeft er vermenging met de legale bedrijfsvoorraad opgetreden. Daarom vindt de rechtbank dat ten aanzien van de auto-onderdelen aan het extra vereiste van een verhullingshandeling voldaan. Ten aanzien van de gelden merkt de rechtbank op dat voor zover die afkomstig zijn van de verkoop van de van misdrijf afkomstige auto-onderdelen er sprake is van omzetting, waarna vermenging met legale inkomsten en drugsgelden heeft plaatsgevonden.

En verder:

De kasopstelling beslaat de periode van 1 januari 2006 t/m 4 december 2013. Uit het uittreksel van het Handelsregister volgt dat op 1 januari 2012 de VOF is opgericht met [medebetrokkene] en [betrokkene ] als vennoten. [betrokkene 6] heeft verklaard dat [betrokkene ] alleen in het begin van de periode dat hij er werkte (2009-2013) in de leer was. Later was hij volledig verkoper. Op grond van het voorgaande is de rechtbank – zoals overwogen – van oordeel dat [betrokkene ] ook al voor de oprichting van de VOF een belangrijke rol had in het bedrijf en daarom ook vennoot is geworden en neemt zij zoals eerder overwogen een periode vanaf [geboortedatum] 2011 tot haar uitgangspunt.

Tenslotte:

Naar het oordeel van de rechtbank dient de gehele bedrijfsvoorraad en de inkomsten daaruit als besmet te worden aangemerkt. Uit een overzicht van alle uitgaven, ontvangsten en saldi van het bedrijf volgt dat veroordeelde in de periode van 31 januari 2012 tot en met 30 september 2013 € 48.2500 naar het oordeel van de rechtbank zijnde besmet geld – uit de zaakkas heeft opgenomen.

De rechtbank heeft bewezenverklaard dat veroordeelde via [A] geld uit de besmette bedrijfsvoorraad verdiende en inkomsten had uit de handel in hennep en heeft daarom ook bewezenverklaard dat het bedrag van 9.580,- aan veroordeelde behoorde.

Uit de kasoptelling blijkt ook dat de uitgaven voor de Ferrari niet werden gedekt door de inkomsten.

Uit het voorgaande volgt dat over de gehele periode tot en met 4 december 2014 veel meer geld is uitgegeven dan uit legale bron verklaard kan worden. Verder is bewezen verklaard dat [betrokkene ] zich samen met zijn vader in de periode [geboortedatum] 2011 tot en met 4 december 2013 heeft schuldig gemaakt aan gewoonteheling. Zij wisten dat de auto’s en/of auto-onderdelen die zij hadden verkregen en voorhanden hadden van misdrijf afkomstig waren. Verder heeft de rechtbank onder meer bewezen geacht dat [betrokkene ] zich bezig hield met de handel in hennep in de vorm van aanwezig hebben, telen, vervoeren en uitvoeren.

Gelet op al het voorgaande en nu een andere (legale) bron van herkomst van het geld of andere verklaring voor dergelijke grote uitgaven niet aannemelijk is geworden, kan naar het oordeel van de rechtbank een criminele herkomst als enige aanvaardbare verklaring voor de betalingen van de Ferrari gelden.

Op grond van al het voorgaande acht de rechtbank bewezen dat [betrokkene ] zich samen met zijn vader [medebetrokkene] heeft schuldig gemaakt aan het gewoontewitwassen van geld, een Ferrari (…)

De rechtbank heeft bewezenverklaard dat alle uitgaven die werden gedaan door veroordeelde en zijn vader uit de zaakkas kwamen en dat die bedragen afkomstig waren van misdrijf. Het verweer van de verdediging dat het onjuist is om de aanschaf van cocaïne mee te nemen als uitgavenpost treft, op basis van de bovenstaande overwegingen, dus geen doel en wordt hiermee verworpen.

Ten overvloede merkt de rechtbank nog op dat hoewel [betrokkene ] niet is veroordeeld voor het aanwezig hebben van amfetamine, de rechtbank er wel vanuit gaat dat de aanschafkosten van deze drugs zijn betaald met geld uit de zaakkas en dat geld is zoals al eerder overwogen afkomstig van misdrijf begaan door [betrokkene ] en [medebetrokkene] samen.

De rechtbank volgt de berekening van de officier van justitie en zal, gelet op het vorenstaande, vaststellen dat het wederrechtelijk verkregen voordeel voor veroordeelde en zijn vader moet worden geschat op € 267.254,48. Ook volgt de rechtbank de officier van justitie voor wat betreft de verdeling van dit bedrag over de veroordeelde en zijn vader. De kasopstelling loopt van januari 2006 tot en met 4 december 2013. [betrokkene ] is veroordeeld ter zake de periode vanaf [geboortedatum] 2011. Het is redelijk dat het bedrag in de kasopstelling tot die datum wordt toegerekend aan veroordeelde. Afgerond is dit een bedrag van € 87.000. Dit betekent dat het wederrechtelijk verkregen voordeel als volgt dient te worden verdeeld:

7. Uit de toelichting op het middel blijkt dat het met motiveringsklachten opkomt tegen de vaststelling van de omvang van het wederrechtelijk verkregen voordeel, nu de betrokkene – voor zover relevant – volgens de bewezenverklaring in de onherroepelijk geworden hoofdzaak ten aanzien van feit 7 (gewoontewitwassen), onder meer een contant geldbedrag van € 48.250,-, een geldbedrag van € 9.580,- en een Ferrari heeft witgewassen, namelijk “verworven, voorhanden gehad, overgedragen en/of omgezet”, en van andere, significante onderdelen van de tenlastelegging zou zijn vrijgesproken.

8. Het middel berust op een onjuiste lezing van de in de hoofdzaak uitgevaardigde tenlastelegging (zoals die door het hof in het bestreden arrest, in cassatie onweersproken is vastgesteld) en faalt alleen al om die reden.

9. Het tweede middel behelst de klacht dat het hof ten onrechte, althans ontoereikend gemotiveerd, verbeurd verklaarde geldbedragen niet in mindering heeft gebracht op de verplichting tot betaling aan de staat.

10. Ik verwijs kortheidshalve naar de hiervoor onder 5 weergegeven overwegingen van het hof in de ontnemingszaak en de onder 6 weergegeven door het hof overgenomen overwegingen van de rechtbank in de ontnemingszaak. Voorts houdt de aanvulling op het verkort arrest van 10 juli 2017 – voor zover voor de bespreking van dit middel relevant – in:

“3. Het proces-verbaal ‘Rapport berekening wederrechtelijk verkregen voordeel kasopstelling’ opgemaakt door verbalisanten [verbalisant 1] en [verbalisant 2] , beiden werkzaam als financieel rechercheur te Nijmegen, genummerd (dossierpagina 4073 e.v.), met als bijlagen 1 en 2 een overzicht van ontvangsten en uitgaven met draaitabel en een overzicht Grootboek 2006 - 2013 [A] .

(…)

Berekening wederrechtelijk verkregen voordeel via de eenvoudige kasopstelling

(…)

Eenvoudige kasopstelling [medebetrokkene] en [betrokkene ]

Periode 1 januari 2006 t/m 4 december 2013

Toelichting

Beginsaldo contant geld

Over het beginsaldo op 1 januari 2006 is geen informatie gevonden. Verdachten hebben geen verklaring afgelegd over een beginsaldo. Het beginsaldo wordt daarom op nihil gesteld.

Legale ontvangsten

De legale ontvangsten van [medebetrokkene] en [betrokkene ] gedurende de onderzoeksperiode werden gevormd door onttrekkingen aan de zaakskas van de onderneming.

De in de kasadministratie van [A] geregistreerde privé-onttrekkingen zijn overgenomen als contante inkomsten van beide vennoten. Verwezen wordt naar de als bijlage 1 gevoegde overzichten.

( Opmerking Hof : Bijlage 1 betreft het Overzicht ontvangsten en uitgaven met draaitabel, en is als bijlage 2 aan deze aanvulling gehecht.)

Het totaal van deze legale (het hof begrijpt: contante) ontvangsten betreft € 314.255,00 .

Eindsaldo contant geld

Het eindsaldo bestaat uit het totaal van de geldbedragen van [medebetrokkene] en [betrokkene ] die tijdens de doorzoekingen van 4 december 2013 zijn aangetroffen waarop in mindering wordt gebracht: het kassaldo van de zaakskas van [A] .

Tijdens zoekingen op 4 december 2013 bij [medebetrokkene] zijn meerdere geldbedragen aangetroffen, te weten bedragen van € 1.150,00 en van € 8.720,00. Totaal € 9.870,00 .

Tijdens zoekingen op 4 december 2013 bij [betrokkene ] werden bedragen aangetroffen van: € 1.000,00 (B-02-01-001), € 1.055,00 (B-02-02-001), € 500,00 (B-05-07-001) en € 7.025,00 (B-04-01-001). Totaal: € 9.580,00 .

Opgeteld bedraagt het saldo van het contante geld van [medebetrokkene] en [betrokkene ] : € 9.870,00 + € 9.580,00 = € 19.450,00 .

Het kassaldo van [A] VOF bedroeg per 4 december 2013: € 3.389,12 (zie Overzicht Grootboek 2006-2013 [A] , Bijlage 2).

( Opmerking Hof: Bijlage 2 betreft het Overzicht Grootboek, 2006-2013 van [A] ; deze is als bijlage 3 aan deze aanvulling gehecht.)

Eindsaldo van contant geld (van [medebetrokkene] en [betrokkene ] ) samen, na aftrek kassaldo: € 19.450,00 – € 3.389,- = € 16.061,-

11. Het vonnis van de rechtbank Arnhem, zittingsplaats Arnhem van 7 oktober 2015 in de hoofdzaak houdt voorts – voor zover voor de bespreking van dit middel relevant – in:

Met betrekking tot feit 7:

De feiten

(…)

Bij de doorzoeking aan de [c-straat 1] Nijmegen - de woning van onder meer [betrokkene 7] - zijn verder een viertal geldbedragen aangetroffen, namelijk bedragen van € 1.000,-, € 1.055,-, € 7.025,- (in het ventilatiesysteem) en € 500, - (totaal € 9.580, -).

(…)

Beoordeling door de rechtbank

(…)

Zoals overwogen zijn aan de [c-straat 1] een viertal geldbedragen aangetroffen. Deze bedragen zijn onder meer onder [betrokkene ] in beslag genomen. [betrokkene ] heeft tegenover de politie verklaard dat er vijfhonderd euro op zijn slaapkamer aan de [c-straat 1] lag. [betrokkene ] heeft ter terechtzitting verklaard dat het bedrag van € 9.580,- van zijn moeder [betrokkene 7] was. Nu de verklaring van [betrokkene 7] over de herkomst van het geld - namelijk zijnde van een erfenis van haar en inkomsten uit haar werk - op geen enkele wijze is onderbouwd en geen steun vindt in andere bewijsmiddelen, acht de rechtbank deze verklaring niet aannemelijk geworden. Gelet op al het voorgaande - en in het bijzonder de omstandigheid dat [betrokkene ] in de woning verbleef, één bedrag in zijn kamer is aangetroffen en hij via [A] geld uit de besmette bedrijfsvoorraad verdiende en inkomsten had uit de handel in hennep - acht de rechtbank bewezen dat het bedrag van € 9.580,- aan [betrokkene ] toebehoorde.

(…)

Op grond van al het voorgaande acht de rechtbank bewezen dat [betrokkene ] zich samen met zijn vader [medebetrokkene] heeft schuldig gemaakt aan het gewoontewitwassen van geld,

(…)

7. Overwegingen ten aanzien van straf en/of maatregel

(…)

Beoordeling door de rechtbank

(…)

Beslag

Zoals hiervoor overwogen is zijn legale en illegale vermogensbestanddelen van verdachte, zijn vader en hun vennootschap onder firma vermengd en grotendeels afkomstig uit gewoonteheling en drugshandel. Verder is de rechtbank van oordeel dat de vermogensbestanddelen die in de woning van verdachte en zijn moeder in beslag zijn genomen, afkomstig zijn uit het bedrijf van verdachte en zijn vader. Daarom zal de rechtbank de geldbedragen groot € 500,-, € 1.000,-, € 1.055,-, en € 7.025 verbeurdverklaren.”

12. Ingevolge art. 33a, eerste lid, aanhef en onder a, Sv zijn voorwerpen die aan de betrokkene toebehoren en die geheel of grotendeels door middel van of uit de baten van het strafbare feit zijn verkregen vatbaar voor verbeurdverklaring. Dit artikel is laatstelijk gewijzigd bij de Wet van 31 maart 2011 tot verruiming van de mogelijkheden tot voordeelsontneming. Uit de memorie van toelichting bij het wetsvoorstel dat heeft geleid tot die wet volgt dat ook door verbeurdverklaring van voorwerpen die kunnen worden aangemerkt als opbrengst van een strafbaar feit kan worden bereikt dat aan de betrokkene wederrechtelijk verkregen voordeel wordt ontnomen. De Hoge Raad overwoog hieromtrent:

Wordt in zo een geval tevens de maatregel van ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel opgelegd, dan dient, in verband met het reparatoire karakter van die maatregel, de waarde van het onder de betrokkene inbeslaggenomen en in zijn strafzaak verbeurdverklaarde voorwerp in mindering te worden gebracht op de aan de betrokkene op te leggen betalingsverplichting.”

Uit de verwijzing naar het (uitsluitend) reparatoire karakter van de ontnemingsmaatregel, kan worden afgeleid dat naar het oordeel van de Hoge Raad moet worden vermeden dat hetzelfde wederrechtelijk verkregen voordeel meermalen aan de betrokkene wordt ontnomen.

13. In de onderhavige zaak heeft het hof, gelet op zijn overwegingen in de uitspraak in de ontnemingszaak, zoals hiervoor onder 5 weergegeven en de door het hof gebezigde bewijsmiddelen, zoals onder 10 is weergegeven, in de eenvoudige kasopstelling de contante bedragen betrokken die onder de betrokkene tijdens de doorzoekingen op 4 december 2013 in beslag zijn genomen. Het gaat om vier geldbedragen met een totaal van € 9.580. Uit het vonnis van de rechtbank in de hoofdzaak van 7 oktober 2015, zoals hiervoor onder 11 weergegeven, blijkt dat het diezelfde geldbedragen in de hoofdzaak zijn verbeurd verklaard, aangezien dit geldbedrag aan de betrokkene toebehoorde, dit geld afkomstig is uit het bedrijf van de betrokkene en zijn vader en de legale en illegale vermogensbestanddelen van verdachte, zijn vader en hun vennootschap onder firma zijn vermengd en grotendeels afkomstig zijn uit gewoonteheling en drugshandel. Derhalve is dit voordeel in de hoofdzaak reeds aan de betrokkene ontnomen. Gelet daarop en hetgeen onder 12 is vooropgesteld had het hof het in de hoofdzaak verbeurd verklaarde geldbedrag van € 9.580,- in mindering moeten brengen op de aan de betrokkene opgelegde betalingsverplichting. Voor zover het middel hierover klaagt is het terecht voorgesteld.

14. Naar mijn mening kan de Hoge Raad de zaak om doelmatigheidsredenen zelf afdoen en het verzuim te herstellen door de aan de betrokkene opgelegde verplichting tot betaling aan de staat te verminderen tot (€ 90.127 – € 9.580 =) € 80.547.

15. Het eerste middel faalt en kan worden afgedaan met een aan art. 81 RO ontleende overweging. Het tweede middel slaagt.

16. Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoren te geven.

17. Deze conclusie strekt tot vernietiging van de bestreden uitspraak, maar uitsluitend wat betreft de vaststelling van de betalingsverplichting, tot vermindering van het te betalen bedrag in die zin dat de hoogte daarvan € 80.547,- bedraagt en tot verwerping van het beroep voor het overige.

De procureur-generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

AG

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?