Nr. 17/00747 P
Mr. A.J. Machielse
Zitting: 27 maart 2018 (bij vervroeging)
Conclusie inzake:
[betrokkene]
1. Op 25 januari 2017 heeft het gerechtshof Arnhem-Leeuwarden, zittingsplaats Arnhem, het vonnis van de rechtbank Arnhem van 14 april 2016 vernietigd en de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel afgewezen.
2. Mr. I.E.W. Gonzales, AG bij het Ressortsparket, heeft cassatie ingesteld. Mr. E.M. de Meijer, AG bij het Ressortsparket, heeft een schriftuur ingezonden houdende een middel van cassatie. Namens verdachte heeft mr. M.E. van der Werf, advocaat te Amsterdam, het cassatieberoep van het OM schriftelijk tegengesproken.
3.1. Het middel voert aan dat het hof ten onrechte de vordering tot ontneming van wederrechtelijk verkregen voordeel heeft afgewezen met een verwijzing naar het ontslag van rechtsvervolging dat het hof in de strafzaak tegen verdachte op 25 januari 2017 ten aanzien van het onder twee bewezenverklaarde heeft uitgesproken. De steller van het middel meent dat verdachte ten onrechte van alle rechtsvervolging is ontslagen.
3.2. In de kern genomen richt het middel zich tegen de motivering van het ontslag van rechtsvervolging in de hoofdzaak. De schriftuur bevat dan ook niet een klacht over de schending van een bepaalde rechtsregel en/of het verzuim van een toepasselijk vormvoorschrift door de rechter die de bestreden uitspraak - in dit geval het arrest in de ontnemingszaak - heeft gewezen. De schriftuur moet dan ook onbesproken blijven.
Omdat niet binnen de bij de wet gestelde termijn bij de Hoge Raad een schriftuur houdende middelen van cassatie in de ontnemingszaak is ingediend kan het beroep in cassatie niet worden ontvangen.
4. Deze conclusie strekt tot niet-ontvankelijkverklaring van het beroep.
De Procureur-Generaal
bij de Hoge Raad der Nederlanden
AG