ECLI:NL:PHR:2024:330

ECLI:NL:PHR:2024:330, Parket bij de Hoge Raad, 09-04-2024, 22/04286

Instantie Parket bij de Hoge Raad
Datum uitspraak 09-04-2024
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer 22/04286
Rechtsgebied Strafrecht
Gerelateerde zaken
Formele relatie: ECLI:NL:HR:2024:859
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 4 zaken
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001854

Samenvatting

Conclusie plv. AG. Klacht over ontbreken bepaling in dictum dat toegewezen vordering benadeelde partij en opgelegde schadevergoedingsmaatregel alternatieve betalingsverplichtingen in het leven roepen. Conclusie strekt tot vernietiging van het arrest op dit punt waarna de Hoge Raad de zaak zeff zou kunnen afdoen.

Uitspraak

Nummer22/04286

Zitting 9 april 2024

CONCLUSIE

M.E. van Wees

In de zaak

[verdachte],

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedatum] 1971,

hierna: de verdachte.

Inleiding

De verdachte is bij arrest van 16 november 2022 door het gerechtshof 's-Hertogenbosch in de zaak met parketnummer 02-036339-22 wegens "bedreiging met enig misdrijf tegen het leven gericht", veroordeeld tot een gevangenisstraf van drie weken, met aftrek van voorarrest. Voorts heeft het hof de vordering van de benadeelde partij toegewezen en aan de verdachte een schadevergoedingsmaatregel opgelegd.

Het cassatieberoep is ingesteld namens de verdachte en R.J. Baumgardt, advocaat te Rotterdam, heeft een middel van cassatie voorgesteld.

Het middel

Het middel bevat de klacht dat het gerechtshof heeft verzuimd in het arrest op te nemen dat voldoening aan de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van de benadeelde partij in zoverre de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij doet vervallen, en andersom.

Het middel is terecht voorgesteld. Het hof heeft immers in zijn arrest afzonderlijk de vordering van de benadeelde partij [slachtoffer] toegewezen “tot het bedrag” van € 750,00. Daarnaast heeft het hof voor hetzelfde bedrag aan de verdachte een verplichting opgelegd om ten behoeve van het slachtoffer (genaamd [slachtoffer]) een even hoog bedrag aan de Staat te betalen. Het hof heeft daarbij evenwel verzuimd om in het arrest op te nemen dat het hier een alternatieve vergoedingsplicht betreft.

De Hoge Raad kan de zaak zelf afdoen door te doen wat het hof had behoren te doen (vgl. HR 10 januari 2023, ECLI:NL:HR:2023:3, en eerder al HR 12 januari 1999, NJ 1999/246).

Afronding

Ambtshalve heb ik geen gronden aangetroffen die tot vernietiging van de bestreden uitspraak aanleiding behoren te geven.

Deze conclusie strekt tot vernietiging van het bestreden arrest, maar uitsluitend voor zover deze niet een alternatieve vergoedingsplicht bevat. De Hoge Raad kan de zaak zelf afdoen door te bepalen dat voldoening aan de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij [slachtoffer] in zoverre de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van de benadeelde partij doet vervallen, en dat voldoening aan de verplichting tot betaling aan de Staat ten behoeve van de benadeelde partij in zoverre de verplichting tot betaling aan de benadeelde partij doet vervallen.

De Procureur-Generaal

bij de Hoge Raad der Nederlanden

plv. AG

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand