ECLI:NL:RBAMS:2023:5869

ECLI:NL:RBAMS:2023:5869, Rechtbank Amsterdam, 20-09-2023, C/13/737549 / KG ZA 23-706

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 20-09-2023
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer C/13/737549 / KG ZA 23-706
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 2 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0020368 BWBR0024282

Samenvatting

kort geding. Convenant Basisbankrekening opgezegd wegens on line gokken voor derden. Schending voorwaarden. Bank hoeft geen nieuwe bankrelatie aan te gaan. Verschil tussen wettelijke basisbetaalrekening op grond van artikel 4:71f Wft en Convenantrekening.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

vonnis

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

zaaknummer / rolnummer: C/13/737549 / KG ZA 23-706 VVV/MAH

Vonnis in kort geding van 20 september 2023

in de zaak van

[eiser] ,

wonende te [woonplaats] ,

eiser bij dagvaarding van 3 augustus 2023,

advocaat mr. S.L. Prass te Amsterdam,

tegen

de naamloze vennootschap

ING BANK N.V.,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde,

advocaten mr. M.E.G. Murris en mr. B.A.E. Bartels te Utrecht.

Partijen zullen hierna [eiser] en ING worden genoemd.

1. De procedure

Op de zitting van 22 augustus 2023 heeft [eiser] de dagvaarding toegelicht. ING heeft verweer gevoerd, mede aan de hand van een tevoren ingediende conclusie van antwoord. Beide partijen hebben producties en een pleitnota in het geding gebracht.

Bij de zitting waren aanwezig:

- [eiser] met mr. Prass,

- aan de kant van ING: mr. [naam 1] (legal expert) en [naam 2] (Financial Crime Compliance investigator), met mr. Murris en mr. Bartels.

Aan het slot van de zitting is besloten de zaak pro forma aan te houden om partijen de gelegenheid te geven een minnelijke oplossing te zoeken. Op 30 augustus 2023 heeft [eiser] bericht dat dit niet is gelukt en dat alsnog vonnis wordt gevraagd. Vervolgens is aan partijen bericht dat vonnis is bepaald op vandaag.

2. De feiten

Op 8 augustus 2017 heeft [eiser] bij ING een aanvraagformulier voor een basisbankrekening onder het Convenant inzake een pakket primaire betaaldiensten, ook “Convenant Basisbankrekening” genoemd, (hierna: het Convenant) ingediend. Op 21 juni 2018 heeft [eiser] een “Overeenkomst Convenantrekening” voor een Oranjepakket met ING getekend. Daarin gaat hij akkoord met bepaalde pakketten voorwaarden en verklaart: “Ik ga de producten die ik aanvraag niet voor anderen gebruiken. Ik zal de aan te vragen producten alleen voor particuliere dagelijkse bankzaken gebruiken.”

De volgende voorwaarden zijn van toepassing:

- Algemene Bankvoorwaarden (ABV);

- Voorwaarden OranjePakket

- Voorwaarden Betaalrekening

- Voorwaarden Gebruik betaalpassen en creditcards.

Onder het Convenant Basisbankrekening hebben zes grote banken zich verplicht om mensen die geen rekening kunnen krijgen een pakket primaire betaaldiensten aan te bieden. De doelgroep wordt gevormd door “de kwetsbaren van onze samenleving die baat hebben bij de betrokkenheid van een onder dit Convenant erkende hulpverleningsinstantie, maar ook (…) consumenten op wie één of meer (..) weigerings- of opzeggingsgronden [op grond van artikel 4:71g Wft – vzr.] van toepassing zijn.”

De afspraak is dat een Convenantrekening altijd aangevraagd wordt bij de laatste bank waar de betrokkene bankierde.

In het Convenant staat, voor zover hier relevant:“3. Verplichtingen van de aanvrager van het pakket

(…)

Daarnaast gelden de volgende verplichtingen:

a. a) (..)

b) de rekeninghouder moet de verplichtingen die hem zijn opgelegd bij wet en de van toepassing zijnde bankvoorwaarden naleven. (…)

c) (…)

d) (…)

(…)

Weigering

De bank mag een aanvraag weigeren vanwege negatieve antecedenten van de aanvrager, bijvoorbeeld als haar bekend is dat de aanvrager is of was betrokken bij oplichting, misbruik van vertrouwen, bedrieglijke bankbreuk, valsheid in geschrifte, witwassen van geld en/ of fraude, tenzij de aanvraag via een erkende hulpverleningsinstantie wordt gedaan die vermeld staat op www.basisbankrekening.nl. In dat geval dient de betaalrekening door de hulpverleningsinstantie te worden beheerd. (…)

(…)

Opzegging en opzegtermijn

De bank behoudt zich het recht voor om ingeval van schending van de in artikel 3 genoemde verplichtingen de betaalrekening conform de wettelijke opzegtermijn van twee maanden op te zeggen, tenzij er sprake is van zodanige feiten of omstandigheden dat inachtneming van die opzegtermijn in redelijkheid niet van de bank gevergd kan worden. Bij opzet of grove nalatigheid van de rekeninghouder geldt geen opzegtermijn.”

In het kader van klantonderzoek heeft ING in de periode van 28 juni tot en met 5 augustus 2021 vragen gesteld aan [eiser] over transacties op zijn Convenantrekening. Bij brief van 21 oktober 2021 heeft ING aan [eiser] geschreven dat zijn rekeninggebruik onvoldoende transparant is en dat ING niet kan voldoen aan haar verplichtingen uit de Wwft. In de brief wordt het onderzoek en de uitkomst ervan toegelicht, met als conclusie:

“ING heeft bepaald dat uw huidige rekeninggebruik met betrekking tot het gokken voor- en namens derden, alsmede het ontvangen van leningen zonder leenovereenkomsten onwenselijk en onacceptabel is. We willen u daarom verzoeken te stoppen met deze zaken door het Betaalproduct alleen voor eigen gebruik aan te wenden (…) [en] leningsovereenkomsten te gebruiken voor de leningen die u aangaat. Let op: Indien uit toekomstige controle van uw Betaalrekening blijkt dat er sprake is van gokken voor- en namens derden of een niet-transparant rekeninggebruik door het ontbreken van leningsovereenkomsten zal de klantrelatie worden beëindigd.”

In een brief van 24 januari 2022 van ING aan [eiser] staat dat [eiser] de conclusie van de brief van 21 oktober 2021 niet in acht heeft genomen en is doorgegaan met gokken voor en namens derden, hetgeen voor ING onacceptabel is. Daarbij worden als voorbeeld transacties op 27 december 2021 genoemd. [eiser] wordt in de gelegenheid gesteld zijn zienswijze te geven. Als de reactie de risico’s onvoldoende wegneemt, is ING genoodzaakt de klantrelatie te beëindigen, zo schrijft ING verder.

Op 25 januari 2022 en 26 januari 2022 heeft [eiser] per e-mail gereageerd. Hij schrijft op 25 januari dat hij zijn rekening niet kwijt wil, dat hij niets illegaals doet, alles kan bewijzen en verklaren en verder onder meer:

“(…) U collega heeft het beetje uitgelegd en wat ik heb verstaan is dat ik mijn administratie goed moet hebben. Bij nieuwe leningen wilt ing een leenovereenkomst zien. Ik heb ook aan een advocaat advies gevraagd en een leenovereenkomst onder vrienden en familie is niet verplicht per wet

Ik ben een gokker en misschien wel verslaafd aan het spelletje en het Kick ervan. Ik heb eigen accounts bij BINGOA, BETCITY, BET365 en HOLLANDCASINO. Overal waar ik kan spelen ga ik proberen om wat te winnen.

Ik heb in 2021 een hele k*t jaar gehad van vele verliezen. Ik heb daarom finke schulden bij familie en vrienden wat niet helemaal juist is geregistreerd. Aan de hand van mijn ING kijk ik hoeveel ik van iemand heb gekregen en als ik een keer wat goeds win op een van mijn eigen accounts op de goksites ben ik niet het beroerste. Ik probeer dan iedereen ook terug te betalen aan de hand van de transacties.

Maar goed [naam 3] is een goede vriendin van mij. Er was een tijd dat mijn geluk op was en ik geen geld meer had om te spelen op mijn accounts. Een gokker is een goeie manipuleer en ik heb [naam 3] gevraagd om mij aub te helpen om mijn geld terug te winnen en daarmee heeft ze mij ook geholpen. Als u dan ook ziet dat ik op 24 januari 2022 geld ontvang en haar dan ook terug betaald met wat extra's als bedankje dat ze mij heeft geholpen in moeilijke tijden. Ook ziet u dat ik [naam 4] EN [naam 5] terug betaal wat ik van hun heb gekregen.

U heeft het over dat de rekening alleen voor eigen gebruik moet worden gebruikt. Ik gebruik alleen mijn eigen rekening en geen enkele rekening van derden. Ik gok ook niet voor en/of namens derden.

Ik stort inderdaad geld naar vrienden zodat hun eigen geluk kunnen zoeken en ik geef ze advies wat ze kunnen doen en wat ze niet kunnen doen. Jullie kunnen zien dat hun bankieren niet opeens op mijn telefoon staat dat ik toegang heb op hun rekeningen Want dat is niet zo, iedereen beheert zijn eigen rekening. Ik denk dat ING dit totaal verkeerd bekijkt. Alles gaat via de bank omdat dat voor mij en vrienden en vooral voor ing transparant is. ING ziet waar het geld vandaan komt en waar het geld naar toe gaat. Dit doe ik al jaren zo zodat ik altijd alles kan verklaren en kan uitleggen aan de hand van transacties dit op grond van de Wet op het financieel Toezicht (WFT) en de Wet ter voorkoming van Witwassen en Financieren van Terrorisme (Wwft). ING heeft dan genoeg kennis te hebben mij als klant hoe ik aan mijn financiën komt op mijn rekening.

Nu ziet u inderdaad dat ik geld krijg van [naam 3] en u ziet dat ik het dan bijvoorbeeld op mijn BETCITYOFBINGOAL account zet en als ik wat verdien stort ik het geld ook netjes naar [naam 3] terug. Dit is toch een goed overzicht wat ING dan heeft.

Nu lijkt het alsof ik geen geld van vrienden mag ontvangen om te gokken. Gaat ING bepalen dat ik geen geld mag ontvangen om rekeningen te betalen of ermee te doen wat ik wil als het maar niet strafbaar is. (...)”

En op 26 januari schrijft [eiser] :

“Dat ik geld naar mensen overmaak zodat die kunnen inleggen op hun eigen account en de uitbetalingen komen ook bij de account houder, dat staat ook bij WET vastgelegd.

Mensen durven niet met hun eigen geld te gokken. Ik ben meer een adviseur om mensen te leren gokken. Dit mogen ze met mijn geld doen of het geld wat ik bij mijn vrienden of familie krijg. het geld wat ik van vrienden en/of familie krijg betaal ik uiteraard terug zoals u dat ook kunt zien aan mijn transacties. iedereen wilt geld verdienen als het maar op een eerlijke manier gebeurd. Gokken in Nederland is sinds 1 oktober 2021 gereguleerd door het kansspelautoriteit. Ik snap dan niet waar en hoe de ING mij wilt beperken dat ik geen geld mag krijgen of versturen als ik maar kan verklaren met documentatie waar het geld vandaan komt. ING ziet ook aan de transacties waar het geld vandaan komt en houd ING zich dan netjes aan het Wft. [internetsite]

U kunt mijn advies zien als voorbeeld: Pokemonkaarten zijn nu heel intrek, men koopt dat en verkoopt het door. Als iemand geen geld heeft of geen trek heeft om zijn geld erin te stoppen. Kan ik misschien zeggen hier is zoveel geld en ga het maar kopen. Als je een koper hebt die er beter ervoor wilt betalen dan verkoop je het en zie je dat er wel geld inzit. Voor mijn hulp zou ik wel ook een deel willen van het omzet wat er aan is verdiend.

Als men ziet dat het werkt en dat er geld dan aan te verdienen is doen ze het in het vervolg met hun eigen poen.

Dit was een voorbeeld. Bij het gokken adviseer ik want ben best wel ervaren. Maar ik geef wel aan dat gokken ook een keerpunt heeft en dat het dan heel moeilijk kan worden, het is op geheel eigen risico zeg ik altijd.

Als ik iemand geld geef om wat te verdienen en die gene komt terug met het geld en mij bedankt voor het helpen er mij een extra geeft. Als het maar legaal is en elke geldstroom kan worden gevolgd.

Snap ik dan totaal de brief van 24 januari 2022 en de conclusie van ing niet.”

Bij brief van 9 maart 2022 heeft ING de bankrelatie met [eiser] op grond van artikel 35 ABV beëindigd per 9 juni 2023. Daarbij is vermeld dat de persoonsgegevens van [eiser] gedurende acht jaar in het IVR worden opgenomen. Als reden voor de opzegging is in de brief genoemd:“ING beschouwt het gebruik van uw particuliere betaalrekening als niet passend en onacceptabel. Allereerst heeft u een eerdere side-letter ontvangen waarin u verzocht is niet meer te gokken met gelden van derden. Er is echter waargenomen dat de transacties op uw rekening verband houden met het gokken via ING-producten voor- en namens derden. Hierdoor is voor voorzetting van de bankrelatie vereiste vertrouwen komen te vervallen. Als tweede heeft u geen onderliggende documentatie kunnen aanleveren omtrent de transacties die u uitvoert. U ontvangt van verschillende partijen gelden waarvoor geen onderliggende bewijsdocumenten aanwezig zijn. Beide aspecten hebben ertoe doen leiden dat ING de bankrelatie met u niet kan voorzetten. Er is sprake van een onacceptabel risico voor de ING.”

Vervolgens heeft er overleg plaatsgevonden tussen partijen en heeft de toenmalige advocaat van [eiser] , mr. Le Heux, bij brief van 19 april 2022 bezwaar ingediend. Bij brief van 16 juni 2022 heeft ING aan de toenmalige advocaat van [eiser] geschreven:“(…)

In het door u opgestelde bezwaarschrift wordt middels negen punten aangedragen waarom het beëindigen van de klantrelatie met de heer [eiser] disproportioneelis. Naar aanleiding van het feit dat deheer [eiser] kan aantonen dat ING de enige toegang is tot het online betalingsverkeer wil ING de beëindiging van de bankrelatie stopzetten. Het stopzetten van de bankrelatie zal echter enkel en alleen plaatsvinden als de relatie akkoord gaat met de onderstaande voorwaarden voor het aanhouden van de convenanten rekening;

1. De relatie zal het gebruik van contante gelden beperken tot 6.000 euro (zesduizend) totaal per kwartaal (3 maand). Hieronder vallen de contante stortingen en opnames als onderdeel van dit totaal op de ING betaalrekening; [rekeningnummer 1] ..

2. De relatie zal enkel en alleen gokken/weddenschappen/kansspelen spelen met eigen vermogen en/of gelden. De relatie zal geen gelden ontvangen van derden om voor of namens derden te gokken/weddenschappen/kansspelen te plaatsen ofte spelen. Indien [eiser] hierover wordt bevraagd kan de heer aantonen middels documentatie dat de gelden en/of vermogen behoren tot privévermogen van [eiser] .

3. De heer [eiser] zal zijn betaalrekening enkel en alleen aanwenden voor eigen gebruik. De heer [eiser] zat geen transacties uitvoeren voor of namens derden.

4. ING heeft u tot tweemaal toe een aangetekende brief verstuurd waarin op 21oktober 2021 en 24 januari 2022 de volgende passage is gedeeld; "Het uitvoeren van derden betalingen via uw betaalrekening in strijd is met de ING Algemene Bankvoorwaarden Artikel 2.2 Zorgplicht. Een betaalrekening dient enkel en alleen gebruikt te worden voor eigen gebruik. Door het faciliteren van transacties voor derden gericht op het plaatsen van weddenschappen of online gokken is uw gedrag in strijd met deze bankvoorwaarden." U gaat akkoord met deze passage en gebruik van de rekening.

5. De transacties op de rekening kunnen herleidbaar worden onderbouwd door de heer [eiser] met schriftelijke documentatie ter ondersteuning waarom de transacties is uitgevoerd, met welk doel, bedrag en termijnen van terugbetaling (zie hiervoor1 ).

Dergelijke schending van de Bankvoorwaarden in de toekomst zal leiden tot de beëindiging van de bankrelatie. Ongeacht of de relatie toegang heeft tot online betalingsverkeer bij een overige betalingsdienstverlener. Zie voor de voorwaarden van een convenantenrekening voetnoot 2 van de AFM. Om de bankrelatie voort te zetten wordt heer [eiser] gevraagd akkoord te gaan met de bovenstaande voorwaarden middels ondertekening;

Hierbij ga ik akkoord met de voorwaarden als gesteld onder punt éen t/m vijf;”

Deze overeenkomst (hierna: de Overeenkomst) is door [eiser] op 22 juni 2022 voor akkoord getekend.

Onder de handtekening van [eiser] staat nog de volgende tekst, voor zover relevant:

Conclusie

ING wil akkoord gaan met het voorzetten van de bankrelatie onder de bovenstaande voorwaarden. Indien de relatie niet akkoord wenst te gaan zal ING de beëindiging voortzetten. De reden hiervoor is dat de relatie in de brief van 21 oktober 2021 en gedurende het klantonderzoek met kenmerk [nummer] meerdere malen verzocht is tot het aanleveren van leningsovereenkomsten aangaande de particuliere overboekingen op betaalrekening; [rekeningnummer 1] . Het feit blijft staan dat de relatie onder een convenantenrekening bankiert bij de ING. Zie hiervoor de website van het AFM2

(…)

ING constateert risico's omtrent het gebruik van de ING-betaalrekening; [rekeningnummer 1] zonder constatering van een vaste loonsom, uitkering of andere inkomstenbron zoals een eigen onderneming. Dergelijk rekeningverloop leidt tot onvoldoende inzicht in de transacties en herkomst van de ontvangen en overgeboekt gelden. Wanneer heer [eiser] naar leningsovereenkomsten of aanvullende documentatie wordt gevraagd wordt enkel aangegeven dat Hr [eiser] gokt namens iemand die geld geeft (vrienden of familie) en het terugbetaald. Hierdoor is ING niet in staat haar verplicht te kunnen voldoen aan de Wwft doordat transacties niet verklaard kunnen worden met ondersteunende documentatie. Aangezien de relatie een convenantenrekening heeft kan ING enkel de klantrelatie voortzetten bij akkoord van de voorwaarden. Bij schending van de voorwaarden in deze brief zal de bankrelatie worden beëindigd.”

Naar aanleiding van de resultaten van nader aanvullend onderzoek heeft ING bij brieven van 11 november 2022, 23 november 2022 en 7 december 2022 [eiser] geïnformeerd dat en waarom zijn rekeninggebruik in strijd is met de Overeenkomst en (nog steeds) niet passend voor het gebruik van een particuliere betaalrekening. Daarbij heeft [eiser] een laatste kans gekregen om te reageren op de bevindingen van ING. Als de reactie de risico’s onvoldoende wegneemt, is ING genoodzaakt de klantrelatie te beëindigen, zo schrijft ING wederom. Op zijn verzoek heeft [eiser] voor zijn reactie uitstel gekregen, laatstelijk tot 6 januari 2023.

ING heeft geen reactie van [eiser] ontvangen en bij brief van 16 januari 2023 de bankrelatie op grond van artikel 35 ABV beëindigd per 16 april 2023, met registratie in het IVR. Als redenen worden in de brief onder meer genoemd:

“In uw rekeningverloop is waargenomen dat u gelden blijft ontvangen van diverse particuliere tegenrekeningen. In de periode van 1 juli tot 20 oktober 2022 ontvangt u ca. € 179.579,62 van diverse particuliere tegenrekeningen. U boekt in dezelfde periode € 197.319,02 over naar dezelfde particuliere tegenrekeningen. Een dergelijke hoeveelheid zonder het verlenen van diensten en/of verkoop van goederen wordt niet passend geacht voor het gebruik van uw particuliere betaalrekening.

De overboekingen vinden plaats met omschrijvingen als ‘Sparen, lening, Leen, lenen’ waarbij het merendeel van de transacties zonder omschrijving worden overgeboekt. Deze overboekingen kunnen niet worden verklaard door de ING op basis van uw rekeningverloop.

Hiernaast blijkt dat u gelden direct ontvangt van rekeningen gelieerd aan online weddenschappen en casino’s zoals “Revolut IBAN: [rekeningnummer 2] ”. U ontvangt gelden van deze partij waarna u gelden overboekt naar particuliere rekeninghouders. Dit is in strijd met punten 2, 3 en 4 van de brief door u ondertekend op 22 juni 2021:

(…)

Aan de hand van uw rekeningverloop in de periode van 1 juli 2022 tot 20 oktober 2022 is te zien dat u gelden ontvangt van particulieren en deze bedragen overboekt op dezelfde dag als u bedragen ontvangt. Hierdoor fungeert uw rekening als een tussenrekening. De bedragen zijn dan niet in uw bezit maar uw rekening wordt gebruikt voor het verplaatsen van gelden. Hetgeen in strijd is met de ING Algemene bankvoorwaarden en punt 4 van de bijgevoegde en door u ondertekende brief.

Het is voor ING niet inzichtelijk waarom u deze gelden ontvangt en met welk doel.

(…)

NG heeft op basis van het voorgezette rekeningverloop weinig vertrouwen en onvoldoende inzage in de transacties. Er is u diverse malen op de hoogte gesteld van het feit wat u wel en niet mag doen met uw basisrekening. Ondanks diverse pogingen om het derdengebruik en doorboeking van gelden te stoppen continueert u deze transacties. Hierdoor is er onvoldoende inzage waarom u gelden ontvangt van tientallen particuliere tegenpartijen en deze gelden weer overboekt aan deze partijen. Hierdoor kunnen wij onvoldoende inhoud geven aan onze verplichtingen uit de Wft en Wwft en zijn we van mening dat de voor een bankrelatie vereiste vertrouwensbasis en transparantie niet meer aanwezig is.”

[eiser] heeft per e-mail van 18 januari 2023 bezwaar gemaakt tegen de opzegging. Dat is door ING bij brief van 20 januari 2023 verworpen. Daarop heeft de opvolgende advocaat van [eiser] , mr. Jonk, op 30 januari 2023 een klacht ingediend, die bij brief van 14 april 2023 door ING is afgewezen. Daarbij is de datum van beëindiging verschoven naar 14 juli 2023.

Sinds 14 juli 2023 is de betaalrekening van [eiser] bij ING niet meer beschikbaar. Het saldo staat op een tussenrekening. Volgens [eiser] bedraagt dat 100 à 200 euro.

Op 14 augustus 2023 heeft (de advocaat van) ING (de huidige advocaat van) [eiser] verzocht toe te lichten wat de status is van de vijf bij ING bekende buitenlandse bankrekeningen van [eiser] . Daarop heeft (de advocaat van) [eiser] bij e-mail van 16 augustus 2023 uitgelegd dat het zogenaamde prepaid creditcards en geen betaalrekeningen zijn en dat die rekeningen geen alternatief voor een Nederlandse betaalrekening vormen.

De Duitse N26-rekening van [eiser] (een van de bedoelde vijf buitenlandse rekeningen) is op 18 augustus 2023 beëindigd vanwege “irregularities that require us to terminate your N26 account (…) on an extraordinary basis and without prior notice.”

3. Het geschil

[eiser] vordert – samengevat:

- primair: ING te veroordelen de bankrelatie met [eiser] voor onbepaalde duur voort te zetten, in het bijzonder om de bankrekening met nummer [rekeningnummer 1] in stand te houden en [eiser] daartoe onbeperkte toegang te garanderen, een en ander op straffe van een dwangsom,

- subsidiair: hetzelfde, maar dan totdat [eiser] elders een betaalrekening heeft geopend,

- ING te veroordelen in de proces- en nakosten, met wettelijke rente.

[eiser] stelt daartoe”, samengevat, het volgende. Hij heeft de Overeenkomst niet geschonden. Hij kan de transacties onderbouwen aan de hand van zijn bankoverzicht (de vermeldingen “lening” e.d. bij de transacties). Er is sprake van leningen van en aan bekenden. Hij gokt met gelden van derden, maar die gelden behoren naar zijn mening tot zijn privévermogen. Hij voert geen transacties uit voor derden omdat hij de enige is met toegang tot zijn betaalrekening. [eiser] heeft voldoende medewerking verleend bij het leveren van inzicht in zijn rekeninggebruik. Onduidelijk is (i) bij welke frequentie van transacties op de rekening kan worden geconcludeerd dat sprake is van een gebrek aan transparantie en (ii) welk volume leningen past bij het "klantbeeld". ING heeft bij de opzegging de belangen niet zorgvuldig afgewogen. Bovendien is de opzegging van de bankrelatie naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar nu deze tot gevolg heeft dat [eiser] niet meer kan deelnemen aan het Nederlandse betaalverkeer, waardoor hij niet meer kan voorzien in zijn primaire levensbehoeftes. Hij kan geen bankrekening krijgen bij een andere Nederlandse bank, omdat hij staat geregistreerd in het EVR. De vijf rekeningen in andere Europese landen waar ING op wijst zijn slechts “creditcard rekeningen” en bovendien niet meer in gebruik bij [eiser] . Overigens zou een werkende Europese betaalrekening buiten Nederland voor hem geen oplossing zijn, onder meer omdat de Belastingdienst toeslagen alleen naar een Nederlandse rekening overmaakt.

ING voert als eerste verweer dat het spoedeisend belang ontbreekt, omdat [eiser] minimaal één actieve (buitenlandse) rekening heeft. Inhoudelijk voert ING aan dat zij op grond van artikel 5 lid 3 Wwft verplicht is de bancaire relatie op te zeggen, zowel omdat [eiser] een onacceptabel integriteitsrisico (onder meer vanwege on line gokken voor en namens derden) vormt, als omdat ING haar verscherpte clientonderzoek naar [eiser] niet succesvol heeft kunnen voltooien. Bij de transacties van [eiser] zijn in veel gevallen zowel de legitieme herkomst van de gelden alsook de legitieme bestemming daarvan niet vast te stellen, zodat ING het risico dat er misbruik wordt gemaakt van haar producten en diensten niet kan overzien. Bovendien handelt [eiser] in strijd met de toepasselijke voorwaarden doordat hij grote aantallen onderhandse leningen ontvangt en afbetaalt zonder dat hier bewijsdocumentatie aan ten grondslag ligt. Doel en de aard van de transacties blijven hiermee onvoldoende toegelicht. [eiser] verklaart slechts dat het doel van de leningen is om geld te lenen. ING ziet de door [eiser] aangedragen schermafbeeldingen niet als voldoende onderbouwing. Integendeel, daaruit blijkt dat wederpartijen terughoudend zijn om [eiser] geld te lenen. Bovendien blijkt uit de schermafbeeldingen (i) dat [eiser] een scooter aanbiedt als onderpand, (ii) dat [eiser] diverse malen om terugbetaling wordt verzocht, (iii) dat [eiser] voor iemand genaamd " [naam 6] " zal gaan spelen (vermoedelijk met geleend geld en dus transacties uitvoerend voor een derde en gokken met gelden ontvangen van derden) en

(iv) dat [eiser] EUR 16.098,14 zou hebben verloren met weddenschappen en/of goktransacties. Met deze schermafbeeldingen heeft [eiser] de door ING geconstateerde integriteitsrisico's juist vergroot. Het vertrouwen om een convenantrekening met [eiser] te hervatten ontbreekt.

De risico's die ING reeds in 2021 heeft geconstateerd, zijn niet weggenomen. Daardoor komt de naleving van de wettelijke verplichtingen die op ING rusten uit hoofde van de Wft en de Wwft in gevaar. Ook heeft [eiser] zich niet gehouden aan de afspraken uit de overeenkomst d.d. 22 juni 2022: hij

1) is nog steeds betrokken bij het gokken met gelden die niet van hemzelf zijn,

2) heeft in feite zijn betaalrekening gebruikt om (gok)transacties uit te voeren voor of namens anderen

3) hij heeft nagelaten zijn transacties met schriftelijke documentatie (lening overeenkomsten) te verklaren

4) hij heeft het maximum van € 6.000 per kwartaal aan contant geldverkeer stelselmatig overschreden.

Daarnaast was ING op grond van artikel 35 ABV bevoegd tot opzegging van de bancaire relatie met [eiser] en was deze naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar. ING heeft voortdurend voldaan aan haar zorgplicht en kan niet (opnieuw) bevolen worden om een bancaire relatie met [eiser] aan te gaan, aldus steeds ING.

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.

4. De beoordeling

De vorderingen zijn in kort geding toewijsbaar als voldoende aannemelijk is dat de bodemrechter deze eveneens zal toewijzen en als niet van de eisende partij kan worden verlangd dat die de uitkomst van een bodemprocedure afwacht.

Spoedeisend belang

[eiser] stelt spoedeisend belang te hebben bij de vorderingen omdat hij geen toegang heeft tot het betalingsverkeer. Dat bestrijdt ING. Volgens ING beschikt [eiser] over minimaal één actieve (buitenlandse) rekening. Dat is door [eiser] gemotiveerd betwist. Bovendien heeft hij met stukken aannemelijk gemaakt dat hij bij gebrek aan een bankrekening zijn zorgpremie en andere facturen niet kan betalen en geen huur- en kinderopvangtoeslag over augustus 2023 heeft ontvangen. Hiermee heeft hij het spoedeisend belang voldoende aannemelijk gemaakt.

Voortzetten bankrelatie

De bankrekening van [eiser] bij ING is al beëindigd en kan niet meer worden heropend. In deze zaak draait het dus om de vraag of ING verplicht kan worden een nieuwe (basis)betaalrekening met een nieuw nummer te openen voor [eiser] , met andere woorden een nieuwe contractuele relatie aan te gaan. Die vraag moet worden beantwoord naar de stand van zaken ten tijde van dit vonnis (‘ex nunc’ toetsing). Een belangrijke omstandigheid die wordt meegewogen is de reden voor de opzegging.

Het gaat hier om een Convenantrekening. [eiser] heeft die in 2017 bij ING aangevraagd, kennelijk omdat hij toen al niet in aanmerking kwam voor een wettelijke basisbetaalrekening op grond van artikel 4:71f Wft. Op grond van die bepaling heeft elke consument in beginsel recht op een basisbetaalrekening, tenzij zich een van de weigeringsgronden van artikel 4:71gWft voordoet, zoals een strafrechtelijke veroordeling voor valsheid in geschrift, oplichting of witwassen.

Uit een door [eiser] in het geding gebrachte brief van Crédit Agricole van 2 februari 2023 aan mr. Jonk blijkt dat [eiser] sinds 20 juli 2018 in het EVR geregistreerd staat voor acht jaar en dat Crédit Agricole geen aanleiding ziet het verzoek van [eiser] om de registratie te verwijderen of te verkorten in te willigen. In een door [eiser] overgelegde brief van de Volksbank aan [eiser] van 5 juli 2023 staat dat hij voor acht jaar is opgenomen in het Incidentenregister en Intern Verwijzingsregister van de Volksbank omdat hij in 2018 een rekeningafschrift van SNS (een van de ‘labels’ van Volksbank) heeft vervalst ten behoeve van een kredietaanvraag bij Crédit Agricole, daarover heeft gelogen tijdens het onderzoek door de bank en in dat kader een valse aangifte heeft gedaan. Ook in die brief wordt het verzoek om verwijdering of verkorting van de registraties afgewezen.

[eiser] heeft de vervalsing, het liegen tijdens het onderzoek en de valse aangifte niet betwist. Deze feiten dateren van 2018 en dus van na de aanvraag Convenantrekening door [eiser] in 2017. Het lijkt er dus op dat nog andere, eerdere, feiten de reden zijn geweest dat [eiser] een Convenantrekening moest aanvragen. Hoe dan ook gaat het om ernstige feiten. Ook om die reden zou [eiser] dus een gewaarschuwd mens moeten zijn.

De Convenantrekening is een allerlaatste kans. Dat leek [eiser] niet te beseffen, want hij gebruikte deze, ook volgens zijn eigen verklaringen (zie 2.5 hierboven), niet alleen voor eigen gebruik en particuliere dagelijkse bankzaken, maar onder meer voor goktransacties voor en namens derden. Weliswaar schrijft hij op 25 januari 2023 onder meer “Ik gok ook niet voor en/of namens derden”, maar uit bijvoorbeeld de volgende passages blijkt het tegendeel:

- “ Nu ziet u inderdaad dat ik geld krijg van [naam 3] en u ziet dat ik het dan bijvoorbeeld op mijn BETCITYOFBINGOAL account zet en als ik wat verdien stort ik het geld ook netjes naar [naam 3] terug.”

- “ U kunt mijn advies zien als voorbeeld: Pokemonkaarten zijn nu heel in trek, men koopt dat en verkoopt het door. Als iemand geen geld heeft of geen trek heeft om zijn geld erin te stoppen. Kan ik misschien zeggen hier is zoveel geld en ga het maar kopen. (…) Voor mijn hulp zou ik wel ook een deel willen van het omzet wat er aan is verdiend.”

Een en ander is in strijd met de Overeenkomst Convenantrekening van 21 juni 2018, waarin [eiser] expliciet verklaarde “Ik ga de producten die ik aanvraag niet voor anderen gebruiken. Ik zal de aan te vragen producten alleen voor particuliere dagelijkse bankzaken gebruiken.” Het is ook in strijd met artikel 2.2 van de ABV, dat voorschrijft dat een betaalrekening alleen dient te worden gebruikt voor eigen gebruik. Dat [eiser] geen toegang heeft tot de rekeningen van derden, zoals hij stelt, doet daar niet aan af.

Nadat ING op 9 maart 2022 de rekening begrijpelijkerwijs om deze reden (voor de eerste keer) opzegt, krijgt [eiser] – hoewel hij blijkens zijn eigen e-mails niet inziet wat hij fout doet - dankzij bemiddeling van zijn eervorige advocaat uiteindelijk toch nog een allerallerlaatste kans van ING in de vorm van de Overeenkomst van 22 juni 2022. Vervolgens gaat hij door met het ongeoorloofde gebruik van de rekening, in strijd met voorwaarden 2, 3 en 4 van de Overeenkomst. Ook verstrekt hij ING in strijd met voorwaarde 5 van de Overeenkomst geen afschriften van de leningovereenkomsten terwijl ING hem toch herhaaldelijk duidelijk heeft gemaakt dit noodzakelijk te achten. De door [eiser] aan ING verstrekte kopieën van Whatsapp-berichten met diverse particulieren die hun geld terug willen van [eiser] verhelderen de zaak in het geheel niet, maar vergroten begrijpelijkerwijs het wantrouwen van ING.

Dit alles is aan te merken als misbruik van de Convenantrekening, zodat ING op grond van artikel 4 van het Convenant gerechtigd is deze op te zeggen. Overigens heeft ING hem daarbij een langere termijn dan de voorgeschreven twee maanden gegund, die bovendien nog herhaaldelijk verlengd is, om zijn bankzaken elders onder te brengen. Duidelijk is ook dat [eiser] zich niet heeft gehouden aan in ieder geval de voorwaarden 2 tot en met 5 van de Overeenkomst.

ING handelde dus bij de opzegging niet in strijd met haar zorgplicht en het was ook naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid niet onaanvaardbaar om de bankrelatie (op grond van artikel 35 ABV) op te zeggen. Bij deze stand van zaken kan in het midden blijven of ING op grond van artikel 5 lid 3 Wwft verplicht was tot opzegging.

Hoewel daartoe niet verplicht – de (voormalige) betaalrekeninghouder kan in geval van opzegging na misbruik niet opnieuw aanspraak maken op een nieuwe betaalrekening onder het Convenant (artikel 12 Uitvoeringsinstructie bij het Convenant) – is ING als gezegd toch na de kortgedingzitting nog met [eiser] in overleg gegaan over weer een laatste kans: een Convenant-basisrekening beheerd door een bewindvoerder of vergelijkbare instelling. ING wil niet dat [eiser] over een eventueel nieuw te openen rekening zelfstandig gaat beschikken, maar in combinatie met een beschermingsbewind, waarbij [eiser] over een leefgeldrekening kan beschikken en alleen de bewindvoerder over de beheerrekening beschikt, vindt ING het nog te overwegen. [eiser] zou dit dan moeten aanvragen. De veronderstelling van [eiser] dat bewind alleen ingesteld wordt bij een problematische schuldensituatie – waar hier overigens gelet op de stukken wel sprake van zou kunnen zijn - is volgens ING niet juist. De ervaring van ING is dat ook op andere gronden, bijvoorbeeld een problematische gokverslaving, wel bewind ingesteld wordt.

Het overleg hierover na de zitting heeft helaas niets opgeleverd (zie 1.3).

Op zichzelf weegt het belang van [eiser] bij het kunnen beschikken over een bankrekening, onder meer om daarop toeslagen te kunnen ontvangen, daarvan huur en boodschappen te kunnen betalen en dergelijke, zwaar. Zeker nu voorshands aannemelijk is dat hij – anders dan ING meende - niet over andere bruikbare betaalrekeningen beschikt. Hij blijft echter zijn eigen glazen ingooien. Dat ING nu heeft opgezegd is uitsluitend hemzelf aan te rekenen. Gelet hierop, op de flinke (integriteits)risico’s die ING loopt als de bankrelatie hervat zou worden (waardoor zij niet meer aan haar verplichtingen uit de Wwft en Wft kan voldoen) en op de kansen die ING al aan [eiser] heeft geboden, weegt het belang van ING zwaarder.

De slotsom is dat ING niet verplicht kan worden, ook niet voorlopig, om een nieuwe rekening aan [eiser] aan te bieden. De gevraagde voorzieningen zullen dus worden geweigerd.

[eiser] zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van ING worden begroot op:

- griffierecht € 676,00

- salaris advocaat 1.079,00

Totaal € 1.755,00

5. De beslissing

De voorzieningenrechter

weigert de gevraagde voorzieningen,

veroordeelt [eiser] in de proceskosten, aan de zijde van ING tot op heden begroot op € 1.755,00, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag met ingang van de veertiende dag na dit vonnis tot de dag van volledige betaling,

veroordeelt [eiser] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 173,00 aan salaris advocaat, te vermeerderen, onder de voorwaarde dat betekening van de uitspraak heeft plaatsgevonden, met een bedrag van € 90,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening van de uitspraak, en te vermeerderen met de wettelijke rente over de nakosten met ingang van veertien dagen na de betekening van dit vonnis tot aan de voldoening,

verklaart dit vonnis wat betreft de kostenveroordelingen uitvoerbaar bij voorraad.

Dit vonnis is gewezen door mr. T.H. van Voorst Vader, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. M.A.H. Verburgh, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 20 september 2023.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. M.A.H. Verburgh

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?