ECLI:NL:RBAMS:2025:10939

ECLI:NL:RBAMS:2025:10939, Rechtbank Amsterdam, 03-09-2025, 13/107862-25

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 03-09-2025
Datum publicatie 23-01-2026
Zaaknummer 13/107862-25
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

artikel 251 Sr, seksueel corrumperen 16-minner, masturberen met geslachtsdeel uit broek in Amsterdamse bos, drie minderjarige meisjes (10 en 11 jaar oud), recidive, geen dadelijke uitvoerbaarheid, gevangenisstraf 226 dagen, waarvan 200 dagen voorwaardelijk, proeftijd 3 jaar, bijzondere voorwaarden, meldplicht, ambulante behandeling, dagbesteding, meewerken huisbezoeken, taakstraf 80 uren

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

vonnis

Afdeling Publiekrecht

Team Strafrecht

Parketnummer: 13/107862-25

Datum uitspraak: 3 september 2025

Vonnis van de rechtbank Amsterdam, meervoudige strafkamer, in de zaak tegen

[verdachte] ,

geboren te [geboorteplaats] op [geboortedag] 1989,

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres

[adres] .

(hierna: verdachte)

1. Het onderzoek ter terechtzitting

Dit vonnis is gewezen naar aanleiding van het onderzoek op de terechtzitting van 20 augustus 2025.

De rechtbank heeft kennisgenomen van de vordering van de officier van justitie, mr. R. Willemsen, en van wat verdachte en zijn raadsman mr. T.H.L. Kneepkens, naar voren hebben gebracht.

2. Tenlastelegging

Aan verdachte is tenlastegelegd dat

hij op of omstreeks 6 april 2025 te Amstelveen, in elk geval in Nederland, een of meer kinderen beneden de leeftijd van zestien jaren, te weten [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] en/of [slachtoffer 3] , getuige heeft doen zijn van een handeling van seksuele aard en/of met een onmiskenbaar seksuele strekking op een wijze die schadelijk te achten was voor kinderen beneden de leeftijd van zestien jaren, door

- een gebaar te maken alsof hij aan het likken was, en/of

- zijn geslachtsdeel te tonen, en/of

- te masturberen

ten overstaan van de voornoemde kinderen beneden de leeftijd van zestien jaren;

subsidiair althans, indien het vorenstaande niet tot een veroordeling mocht of zou

kunnen leiden:

hij op of omstreeks 6 april 2025 te Amstelveen, in elk geval in Nederland, opzettelijk in het openbaar, te weten in het Amsterdamse Bos, een of meer handelingen die aanstotelijk waren voor de eerbaarheid heeft verricht, te weten

- het tonen van zijn geslachtsdeel, en/of

- masturberen.

3. Waardering van het bewijs

Standpunt van het openbaar ministerie

De officier van justitie heeft zich op het standpunt gesteld dat het primair tenlastegelegde feit kan worden bewezen.

Standpunt van de verdediging

Verdachte ontkent de beschuldiging. Ter zitting heeft hij verklaard dat hij bij een boom stond te plassen, vervolgens afdruppelde, een stap naar achteren deed en wegliep. Tijdens het weglopen deed hij zijn piemel terug in zijn broek en zijn broek dicht.

De raadsman heeft zich, in lijn met de verklaring van verdachte, op het standpunt gesteld dat verdachte moet worden vrijgesproken van de tenlastegelegde feiten. Volgens de raadsman zijn de verklaringen van de meisjes wisselend en deels gebaseerd op elkaars waarnemingen. Daarom bestaat er gelet op de verklaring van verdachte twijfel of er sprake was van een handeling van seksuele aard of met een onmiskenbare seksuele strekking. Ten aanzien van het subsidiair tenlastegelegde staat niet vast dat sprake was van een bewuste, aanstootgevende gedraging van verdachte, aldus de raadsman.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank moet met betrekking tot het primair tenlastegelegde beoordelen of buiten redelijke twijfel is dat verdachte handelingen heeft gepleegd van seksuele aard of met een onmiskenbare seksuele strekking, dan wel of rekening gehouden moet worden met de mogelijkheid dat verdachte enkel aan het plassen en afdruppelen was. Zij overweegt hierover het volgende.

Uit de verklaringen van de meisjes ( [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] ) is af te leiden dat zij samen in het Amsterdamse Bos aan het waterfietsen waren en toen geconfronteerd werden met verdachte, die langs de kant stond. [slachtoffer 1] heeft toen haar moeder gebeld. Toen politieambtenaren arriveerden, verklaarde [slachtoffer 1] dat verdachte een paar meter in haar richting liep. Hij zei niets en keek [slachtoffer 1] en haar vriendinnen aan. Zij zag dat hij zijn rits open deed, zijn lul pakte en die liet zien. Tegenover de politiemensen heeft zij verklaard dat een man naar de kant van het water liep. Hij maakte eerst een gebaar met zijn tong alsof hij aan het likken was. Daarna haalde hij zijn lul uit zijn broek en ging ermee zwaaien. Hierop vulde een van de andere meisje aan “hij begon zich echt af te trekken”.

In haar studioverhoor wordt als verklaring van [slachtoffer 1] beschreven: Zij keek naar wat de man deed. De man keek toen ook naar [slachtoffer 1] . Volgens [slachtoffer 1] liep de man toen een paar meter in haar richting. De man zei niets en keek [slachtoffer 1] en haar vriendinnen aan. De man liet toen zijn lul zien aan de [slachtoffer 1] en haar vriendinnen. [slachtoffer 1] zag dat de man zijn rits open deed met zijn handen. Toen pakte hij zijn lul met zijn handen en liet hij die zien richting haar en haar vriendinnen. Zij waren de enigen daar op dat moment. Er was niemand anders in de buurt.

[slachtoffer 2] heeft verklaard dat verdachte ongeveer 1,5 meter naar haar en haar vriendinnen toeliep en dat hij haar bleef aankijken. Hij deed gek met zijn tong. [slachtoffer 2] heeft het tijdens haar verhoor voorgedaan. De verhoorder heeft gezien dat [slachtoffer 2] haar tong uit haar mond stak en met haar tong heen en weer ging. [slachtoffer 2] zag eveneens de lul van verdachte waarmee hij ‘zo’ deed. Ook dit heeft [slachtoffer 2] tijdens het verhoor voorgedaan. De verhoorder heeft gezien dat [slachtoffer 2] heen en weer met haar hand ging. Volgens [slachtoffer 2] ging hij omhoog en omlaag met zijn hand bij zijn lul.

[slachtoffer 3] heeft verklaard dat verdachte naar voren liep in de richting van de waterfiets waar zij op zaten. Verdachte maakte heen en weer gaande bewegingen met zijn tong uit zijn mond, terwijl hij zijn piemel in zijn hand vast had en naar hen keek. Hij deed met zijn hand zijn piemel heen en weer. Verdachte haalde zijn piemel uit zijn broek nadat hij achter de boom tevoorschijn kwam.

De rechtbank is van oordeel dat de verklaringen van de meisjes op essentiële onderdelen overeenkomen. Zij verklaren alle drie dat verdachte naar hun toe liep, zijn geslachtsdeel uit zijn broek haalde, hen aankeek en verschillende handelingen verrichtte met zijn tong en met zijn geslachtsdeel. De door de meisjes beschreven handelingen zijn onmiskenbaar van seksuele aard en zijn niet te rijmen met de stelling van verdachte dat hij aan het plassen en afdruppelen was. Bovendien waren de meisjes zodanig geschrokken dat [slachtoffer 1] gelijk haar moeder heeft gebeld. Tijdens het telefoongesprek hoorde de moeder van [slachtoffer 1] [slachtoffer 2] heel hard huilen. De rechtbank acht buiten redelijke twijfel dat verdachte aan het potloodventen was en verwerpt het verweer.

4. Bewezenverklaring

De rechtbank acht op grond van de in bijlage I vervatte bewijsmiddelen, waarin de redengevende feiten en omstandigheden zijn opgenomen, bewezen dat verdachte:

primair

op 6 april 2025 te Amstelveen kinderen beneden de leeftijd van zestien jaren, te weten [slachtoffer 1] , [slachtoffer 2] en [slachtoffer 3] , getuige heeft doen zijn van een handeling van seksuele aard op een wijze die schadelijk te achten was voor kinderen beneden de leeftijd van zestien jaren, door

- een gebaar te maken alsof hij aan het likken was, en

- zijn geslachtsdeel te tonen, en

- te masturberen

ten overstaan van de voornoemde kinderen beneden de leeftijd van zestien jaren.

Voor zover in de tenlastelegging taal- en/of schrijffouten staan, zijn deze verbeterd. Verdachte is hierdoor niet in de verdediging geschaad.

5. De strafbaarheid van het feit

Het bewezen geachte feit is volgens de wet strafbaar. Het bestaan van een rechtvaardigingsgrond is niet aannemelijk geworden.

6. De strafbaarheid van verdachte

Er is geen omstandigheid aannemelijk geworden die de strafbaarheid van verdachte uitsluit. Verdachte is dan ook strafbaar.

7. Motivering van de straffen

De eis van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gevorderd dat verdachte zal worden veroordeeld tot een taakstraf van 80 uren, alsmede een gevangenisstraf van 226 dagen, waarvan 200 dagen voorwaardelijk met een proeftijd van 3 jaren. Voorts heeft zij gevorderd hieraan als bijzondere voorwaarden te verbinden; een meldplicht bij de reclassering, ambulante behandeling, meewerken aan dagbesteding en meewerken aan huisbezoeken, met bevel tot dadelijke uitvoerbaarheid.

Het standpunt van de verdediging

De raadsman heeft verzocht een onvoorwaardelijke gevangenisstraf op te leggen gelijk aan de duur van het voorarrest, met de door de reclassering geadviseerde bijzondere voorwaarden.

Oordeel van de rechtbank

De hierna te noemen strafoplegging is in overeenstemming met de ernst van het bewezen geachte, de omstandigheden waaronder dit is begaan en de persoon van verdachte, zoals daarvan ter terechtzitting is gebleken. De rechtbank heeft bij de keuze tot het opleggen van een vrijheidsbenemende straf en bij de vaststelling van de duur daarvan in het bijzonder het volgende laten meewegen.

Ernst van het feit

Verdachte heeft twee meisjes van elf jaar oud en een meisje van tien jaar oud in het Amsterdamse Bos getuige laten zijn van seksuele handelingen. Terwijl de meisjes aan het waterfietsen waren stond verdachte langs de waterkant te masturberen met zijn geslachtsdeel uit zijn broek terwijl hij met zijn tong likkende gebaren maakte. Een van de meisjes heeft verklaard dat zij in paniek raakte en bang was dat hij meer zou gaan doen. Een ander meisje heeft verklaard dat zij bang waren dat hij achter hun aan zou komen. Verdachte heeft bovendien met zijn handelen de seksuele integriteit van de drie minderjarige meisjes geschonden. Hij heeft hen geconfronteerd met seksuele gedragingen waar zij nog niet aan toe waren, waardoor zij mogelijk zijn geschaad in hun seksuele ontwikkeling.

De persoon van de verdachte

Uit het uittreksel uit de Justitiële Documentatie (het strafblad) van verdachte van 8 april 2025 blijkt dat hij in 2021 is veroordeeld voor schennispleging met betrekking tot kinderen en in 2019 voor verkrachting van een kind onder de 12 jaar. Als bijzondere voorwaarde is in 2019 onder meer een klinische behandeling opgelegd met aansluitend een ambulante behandeling.

De rechtbank heeft eveneens kennisgenomen van de rapporten van de reclassering. In het rapport van 9 april 2025 heeft de reclassering onder meer het volgende over verdachte gerapporteerd.

Verdachte geeft aan dat hij onder dusdanige stress stond dat hij overging tot onderhavige

tenlastelegging. Verdachte heeft drang tot gluren, zegt hij. Hij zegt open te staan voor behandeling. Hij zou beter willen worden. De hulpverlening zou gestopt zijn, geeft hij aan. Hij doelt hiermee op de hulpverlening die hij kreeg gedurende het toezicht met betrekking tot zijn veroordeling uit 2019. Tijdens het toezicht zijn er verschillende behandelingen geweest, waaronder een intensief klinisch traject aangaande zedenproblematiek voor de duur van zes maanden. In het reclasseringsdossier wordt vermeld dat de kliniek van mening was dat de klinische behandeling bij voorkeur langer had geduurd, maar dit kon niet omdat hij veroordeeld was tot een opname voor de duur van maximaal zes maanden. Aansluitend volgde hij ambulante behandeling bij De Waag. Verdachte heeft de behandelingen goed doorlopen, blijkens het reclasseringsdossier. Verdachte geeft aan dat hij nog verder had willen gaan met de behandeling bij De Waag, maar dat dit nadat het toezicht afliep voor eigen rekening was en hij dit niet kon opbrengen. Hij zegt niet het gevoel te hebben gehad dat hij er klaar voor was, waarmee hij het stoppen van de behandeling bedoelt. Hij staat open om weer in behandeling te gaan, zegt hij.

Voorts is in het rapport van 11 augustus 2025 over verdachte onder meer het volgende gerapporteerd.

In een Pro Justitia onderzoek van 2020 werd vastgesteld dat bij verdachte sprake zou zijn van parafilie, ook wel een ongewone, atypische seksuele interesse of voorkeur voor bepaalde activiteiten of bepaalde erotische doelen of objecten. Het ligt voor de hand dat er een relatie is tussen de seksuele problematiek van verdachte en onderhavig delictgedrag. Aangezien verdachte het delict ontkent kan niet worden gesproken van een dergelijk verband.

De reclassering schat op basis van de risicotaxatie-instrumenten voor zedenplegers het recidive-risico in op matig-hoog.

Gedurende het schorsingstoezicht ontving de toezichthouder een tweetal meldingen. Eenmaal van voyeurisme; verdachte keek vanuit een bankje voor het raam van de melder (vrouw) bij haar naar binnen. De tweede melding vermeldt dat verdachte een zesjarig meisje bij een pierenbadje heimelijk aansprak door “pssst” naar haar te roepen. De politie trof verdachte aan in de bosjes en zijn riem losjes en zakdoekjes om zich heen. Verdachte ontkent in beide situaties seksuele intenties.

Zijn voorgeschiedenis, het ingeschatte matig tot hoge recidiverisico en de zorgen over de veiligheid van zijn kinderen, maakt dat de reclassering het bij schuldig bevinding belangrijk vindt dat verdachte onder toezicht van de reclassering blijft. Daarnaast wil de reclassering opnieuw de behandelmogelijkheden onderzoeken. Verdachte is hier matig voor gemotiveerd.

Op dit moment is Veilig Thuis nog bij het gezin betrokken. Er is contact tussen Veilig Thuis en de toezichthouder van de reclassering. Bij veroordeling is het echter van belang dat de reclassering zelf beter zicht krijgt op de gezinssituatie, om zodoende een gedegen inschatting te kunnen maken van de eventuele risicofactoren. Verplichte huisbezoeken als bijzondere voorwaarde bij een voorwaardelijk strafdeel zijn geïndiceerd.

De reclassering adviseert een (deels) voorwaardelijke straf met de volgende bijzondere voorwaarden: een meldplicht bij de reclassering, een ambulante behandeling, dagbesteding en meewerken aan huisbezoeken.

Verdachte heeft ter zitting aangegeven dat hij geen seksuele stoornissen heeft en er geen sprake is van problematiek. Indien ambulante behandeling als bijzondere voorwaarde zal worden opgelegd zal hij daaraan meewerken. Deze zal hij dan gebruiken voor copingsvaardigheden, vanwege problemen met zijn buurvrouw, en emotieregulatie. Voorts heeft hij aangegeven dat hij goed kan “therapieën met zichzelf” en dat hij niet denkt dat anderen hem kunnen helpen.

De rechtbank concludeert dat uit het voorgaande blijkt dat verdachte een ambivalente houding heeft ten opzichte van eerdere diagnostiek en problematiek, alsmede de noodzaak van een ambulante behandeling.

De rechtbank vindt het zorgelijk dat er tijdens de schorsing van de voorlopige hechtenis twee meldingen over verdachte zijn gedaan. Daar komt bij dat het dossier aanwijzingen bevat dat verdachte op 6 april 2025 in het Amsterdamse Bos ook op andere momenten (seksueel) grensoverschrijdend gedrag heeft vertoond, waaronder masturberen.

Gelet op het voorgaande vindt de rechtbank het van belang dat een forse voorwaardelijke gevangenisstraf wordt opgelegd als stok achter de deur om verdachte ervan te weerhouden om in de toekomst opnieuw (soortgelijke) strafbare feiten te plegen.

De rechtbank is van oordeel dat gelet op alle hiervoor genoemde omstandigheden geen aanleiding bestaat bij de straftoemeting af te wijken van wat de officier van justitie heeft gevorderd, met uitzondering van een bevel tot dadelijke uitvoerbaarheid van de bijzondere voorwaarden. De rechtbank kan dit bevel geven indien er ernstig rekening mee moet worden gehouden dat verdachte wederom een misdrijf zal begaan dat gericht is tegen of gevaar veroorzaakt voor de onaantastbaarheid van het lichaam van een of meer personen. Daarvan is naar het oordeel van de rechtbank geen sprake.

De rechtbank vindt een taakstraf van 80 uren passend en geboden. Daarbij zal een gevangenisstraf worden opgelegd van 226 dagen waarvan, 200 dagen voorwaardelijk, met een proeftijd van 3 jaar. Aan de proeftijd zullen de bijzondere voorwaarden worden verbonden zoals geadviseerd door de reclassering, te weten; een meldplicht bij de reclassering, ambulante behandeling, meewerken aan het vinden en behouden van dagbesteding en meewerken aan huisbezoeken.

8. Toepasselijke wettelijke voorschriften

De op te leggen straffen zijn gegrond op de artikelen 9, 14a, 14b, 14c, 22c, 22d en 251 van het Wetboek van Strafrecht.

9. Beslissing

De rechtbank komt op grond van het voorgaande tot de volgende beslissing.

Verklaart bewezen dat verdachte het ten laste gelegde heeft begaan zoals hiervoor in rubriek 4 is vermeld.

Verklaart niet bewezen wat aan verdachte meer of anders is tenlastegelegd dan hiervoor is bewezen verklaard en spreekt verdachte daarvan vrij.

Het bewezen verklaarde levert op:

primair

een kind beneden de leeftijd van zestien jaren getuige doen zijn van een handeling van seksuele aard op een wijze die schadelijk te achten is voor kinderen beneden de leeftijd van zestien jaren, meermalen gepleegd

Verklaart het bewezene strafbaar.

Verklaart verdachte, [verdachte], daarvoor strafbaar.

Veroordeelt verdachte tot een gevangenisstraf voor de duur van 226 (tweehonderdzesentwintig) dagen.

Beveelt dat de tijd die door veroordeelde voor de tenuitvoerlegging van deze uitspraak in verzekering en in voorlopige hechtenis is doorgebracht, bij de tenuitvoerlegging van die straf in mindering gebracht zal worden.

Bepaalt dat een gedeelte, groot 200 (tweehonderd) dagen, van deze gevangenisstraf niet ten uitvoer gelegd zal worden, tenzij later anders wordt bevolen.

Stelt daarbij een proeftijd van 3 (drie) jaar vast.

De tenuitvoerlegging kan worden bevolen als de veroordeelde zich voor het einde van de proeftijd schuldig maakt aan een strafbaar feit.

De tenuitvoerlegging kan ook worden bevolen als de veroordeelde gedurende de proeftijd niet aan de hierna vermelde bijzondere voorwaarden voldoet.

Stelt als bijzondere voorwaarden:

Meldplicht bij reclassering (na afspraak)

Veroordeelde meldt zich op afspraken met de reclassering, zo vaak en zolang de reclassering dat nodig vindt. De reclassering zal contact met veroordeelde opnemen voor de eerste afspraak.

Ambulante behandeling

Veroordeelde laat zich behandelen door een ambulante forensische behandelinstelling, te bepalen door de reclassering. De behandeling duurt de gehele proeftijd of zoveel korter als de reclassering nodig vindt. Veroordeelde houdt zich aan de huisregels en de aanwijzingen die de zorgverlener geeft voor de behandeling.

Dagbesteding

Veroordeelde spant zich in voor het vinden en behouden van een zinvolle dagbesteding met een vaste structuur. De dagbesteding draagt bij aan het voorkomen van delictgedrag.

Meewerken aan huisbezoeken

Veroordeelde werkt mee aan huisbezoeken van de reclassering.

Geeft aan de reclassering de opdracht als bedoeld in artikel 14c, zesde lid, van het Wetboek van Strafrecht toezicht te houden op de naleving van de voorwaarden en de veroordeelde ten behoeve daarvan te begeleiden.

Voorwaarden daarbij zijn dat de veroordeelde gedurende de proeftijd

Veroordeelt verdachte tot een taakstraf van 80 (tachtig) uren, met bevel, voor het geval dat de verdachte de taakstraf niet naar behoren heeft verricht, dat vervangende hechtenis zal worden toegepast van 40 (veertig) dagen.

Dit vonnis is gewezen door

mr. K.A. Brunner, voorzitter,

mrs. H.B.W. Beekman en M. Smayel, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. M. Madiol, griffier,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 3 september 2025.

[…]

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. K.A. Brunner

Griffier

  • mr. M. Madiol

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?