RECHTBANK AMSTERDAM
vonnis
Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel
zaaknummer / rolnummer: C/13/768067 / KG ZA 25-296 NB/EB
Vonnis in kort geding van 22 mei 2025
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
ATAL TURNKEY PROJECTS B.V.,
gevestigd te Amsterdam,
eiseres bij gelijkluidende dagvaardingen van 24 april 2025,
advocaten mr. N.A. van Loon en mr. Y. Sanchez Peralta te Amsterdam,
tegen
1. de naamloze vennootschap
ATRADIUS DUTCH STATE BUSINESS N.V.,
gevestigd te Amsterdam,
2. de publiekrechtelijke rechtspersoon
DE STAAT DER NEDERLANDEN,
zetelend te 's-Gravenhage,
gedaagden,
advocaat mr. J.B. Londonck Sluijk te Amsterdam.
Partijen zullen hierna Atal, Atradius en de Staat worden genoemd.
1. De procedure
Op de zitting van 8 mei 2025 heeft Atal de vorderingen zoals omschreven in de dagvaarding en akte houdende wijziging van eis toegelicht. Atradius en de Staat hebben verweer gevoerd, onder meer over een aantal voorvragen. Bepaald is dat vandaag eerst zal worden beslist op deze voorvragen, en dat afhankelijk van de uitkomst daarvan al dan niet een voortzetting van de mondelinge behandeling zal worden bepaald.
Beide partijen hebben producties ingediend en gebruik gemaakt van spreekaantekeningen, die aan het procesdossier zijn toegevoegd.
Op de zitting waren aan de zijde van Atal aanwezig [naam 1] (algemeen directeur), [naam 2] (COO), [naam 3] (general counsel) met mr. Van Loon en mr. Sanchez Peralta. Aan de zijde van Atradius en de Staat waren aanwezig [naam 4] (head of claims & legal bij Atradius), [naam 5] (head of SME’s en business development bij Atradius) [naam 6] (deputy head of control IT & Compliance bij Atradius) en [naam 7] (senior coördinator exportkrediet-verzekeringen bij de Staat) met mr. Londonck Sluijk.
2. De feiten
Atal drijft een onderneming die actief is in het bevorderen van de Nederlandse export. Zij helpt ondernemingen om hun exportprojecten zo te structureren dat ze voldoen aan de vereisten die gelden voor het verkrijgen van exportfinanciering, en bij het aantrekken van financiering voor die projecten. Daarnaast faciliteert zij betaalstromen tussen financiers en diverse toeleveranciers en verleent zij diensten op het gebied van projectmanagement.
Atradius beheert een concessie van de Staat voor het beheren en uitvoeren van onder meer exportfinancieringen- en verzekeringen die verstrekt of gegarandeerd worden door of namens de Staat.
Eén van de exporttransacties die Atal begeleidt, betreft de bouw van een aardappelverwerkingsfabriek in China voor Inner Mongolia Aviko Hongyuan Food Co., Ltd (hierna: Aviko China). Aviko China is een groepsmaatschappij van Aviko B.V. (hierna: Aviko). Op haar beurt is Aviko een dochtermaatschappij van de Coöperatie Koninklijke Cosun U.A. (hierna: Cosun). De transactie over de bouw van de fabriek zal hierna ook wel de Cosun-transactie worden genoemd.
In verband met de bouw van de fabriek sloot Aviko op 4 december 2023 een exportcontract met Atal. Onder dat contract, met addenda, heeft Atal zich jegens Aviko verbonden om (i) de benodigde export(her)financiering van 85% van de koopprijs van € 76.693.243,55 bij ING Bank N.V. (hierna: ING) te arrangeren, (ii) de exportfinanciering met ING te coördineren en (iii) toeleveranciers in Nederland en China te betalen.
In anticipatie op het exportcontract heeft Atal een exporteurspolis bij Atradius aangevraagd om het risico van wanbetaling door haar afnemer af te dekken.
Nadat Atradius haar kredietproces had doorlopen heeft zij op 5 maart 2024 namens de Staat een zogenoemde dekkingstoezegging (hierna ook wel: Dekkingstoezegging Export) aan Atal afgegeven. Het kredietproces omvat onder meer een compliance screening van de betrokken partijen en een credit assessment van Aviko, Cosun en de regresgarant Khaeal Alreem Transport L.L.C. (hierna: KAR), over wie later meer. In de dekkingstoezegging staat onder meer het volgende:
“(…)
Artikel 1
Verzekeraar verbindt zich onder de volgende bepalingen en voorwaarden met Aspirant-Verzekerde een verzekeringsovereenkomst te zullen sluiten overeenkomstig bijgevoegd SPECIMEN POLIS ter zake van de in het OVERZICHT omschreven overeenkomst (…) tussen Aspirant-Verzekerde en Debiteur (hierna "de Overeenkomst" genoemd),
mits
(…)
d de leningsovereenkomst inzake de in het OVERZICHT onder Betalingsvoorwaarden bedoelde lening (de overeenkomst tussen ING en Aviko China, vzr.) uiterlijk 28 februari 2025 in werking is getreden en voorziet in rechtstreekse uitbetaling aan Aspirant-Verzekerde
(…)
Artikel 3
1 Verzekeraar is niet gehouden de verzekeringsovereenkomst tot stand te brengen, indien het te verzekeren risico zodanig is verzwaard dat dit voor Verzekeraar niet langer aanvaardbaar is, waaronder begrepen de situatie dat
(…)
b iets nadeligs bekend is geworden over Aspirant-Verzekerde, Medeverzekerde, Contractant, Debiteur of een Garant,
(…)”
In de specimen polis die hoort bij de Dekkingstoezegging Export staat, voor zover hier van belang:
“(…)
2000 Voorwaarden voor schadevergoeding
Aan de voorwaarden voor schadevergoeding in Artikel 6 a wordt toegevoegd:
2058 Voldaan aan leningsvoorwaarden
7 tijdig en volledig aan alle voorwaarden, die voor betaling uit de in het OVERZICHT onder Betalingsvoorwaarden bedoelde Lening zijn gesteld, is voldaan, behalve in gevallen dat het niet voldoen daaraan een gevolg is van Force Majeure of van Overheidsingrijpen dan wel van het stopzetten van trekking onder de Lening of van het stopzetten van de Overeenkomst op aanwijzing of met schriftelijke goedkeuring van Verzekeraar
In een brief van 15 oktober 2024 aan Atal heeft Atradius geïnformeerd dat zij besloten had nader onderzoek te doen naar transacties waarbij een garant in een ander land dan de debiteur is gevestigd en niet tot hetzelfde concern behoort als de partij waarvoor garant wordt gestaan, wat ook het geval is in de Cosun-transactie.
KAR is in Dubai gevestigd en behoort niet tot het concern van Aviko China. De reden voor het onderzoek was een schadesituatie in een andere transactie waarbij dat speelde. Atradius heeft in deze brief aangekondigd dat zij zich genoodzaakt zag om in de dekkingstoezeggingen een tekenclausule op te nemen. Concreet betekent dit dat artikel 1 g van de dekkingstoezegging als volgt is gewijzigd:
“(…)
g Verzekeraar zich vooraf schriftelijk akkoord heeft verklaard met ondertekening of andere handelingen van Aspirant-Verzekerde, dan wel het nalaten daarvan, die leiden tot inwerkingtreding van de Leningsovereenkomst.
Indien op de datum van het invoegen van deze clausule de inwerkingtreding niet meer afhangt van handelingen of het nalaten daarvan door Aspirant-Verzekerde, dan zal Verzekeraar geen beroep doen op deze clausule;
Op 1 november 2024 heeft Atradius aan ING een dekkingstoezegging afgegeven voor een zogenoemde financieringspolis (hierna ook wel: de Dekkingstoezegging Financiering). Een financieringspolis is een verzekeringsproduct ontworpen om financiële instellingen te beschermen tegen het risico van wanbetaling door buitenlandse debiteuren onder de verstrekte exportleningen. Ook bij deze dekkingstoezegging treedt KAR op als regresgarant en is de tekenclausule opgenomen zoals onder 2.8 vermeld.
Op 5 december 2024 heeft Aviko China met ING een kredietovereenkomst gesloten voor een bedrag van € 57.599.997,97. De nakoming van de terugbetalingsverplichtingen van Aviko China onder die overeenkomst wordt gegarandeerd door Cosun en een aantal van haar groepsmaatschappijen, waaronder Aviko. De rest van de koopprijs is gefinancierd met eigen vermogen van Aviko. Eén van opschortende voorwaarden in deze overeenkomst is, kort gezegd, de afgifte van een Financieringspolis door Atradius.
Atradius heeft onder meer onderzoek laten uitvoeren naar KAR door een lokale partij, Unified Credit Solutions (hierna: UCS). Die heeft aan Atradius gerapporteerd dat de operationele activiteiten die de jaarrekeningen suggereren niet konden worden vastgesteld in de praktijk, dat de kantoren van KAR veelal dicht zijn of zeer klein van omvang in relatie tot de gepresenteerde activiteiten van de garant. UCS heeft Atradius afgeraden om zaken te doen met KAR.
Bij brief van 18 december 2024 hebben Atradius en het Ministerie van Financiën een brief ontvangen van Exim Finance, een onderneming uit Dubai, die regresgaranten had geïntroduceerd voor verschillende transacties waarbij Atradius betrokken is. In deze brief staat onder meer het volgende:
“(…)
ADSB (Atradius, vzr.) has involved an external service provider that is verifying the existence and validating the information from the guarantors EXIM Finance has submitted to ADSB. Obviously, we have no issue with this, provided that the service provider does not put unreasonable pressure on the auditors of the guarantors. (…) When asking auditors to give confirmations that go beyond their legal obligations they simply tell the guarantors that they are not paid for this (especially if this is beyond the scope of the normal work of an auditor). As a result, guarantors have threatened us that they will stop working with
EXIM Finance.
In my view none of the guarantors is in default with any export credit agency and they have always honoured their obligations. The current practice of ADSB, suggesting that EXIM Finance and/or its guarantors have committed compliance breaches (whatever this may mean), not communicating with any of the parties involved in what would be the alleged compliance breaches and causing rumour in the market by involving an external company to reassess the legitimacy oft he guarantors arranged by EXIM Finance, is damaging to the reputation and business of EXIM Finance.
(…)
For now I have to withhold payments in connection with Bangalore and Naylor Nutrition (andere dan de Cosun-transactie, vzr.), until ADSB has clarified its position in relation to EXIM Finance and the guarantors arranged by EXIM Finance for the transactions to be insured by ADSB. In addition, | have instructed external counsel to assess the damage caused by ADSB and to determine if such damage should be offset against outstanding payment obligations. (…)”
Tijdens een bespreking van 7 januari 2025 over andere transacties dan de Cosun-transactie, heeft Atradius Atal geïnformeerd dat zij uit haar onderzoek heeft moeten concluderen dat ze voor de onderzochte partijen, waaronder KAR, niet het comfort heeft dat ze kan steunen op de aangeleverde geauditeerde jaarrekeningen.
In reactie daarop heeft Atal aangegeven aanvullend onderzoek te willen (laten) doen waarmee Atradius haar standpunt zou kunnen heroverwegen. Na overleg tussen partijen heeft zij heeft daartoe CRIF Gulf DWC LLC (Dun & Bradstreet) te Dubai ingeschakeld.
Op 7 maart 2025 heeft ING aan Atal bericht dat op afgifte van de Financieringspolis na was voldaan aan alle opschortende voorwaarden voor het verstrekken van de kredietfaciliteit aan Aviko China. Atradius houdt de afroep door ING van de Financieringspolis af met een beroep op de tekenclausule in de Dekkingstoezegging Financiering.
Op 25 april 2025 hebben medewerkers van UCS in opdracht van Atradius een bezoek gebracht aan het adres van KAR. In het rapport dat UCS van dat bezoek heeft opgesteld, staat onder meer het volgende:
“(…)
Observations
We could see the company’s name on the building sign board at the reception and also next to the company’s office at the 4th Floor. The office was locked and closed during our visit.
We inquired with the neighbors and also the building security. They informed us that the office is mostly closed. If there are people at the office, they never see more than one or maybe two persons.”
Atal heeft het door Dun & Bradstreet uitgebrachte rapport op 5 mei 2025 gedeeld met Atradius. Dun & Bradstreet beoordeelt het risico van een transactie met KAR als laag, gebaseerd op informatie “obtained through local sources, registries, chamber of commerce, existing data, web research, and also through voluntary management interview”. De financiële details in het rapport zijn verkregen “from annual reports of the subject”.
Atradius had ook aan Recovery Advisers Insurance Claims Settlement Services te Dubai (hierna: Recovery Advisers) verzocht om onderzoek naar KAR te verrichten. Recovery Advisers heeft onder meer bezoeken gebracht aan de adressen die van KAR bekend zijn op 15 april 2025. Op 6 mei 2025 heeft zij een rapport uitgebracht, waarvan de samenvatting en conclusie als volgt luiden:
“(…)
8 Summary and Risk Assessment
• While the company maintains an active trade license and is legally registered, the following red flags raise significant concerns about its operational legitimacy:
• The company is not actively functioning from its listed location. Attempts to verify the presence of the company have revealed long-term inactivity and a lack of managerial engagement. Both site visits and discussions with building management confirm that the business has, at best, a token or non-substantive presence.
• In the documents you have sent us, two locations are listed from which the company is said to run its business operations. These addresses, however, concern locations in Abu Dhabi or Sharjah. It is impossible for the company to conduct business activities from locations in Abu Dhabi or Sharjah, as the company does not possess a valid business registration.
• Managing a vehicle fleet of 776 Trucks demands a very substantial site with comprehensive facilities. Currently, there is no indication that Khaeal Alreem Transport LLC maintains or operates a facility of this kind.
• Further concerns include:
o Consistent delays in trade license renewals
o Confirmed rental arrears.
o Legal restrictions stemming from judicial actions, including a court execution
order.
o Negligible operational staff and minimal business activity.
9 Conclusion
Based on the comprehensive review, Khaeal Alreem Transport LLC poses a high operational and financial risk. The entity appears to be either non-operational or severely distressed, with little to no physical presence, mounting legal issues, and substantial compliance concerns. Caution is strongly advised when considering any engagement or financial dealings with this company.
Bij e-mail van 6 mei 2025 heeft Atradius in reactie op het rapport van Dun & Bradstreet geschreven dat het door dat kantoor uitgevoerde onderzoek niet conform gemaakte afspraken is. Het is steeds de bedoeling geweest dat onderzoek zou worden gedaan naar de vraag of de cijfers van de betrokken garanten te matchen waren met de zichtbare/verifieerbare zakelijke activiteiten van de te onderzoeken
garanten, aldus Atradius in deze e-mail. Zij heeft Atal in deze e-mail verzocht om opgave van de exacte locatie te Abu Dhabi van het terrein voor opslag en onderhoud van de vloot van KAR, en om afgifte van aanvullende stukken over de onderneming van KAR.
Atradius heeft daarna de coördinaten van het terrein ontvangen, alsook het zogenoemde Ejari (huur)contract. Zij heeft die informatie voorgelegd aan Recovery Advisers. Bij e-mail van 7 mei 2025 heeft Recovery Advisers als volgt gereageerd:
“(…) Location in Abu Dhabi
The coordinates you provided point to a location in Abu Dhabi; not Dubai. By checking the historical images of that location, we can tell that there is hardly any activity there, and therefore it seems abandoned. The structures there (which appear to be truck-heads) seem abandoned as they have not moved for several years. On Google Maps, please compare the location with others nearby. You will notice that other locations show sign of activity (oil stains on the ground, evidence of movement, tracks, buildings, cars, etc.); all of which are lacking in the location you shared. Please see this video:
KAR Location.mov https://maps.app.goo.gl/JTQ3kyFWFXRJsbQX7
Expired Ejari (tenancy) Contract
The Ejari tenancy contract is expired on 31 December 2021.
It is for an office in a building called Atrium Building that apparently was once rented by KAR; it has no meaning nor value in the current context. The location is here:
https://maps.app.goo.gl/X6bHaxMxF9BzieBd9
Their address in the commercial documents we reviewed have nothing to do whatsoever with the expired Ejari contract they presented. If possible, please ask them to present a current Ejari contract (or at least one that has not expired four years ago).
Also, please note that the expired Ejari contract cannot be found on the website of the Land Department. Please see the attached screen video. The expired Ejari contract supports our findings. When we visited the address shown in this expired Ejari contract, we were not able to find the company there.”
Atal heeft Atradius een aantal andere partijen voorgesteld die volgens Atal KAR als regresgarant zouden kunnen vervangen. Atradius is met geen van die partijen akkoord gegaan. Eén van die partijen is Atal Group B.V., een groepsvennootschap van Atal.
3. Het geschil
Na wijziging van eis vordert Atal, kort gezegd:
A. Atradius te gebieden te accepteren, te gehengen en te gedogen:
i. primair: dat KAR zelfstandig als regresgarant blijft optreden of zal optreden; althans
ii. subsidiair: dat Atal Group zelfstandig als regresgarant zal optreden; althans
iii. meer subsidiair: dat KAR en Atal Group hoofdelijk naast elkaar als regresgaranten zullen optreden;
Atradius te gebieden om de exporteurspolis binnen 24 uur na vonnisdatum aan Atal te verstrekken;
de Staat te gebieden te accepteren, te gehengen en te gedogen dat Atradius gehoor en uitvoering geeft aan de geboden onder A. en B. voormeld;
te bepalen dat Atradius een dwangsom verbeurt als zij niet voldoet aan de geboden onder A en B;
te bepalen dat de Staat een dwangsom verbeurt als hij niet voldoet aan het gebod onder C; en
Atradius en de Staat hoofdelijk te veroordelen in de proceskosten en de nakosten, te vermeerderen met rente.
Aan haar vordering legt Atal ten grondslag, samengevat weergegeven, dat Atradius onrechtmatig jegens haar handelt door zonder deugdelijke grondslag, op basis van onzorgvuldig onderzoek en in strijd met gewekt vertrouwen, te weigeren de Financieringspolis te af te geven, terwijl zij KAR als regresgarant had geaccepteerd op basis van de voorafgaande due diligence. In februari en mei 2025 hebben medewerkers van Atal een bezoek gebracht aan het kantoor van KAR en dat was toen gewoon geopend, zoals te zien is op overgelegde foto’s.
De tournure van Atradius vormt een serieuze bedreiging voor de bouw van de fabriek in China. Zonder Financieringspolis komt de kredietfaciliteit niet beschikbaar. Meer dan 60% van de benodigde onderdelen voor de fabriek is reeds uitgeleverd en ook grotendeels betaald uit eigen middelen van Aviko China. Zij heeft de middelen niet om die bouw te blijven financieren en de druk op Cosun neemt toe om afscheid te nemen van Atal en ING en lokaal in China financiering te gaan regelen.
Atal heeft er alles aan gedaan om voor de Cosun transactie een andere regresgarant, die wel acceptabel is voor Atradius, in de plaats van KAR te stellen. Atradius heeft geen van de aangedragen alternatieven geaccepteerd. Ook heeft Atal er alles aan gedaan om een uitgebreider onderzoek door Dun & Bradstreet dat in lijn is met de eisen van Atradius te bespoedigen, maar dat is lastig omdat dit onderzoek in de VAE gevoelig ligt, KAR daartoe niet contractueel verplicht is jegens Atal, en KAR voorrang geeft aan een audit die momenteel bij haar wordt uitgevoerd.
Atradius en de Staat voeren verweer.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
4. De beoordeling
Atradius en de Staat voeren aan dat het petitum niet toewijsbaar is omdat zij niet gehouden is een verzekeringsovereenkomst met Atal te sluiten zolang geen verzekeringsovereenkomst tussen Atradius en ING tot stand is gekomen (artikel 1 aanhef en onder d van de Dekkingstoezegging Export). Atal kan geen nakoming vorderen van de dekkingstoezegging die aan ING is gedaan. De vordering die Atal daartoe had ingediend, heeft zij later om die reden ook ingetrokken. Dit kort geding kan volgens Atradius en de Staat dan ook niet leiden tot een Exporteursverzekering voor Atal, en áls die verzekering al tot stand zou komen, ook niet tot uitkering van schade (gelet op de voorwaarden voor schadevergoeding in de algemene voorwaarden van Atradius (zie onder 2.7)).
Atal heeft daartegen ingebracht dat Atradius geen beroep toekomt op het ontbreken van een Financieringsverzekering, omdat die voorwaarde uitsluitend door haar eigen toedoen niet wordt vervuld. ING heeft bevestigd dat alle overige opschortende voorwaarden voor verstrekking van het krediet zijn vervuld behalve die van de Financieringspolis.
Het kan inderdaad zo zijn dat een voorwaarde als vervuld geldt als de partij die bij niet-vervulling belang heeft, de vervulling heeft belet, maar de redelijkheid en billijkheid moeten dat dan wel verlangen. Dat laatste is hier niet het geval. De onderzoeken die Atradius heeft laten uitvoeren naar KAR geven een eenduidig beeld, namelijk dat KAR in werkelijkheid niet de onderneming is die zij op papier pretendeert te zijn. De foto’s van het bezoek aan het kantoor van KAR die Atal heeft gemaakt, zijn onvoldoende om de kritische rapporten terzijde te schuiven. Volgens Atal is het risico dat KAR aan haar garantie zou moeten worden gehouden zo klein dat dit geen reden voor Atradius zou mogen zijn om haar dekkingstoezegging niet na te komen. Dat gaat echter niet op. Een regresgarant is niet voor niets bedongen.
Bovendien is ING nodig voor het slagen van de transactie. ING eist geen nakoming van de jegens haar gedane dekkingstoezegging en zij heeft Atal ook niet willen machtigen de nakoming van die toezegging namens haar af te dwingen. Dat de leningsovereenkomst tot stand zal komen is dan ook niet aannemelijk. Zonder die leningsovereenkomst kan er ook geen Exporteursverzekering komen.
Om deze redenen zal de vordering worden afgewezen.
Atal zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van Atradius en de Staat worden begroot op:
- griffierecht € 714,00
- salaris advocaat 1.107,00
- nakosten 178,00
Totaal € 1.999,00
Als dit vonnis wordt betekend, komen hier nog de betekeningskosten bij die aan het slot van 5.2 van de beslissing worden genoemd.
5. De beslissing
De voorzieningenrechter
weigert de gevraagde voorzieningen,
veroordeelt Atal in de proceskosten, aan de zijde van Atradius en de Staat tot op heden begroot op € 1.999,00, te vermeerderen – als dit vonnis wordt betekend – met € 92,00 aan salaris advocaat en de explootkosten van betekening,
verklaart deze kostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. N.C.H. Blankevoort, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E. van Bennekom, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 22 mei 2025.