ECLI:NL:RBAMS:2025:6445

ECLI:NL:RBAMS:2025:6445, Rechtbank Amsterdam, 02-07-2025, C/13/753995 / HA ZA 24-765

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 02-07-2025
Datum publicatie 16-12-2025
Zaaknummer C/13/753995 / HA ZA 24-765
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Amsterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 2 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827

Samenvatting

Erkenning Amerikaans verstekvonnis, Wet bescherming bedrijfsgeheimen, vertrouwelijkheidsregime, confidentiality club

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht

Zaaknummer: C/13/753995 / HA ZA 24-765

Vonnis van 2 juli 2025

in de zaak van

de rechtspersoon naar buitenlands recht

MARQUEE WIRELESS, INC.,

gevestigd te Illinois (Verenigde Staten),

eisende partij,

hierna te noemen: Marquee,

advocaat: mr. A.D. de Leeuw,

tegen

De besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

5SKYE SMART CITY INFRASTRUCTURE B.V.,

gevestigd te Amsterdam,

gedaagde partij,

hierna te noemen: 5SKYE,

advocaat: mr. M. Westerik.

1. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

- de dagvaarding van 9 juli 2024 van Marquee, met producties 1 tot en met 36,

- de conclusie van antwoord van 5Skye, met producties 1 tot en met 23,

- het tussenvonnis van 11 december 2024, waarbij een mondelinge behandeling is bepaald,

- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 19 mei 2025, met de daarin genoemde nadere stukken.

Ten slotte is vonnis bepaald.

2. De feiten

Marquee is opgericht in 2016 en wereldwijd actief op het gebied van cellular and smart city deployments oftewel slimme steden. Marquee heeft haar zogenoemde SMARTCELL platform ontwikkeld. Zij omschrijft dit als een platform dat edge computing network oplossingen biedt in een visueel aantrekkelijke toren die in een moderne slimme stad geïntegreerd kan worden, die daarnaast volledig geïntegreerd verschillende toepassingen mogelijk maakt, zoals reclamezuil, mobiele telefoonzendmast, internetstation voor smartphonegebruikers, bewakingscamera’s en straatverlichting.

SKYE is op 8 februari 2022 opgericht door onder meer Tellesto GmbH, waarvan [naam 1] ( [naam 1] ) de bestuurder is. 5SKYE is eveneens actief op het gebied van slimme steden en heeft eveneens een toren ontwikkeld voor edge computing network oplossing en met verschillende toepassingsmogelijkheden. Sinds de oprichting is [naam 1] de CEO van 5SKYE en verder zijn/waren [naam 2] als voormalig COO, [naam 3] als COO en [naam 4] als CTO aan 5SKYE verbonden.

In mei 2020 is Marquee in contact gekomen met [naam 5] van IKAR Industries Ltd (IKAR), een investeringsvehikel. IKAR toonde interesse om te investeren en deel te nemen in Marquee.

Op 14 mei 2020 hebben [naam 5] namens IKAR en [naam 6] en [naam 7] namens Marquee een Mutual Non-Disclosure Agreement (NDA) gesloten.

Hierna zijn Marquee en IKAR met elkaar in onderhandeling getreden en heeft IKAR op 1 juli 2020 een Letter of Intent (LOI) aan Marquee toegezonden. In deze LOI is kort gezegd de intentie vastgelegd dat IKAR zal investeren in Marquee in ruil voor een aandeel in Marquee.

Tijdens de onderhandelingen zijn documenten uitgewisseld, onder andere via het platform [softwareplatform] . Dit platform stond onder controle van IKAR. Bij de onderhandelingen en de uitwisselingen van documenten waren onder meer de volgende personen betrokken, aan de zijde van IKAR: [naam 1] , [naam 8] , [naam 9] , [naam 2] , [naam 5] en [naam 10] en aan de zijde van Marquee [naam 7] en [naam 6] .

Per e-mail van 8 februari 2021 heeft [naam 1] , namens IKAR, aan Marquee, en in cc onder meer [naam 8] , een conceptovereenkomst toegestuurd getiteld Share Transfer Agreement. Hierin stelde IKAR een constructie voor waarin IKAR externe investeerders zou zoeken voor Marquee in ruil voor een aandeel in Marquee.

Marquee heeft dezelfde dag geantwoord dat een aantal belangrijke punten waar overeenstemming over was bereikt in de conceptovereenkomst ontbrak. Hierop heeft [naam 8] namens IKAR in een e-mail van 9 februari 2021 aan [naam 7] van Marquee en in cc onder meer [naam 1] , [naam 5] , [naam 9] en [naam 6] de onderhandelingen beëindigd.

Per ommegaande heeft Marquee hierop geantwoord aan [naam 8] , en in cc onder meer aan [naam 1] , [naam 5] en [naam 9] , dat alle informatie die Marquee gedurende de onderhandeling heeft gedeeld dient te worden verwijderd.

Op 23 maart 2021 heeft IKAR samen met [naam 5] NEXX5 opgericht, een bedrijf dat zich eveneens richt op Smart City Solutions. [naam 1] werd aangesteld als CEO en [naam 2] als COO. Ook [naam 8] , [naam 10] en [naam 9] verrichtten rollen bij NEXX5.

In oktober 2021 verlieten [naam 1] en [naam 2] NEXX5. Op 8 februari 2022 werd 5SKYE opgericht. 5SKYE heeft vervolgens een edge computing network ontwikkeld, vormgegeven als een visueel aantrekkelijke toren voor in de publieke ruimte, met toepassingsmogelijkheden zoals het tonen van informatie op een gebogen scherm, bewakingscamera’s en straatverlichting. In november 2023 heeft 5SKYE haar zogenoemde Intelli-FarEdge toren als volgt gepresenteerd:

In een e-mail van 8 november 2022 heeft Marquee aan onder meer [naam 1] , [naam 4] en [naam 2] , allen verbonden aan 5SKYE, meegedeeld dat 5SKYE inbreuk maakt op de rechten van Marquee en dat zij zich aan de afspraak moeten houden dat de tijdens de onderhandelingen gedeelde documenten van Marquee vernietigd moeten worden.

Op 10 augustus 2023 heeft Marquee een dagvaarding (Complaint) aangebracht bij de United States District Court for the Northern District of Illinois (hierna: de Amerikaanse rechtbank). De gedaagden in deze procedure waren IKAR, NEXX5, 5SKEY, [naam 5] , [naam 8] , [naam 10] , [naam 1] , [naam 2] , [naam 9] , [naam 3] en [naam 4] . Hierin vorderde Marquee kort gezegd dat het alle gedaagden zou worden verboden de bedrijfsgeheimen van Marquee te bezitten, te gebruiken en te openbaren en op misleidende wijze reclame te maken voor hun producten.

In een brief van 9 oktober 2023 aan [naam 11] , de Amerikaanse advocaat van Marquee, schrijft 5SKYE dat zij de kennisgeving en stukken van de behandeling van de zaak voor de Amerikaanse rechtbank heeft ontvangen. 5SKYE schrijft verder dat zij de bevoegdheid van de Amerikaanse rechtbank betwist en dat zij geen inbreuk maakt op rechten van Marquee.

De gedaagden zijn allen niet verschenen bij de Amerikaanse rechtbank. Deze heeft gedaagden verstek verleend en op 28 mei 2024 middels een zogenoemde Order for Permanent Injunction en een Corrected Judgment in a Civil Case (samen: het Amerikaanse vonnis) een veroordelend vonnis gewezen. Tegen dit vonnis is geen hoger beroep ingesteld.

In de Order for Permanent Injunction is voor zover hier van belang het volgende vermeld:

In de Corrected Judgment in a Civil Case is voor zover hier van belang het volgende vermeld:

Het Amerikaanse vonnis is op 9 juli 2024 aan 5SKYE betekend.

De Amerikaanse advocaat van 5SKYE heeft vervolgens een zogenoemde Motion to Vacate Default ingediend om het Amerikaanse vonnis in te trekken. Tijdens een mondelinge zitting heeft de Amerikaanse rechtbank de Motion afgewezen. Hiertoe heeft de rechtbank het volgende overwogen:

“The court finds that service was appropriate in this case. Defendants’ motion to vacate entered judgment and to stay is denied in its entirety for the reasons stated in open court.”

3. Het geschil

Marquee vordert dat de rechtbank bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, bepaalt:

primair:

A1. dat het Amerikaanse vonnis wordt erkend en dat 5SKYE gelijkluidend het Amerikaanse vonnis onder 1 a, 1b en 2 (zie r.o. 2.16) wordt veroordeeld en tot betaling aan Marquee van USD 95.563,86 te vermeerderen met de rente naar Amerikaans recht vanaf 28 mei 2024 tot de dag van volledige betaling, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van EUR 50.000,- (vijftigduizend euro) voor iedere dag (een deel van een dag als een hele dag gerekend) waarop dit bevel wordt overtreden of, zulks ter vrije keuze van Marquee, van een dwangsom van EUR 20.000,- (twintigduizend euro) voor iedere individuele overtreding;

subsidiair:

A2. dat het Amerikaanse vonnis wordt erkend, inclusief de daarin opgenomen veroordelingen, op een wijze door Uw rechtbank in goede justitie bepaald, zulks op straffe van verbeurte van een dwangsom van EUR 50.000,- (vijftigduizend euro) voor iedere dag (een deel van een dag als een hele dag gerekend) waarop dit bevel wordt overtreden of, zulks ter vrije keuze van Marquee, van een dwangsom van EUR 20.000,- (twintigduizend euro) voor iedere individuele overtreding;

aanvullende vorderingen:

en dat de rechtbank:

B. voor recht verklaart dat 5SKYE de Bedrijfsgeheimen van Marquee onrechtmatig heeft verkregen en/of gebruikt;

C. 5SKYE gebiedt, onmiddellijk na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, te staken en gestaakt te houden ieder onrechtmatig handelen door het gebruiken en/of openbaar maken van de Bedrijfsgeheimen in de Europese Unie, het Verenigd Koninkrijk en/of Turkije;

D. 5SKYE gebiedt, binnen 7 (zeven) werkdagen na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, alle producten die 5SKYE heeft geproduceerd en/of op de markt heeft gebracht, terug te roepen, op haar eigen kosten, en zulks schriftelijk binnen die 7 (zeven) dagen aan Marquee te bevestigen middels toezending van correspondentie;

E. 5SKYE gebiedt, binnen 7 (zeven) werkdagen na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, ieder elektronisch bestand, of een deel daarvan, dat een Bedrijfsgeheim van Marquee bevat geheel te vernietigen en te verwijderen uit alle elektronische systemen (zoals email en de cloud), waaronder in ieder geval het vernietigen van alle documenten die via [softwareplatform] gedeeld zijn, en zulks schriftelijk binnen die 7 (zeven) dagen aan Marquee te bevestigen middels correspondentie en/of screenshots;

F. 5SKYE gebiedt, onmiddellijk na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, te staken en gestaakt te houden het op enige wijze onrechtmatig betrokken zijn bij andere – inclusief nog op te richten – vennootschappen in concurrentie met Marquee;

G. 5SKYE beveelt, binnen 21 (eenentwintig) werkdagen na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, althans binnen een in goede justitie te bepalen termijn, aan het adres van de advocaat van Marquee een volledige, correcte, controleerbare opgave te doen van:

a. De volledige namen en adressen van alle partijen waaraan 5SKYE haar producten en/of diensten heeft aangeboden, waarmee onrechtmatig gebruik is gemaakt van de Bedrijfsgeheimen van Marquee;

De door 5SKYE genoten omzet en winst ten gevolge van het onrechtmatige gebruik van de Bedrijfsgeheimen van Marquee;

H. 5SKYE beveelt binnen 7 (zeven) werkdagen na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, althans binnen een in goede justitie te bepalen termijn, een rectificatiebrief te sturen ondertekend door een van haar bestuurders, naar al haar klantrelaties met zwarte letters op een witte achtergrond in dezelfde lettergrootte en lettertype als zij normaal gesproken gebruikt, met uitsluitend de volgende inhoud en onder toezending van een gelijktijdig afschrift van iedere rectificatiebrief met bewijs van verzending aan de advocaat van Marquee:

Dear Sir, Madam,

We hereby inform you that the District Court of Amsterdam, the Netherlands, has ruled in its judgment of [INSERT DATE] with case number [INSERT NUMBER] that we have acted unlawfully against Marquee Wireless, Inc. by unlawfully obtaining and using the trade secrets of Marquee Wireless, Inc. We have obtained these trade secrets over the course of negations with Marquee Wireless, Inc. and have subsequently unlawfully disclosed and/or used these trade secrets to set up our company 5SKYE Smart City Infrastructure B.V. in direct competition with Marquee Wireless, Inc. The District Court has ordered us to immediately cease and desist from using the trade secrets of Marquee Wireless, Inc.

Sincerely yours,

dan wel een mededeling die Uw Rechtbank in goede justitie vaststelt;

I. 5SKYE beveelt binnen 7 (zeven) werkdagen na betekening van het in dezen te wijzen vonnis, althans binnen een in goede justitie te bepalen termijn, het navolgende bericht op de homepage van haar website te plaatsen en gedurende 90 (negentig) dagen geplaatst te houden, op een duidelijke en onmiddellijk zichtbare en leesbare wijze, met zwarte letters op een witte achtergrond in dezelfde lettergrootte en lettertype als zij normaal gesproken gebruikt, met uitsluitend de volgende inhoud:

We hereby inform you that the District Court of Amsterdam, the Netherlands, has ruled in its judgment of [INSERT DATE] with case number [INSERT NUMBER] that we have acted unlawfully against Marquee Wireless, Inc. by unlawfully obtaining and using the trade secrets of Marquee Wireless, Inc. We have obtained these trade secrets over the course of negations with Marquee Wireless, Inc. and have subsequently unlawfully disclosed and/or used these trade secrets to set up our company 5SKYE Smart City Infrastructure B.V. in direct competition with Marquee Wireless, Inc. The District Court has ordered us to immediately cease and desist from using the trade secrets of Marquee Wireless, Inc.

dan wel een mededeling die Uw Rechtbank in goede justitie vaststelt;

J. 5SKYE veroordeelt tot het betalen van een dwangsom van EUR 50.000,- (vijftigduizend euro) voor iedere dag (een deel van een dag als een hele dag gerekend) waarop 5SKYE niet voldoet aan één of meer van het in sub C tot en met I gevorderde of, zulks ter vrije keuze van Marquee, van een dwangsom van EUR 20.000,- (twintigduizend euro) voor iedere individuele overtreding van deze bevelen;

K. 5SKYE veroordeelt tot vergoeding van de volledige schade die Marquee heeft geleden als gevolg van het onrechtmatig handelen, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW vanaf het moment dat de schade is geleden tot aan de dag van de algehele voldoening, nader op te maken bij staat en te vereffenen volgens de wet;

L. 5SKYE veroordeelt tot betaling van de redelijke en evenredige kosten van deze procedure overeenkomstig artikel 1019ie Rv, ter vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW te rekenen vanaf 14 dagen na de dag van deze het in deze zaak te wijzen vonnis tot aan de dag van algehele voldoening.

In het geval dat 5Skye het bestaan van bedrijfsgeheimen in de onderhavige procedure en het delen daarvan betwist, verzoekt Marquee de rechtbank te bepalen dat:

M. de in deze dagvaarding besproken en in de producties onleesbaar gemaakte bedrijfsgeheimen vertrouwelijk zijn en in elk geval voorshands als bedrijfsgeheimen in de zin van de Wbb worden aangemerkt;

N. het 5SKYE is verboden de bedrijfsgeheimen of enige daarmee verband houdende informatie in processtukken aan derden te openbaren en/of te gebruiken op andere wijze dan onder dit vertrouwelijkheidsregime bepaald (al dan niet binnen de organisatie van 5SKYE);

O. indien en voor zover Marquee de bedrijfsgeheimen in het geding brengt, daarvoor het volgende geldt dat:

uitsluitend de Nederlandse advocaten van 5SKYE alsmede één door 5SKYE aan te wijzen andere natuurlijke persoon toegang krijgen en kennis nemen van deze stukken en informatie;

de persoon die 5SKYE aanwijst om kennis te nemen van deze stukken en informatie niet werkzaam mag zijn op (een van de) commerciële-, R&D- of productie-afdelingen van 5SKYE;

de hiervoor bedoelde personen deze stukken en informatie slechts mogen gebruiken in het kader van deze procedure (en eventuele hogere voorzieningen daartegen) en niet aan anderen mag openbaren;

de hiervoor bedoelde natuurlijke persoon niet zonder voorafgaande toestemming van Marquee mag worden vervangen; en

die delen van iedere verdere fase van deze procedure waaronder een zitting in deze procedure waarin bedrijfsgeheimen en/of het in dat verband verhandelde in de processtukken aan de orde komt, slechts met toelating van de hiervoor onder genoemde groep personen zullen plaatsvinden;

P. 5SKYE een onmiddellijk opeisbare dwangsom verbeurt van € 100.000,00 (honderdduizend euro) voor elke keer dat zij of een door haar aangewezen lid van het vertrouwelijkheidsregime in strijd handelt met het verbod onder sub N en O;

Q. voor zover in enig vonnis aan de inhoud van de bedrijfsgeheimen gerefereerd zal worden, slechts een geanonimiseerd en geredigeerd vonnis ter publicatie zal worden aangeboden waarin deze informatie onleesbaar is gemaakt.

Marquee heeft aan het primair en subsidiair gevorderde ten grondslag gelegd dat het Amerikaanse vonnis op grond van artikel 431 lid 2 Rv in Nederland moet worden erkend en ten uitvoer moet kunnen worden gelegd. Aan de aanvullende vorderingen heeft zij kort samengevat ten grondslag gelegd dat 5SKYE ook in de Europese Unie, het Verenigd Koninkrijk en Turkije onrechtmatig gebruik maakt van de bedrijfsgeheimen van Marquee en deze onrechtmatig openbaar maakt.

SKYE voert hier het volgende tegen aan. Het jegens haar gewezen Amerikaanse vonnis mag niet in Nederland worden erkend en tenuitvoergelegd, omdat niet is voldaan aan de in de rechtspraak in het kader van artikel 431 lid 2 Rv ontwikkelde criteria. Volgens 5SKYE is er ten aanzien van het Amerikaanse vonnis geen sprake van een bevoegdheidsgrond die naar internationale maatstaven algemeen aanvaard is. Hiertoe voert 5SKYE aan dat de bevoegdheid is gebaseerd op beweerdelijke handelingen die niet aan haar zijn toe te rekenen, omdat het gedragingen van derden betreft ofwel omdat 5SKYE niet heeft gehandeld zoals Marquee heeft voorgesteld. Bovendien is 5SKYE niet betrokken geweest bij de onderhandelingen, is zij niet actief geweest in de Verenigde Staten en is niet gebleken van schade bij Marquee in de Verenigde Staten.

Daarnaast is het Amerikaanse vonnis tot stand gekomen in een gerechtelijke procedure die niet voldoet aan de eisen van een behoorlijke en met voldoende waarborgen omklede procedure. 5SKYE voert hiertoe aan dat zij niet op de hoogte is gesteld van de gevorderde schadevergoeding, waardoor zij zich hier niet over heeft kunnen uitlaten. Hiermee is het recht op een eerlijk proces (fair trial) geschonden.

Verder is erkenning in strijd met de Nederlandse openbare orde, omdat de scope van het vonnis beperkt is tot de Verenigde Staten en de Amerikaanse rechter de tenuitvoerlegging heeft beperkt in die zin dat er aantoonbaar sprake moet zijn van schending van het opgelegde verbod. Tot slot voert 5SKYE aan dat het vonnis in de kern onuitvoerbaar is en tot executiegeschillen zal leiden, omdat de beweerdelijke bedrijfsgeheimen ruim en vaag zijn en niet gespecificeerd

Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.

4. De beoordeling

Rechtsmacht

Er is sprake van een internationaal geschil. De rechtbank dient daarom, hoewel een betwisting op dit punt ontbreekt, ambtshalve te onderzoeken of de Nederlandse rechter bevoegd is van de vorderingen van Marquee kennis te nemen.

Marquee vordert erkenning en tenuitvoerlegging van het onder de feiten vermelde Amerikaanse vonnis. Tussen Nederland en de VS geldt geen verdrag waarin de wederzijdse erkenning van rechterlijke beslissingen is geregeld. De Verordening (EU) nr. 1215/2012 van het Europees Parlement en de Raad van 12 december 2012 betreffende de rechterlijke bevoegdheid, de erkenning en de tenuitvoerlegging van beslissingen in burgerlijke en handelszaken (Herschikking) is in formeel opzicht uitsluitend van toepassing op de erkenning en tenuitvoerlegging van beslissingen afkomstig uit een lidstaat van de Europese Unie. Het Amerikaanse vonnis kan dus niet in Nederland worden erkend en ten uitvoer worden gelegd op grond van een bepaling in een voor Nederland bindend verdrag of Europese verordening. Dit brengt mee dat naar het Nederlandse commune internationaal bevoegdheidsrecht moet worden bepaald of de Nederlandse rechter bevoegd is om kennis te nemen van de vorderingen van Marquee.

De vorderingen onder primair en subsidiair van Marquee stoelen op artikel 431 lid 2 Rv. De rechtbank is van oordeel dat artikel 431 lid 2 Rv in beginsel rechtsmacht schept voor de Nederlandse rechter, nu het de mogelijkheid biedt om de gedingen opnieuw in Nederland te behandelen en af te doen. Dit geldt ongeacht of de Nederlandse rechter aanleiding ziet tot een inhoudelijke herbeoordeling van het geschil dan wel de vraag beoordeelt of aan een beslissing van een buitenlandse rechter gezag toekomt en zich in dat verband beperkt tot een toets aan de vereisten zoals door de Hoge Raad uiteen gezet in het zogenaamde Gazprombankarrest (HR 26 september 2014, ECLI:NL:HR:2014:2838, en ook HR 18 januari 2019, ECLI:NL:HR:2019:54 Yukos). In zijn algemeenheid geldt hierop als uitzondering het geval waarin de eisende partij met het voorleggen van de desbetreffende vordering op de voet van artikel 431 lid 2 Rv aan de Nederlandse rechter misbruik van procesrecht maakt. Dat daar in dit geval sprake van zou zijn, is echter gesteld noch gebleken.

Nu (ook) de relatieve bevoegdheid van deze rechtbank niet is betwist, acht de rechtbank zich bevoegd van de vorderingen van Marquee kennis te nemen.

Algemene uitgangspunten voor de beoordeling van de primaire vorderingen

Gelet op het primair en subsidiair gevorderde moet in deze zaak eerst worden beoordeeld of 5SKEY, zonder inhoudelijke behandeling van het geschil, kan worden veroordeeld tot al hetgeen waartoe zij is veroordeeld in het Amerikaanse vonnis. Bij de beoordeling van de vraag of, en in hoeverre aan een beslissing van een buitenlandse rechter gezag kan worden toegekend, dient ingevolge het Gazprombankarrest tot uitgangspunt dat een buitenlandse beslissing in Nederland in beginsel wordt erkend als aan de volgende cumulatieve voorwaarden is voldaan:

(i) de bevoegdheid van de rechter die de beslissing heeft gegeven, berust op een

bevoegdheidsgrond die naar internationale maatstaven algemeen aanvaardbaar is;

(ii) de buitenlandse beslissing is tot stand gekomen in een gerechtelijke procedure die voldoet aan de eisen van behoorlijke en met voldoende waarborgen omklede rechtspleging;

(iii) de erkenning van de buitenlandse beslissing is niet in strijd met de Nederlandse openbare orde; en

(iv) de buitenlandse beslissing is niet onverenigbaar met een tussen dezelfde partijen gegeven beslissing van de Nederlandse rechter, dan wel met een eerdere beslissing van een buitenlandse rechter die tussen dezelfde partijen is gegeven in een geschil dat hetzelfde onderwerp betreft en op dezelfde oorzaak berust, mits die eerdere beslissing voor erkenning in Nederland vatbaar is.

Strekt de aan de Nederlandse rechter voorgelegde vordering op de voet van artikel 431 lid 2 Rv tot veroordeling tot hetgeen waartoe de wederpartij in de buitenlandse beslissing is veroordeeld, en is voldaan aan de vier hiervoor vermelde voorwaarden, dan dient de Nederlandse rechter de gebondenheid van partijen aan die beslissing tot uitgangspunt te nemen, en is de vordering in beginsel toewijsbaar.

Toewijzing van een vordering op grond van artikel 431 lid 2 Rv kan echter afstuiten op de grond dat de voor erkenning vatbare buitenlandse beslissing volgens het recht van het land van herkomst niet, nog niet dan wel niet meer uitvoerbaar is (zie eveneens het Gazprombankarrest). Onder omstandigheden kan er verder aanleiding zijn de beslissing op de voet van artikel 431 lid 2 Rv aan te houden indien tegen het buitenlandse vonnis een rechtsmiddel is ingesteld en daarop nog niet bij onherroepelijk vonnis is beslist.

Ad (i) bevoegdheid rechter berust op bevoegdheidsgrond die naar internationale maatstaven algemeen aanvaardbaar is

Bij de beoordeling van de vraag of de bevoegdheid van de rechter die de beslissing heeft gegeven, berust op een bevoegdheidsgrond die naar internationale maatstaven algemeen aanvaardbaar is, gaat het niet om de vraag of de buitenlandse rechter volgens zijn eigen of volgens het Nederlands internationaal privaatrecht bevoegd was, maar of die bevoegdheid naar internationale normen aanvaardbaar is. Bij de beoordeling kan de rechter internationale verdragen en verordeningen betrekken, omdat de bepalingen die daarin zijn vastgelegd een aanwijzing kunnen opleveren voor hetgeen internationaal aanvaardbaar wordt geacht.

Uit het Amerikaanse vonnis leidt de rechtbank af dat de vorderingen van Marquee jegens 5SKEY zijn gegrond op de Defend Trade Secrets Act en de Illinois Trade Secrets Act (de Amerikaanse Wet bescherming bedrijfsgeheimen (Wbb)) en zien op - kort gezegd - het onrechtmatig gebruiken en openbaar maken van de bedrijfsgeheimen van Marquee door onder meer 5SKEY.

Bij de beoordeling van de internationale rechtsmacht is van belang dat binnen de Europese Unie op grond van verschillende verordeningen de regel geldt dat naast de gerechten van de woonplaats van de gedaagde ook andere gerechten alternatief bevoegd zijn. De kern van de bevoegdheidsregels onder de Brussel I bis Verordening is dat geschillen zoveel mogelijk moeten worden behandeld door de rechter van het land dat een nauwe band heeft met het geschil. De Brussel I bis Verordening bevat geen specifieke regeling voor vorderingen uit hoofde van de Wet bescherming bedrijfsgegevens. Omdat de Wbb ziet op bescherming van niet-openbaar gemaakte knowhow en bedrijfsinformatie (bedrijfsgeheimen) tegen het onrechtmatig verkrijgen, gebruiken en openbaar maken daarvan, kan aansluiting worden gezocht bij de bepalingen ten aanzien van vorderingen uit onrechtmatige daad. Als bevoegd gerecht bij vorderingen op grond van onrechtmatige daad wordt beschouwd het gerecht van de plaats waar het schadebrengende feit zich heeft voorgedaan. Volgens vaste rechtspraak van het HvJEU kan daarbij worden aangeknoopt bij zowel de plaats waar de onrechtmatige daad heeft plaatsgevonden (het Handlungsort) als bij de plaats waar de schade is ingetreden (het Erfolgsort). Marquee stelt zich op het standpunt dat de betreffende bedrijfsgeheimen tijdens de onderhandelingen in de VS zijn gedeeld en dat zij in de VS, waar zij is gevestigd, schade lijdt door het onrechtmatig gebruik en openbaar maken van die bedrijfsgeheimen door 5SKEY. 5SKEY voert hier tegen aan dat zij zich niet schuldig heeft gemaakt aan de beweerdelijke handelingen, dat deze handelingen haar niet toe te rekenen zijn en dat Marquee geen schade heeft geleden. Dit zijn echter alle inhoudelijke verweren, die niet in de weg staan aan de vraag of de Amerikaanse rechter bevoegd is. Het Erfolgsort, de plaats waar Marquee stelt schade te leiden, bevindt zich dus in de VS en het geschil heeft in elk geval grotendeels aanknopingspunten met de VS. Gezien het voorgaande is daarom genoegzaam vast komen te staan dat de bevoegdheid van de Amerikaanse rechter is gebaseerd op een bevoegdheidsgrond die naar internationale maatstaven algemeen aanvaardbaar is.

Ad (ii) de buitenlandse beslissing is tot stand gekomen in een gerechtelijke procedure die voldoet aan de eisen van behoorlijke en met voldoende waarborgen omklede rechtspleging en (iii) de erkenning van de buitenlandse beslissing is niet in strijd met de Nederlandse openbare orde

De hiervoor onder (ii) en (iii) genoemde criteria uit het Gazprombankarrest hangen met elkaar samen en zien op de behoorlijke rechtspleging, in ruime zin. In dat verband is van belang dat 5SKEY, in de kern, aanvoert dat zij in de VS geen eerlijk proces heeft gehad.

SKEY is in de procedure bij de Amerikaanse rechtbank niet verschenen. Gelet op het door 5SKEY voormelde gevoerde verweer en de fundamentele waarborgen die artikel 6 EVRM biedt, waaronder het recht op hoor en wederhoor en het recht op toegang tot de rechter, zal in deze procedure (A) moeten worden beoordeeld of in het kader van de Amerikaanse procedure de inleidende processtukken rechtsgeldig en tijdig aan 5SKEY zijn betekend, zodat zij voldoende in de gelegenheid is geweest om verweer te voeren (vgl. EHRM 7 juli 2007, nr. 66941/01 ( [eiser 1] t. Rusland), § 30). Voorts is van belang dat, hoewel artikel 6 EVRM “does not require the existence of courts of further instance”, wel geldt dat “its fundamental guarantees (…) must also be provided by any courts of appeal or courts of cassation which a Contracting State may have chosen to set up” (vgl. EHRM 26 oktober 1984, nr. 9186/80 ( [eiser 2] v. Belgium), § 32). Nu tussen partijen vaststaat dat in de VS een rechtsmiddel tegen de Amerikaanse verstekvonnissen heeft opengestaan, zal daarom (B) moeten worden beoordeeld of 5SKEY daadwerkelijk in de gelegenheid is geweest om gebruik te maken van dat rechtsmiddel.

De beoordeling of aan de onder 4.12 sub A bedoelde waarborg is voldaan, dient plaats te vinden aan de hand van het Verdrag inzake de betekening en de kennisgeving in het buitenland van gerechtelijke en buitengerechtelijke stukken in burgerlijke en in handelszaken van 15 november 1965 (hierna: Haags Betekeningsverdrag), waarbij zowel Nederland als de VS partij zijn. Marquee heeft gesteld dat zij de dagvaarding en de bijlagen tijdig en op de juiste wijze aan 5SKEY heeft laten betekenen en dat uit de brief van 9 oktober 2023 (zie 2.15) blijkt dat 5SKEY de dagvaarding en de bijlagen tijdig heeft ontvangen. 5SKEY heeft dit niet betwist, waarmee kan worden vastgesteld dat de inleidende processtukken rechtsgeldig en tijdig aan 5SKEY zijn betekend. Hiermee is 5SKEY voldoende in de gelegenheid geweest om verweer te voeren zodat aan onder sub A genoemde waarborg is voldaan. Dat 5SKEY geen kennis heeft genomen van de nader ingediende specificatie van de volledige proceskosten die als schadepost zijn toegewezen maakt dat niet anders, omdat 5SKEY heeft nagelaten het daartoe bestemde systeem Pacer te raadplegen op nadere stukken, waarin het stuk volgens de Amerikaanse rechtbank beschikbaar was.

Tussen partijen is niet in geschil dat in de VS een rechtsmiddel tegen het Amerikaanse vonnis heeft opengestaan en dat 5SKEY daar, hoewel zij daartoe in de gelegenheid was, geen gebruik van heeft gemaakt. 5SKEY heeft slechts een motion to vacate default maar geen hoger beroep ingesteld. Van degene die meent dat hem het recht op een eerlijk proces is onthouden, mag in beginsel geëist worden dat hij alle rechtsmiddelen aanwendt die hem ten dienste staan, mits deze geacht kunnen worden daadwerkelijk tot heroverweging en dus tot een effective remedy kunnen leiden. In dit geval moet worden geoordeeld dat 5SKEY nadat zij met het Amerikaanse verstekvonnis bekend was, een rechtsmiddel had kunnen aanwenden dat had kunnen leiden tot heroverweging van het Amerikaanse vonnis. Dan had het door 5SKEY aangevoerde gebrek in het Amerikaanse vonnis, namelijk de schending van het recht op hoor en wederhoor in de zin van artikel 6 EVRM, kunnen worden hersteld. De conclusie is dan ook dat voor 5SKEY een effectief rechtsmiddel tegen het Amerikaanse verstekvonnis heeft opengestaan nadat zij daarvan kennis had genomen. In zoverre is sprake van een met voldoende waarborgen omklede procedure en is voldaan aan waarborg B.

(iii) de erkenning van de buitenlandse beslissing is niet in strijd met de Nederlandse openbare orde

Tot slot voert 5SKYE aan dat het vonnis in de kern onuitvoerbaar is en tot executiegeschillen zal leiden, omdat de beweerdelijke bedrijfsgeheimen ruim en vaag zijn en niet gespecificeerd.

De rechtbank stelt voorop dat de openbare orde-exceptie slechts in uitzonderlijke gevallen wordt toegepast en bovendien strikt wordt uitgelegd. Verder betreft toetsing aan de openbare orde niet de inhoudelijke juistheid van de buitenlandse beslissing. Derhalve kan in dit kader geen herbeoordeling van het Amerikaanse vonnis plaatsvinden en kan geen inhoudelijke toetsing plaatsvinden van de daarin neergelegde oordelen aan het Nederlandse privaatrecht. Er is sprake van strijd met de Nederlandse openbare orde indien de buitenlandse beslissing is gebaseerd op een rechtsregel die in geen geval kan worden aanvaard (het zogenoemde buitengrenscriterium) of indien erkenning van de buitenlandse beslissing zou leiden tot een gevolg dat naar Nederlandse opvattingen niet kan worden geduld in de Nederlandse rechtsorde (het zogenoemde binnengrenscriterium).

Voor zover de door 5SKEY aangevoerde argumenten betrekking hebben op de inhoudelijke juistheid van het Amerikaanse vonnis, is het gelet op het hiervoor omschreven toetsingskader niet aan de rechtbank om te treden in de waardering van de wijze waarop de Amerikaanse rechter tot een oordeel is gekomen, ook niet over de hoogte van de te betalen schadevergoeding. Dat betekent dat zelfs in het geval 5SKEY in haar stellingen ten aanzien van het inhoudelijk oordeel gevolgd zou moeten worden, dat op zichzelf nog niet leidt tot de conclusie dat sprake is van strijd met de Nederlandse openbare orde.

Het verweer van 5SKEY ten aanzien van strijd met de openbare orde komt er in de kern op neer dat de scope van het Amerikaanse vonnis expliciet is beperkt tot de VS en dat er voor de tenuitvoerlegging van het Amerikaanse vonnis alleen ruimte is als er aantoonbaar sprake is van schending van het opgelegde verbod. Dit vonnis is volgens 5SKEY in de kern onuitvoerbaar omdat de bedrijfsgeheimen, waar het opgelegde verbod op ziet, in de Motion for Default Judgment ruim en vaag zijn omschreven en niet nader gespecificeerd. In het Amerikaanse vonnis is dit evenmin duidelijk omschreven of nader gespecificeerd. Dit betekent dat de tenuitvoerlegging van het Amerikaanse vonnis direct tot een executiegeschil zal leiden, omdat 5SKEY betwist dat zij bedrijfsgeheimen van Marquee in bezit heeft en dat zij daarvan gebruik maakt, of openbaar maakt.

Marquee heeft tijdens de mondelinge behandeling erkend dat executie van het Amerikaanse vonnis in Nederland voor zover het betrekking heeft op de bedrijfsgeheimen waarschijnlijk tot executiegeschillen zal leiden en dat partijen ter voorkoming daarvan met elkaar in overleg zullen moeten treden.

Het Amerikaanse vonnis bestaat uit drie delen. Ten eerste - kort gezegd - het verbod op het gebruik en openbaar maken van de bedrijfsgeheimen van Marquee (zie 2.16 onder 1.), ten tweede het gebod tot teruggave van de bedrijfsgeheimen (zie 2.16 onder 2.) en ten derde de veroordeling tot betaling van de schadevergoeding ten bedrage van € 95.563,86. Tussen partijen is niet langer in geschil dat de schadevergoeding ziet op de werkelijke proces- en advocaatkosten van Marquee in de Amerikaanse procedure. Erkenning van het vonnis op dit punt is niet in strijd met de Nederlandse openbare orde. Het Amerikaanse vonnis is op dit punt voldoende concreet en te executeren. In zoverre is voor deze veroordeling tot vergoeding van de schade aan het derde vereiste voor erkenning voldaan.

Met betrekking tot het verbod en gebod ten aanzien van de bedrijfsgeheimen is nog onvoldoende duidelijk of erkenning van het Amerikaanse vonnis zal leiden tot strijd met de Nederlandse openbare orde, omdat nog onvoldoende is bepaald om welke stukken het gaat en wat de inhoud van de stukken is. Dat dit nog onvoldoende is bepaald is inherent aan de zaak, omdat het volgens Marquee gaat om bedrijfsgeheimen die zij slechts onder een vertrouwelijkheidsregime in het geding wil brengen. Als voldoende te bepalen is om welke bedrijfsgeheimen het gaat en wat de inhoud daarvan is, is denkbaar dat executiegeschillen voorkomen kunnen worden. Als dit niet voldoende kan worden bepaald is de executie niet uitvoerbaar en kan dat strijd opleveren met de Nederlandse openbare orde. De inhoud van de stukken is eveneens essentieel voor de beoordeling van de aanvullende vorderingen onder 3. De rechtbank zal daarom pas kunnen beslissen op de vraag of erkenning van het Amerikaanse vonnis ten aanzien van het genoemde verbod en gebod zal leiden tot strijd met de openbare orde als duidelijkheid is verkregen over de inhoud van de stukken.

(iv) onverenigbaarheid

De rechtbank overweegt verder, vooruitlopend op de beslissing ten aanzien van de openbare orde dat het criterium onder (iv) in deze zaak niet aan de orde is. Dat er feiten en/of omstandigheden zijn waaruit zou volgen dat het Amerikaanse vonnis onverenigbaar is met een tussen dezelfde partijen gegeven beslissing van de Nederlandse rechter of een eerdere beslissing van een buitenlandse rechter in een geschil dat hetzelfde onderwerp betreft en op dezelfde oorzaak berust, heeft 5SKEY niet gesteld en zijn evenmin gebleken.

De aanvullende vorderingen

Marquee vordert in aanvulling op de erkenning van het Amerikaanse vonnis - kort samengevat - een verbod op onrechtmatig handelen door 5SKYE door gebruik te maken van de bedrijfsgeheimen van Marquee en/of deze openbaar te maken, een gebod de verkregen bedrijfsgeheimen te vernietigen/verwijderen, een gebod dat 5SKYE al haar producten terug roept, een gebod tot opgave van namen/adressen van alle betrokken partijen en opgave van omzet/winst, een gebod een rectificatie te versturen/publiceren en een veroordeling tot vergoeding van de volledige schade die Marquee heeft geleden als gevolg van het onrechtmatig handelen.

In haar voorwaardelijk incident heeft Marquee verder gevorderd dat, voor zover 5SKYE het bestaan van de bedrijfsgeheimen en het delen daarvan betwist, de rechtbank op grond van artikel 1019ib Rv een vertrouwelijkheidsregime (Confidentiality club) instelt ten aanzien van de vertrouwelijke informatie waarop zij zich zal beroepen, onder de hiervoor onder r.o. 3.1 onder M tot en met Q vermelde voorwaarden. De bedrijfsgeheime informatie weergegeven in de als EP33 overgelegde lijst met correspondentie en documenten bevat volgens Marquee onder meer de volgende gegevens:

I. wetenschappelijke, technische en bouwkundige informatie, zoals plannen, ontwerpen, configuraties en specificaties met betrekking tot de technologie van Marquee en

II. financiële, zakelijke en economische informatie, waaronder investeringsmodellen, praktische en strategische knowhow, financiële prognoses, geschatte inkomsten, informatie over leveranciers, bedrijfskosten, bedrijfsstrategieën, details over organisatorische uitvoering, toekomstige uitbreidingsplannen, klantenlijsten, informatie over concurrenten en potentiële markten en klanten.

SKYE betwist dat sprake is van bedrijfsgeheimen in de zin van de Wet bescherming bedrijfsgeheimen (Wbb). Zij voert aan dat uit de omschrijving die Marquee van haar bedrijfsgeheimen heeft gegeven blijkt dat het gaat om informatie die reeds algemeen bekend is, dat niet blijkt van enige waarde van de informatie en dat niet is aangetoond dat Marquee redelijke maatregelen heeft genomen deze informatie te beschermen. Bovendien heeft 5SKYE deze informatie niet en ook nooit gehad en zij heeft (dus) geen gebruik gemaakt van de bedrijfsgeheimen van Marquee. 5SKYE heeft een ander micro edge data center product ontwikkeld dan die van Marquee en die heeft zij met eigen kennis en kunde ontwikkeld. De verschillende oprichters en bestuurders van 5SKYE waren al langere tijd bezig met het ontwikkelen van edge computing oplossingen.

vertrouwelijkheidsregime

Op grond van artikel 22a lid 3 Rv kan de rechter, indien kennisneming van stukken door een partij de bescherming van een bedrijfsgeheim als bedoeld in artikel 1 Wbb onevenredig zou schaden, bepalen dat deze kennisneming is voorbehouden aan een gemachtigde die advocaat dan wel daarvoor van de rechter bijzondere toestemming heeft gekregen. Artikel 1 Wbb bepaalt dat een bedrijfsgeheim informatie is die aan de volgende drie cumulatieve voorwaarden voldoet:

zij is geheim in die zin dat zij, in haar geheel dan wel in de juiste samenstelling en ordening van haar bestanddelen, niet algemeen bekend is bij of gemakkelijk toegankelijk is voor degenen binnen de kringen die zich gewoonlijk bezighouden met dergelijke informatie,

zij bezit handelswaarde omdat zij geheim is, en

zij is door degene die daar rechtmatig over beschikt, onderworpen aan redelijke maatregelen, gezien de omstandigheden, om deze geheim te houden.

Marquee heeft toegelicht dat de in 4.24 onder I. en II. genoemde correspondentie en documenten informatie bevatten die voortvloeit uit jarenlange investering in de ontwikkeling van haar businessplan, het doen van marktonderzoek en het optimaliseren van haar verdienmodel, het opdoen van de benodigde technische kennis om haar hightech producten te kunnen ontwikkelen, produceren en vermarkten. Deze investeringen hebben geresulteerd in uitgebreide knowhow, plannen, strategieën, ontwerpen en concepten en deze informatie is zeer waardevol voor het succes en de groei van het bedrijf.

Zoals hiervoor weergegeven (zie r.o. 4.25) betwist 5SKYE dat er sprake is van bedrijfsgeheimen in de zin van de Wbb, dat zij de betreffende stukken heeft, heeft gebruikt of openbaar heeft gemaakt en voert zij aan dat zij haar product zelfstandig heeft ontwikkeld. Tijdens de mondelinge behandeling heeft [naam 1] toegelicht dat hij en de destijds betrokkenen tijdens de onderhandelingen met 5SKYE stukken van 5SKYE hebben gezien en ontvangen, maar dat de informatie niet compleet was, waardoor er niet mee was te werken. [naam 1] verklaarde verder dat hij het bedrijfsplan van 5SKYE heeft gebaseerd op zijn eigen inzichten en op informatie uit openbare jaarverslagen van bedrijven uit dezelfde sector. De pitch voor hun product is ontworpen op basis van openbaar beschikbare informatie en de knowhow van zijn team.

Gelet op de omschrijving van de in productie EP33 onder a. tot en met bb. aangeduide correspondentie en documenten, de nadere toelichting van Marquee op de inhoud en strekking van deze stukken en op wat hierna in r.o. 4.30 tot en met 4.32 wordt overwogen, beschouwt de rechtbank deze stukken voorshands als bedrijfsgeheimen, met uitzondering van de wetenschappelijke informatie. Voor zover het wetenschappelijke informatie betreft gaat de rechtbank er van uit dat dit openbare en voor een ieder toegankelijke informatie betreft, die niet als bedrijfsgeheim kwalificeert. De rechtbank ziet aanleiding om ook terzake van deze correspondentie en documenten een vertrouwelijkheidsregime op te leggen zoals hieronder in r.o. 4.35 omschreven.

De rechtbank overweegt verder als volgt. Partijen hebben beiden een visueel aantrekkelijke toren ontwikkeld, Marquee de zogenoemde Smartcell en 5SKYE de zogenoemde Intelli-FarEdge. Beide torens bevatten edge computing network oplossingen en hebben verschillende toepassingsmogelijkheden zoals een gebogen scherm waarop informatie of advertenties kunnen worden weergegeven, een mobiele telefoonzendmast, een internetstation voor smartphonegebruikers, bewakingscamera’s en/of straatverlichting. Marquee stelt zich op het standpunt dat de toren van 5SKYE in zo’n korte tijd is ontwikkeld en in de markt is gezet en zoveel overeenkomsten heeft met haar product dat het niet anders kan dan dat 5SKYE die heeft ontwikkeld met gebruikmaking van de bedrijfsgeheimen van Marquee. 5SKYE voert hier tegen aan dat de torens heel verschillend zijn en dat zij haar product met eigen kennis en kunde heeft ontwikkeld en in de markt heeft gezet.

Vast staat dat [naam 1] tijdens de onderhandelingen tussen IKAR en Marquee in 2020/2021 actief betrokken is geweest en in die hoedanigheid correspondentie en informatie van Marquee heeft gezien en ontvangen die IKAR nodig had om te bepalen of zij wilde deelnemen in Marquee. Dat die stukken onvolledige informatie zou bevatten waardoor er niet mee te werken viel, zoals op zitting door [naam 1] is verklaard, is niet concreet gemaakt door 5SKYE. Vast staat ook dat [naam 1] , kort nadat in februari 2021 de onderhandelingen tussen IKAR en Marquee waren beëindigd, NEXX5 heeft opgericht, daar na korte tijd is vertrokken en vervolgens in februari 2022 betrokken was bij de oprichting van 5SKYE. In november 2023 heeft 5SKYE haar Intelli-FarEdge gepresenteerd. Hoe 5SKYE haar product binnen deze relatief korte tijdspanne heeft kunnen ontwikkelen én op de markt heeft kunnen brengen, heeft 5SKYE weinig handen en voeten gegeven. 5SKYE heeft zich in eerste instantie gericht op de Europese markt, terwijl Marquee voor Europa een marktstrategie had ontwikkeld en aan IKAR bekend had gemaakt. Hoe het technologische, commerciële en bedrijfseconomische onderzoek dat nodig is om een dergelijk product in de markt te zetten door 5SKYE in zo’n korte tijdspanne is uitgevoerd, heeft 5SKYE ondanks vragen daarover op de zitting niet concreet gemaakt.

Naar het oordeel van de rechtbank vertoont de zogenoemde Intelli-FarEdge op het eerste oog veel gelijkenissen met de Smartcell van Marquee, zowel qua vorm als qua toepassingsmogelijkheden. In combinatie met de snelheid van de ontwikkeling van de toren en het in de markt zetten daarvan, de betrokkenheid van [naam 1] bij de zowel IKAR, NEXX5 en 5SKYE en het weinig concretiseren van het verweer van 5SKYE dat zij het product zelf heeft ontwikkeld en vermarkt, ziet de rechtbank aanleiding 5SKEY op de voet van artikel 22 Rv te bevelen binnen zes weken, voor zover beschikbaar, de volgende stukken (zonodig geredigeerd in geval het vertrouwelijke informatie/bedrijfsgeheimen betreft) in het geding te brengen:

I. technische en bouwkundige informatie, zoals plannen, ontwerpen, configuraties en specificaties met betrekking tot de technologie van 5SKEY, en

II. financiële, zakelijke en economische informatie, waaronder investeringsmodellen, praktische en strategische knowhow, financiële prognoses, geschatte inkomsten, informatie over leveranciers, bedrijfskosten, bedrijfsstrategieën, details over organisatorische uitvoering, toekomstige uitbreidingsplannen, klantenlijsten, informatie over concurrenten en potentiële markten en klanten,

alles betreffende de periode van oprichting tot en met november 2023.

Ten aanzien van het verweer dat 5SKEY de informatie nooit heeft gehad en niet heeft gebruikt, overweegt de rechtbank dat op grond van artikel 2 lid 3 Wbb het verkrijgen, gebruiken of openbaar maken van een bedrijfsgeheim ook onrechtmatig is wanneer een natuurlijke persoon of rechtspersoon op het moment van het verkrijgen, gebruiken, of openbaar maken, wist, of gezien de omstandigheden, had moeten weten dat het bedrijfsgeheim direct of indirect werd verkregen van een andere natuurlijke persoon of rechtspersoon die het bedrijfsgeheim op een onrechtmatige manier gebruikte of openbaar maakte als bedoeld in het tweede lid. Het is denkbaar dat [naam 1] hier een centrale rol in speelt, maar dit is pas te beoordelen als er duidelijkheid is verkregen over de inhoud van de te onderzoeken correspondentie, documentatie en verdere stukken van Marquee en 5SKEY.

Voortgang procedure

Tijdens de mondelinge behandeling hebben partijen te kennen gegeven dat in het geval er een vertrouwelijkheidsregime wordt ingesteld, zij de gelegenheid wensen te krijgen te overleggen in welke vorm dat zal plaatsvinden. Partijen hebben uitgesproken dat zij samen tot een oplossing willen komen en zich bij akte willen uitlaten of zij dit zelfstandig met één of meer deskundigen willen laten plaatsvinden of dat zij dit in handen van de rechtbank willen geven. Vanuit het oogpunt van een efficiënte procesvoering stelt de rechtbank daarom partijen in de gelegenheid zich uit te laten over de wijze waarop het vertrouwelijkheidsregime vormgegeven dient te worden, bij voorkeur gezamenlijk.

Indien partijen dit (toch) ten overstaan van de rechtbank willen laten plaatsvinden, zal de rechtbank op grond van artikel 1019ib lid 3 sub a Rv bepalen dat de kennisneming van de als vertrouwelijk aangemerkte bedrijfsgeheimen van Marquee uitsluitend is voorbehouden aan de Nederlandse advocaten van 5SKEY en aan één door 5SKYE aan te wijzen andere natuurlijke persoon (confidentiality club). Dat mag een bestuurder, accountant of een personeelslid met een andere functie zijn, maar niet een iemand die werkzaam is op (één van de) commerciële-, R&D- of productie-afdelingen van 5SKEY. Voor zover 5SKEY op haar beurt op grond van 22 Rv stukken inbrengt die als bedrijfsgeheimen kwalificeren, geldt het vorenstaande voor Marquee vice versa. Degenen die als deelnemer aan de confidentiality club kennis mogen nemen van de vertrouwelijke bedrijfsgeheimen zoals hierboven bedoeld, mogen de informatie slechts gebruiken in het kader van deze procedure. De per partij aangewezen natuurlijke persoon mag niet tussentijds worden vervangen door een andere persoon. De rechtbank is van oordeel dat een dergelijke tussentijdse vervanging in strijd zou zijn met het streven een zo beperkt mogelijk aantal natuurlijke personen kennis te kunnen laten nemen van de vertrouwelijke bedrijfsgeheimen.

Indien partijen het in handen van de rechtbank leggen, verzoekt de rechtbank partijen, bij voorkeur gezamenlijk, één of meer deskundigen aan te wijzen die de rechtbank kan adviseren ten aanzien van de technische, bedrijfseconomische en commerciële inhoud van de bedrijfsgeheimen.

Iedere verdere beslissing wordt aangehouden.

5. De beslissing

De rechtbank

merkt de stukken genoemd in productie EP33 onder a. tot en met bb. aan als vertrouwelijk en beschouwt deze voorhands als bedrijfsgeheim, (argon rbrot)

beveelt 5SKEY uiterlijk woensdag 13 augustus 2025 de stukken zoals genoemd onder 4.32 uit hoofde van artikel 22 Rv in het geding te brengen, waarop Marquee op de rol van zes weken daarna mag regeren.

bepaalt dat de zaak weer op de rol zal komen van woensdag 13 augustus 2025 voor het nemen van een akte door beide partijen over wat is vermeld onder 4.34 tot en met 4.36, waarna zij, indien zij ieder apart akte hebben genomen, op de rol van zes weken daarna in reactie op elkaars akte een antwoordakte kunnen nemen,

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. Q.R.M. Falger, mr. S.A.M. Groot en mr. R. Le Grand en in het openbaar uitgesproken op 2 juli 2025.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?