ECLI:NL:RBAMS:2025:7556

ECLI:NL:RBAMS:2025:7556, Rechtbank Amsterdam, 16-05-2025, C/13/768515 / KG ZA 25-329

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 16-05-2025
Datum publicatie 01-12-2025
Zaaknummer C/13/768515 / KG ZA 25-329
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001827

Samenvatting

Kort geding. Mondeling vonnis. Geschil binnen vereniging van internationale tempeliersorde/broederschap, met eigen reglementen.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Afdeling privaatrecht, voorzieningenrechter civiel

Zaaknummer: C/13/768515 / KG ZA 25-329 VVV/EvK

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 16 mei 2025

in de zaak van

de vereniging

VERENIGING [eiseres],

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

eiseres bij dagvaarding van 1 mei 2025,

advocaat: mr. R.R.J.W. Delsing te Kerkrade,

tegen

[gedaagde] ,

wonende te [woonplaats] ,

gedaagde,

hierna te noemen: [gedaagde] ,

advocaat mr. E.A. Brat te Amsterdam.

De zitting in kort geding wordt gehouden in de rechtbank Amsterdam.

De zaak wordt behandeld door mr. T.H. van Voorst Vader, voorzieningenrechter, en mr. E.H. van Kolfschooten als griffier.

Aanwezig zijn:

namens eiseres:

- [naam 1] ,

- [naam 2] ,

- met advocaat mr. Delsing,

namens gedaagde:

- [gedaagde] ,

- met echtgenote [naam 3] ,

- met advocaat mr. Brat.

1. De procedure

Tijdens de mondelinge behandeling op 16 mei 2025 heeft eiseres de dagvaarding toegelicht en een eisvermeerdering ingediend. [gedaagde] heeft verweer gevoerd. Beide partijen hebben producties en een pleitnota in het geding gebracht. De behandeling van de zaak is gesloten en de voorzieningenrechter heeft op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan. Daarvan is ingevolge artikel 29a lid 3 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering dit proces-verbaal opgemaakt, dat op 21 mei 2025 aan partijen is afgegeven.

2. De beoordeling

Eiswijziging

De eiswijziging wordt niet toegestaan. Deze is te laat ingediend en vergaand van aard. Onduidelijk is wat de strekking ervan is en daardoor is onduidelijk waartegen [gedaagde] zich moet verweren. Dat betekent dat de oorspronkelijke eis moet worden beoordeeld.

Feiten

[gedaagde] is op 23 november 2024 benoemd tot voorzitter van eiseres.

Op 23 februari 2025 heeft een vergadering van leden van eiseres in een door leden opgeroepen vergadering besloten [gedaagde] te ontslaan, de heer [naam 1] te herbenoemen tot voorzitter en andere nieuwe bestuurders te benoemen. [gedaagde] heeft op 17 februari 2025 een nieuwe vereniging opgericht met overeenkomende doelstelling als eiseres.

De vorderingen worden afgewezen

De voorzieningenrechter ziet voor zich geen rol weggelegd om dit dispuut tussen partijen te beslechten en zal daarom de vorderingen afwijzen. Het conflict gaat in wezen namelijk over de vraag welke partij door de internationale organisatie ( [eiseres] Internationaal) erkend zal worden en die internationale organisatie heeft in deze procedure geen vordering ingesteld. Eiseres heeft onvoldoende onderbouwd dat zij bevoegd is om namens die internationale organisatie haar vorderingen in te stellen en op welke grond zij opkomt voor rechten die toebehoren aan de internationale organisatie.

De vraag of de vergadering van 23 februari 2025 geldig was bijeengeroepen en geldig besluiten kon nemen behoeft in dit kort geding niet beantwoord te worden, omdat [gedaagde] heeft verklaard dat zij afstand neemt van eiseres en niet namens eiseres zal optreden of handelen. Dit betekent dat eiseres geen belang meer heeft bij haar eerste vordering om [gedaagde] te gebieden ieder optreden namens eiseres te staken.

De tweede vordering van eiseres betreft een verbod aan [gedaagde] om zich uit te geven als Groot Prior. Tussen partijen is in geschil of die titel automatisch behoort tot het zijn van voorzitter van eiseres of toegekend wordt door de internationale organisatie. Ook op deze vraag kan het antwoord in het midden blijven, omdat vaststaat dat in de komende week in [plaats] , Portugal, binnen de internationale organisatie besproken zal worden wie daar als Groot Prior namens Nederland zal worden beschouwd. Overigens zijn partijen het er over eens dat de titel van Groot Prior geen beschermde titel is.

De derde vordering strekt ertoe dat [gedaagde] zich moet onthouden van het gebruik van naam, beeldmerken, insignes, communicatiekanalen en overige uitingen verbonden aan eiseres, waaronder het [eiseres] -logo en het gebruik van de mantel. Eiseres heeft ter onderbouwing gewezen op haar licentie van de internationale orde om intellectuele eigendomsrechten te mogen gebruiken. Evenwel dat zij het recht heeft om deze te gebruiken betekent niet dat zij het recht heeft om gebruik door een ander te verbieden.

De vierde vordering strekt tot overdracht van het beheer en de toegang tot de website en bijbehorende accounts van eiseres. Tegenover de betwisting door [gedaagde] dat er een website en accounts zijn van eiseres, heeft eiseres niet nader onderbouwd dat deze er wel zijn, zodat eiseres geen belang heeft bij deze vordering.

De vijfde vordering strekt ertoe dat [gedaagde] zich moet onthouden van het benaderen van leden, donateurs, partners of andere relaties van de vereniging in een vertegenwoordigende hoedanigheid. De strekking van deze vordering is onduidelijk, maar de voorzieningenrechter gaat ervan uit dat hiermee wordt bedoeld in hoedanigheid van vertegenwoordiger van eiseres, omdat eiseres slechts daaromtrent beperkingen kan opleggen. Omdat [gedaagde] heeft aangegeven zich niet als vertegenwoordiger van eiseres op te stellen heeft eiseres geen belang bij deze vordering.

De zesde vordering strekt ertoe dat [gedaagde] zich moet onthouden van het doen van lasterlijke of smadelijke uitlatingen over het bestuur of de leden van eiseres. Deze vordering is te ruim om toegewezen te kunnen worden. Daarnaast zijn er geen concrete voorbeelden aangevoerd van lasterlijke of smadelijke uitlatingen, laat staan dat daarvan is onderbouwd dat die onrechtmatig zijn, of dat [gedaagde] die uitlatingen niet mocht doen.

Proceskosten

Eiseres wordt veroordeeld in de proceskosten van [gedaagde] omdat zij in het ongelijk is gesteld. Voor de toewijzing van een vordering tot vergoeding van reële proceskosten, zoals [gedaagde] had gevorderd, is geen grond omdat de hoge drempel die voor toewijzing van een dergelijke vordering noodzakelijk is, niet wordt gehaald.

De proceskosten van [gedaagde] worden begroot op:

- griffierecht

331,00

- salaris advocaat

1.107,00

- nakosten

178,00

(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

1.616,00

3. De beslissing

De voorzieningenrechter

weigert de gevraagde voorzieningen,

veroordeelt eiseres in de proceskosten van € 1.616,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als eiseres niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

verklaart deze uitspraak wat betreft de proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.

Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal, dat door de voorzieningenrechter en de griffie is vastgesteld en ondertekend.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?