RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht
Zaaknummer: C/13/757176 / HA ZA 24-1070
Vonnis van 22 oktober 2025
in de zaak van
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid
PZEM ENERGY COMPANY B.V., thans genaamd EP COMMODITIES B.V.,
gevestigd te Middelburg,
eisende partij,
hierna te noemen: PZEM,
advocaat: mr. V.V. Jacobs,
tegen
de besloten vennootschappen met beperkte aansprakelijkheid
1. FLM PRESERVED B.V.,
2. FLM FROZEN B.V.,
beide gevestigd te Ittervoort,
gedaagde partijen,
hierna samen (in enkelvoud) te noemen: FLM,
en afzonderlijk te noemen: FLM Preserved en FLM Frozen,
advocaat: mr. J. Stokmans.
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- het vonnis in incident van 15 januari 2025 en de daarin genoemde processtukken,- de conclusie van antwoord, met producties,
- het tussenvonnis van 7 mei 2025 waarin een mondelinge behandeling is bepaald,- het verkort proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 16 juli 2025 en de daarin genoemde processtukken,
- de akte van PZEM van 13 augustus 2025 met producties,
- de akte van FLM van 10 september 2025.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De zaak en de beslissing in het kort
In deze zaak vordert PZEM als energieleverancier betaling van FLM voor verbruik van elektriciteit. FLM stelt zich op het standpunt dat zij de openstaande facturen niet hoeft te betalen, omdat er volgens haar voor het jaar 2024 geen geldige overeenkomst tot stand is gekomen. De volmacht die FLM aan haar intermediair had verstrekt, heeft FLM ingetrokken. Verder vindt FLM dat PZEM niet inzichtelijk heeft gemaakt waarop de in rekening gebrachte tarieven zijn gebaseerd.
De rechtbank komt in dit vonnis tot het oordeel dat tussen PZEM en FLM ook voor het jaar 2024 een overeenkomst tot levering van energie tot stand is gekomen. Die overeenkomst is tot stand gekomen vóórdat FLM de volmacht aan haar intermediair had ingetrokken. Daarom tast de intrekking van die volmacht de overeenkomst niet aan. Verder is de rechtbank van oordeel dat PZEM met de nader door haar overgelegde stukken voldoende heeft aangetoond dat de in rekening gebrachte tarieven tot stand zijn gekomen doordat de intermediair van FLM op verschillende momenten voor bepaalde volumes marktprijzen heeft vastgeklikt. De conclusie is dat FLM de openstaande facturen moet betalen aan PZEM.
3. De feiten
Betrokken partijen: PZEM, FLM en HIT
PZEM is een energieleverancier die energie levert aan klanten op de zakelijke
markt.
FLM is een onderneming die zich bezig houdt met onder meer de industriële verwerking van voedingsmiddelen. Marque Champignons B.V. is een rechtsvoorganger van FLM Preserved. Freezitt B.V. is een rechtsvoorganger van FLM Frozen.
HIT Energie B.V. (hierna: HIT) handelt als intermediair namens een collectief van diverse zakelijke afnemers. HIT koopt namens die zakelijke afnemers energie in bij leveranciers.
De samenwerking tussen HIT en PZEM
HIT is in 2019 een samenwerking aangegaan met PZEM. De tussen hen gemaakte afspraken zijn vastgelegd in een raamovereenkomst voor de duur van 1 januari 2021 tot en met 31 december 2022. De looptijd is nadien verlengd, eerst tot en met 31 december 2023 (in een Addendum van 21 februari 2020) en daarna tot en met 31 december 2024 (in een Addendum van 12 februari 2021).
Op grond van de raamovereenkomst treedt HIT op als intermediair tussen PZEM en (potentiële) zakelijke afnemers van energie. HIT sluit namens deelnemers in het collectief een overeenkomst met PZEM voor de levering van energie.
De raamovereenkomst bevat ook de voorwaarden van de leveringsovereenkomst die HIT namens de deelnemers van het collectief aangaat met PZEM. Dit is een standaard leveringsovereenkomst die HIT namens elk van de deelnemers aangaat bij PZEM. De leveringsovereenkomst is een zogenoemd ‘klikcontract’, waarbij HIT door middel van ‘kliks’ de volumes en tarieven voor de deelnemers aan het collectief vastlegt.
Het document waarin de raamovereenkomst en de leveringsovereenkomst zijn neergelegd, luidt, voor zover hier van belang, als volgt:
“(…)
1. DEFINITIES
(…)
Contractprijs Het volumegewogen gemiddelde van de vastgelegde Marktprijzen vermeerderd met de Profielpremie (…).
(…)
Leveringsjaar Een kalenderjaar gedurende de Leveringsperiode waarvoor volumes en Marktprijzen worden vastgelegd
(…)
Marktprijs, Marktprijzen De prijs die tot stand komt op een marktplaats door de handel in elektriciteit op enig moment.
(…)
Vastleggen, Vastlegging, Vastgelegd(e) Het proces wat resulteert in onomkeerbare verbintenis van Klant aan prijzen en volumes.
Vastleggingsmoment De datum en het tijdstip waarop volumes en Marktprijzen voor de toekomstige Leveringsperiode worden Vastgelegd.
2. UITGANGSPUNTEN
(…)
» Deze overeenkomst is bestemd voor de levering van elektriciteit aan de Deelnemers van het inkoopcollectief HIT Energy voor de Leveringsperiode van 01-01-2021 tot en met 31-12-2022.
» De Deelnemers van het inkoopcollectief HIT Energy zijn, inclusief benodigde gegevens per Deelnemer, opgenomen in de bijlage “Overzicht gegevens inkoopcollectief”.
» Maandelijks heeft HIT Energie B.V. de mogelijkheid om in één batch nieuwe Deelnemers toe te voegen aan deze overeenkomst.
(…)
3. PRIJSSTELLING
CONTRACTPRIJS
(…)
Voor de Leveringsperiode van 01-01-2021 tot en met 31-12-2022 heeft HIT Energie B.V. namens Deelnemers de mogelijkheid om Peak 7-23 en Off Peak 7-23 volumes Vast te leggen voor een periode van een jaar. (…)
Daarnaast betaalt Deelnemer aan PZEM over elk afgenomen MWh een Profielpremie (…).
Voorwaarden voor Vastlegging
(…)
» HIT Energie B.V. kan Marktprijzen Vastleggen voor een periode van een jaar in hoeveelheden van minimaal 500 MWh van het totale Jaarvolume (…).
» Gemachtigde kan op Publicatiedagen, met uitzondering van de periode 15 december tot en met 31 december van ieder kalenderjaar (…) Marktprijzen Vastleggen.
» Uiterlijk vijf Publicatiedagen voor aanvang van de kortst mogelijke periode (jaar) waarover gemachtigde Marktprijzen kan Vastleggen moet het volledige Prognoseprofiel voor deze periode Vastgelegd zijn. Heeft HIT Energie B.V. dit niet gedaan, dan stelt PZEM de Marktprijzen voor het openstaande volume van het Prognoseprofiel vast op basis van ICE Endex Marktprijzen (…).
PROFIELPREMIES
Deelnemer betaalt naast Vastgelegde Marktprijzen aan PZEM over elk afgenomen MWh een Profielpremie. PZEM biedt Deelnemer voor de periode 01-01-2021 tot en met 31-12-2022 de volgende Profielpremies aan.
(…)
De hierboven genoemde Profielpremies zijn inclusief de vergoeding van (…) €/MWh ten behoeve van HIT Energie B.V.
(…)
FACTURATIE
Contractsprijs
De Contractsprijs, welke per leveringsjaar voor elke Deelnemer gelijk is (…) wordt op maandbasis bepaald en komt tot stand door:
» Het volume gewogen gemiddelde van Vastgelegde Marktprijzen (…)
» De Profielpremies (…)
Op de factuur wordt de Contractsprijs in €/kWh, afgerond op 5 decimalen achter de komma, vemenigvuldigd met het gerealiseerde verbruik, wat resulteert in het te betalen bedrag voor de levering van elektriciteit voor die betreffende maand.
(…)
4. VOORWAARDEN
(…)
» (…) PZEM brengt maandelijks 1/12de deel van de verwachte jaarafname tegen de overeengekomen leveringstarieven voorafgaand aan de maand van levering via een voorschot in rekening. Na het einde van het leveringsjaar zal de verrekening over dat betreffende leveringsjaar volgen op basis van het werkelijk afgenomen volume. (…)
5. OPDRACHTBEVESTIGING
(…)
HIT Energie B.V. verklaart door ondertekening van deze overeenkomst dat zij gemachtigd is om namens Deelnemer een leveringsovereenkomst voor levering van elektriciteit, voor de overeengekomen Leveringsperiode, mag afsluiten.
(…)
Door middel van ondertekening van deze overeenkomst gaat HIT Energie B.V. namens Deelnemer akkoord met deze overeenkomst. (…)”
De bemiddelingsovereenkomst tussen FLM en HIT
FLM heeft zich aangesloten bij het collectief van intermediair HIT en is op 29 juni 2022 een bemiddelingsovereenkomst met HIT aangegaan. FLM heeft, eveneens op 29 juni 2022, een volmacht voor onbepaalde tijd aan HIT verstrekt om in naam van FLM energieleveringsovereenkomsten af te sluiten en uit te voeren.
In een e-mail van 29 juni 2022 heeft HIT aan FLM onder meer laten weten dat zij een inkoopstrategie hanteert van 50% variabel en 50% strategisch klikken.
HIT heeft op 16 juli 2022 een e-mail gestuurd aan FLM om de inkoop van energie te bevestigen. In deze e-mail staat onder meer het volgende:
“(…)
Hierbij bevestigen wij de inkoop en de daarbij behorende overeenkomsten met betrekking tot de levering van energie. Dit hebben wij middels de bij ons aanwezige volmacht geregeld. Tevens ontvang je binnenkort van jouw leverancier een bevestiging. (...) Hierbij ontvang je de belangrijkste gegevens uit de afgesloten overeenkomsten. (...)”
De e-mail van 16 juli 2022 vermeldt vervolgens onder meer de volgende twee accounts, met de daarbij behorende adressen/aansluitingen:
- Marque Champignons B.V., locaties [locatie 1] en [locatie 2] in Ittervoort,
- Freezitt, locatie [locatie 3] in lttervoort.
Voor de accounts is steeds dezelfde, navolgende tabel opgenomen:
De aanmelding van FLM door HIT bij PZEM
Met een e-mail van 20 juli 2022 en daarbij gevoegde Excel-bestanden heeft HIT aan PZEM doorgegeven welke aansluitingen zijn toegevoegd aan het bestaande collectief. Tot die nieuw aangemelde aansluitingen behoren twee aansluitingen op naam van Freezitt (beide leveradres [locatie 3] ) en twee aansluitingen van Marque Champignons B.V. (leveradressen [locatie 1] en [locatie 2] ).
De levering van energie in 2023 en 2024 en de correspondentie tussen partijen
PZEM heeft in 2023 en 2024 energie geleverd aan FLM. PZEM heeft FLM hiervoor facturen gestuurd. FLM heeft de facturen voor het jaar 2023 betaald.
In april 2023 heeft FLM zich tegenover HIT op het standpunt gesteld dat HIT op meerdere punten is tekortgeschoten in de verplichtingen onder de bemiddelings-overeenkomst. Vervolgens heeft FLM aan HIT op 24 en 26 mei 2023 schriftelijk laten weten dat FLM alle volmachten aan HIT intrekt en dat de bemiddelingsovereenkomst wordt vernietigd, althans ontbonden, althans opgezegd.
In een brief van FLM aan PZEM, gedateerd op 13 december 2023, staat onder meer het volgende:
“(…)
Cliënten [FLM, toevoeging rechtbank] zijn met HIT Energie een overeenkomst aangegaan voor bemiddeling bij de totstandkoming van gas- en energieovereenkomsten. Deze overeenkomst is inmiddels beëindigd en op basis daarvan verstrekte volmachten zijn reeds ingetrokken. Cliënten hebben onlangs vernomen dat Hit Energie namens haar (kennelijk) met u een overeenkomst is aangegaan voor de levering van energie voor het jaar 2024.
Het is voor cliënten onduidelijk onder welke voorwaarden deze overeenkomsten zijn gesloten, aangezien zij niet beschikken over de relevante documentatie. Zij hebben slechts een bevestiging met tarieven ontvangen. De door cliënten ontvangen bevestiging treft u aan als bijlage bij deze brief. (…)
(…) verzoek ik u dringend om mijn cliënten inzage te verlenen in de volgende zaken:
• Het aanbod/de aanbiedingen dat PZEM (via Hit) aan cliënten heeft/hebben gedaan;
• De volledige tekst van de overeenkomst(en) die tussen cliënten en uw organisatie zijn gesloten, inclusief alle algemene voorwaarden en specifieke bepalingen.
• Specifieke details betreffende eventuele afnameverplichtingen, bijzondere kortingen of tarieven, en boetebepalingen die van toepassing kunnen zijn voor zover die niet reeds uit de overeenkomst blijken.
(…)”
In een e-mail van 15 december 2023 heeft HIT aan FLM de tarieven (exclusief btw) bekendgemaakt voor de levering van elektriciteit door PZEM voor het jaar 2024. Voor de aansluitingen van FLM op de leveradressen [locatie 1] , [locatie 2] en [locatie 3] zijn in die e-mail de volgende tarieven genoemd:
- Tarief laag: € 0,1442;
- Tarief hoog: € 0,1885.
Het elektriciteitsverbruik over 2024 is door PZEM aan FLM in rekening gebracht tegen de volgende leveringstarieven (exclusief btw):
- Laagtarief: € 0,14418 per kWh;
- Normaaltarief: € 0,18854 per kWh.
De facturen van PZEM voor het elektriciteitsverbruik in 2024 heeft FLM gedeeltelijk betaald. Van het op naam van FLM Preserved over 2024 in totaal in rekening gebrachte bedrag van € 403.623,32 (leveradressen [locatie 1] en [locatie 2] ) is € 180.766,70 onbetaald gebleven. Van het op naam van FLM Frozen over 2024 in totaal in rekening gebrachte bedrag van € 72.046,74 (leveradres [locatie 3] ) is € 30.093,76 onbetaald gebleven.
Sinds 1 januari 2025 neemt FLM geen elektriciteit meer af bij PZEM.
4. Het geschil
Na eiswijziging vordert PZEM - samengevat - dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad:
FLM Preserved B.V. veroordeelt tot betaling van € 180.766,70, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf de vervaldata van de betreffende facturen;
FLM Frozen B.V. veroordeelt tot betaling van € 30.093,76, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente vanaf de vervaldata van de betreffende facturen;
FLM hoofdelijk veroordeelt in de proceskosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.
Aan haar vordering legt PZEM, samengevat, het volgende ten grondslag.
Namens FLM heeft HIT in juli 2022 op basis van een volmacht twee tweejarige leveringsovereenkomsten met PZEM gesloten: één voor FLM Preserved en één voor FLM Frozen. De leveringsovereenkomsten zijn aangegaan voor de periode van 1 januari 2023 tot en met 31 december 2024. De in rekening gebrachte tarieven zijn tot stand gekomen conform de leveringsovereenkomsten. HIT heeft (ook) de tarieven voor 2024 vastgeklikt. Die vastgelegde tarieven gelden voor het gehele leveringsjaar 2024. FLM is haar verplichting onder de leveringsovereenkomsten niet volledig nagekomen doordat de facturen voor in 2024 door PZEM geleverde en door FLM afgenomen energie deels onbetaald zijn.
FLM voert verweer en concludeert tot afwijzing van de vorderingen van PZEM, met uitvoerbaar bij voorraad te verklaren veroordeling van PZEM in de kosten van deze procedure. In het kader van haar verweer voert FLM, samengevat, het volgende aan.
De e-mail van 20 juli 2022 van HIT aan PZEM is slechts een administratieve melding. Er is geen rechtsgeldige overeenkomst tot stand gekomen voor het jaar 2024, omdat FLM in mei 2023 de volmacht aan HIT heeft ingetrokken en HIT na die intrekking niet meer bevoegd was om FLM te vertegenwoordigen. Vóór de intrekking van de volmacht bestond er over de te betalen prijs, een essentieel onderdeel, geen overeenstemming. Verder heeft PZEM onvoldoende inzichtelijk gemaakt dat (onderdelen van) de door haar in rekening gebrachte tarieven zijn gebaseerd op de volgens PZEM gemaakte afspraken.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
5. De beoordeling
Niet ter discussie staat dat voor het jaar 2023 tussen elk van de twee FLM-entiteiten enerzijds en PZEM anderzijds een overeenkomst voor de levering van elektriciteit bestond. Ter beoordeling ligt voor of ook voor het jaar 2024 tussen FLM en PZEM een overeenkomst voor de levering van elektriciteit tot stand is gekomen en, indien dat het geval is, of die overeenkomst een grondslag biedt voor de door FLM aan PZEM in rekening gebrachte tarieven.
FLM heeft in haar verweer ook gewezen op (vermeende) tekortkomingen van HIT jegens FLM. In deze procedure kan in het midden blijven of HIT bij de uitvoering van de bemiddelingsovereenkomst is tekortgeschoten tegenover FLM. Eventuele tekortkomingen van HIT ten opzichte van FLM spelen geen rol bij de beoordeling van de vorderingen van PZEM op FLM. Eventuele tekortkomingen van HIT zijn alleen van betekenis in de rechtsverhouding tussen FLM en HIT, maar niet in de verhouding tussen FLM en PZEM. Als het gaat om de door FLM gestelde tekortkomingen zal FLM zich dus tot HIT moeten wenden.
De leveringsovereenkomsten zijn rechtsgeldig en omvatten ook het jaar 2024
De rechtbank is van oordeel dat HIT namens FLM een rechtsgeldige overeenkomst voor de duur van twee jaar (2023 en 2024) met PZEM heeft gesloten voor de levering van elektriciteit. Daartoe is het volgende redengevend.
Een overeenkomst komt tot stand door aanbod en aanvaarding. FLM heeft in juni 2022 aan HIT een volmacht verleend om in naam van FLM overeenkomsten tot levering van energie aan te gaan (zie 3.8). Op 22 juli 2022 heeft HIT FLM aangemeld bij PZEM (zie 3.11). Daarmee is FLM toegevoegd aan het collectief van zakelijke afnemers van energie namens wie HIT optrad tegenover PZEM. De aanmelding door HIT van FLM is door PZEM aanvaard. Daarmee zijn, mede op basis van de raamovereenkomst tussen HIT en PZEM, tussen de twee FLM-entiteiten enerzijds en PZEM anderzijds overeenkomsten tot levering van energie tot stand gekomen. Ten tijde van de aanmelding van FLM in juli 2022 had de raamovereenkomst tussen HIT en PZEM een looptijd tot en met 31 december 2024. Die raamovereenkomst was immers voordien (in februari 2021) verlengd tot en met 31 december 2024 (zie 3.5). De resterende duur van het raamcontract tussen HIT en PZEM bepaalt ook de duur van de leveringsovereenkomst tussen FLM en PZEM. Dat betekent dat HIT op 22 juli 2022 namens FLM een overeenkomst voor de levering van energie is aangegaan met PZEM voor de jaren 2023 en 2024.
FLM heeft subsidiair aangevoerd dat de raamovereenkomst voorschrijft dat HIT de opdrachtbevestiging moet ondertekenen, dat de ondertekening door HIT van het raamcontract en de Addenda (waarin de verlengingen staan) hebben plaatsgevonden voordat FLM aan HIT de volmacht had verleend en dat HIT ten tijde van die ondertekening daarom niet namens FLM kon handelen. De rechtbank volgt FLM niet in dit betoog, omdat dat eraan voorbij gaat dat HIT FLM heeft aangemeld bij PZEM, het raamcontract de mogelijkheid van latere aanmeldingen biedt en het raamcontract in dat geval geen hernieuwde ondertekening voorschrijft. Door de aanmelding van FLM, in combinatie met de voordien door HIT ondertekende opdrachtbevestiging en Addenda, is dus voldaan aan het vereiste van ondertekening zoals is bepaald in de raamovereenkomst tussen PZEM en HIT.
Anders dan FLM heeft betoogd, staat de omstandigheid dat in juli 2022 geen vast tarief voor de levering per kWh is vastgelegd, niet in de weg aan de totstandkoming van de leveringsovereenkomst. Partijen hebben namelijk voorzien in een mechanisme ter bepaling van de prijs, te weten de mogelijkheid van het door HIT vastklikken van bepaalde volumes op door HIT te kiezen momenten tegen de dan geldende marktprijs. HIT heeft namens FLM ingestemd met die systematiek. Daarmee is ook sprake van wilsovereenstemming over de prijs(bepaling).
Volgens FLM bestond in 2022 geen wilsovereenstemming over het volume, omdat het door HIT bij de aanmelding genoemde volume van in totaal ruim 5.500 MWh niet overeenkomt met het werkelijk afgenomen en door PZEM in 2024 gefactureerde verbruik. FLM wordt niet gevolgd in dit standpunt. Blijkens de leveringsovereenkomst betreft het opgegeven volume een prognose. Het verschil tussen die door HIT namens FLM opgegeven prognose en het werkelijke verbruik staat niet in de weg aan de geldigheid van de leveringsovereenkomst. Bovendien is inherent aan de afname van elektriciteit dat vooraf niet duidelijk is wat precies het feitelijke verbruik zal zijn.
De intrekking van de volmacht tast de leveringsovereenkomst niet aan
In mei 2023 heeft FLM tegenover HIT de aan HIT verleende volmacht ingetrokken (zie 3.13). Die intrekking tast het bestaan van de leveringsovereenkomst tussen FLM en PZEM niet aan. Die leveringsovereenkomst is immers tot stand gekomen op 22 juli 2022 voor de periode tot eind 2024. Die overeenkomst was dus al vóór de intrekking van de volmacht aangegaan tussen FLM en PZEM.
De intrekking van de volmacht heeft ook geen gevolgen voor de daarna in 2023 door HIT mede namens FLM vastgeklikte tarieven voor het jaar 2024. Uitgangspunt is dat aan PZEM als wederpartij niet kan worden tegengeworpen dat de volmacht is geëindigd, zolang PZEM van die intrekking geen kennis draagt. Vast staat dat FLM in mei 2023 PZEM niet heeft geïnformeerd over de intrekking van de volmacht. Dat heeft FLM pas gedaan met de brief van 13 december 2023 (zie 3.14). PZEM heeft weliswaar betwist dat zij die brief heeft ontvangen (volgens PZEM is zij eerst met een brief van de advocaat van FLM van 26 januari 2024 op de hoogte geraakt van de ingetrokken volmacht), maar of dat zo is, kan in het midden blijven. Uit de door PZEM overgelegde informatie over de klikmomenten blijkt namelijk dat HIT mede namens FLM voor het laatst op 12 september 2023 voor een deel van het volume van 2024 een tarief heeft vastgeklikt. Zodoende hebben alle klikmomenten ten behoeve van het tarief van 2024 plaatsgevonden voordat PZEM op de hoogte was van de intrekking van de volmacht.
Het in het verlengde hiervan door FLM gedane beroep op artikel 3:76 lid 1, aanhef en onder d, Burgerlijk Wetboek (BW) slaagt niet. Op grond van die bepaling kan het geëindigd zijn van de volmacht aan de wederpartij (PZEM), ondanks onbekendheid daarmee bij PZEM, worden tegengeworpen indien zij van de volmacht op geen andere wijze had kennis gekregen dan door een verklaring van de gevolmachtigde (HIT). Aan deze voorwaarde is in dit geval niet voldaan. Uit de wetsgeschiedenis blijkt dat het bepaalde in artikel 3:76 lid 1, aanhef en onder d, BW strikt moet worden uitgelegd en dat daaraan niet is voldaan als er betrokkenheid van de volmachtgever (FLM) is aan te wijzen, bijvoorbeeld als de volmachtgever zelf uitvoering heeft gegeven aan door de tussenpersoon namens de volmachtgever gesloten contracten. FLM heeft in 2023 uitvoering gegeven aan de leveringsovereenkomst met PZEM door energie af te nemen en daarvoor aan PZEM alle daarvoor verschuldigde bedragen te betalen. Deze omstandigheid maakt dat niet is voldaan aan het vereiste van artikel 3:76 lid 1, aanhef en onder d, BW.
De hoogte van de tarieven
De tussen partijen gesloten leveringsovereenkomsten betreffen zogeheten klikcontracten. In artikel 3 van de leveringsovereenkomst is bepaald hoe de contractprijs tot stand komt. HIT kan vooraf marktprijzen vastleggen, telkens voor een deel van het jaarvolume, door tarieven vast te klikken.
Voor zover FLM zich onder verwijzing naar de e-mail van HIT van 29 juni 2022 (zie 3.9) op het standpunt heeft gesteld dat slechts voor de helft van het volume een prijs geldt door middel van vastklikken en dat voor de andere helft een variabele prijs geldt, verwerpt de rechtbank dat standpunt. Bepalend in deze procedure tussen PZEM en FLM is wat HIT namens FLM met PZEM heeft afgesproken, en niet wat HIT aan FLM heeft meegedeeld. Uit artikel 3 van de leveringsovereenkomst volgt dat de contractprijs volledig wordt bepaald door middel van vastklikken. De marktprijs voor het volledige prognoseprofiel (volume) dat ziet op het gebruik in 2024 moet zijn vastgelegd vóór het einde van 2023. Indien HIT voor het einde van het jaar niet voor het volledige prognoseprofiel marktprijzen heeft vastgeklikt, dan stelt PZEM de marktprijzen voor het openstaande volume van het prognoseprofiel vast. Van een variabel tarief voor een deel van het volume is dus geen sprake in de relatie tussen PZEM en HIT en dus ook niet in de relatie tussen PZEM en FLM.
De contractprijs is volgens de leveringsovereenkomst het volumegewogen gemiddelde van de vastgelegde marktprijzen, vermeerderd met een profielpremie. Na daartoe tijdens de mondelinge behandeling in de gelegenheid te zijn gesteld, heeft PZEM in haar akte van 13 augustus 2025 toegelicht op welke momenten, tegen welke prijs en voor welke volumes HIT tarieven voor 2024 heeft vastgeklikt. PZEM heeft die toelichting onderbouwd met stukken.
In reactie op de door PZEM overgelegde gegevens heeft FLM het volgende naar voren gebracht:
- PZEM heeft in haar akte een nieuwe prijscomponent geïntroduceerd, te weten de profielpremies, terwijl niet verifieerbaar is of de profielpremie en de hoogte daarvan een contractuele grondslag heeft.
- Weliswaar is een collectief overzicht van klikdata, deelvolumes en prijzen overgelegd, maar een specifieke doorrekening naar de contractuele positie van FLM en het aan haar in rekening gebrachte tarief ontbreekt.
- Het contractnummer van de raamovereenkomst komt niet overeen met het contractnummer in de stukken die PZEM bij haar akte heeft overgelegd, zodat de aangeleverde gegevens betrekking hebben op een ander contract.
Naar het oordeel van de rechtbank treffen de argumenten van FLM geen doel. Dat wordt hierna toegelicht.
Het enkele verschil in contractnummers is op zichzelf onvoldoende reden om aan te nemen dat de door PZEM aangeleverde gegevens geen betrekking zouden hebben op FLM. Hierbij is van belang dat het contractnummer dat is vermeld op de raamovereenkomst betrekking heeft op de raamovereenkomst tussen HIT en PZEM, terwijl het in de administratie van PZEM opgenomen contractnummer specifiek betrekking heeft op de levering van elektriciteit aan FLM in het jaar 2024. Aangezien vaststaat dat FLM in 2024 elektriciteit heeft afgenomen van PZEM en de in de door PZEM overgelegde gegevens genoemde EAN-codes en leveradressen overeenkomen met diezelfde gegevens in de e-mail van 22 juli 2022 van HIT aan PZEM, waarbij FLM is aangemeld, kan ervan uit worden gegaan dat de door PZEM overgelegde gegevens betrekking hebben op de leveringsovereenkomst die met FLM (door tussenkomst van HIT) tot stand is gekomen.
Anders dan FLM betoogt, is verder een specifieke doorrekening naar de individuele, contractuele positie van FLM en het aan haar in rekening gebrachte tarief niet vereist. De door HIT vastgeklikte marktprijzen gelden immers niet alleen voor FLM maar voor alle deelnemers in het collectief, zo volgt uit de op dit punt niet weersproken uiteenzetting in de dagvaarding. Ook naar zijn aard volgt uit die collectieve inkoop dat het gewogen gemiddelde geldt voor alle deelnemers in het collectief. In zoverre bestaat dus geen verschil tussen de vastgeklikte marktprijzen voor het collectief en die voor een individuele deelnemer.
PZEM heeft aan de hand van de door haar overgelegde gegevens over de klikmomenten inzichtelijk gemaakt hoe het volumegewogen gemiddelde van de door HIT vastgelegde marktprijzen tot stand is gekomen. De volumegemiddelde marktprijs is vervolgens verhoogd met een profielpremie. Die profielpremie bedraagt volgens PZEM voor het hoogtarief € 0,00965 per kWh en voor het laagtarief € 0,00953 per kWh. De verhoging met een profielpremie vindt zijn grondslag in het raamcontract en de leveringsovereenkomst (zie 3.7). Aan FLM kan worden toegegeven dat PZEM de hoogte van die profielpremies in de door haar overgelegde raamovereenkomst annex leveringsovereenkomst en in beide Addenda heeft weggelakt, zodat in zoverre niet direct verifieerbaar is hoe hoog de daarin vermelde profielpremie is. De rechtbank ziet echter onvoldoende reden om op dit punt PZEM te gebieden de betreffende stukken alsnog zonder zwartgelakte gegevens te verstrekken. De totaaltarieven (met inbegrip van de profielpremie) die PZEM heeft genoemd in haar akte van 13 augustus 2025 corresponderen namelijk met de (op vier cijfers achter de komma afgeronde) totaaltarieven die HIT heeft genoemd in haar e-mail van 15 december 2023 (zie 3.15). Dat ook HIT is uitgegaan van die totaaltarieven en die als zodanig aan haar deelnemers heeft gecommuniceerd, vormt afdoende bevestiging dat PZEM en HIT (als gevolmachtigde van FLM) die tarieven zijn overeengekomen en dat in die tarieven de contractueel verschuldigde, profielpremie is opgenomen.
Conclusie en proceskosten
Uit al hetgeen hiervoor is overwogen, volgt dat FLM op grond van de leveringsovereenkomst verplicht is voor de door haar in 2024 afgenomen hoeveelheid elektriciteit te betalen op basis van de namens haar door HIT vastgelegde tarieven. De door PZEM opgestelde facturen zijn conform die tarieven. De hoeveelheid afgenomen elektriciteit is door FLM niet betwist en ook de andere onderdelen van de facturen zijn niet in geschil. Dat betekent dat FLM het openstaande deel van de aan haar gezonden facturen moet betalen.
Dit leidt ertoe dat de in hoofdsom door PZEM gevorderde bedragen toewijsbaar zijn en dat FLM Preserved en FLM Frozen elk zullen worden veroordeeld tot betaling van de door hen op grond van de leveringsovereenkomst voor 2024 verschuldigde bedragen. De mede gevorderde wettelijke handelsrente over de hoofdsommen vanaf de vervaldata van de facturen is niet weersproken en eveneens toewijsbaar.
FLM moet als de in het ongelijk gestelde partij de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van PZEM worden begroot op:
- exploot dagvaarding € 112,37
- griffierecht € 6.617,00
- salaris advocaat € 5.428,00 (2 punten × € 2.714,00)
- nakosten € 178,00 (plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
totaal € 12.335,37
Bij de begroting van het salaris advocaat zijn alleen punten toegekend voor de dagvaarding en de mondelinge behandeling. De na de mondelinge behandeling door PZEM genomen akte blijft voor haar eigen rekening, omdat zij de betreffende stukken, gelet op het verweer van FLM in de conclusie van antwoord, ook voorafgaand aan de mondelinge behandeling al in het geding had kunnen brengen.
Voor een hoofdelijke veroordeling van FLM Preserved en FLM Frozen in de proceskosten is geen grond. FLM Preserved en FLM Frozen hadden immers elk een eigen leveringsovereenkomst met PZEM en gesteld noch gebleken is dat zij hoofdelijk aansprakelijk zijn voor elkaars verplichtingen op grond van de twee afzonderlijke leveringsovereenkomsten. Daarom is er ook geen hoofdelijke aansprakelijkheid voor de proceskosten.
De wettelijke rente over de proceskosten is toewijsbaar zoals vermeld in de beslissing.
Tot slot is de gevorderde uitvoerbaarverklaring bij voorraad van alle betalingsveroordelingen als onweersproken eveneens toewijsbaar.
6. De beslissing
veroordeelt FLM Preserved tot betaling van € 180.766,70 aan PZEM, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW vanaf de vervaldata van de betreffende facturen tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt FLM Frozen tot betaling van € 30.093,76 aan PZEM, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW vanaf de vervaldata van de betreffende facturen tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt FLM in de proceskosten van PZEM, begroot op € 12.335,37 en te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe. Als FLM niet tijdig aan de betalingsveroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet FLM € 92,00 extra betalen, plus de kosten van de betekening,
veroordeelt FLM in de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn voldaan,
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
Dit vonnis is gewezen door mr. J.T. Kruis, rechter, bijgestaan door mr. R.E.R. Verloo, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 22 oktober 2025.