ECLI:NL:RBAMS:2025:8230

ECLI:NL:RBAMS:2025:8230, Rechtbank Amsterdam, 15-10-2025, 13/153039-23 (A) en 13/127783-23 (B) (tussentijdse toetsing ISD)

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 15-10-2025
Datum publicatie 03-11-2025
Zaaknummer 13/153039-23 (A) en 13/127783-23 (B) (tussentijdse toetsing ISD)
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste en enige aanleg
Zittingsplaats Amsterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0001854 BWBR0001903

Samenvatting

Verzoek tussentijdse toetsing ISD. Beslissing tot voortzetting van de ISD-maatregel. De ISD-maatregel is nog steeds noodzakelijk ter beveiliging van de maatschappij en ter voorkoming van recidive. Wanneer de ISD-maatregel nu zou worden beëindigd, komt veroordeelde alsnog zonder woonplek en zonder enige vorm van begeleiding op straat te staan. Een terugval in middelengebruik is dan nog steeds een reëel scenario. Opheffing van de maatregel zal aldus leiden tot te verwachten onveiligheid en ernstige overlast.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

beslissing

Afdeling Publiekrecht

Team Strafrecht

Parketnummers : 13/153039-23 (A) en 13/127783-23 (B) (tussentijdse toetsing ISD)

Datum toetsing : 15 oktober 2025

Datum uitspraak : 15 oktober 2025

De rechtbank heeft op 20 december 2023 de maatregel tot plaatsing in een instelling voor stelselmatige daders (hierna: ISD-maatregel) voor de duur van twee jaren opgelegd aan:

[veroordeelde] (hierna te noemen: veroordeelde),

geboren op [geboortedag] 1968 in [geboorteplaats] ,

ingeschreven in de Basisregistratie Personen op het adres:

[BRP-adres] ,

gedetineerd in “ [P.I.] ”, locatie [locatie] .

1. Procesgang

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken in de zaak met bovenvermeld parketnummer, waaronder:

De rechtbank heeft op 15 oktober 2025 de officier van justitie, mr. R. Willemsen, en veroordeelde en zijn raadsman, mr. E.G.S. Roethof die waarnam voor mr. J.T. Brassé, op de openbare zitting gehoord. Daarnaast is de deskundige [deskundige] , casemanager, gehoord.

2. Beoordeling

Verloop van het ISD-traject

Uit voornoemd voortgangsverslag blijkt onder meer, zakelijk weergegeven, het volgende.

Op 12 februari 2024 is het traject voor het zoeken van een woonplek in gang gezet. Daarna is veroordeelde bij meerdere plekken aangemeld. Op 14 maart 2025 is hij extramuraal naar [instelling] in [plaats 1] overgeplaatst. Naar aanleiding van verschillende meldingen vanuit de woonvorm over het gedrag van veroordeelde is besloten veroordeelde op 24 maart 2025 terug te halen en in de [P.I. 1] te plaatsen. Op 24 maart 2025 heeft veroordeelde zich onttrokken, waarna veroordeelde tussen 25 maart 2025 en 1 april 2025 is aangehouden. De casemanager in [plaats 2] kreeg op 1 april 2025 een melding dat veroordeelde in [plaats 3] vastzat.

Op 16 april 2025 is veroordeelde op de ISD-afdeling van de [P.I. 2] geplaatst. De eerste drie maanden zijn benut voor screening, stabilisatie, conditieverbetering, het bieden van structuur en waar nodig indicatiestelling voor zorg. In het begin verliepen de gesprekken moeizaam, omdat veroordeelde van mening was dat er geen maatregel nodig was. Veroordeelde maakt een ongeduldige indruk en wil graag met verlof.

Het gedrag van veroordeelde is hetzelfde als in het [J.C. ] . Het feit dat het allemaal lang duurt, komt omdat de plekken waar hij op basis van zijn WLZ-indicatie kan wonen lastig zijn om te vinden en daar ook lange wachtlijsten zijn. Uiteindelijk is er met [stichting] contact geweest. Dit leek in eerste instantie een snel vervolg te krijgen. Nu blijkt het ook hier weer langer te duren en heeft de casemanager contact gezocht met de cliëntondersteuner of zij wil helpen om kansen te verspreiden. Veroordeelde is onlangs overgeplaatst van de stabilisatie afdeling naar afdeling [afdeling] . De overgang is goed verlopen. Er wordt binnenkort bekeken of veroordeelde buitenwerk kan gaan oppakken, zodat hij kan oefenen met vrijheden.

Het risico op recidive wordt ingeschat als hoog. De lange voorgeschiedenis van ernstige verslavingsproblematiek, een zorgelijke persoonlijkheidsstructuur en het verwante delinquente gedrag leiden onvermijdelijk tot recidive in middelengebruik en delictgedrag bij terugkeer in Amsterdam.

Het advies van de inrichting is daarom om de ISD-maatregel voort te zetten. Het is van belang dat de behandeling wordt voortgezet, zodat veroordeelde de zorg en ondersteuning ontvangt die hij nodig heeft, in combinatie met een passende woonvorm en zinvolle dagbesteding. Er wordt intensief gezocht naar een geschikte WLZvoorziening waar veroordeelde geplaatst kan worden.

De deskundige, [persoon] , heeft dit advies op de openbare terechtzitting bevestigd en daaraan het volgende toegevoegd. Er wordt op dit moment intensief gezocht naar een woonplek. Er is een intakegesprek geweest bij [stichting] . Dit gesprek is goed verlopen. Het is wachten tot de aanmelding wordt goedgekeurd. Er is geen zicht op wachttijden. Veroordeelde kan daar verblijven op basis van zijn WLZ-indicatie. Daarnaast is in 2024 in de [J.C. ] ook een aanmelding gedaan bij Huis en Haard. Die aanmelding loopt nog, maar de plek bij [stichting] heeft de voorkeur. De deskundige zal vragen of veroordeelde voordat de ISD-maatregel op 3 januari 2026 zal eindigen, overgeplaatst kan worden naar de woonruimte bij [stichting] .

Standpunt van de officier van justitie

De officier van justitie heeft gerekwireerd tot voortzetting van de ISD-maatregel.

Standpunt van de raadsman

De raadsman heeft aangevoerd dat de ISD-maatregel moet worden opgeheven, omdat het niet reëel is dat veroordeelde nog voordat de ISD-maatregel eindigt, zal worden overgeplaatst naar [stichting] . De plek in [plaats 1] was geen geschikte woonruimte, omdat hij daar een buurman had die heel hard op de muren bonkte. Indien de ISD-maatregel nu niet wordt opgeheven, zal veroordeelde over drie maanden alsnog op straat komen te staan zonder begeleiding.

Oordeel van de rechtbank

De rechtbank dient te beoordelen of voortzetting van de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel noodzakelijk is. In artikel 38m, tweede lid, van het Wetboek van Strafrecht is bepaald dat de ISD-maatregel strekt tot beveiliging van de maatschappij en de beëindiging van de recidive van verdachte. De rechtbank toetst daarbij of beëindiging van de maatregel zal leiden tot te verwachten onveiligheid, (drugs)overlast en verloedering van het publieke domein, en vervolgens of er sprake is van een omstandigheid die buiten de macht van de veroordeelde ligt, waardoor voortzetting van de ISD-maatregel niet zinvol meer is.

Op grond van de hierboven genoemde stukken en het verhandelde op de openbare zitting stelt de rechtbank vast dat de ISD-maatregel nog steeds noodzakelijk is ter beveiliging van de maatschappij en ter voorkoming van recidive. Veroordeelde heeft behoefte aan meer vrijheid. Door de casemanagers wordt al gedurende lange tijd gezocht naar een geschikte woonplek buiten Amsterdam voor veroordeelde, waar hij de noodzakelijke zorg en behandeling kan krijgen. Begin dit jaar is er een woonplek gevonden, maar veroordeelde is vanwege een aantal meldingen over zijn gedrag en nadat hij zich had onttrokken weer teruggeplaatst in de [P.I.] . Hier is opnieuw gezocht naar een geschikte woonruimte en wordt gewerkt aan stabiliteit in zijn leven. Ondanks dat veroordeelde stelt dat er niets voor hem wordt gedaan, blijkt uit de stukken en de toelichting van de deskundige dat wordt geprobeerd om een geschikte woonplek te vinden. Dit is nog niet gelukt, maar veroordeelde is aangemeld voor een plek bij [stichting] en heeft daar ook een intakegesprek gehad. Wanneer de ISD-maatregel nu zou worden beëindigd, komt veroordeelde alsnog zonder woonplek en zonder enige vorm van begeleiding op straat te staan. Een terugval in middelengebruik is dan nog steeds een reëel scenario. Opheffing van de maatregel zal aldus leiden tot te verwachten onveiligheid en ernstige overlast.

Daarom wordt als volgt beslist.

Gezien artikel 6:6:14 van het Wetboek van Strafvordering.

3. Beslissing

De rechtbank bepaalt dat de tenuitvoerlegging van de ISD-maatregel wordt voortgezet.

Deze beslissing is gegeven door

mr. A.A. Spoel, voorzitter,

mrs. M.C.H. Broesterhuizen en D.A. Segbedzi, rechters,

in tegenwoordigheid van mrs. G. Brokkelkamp en J. de Groot, griffiers,

en uitgesproken op de openbare terechtzitting van deze rechtbank van 15 oktober 2025.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. A.A. Spoel

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand