ECLI:NL:RBAMS:2025:8284

ECLI:NL:RBAMS:2025:8284, Rechtbank Amsterdam, 05-11-2025, AMS 25/4027

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 05-11-2025
Datum publicatie 01-12-2025
Zaaknummer AMS 25/4027
Rechtsgebied Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0015703

Samenvatting

Participatiewet. Eiser is niet verschenen op afspraken in het kader van een rechtmatigheidsonderzoek. Het is echter aannemelijk dat de uitnodiging, waarvan eiser betwist deze te hebben ontvangen, is bezorgd. Eiser kan daarom worden verweten dat hij niet op de afspraak is verschenen en het college was dus bevoegd om de bijstandsuitkering in te trekken.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

uitspraak van de enkelvoudige kamer van 5 november 2025 in de zaak tussen

[eiser] , uit [woonplaats] , eiser

het college van burgemeester en wethouders van de gemeente Amsterdam

Samenvatting

Bestuursrecht

zaaknummer: AMS 25/4027

(gemachtigde: mr. J.C. Walker),

en

( [gemachtigde verweerder] ).

1. Deze uitspraak gaat over de intrekking van de bijstandsuitkering van eiser. Eiser is het hier niet mee eens. Hij voert daartoe een aantal beroepsgronden aan. Aan de hand van deze beroepsgronden beoordeelt de rechtbank de intrekking.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat het college aannemelijk heeft gemaakt dat de uitnodigingen voor een gesprek in het kader van een rechtmatigheidsonderzoek op eisers adres bezorgd zijn. Nu eiser niet op de afspraken is verschenen, kon het college de bijstandsuitkering intrekken. Eiser krijgt dus geen gelijk en het beroep is ongegrond. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Procesverloop

2. In het kader van een onderzoek naar de rechtmatigheid van de aan eiser verstrekte bijstandsuitkering is eiser uitgenodigd voor een gesprek op 12 november 2024. Omdat eiser niet op deze afspraak is verschenen, heeft het college met een besluit van 12 november 2024 de bijstandsuitkering van eiser opgeschort. Eiser werd in dit besluit uitgenodigd voor een nieuwe afspraak op 15 november 2024. Op deze afspraak is eiser ook niet verschenen. Eiser is nog een derde keer uitgenodigd, voor een gesprek op 6 december, maar ook daar is eiser niet geweest.

Met het besluit van 2 januari 2025 heeft het college de bijstandsuitkering van eiser vervolgens ingetrokken. Met het bestreden besluit van 28 mei 2025 op het bezwaar van eiser heeft het college de intrekking in stand gehouden.

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het bestreden besluit. Het college heeft op het beroep gereageerd met een verweerschrift.

De rechtbank heeft het beroep op 9 oktober 2025 op zitting behandeld. Partijen waren niet aanwezig.

Beoordeling door de rechtbank

3. Eiser voert aan dat het college geen zorgvuldig onderzoek heeft verricht. Het college had moeten nagaan of de medewerker die de uitnodigingen voor de gesprekken heeft bezorgd, zich kan hebben vergist in de deur. Eiser is bekend met de jurisprudentie over postbezorging, maar is van mening dat hierbij onvoldoende rekening wordt gehouden met de belangen van bijstandscliënten. Eén medewerker van het college kan ervoor zorgen dat een bijstandsuitkering wordt ingetrokken, zonder dat er goed toezicht is op of daadwerkelijk een uitnodigingsbrief op het juiste adres is bezorgd. Daarom moeten de handhavingsspecialisten ten minste met zijn tweeën zijn. Nu dat niet is gebeurd, vindt eiser dat onvoldoende is aangetoond dat hij de uitnodiging die gedateerd is op 3 december 2024 tijdig heeft ontvangen. Eiser heeft deze brief pas 14 december 2024 ontvangen.

Het college stelt zich op het standpunt dat medewerkers Fraudepreventie verplicht zijn zorgvuldig onderzoek te doen en daarbij objectief en onpartijdig moeten handelen tijdens het onderzoek. De bezorging van de oproepen is vastgelegd in ‘het rapport van bevindingen alleenstaande van 6 december 2024’ (het rapport). Volgens vaste rechtspraak wordt aan een verklaring van een handhavingsspecialist, opgenomen in een op ambtsbelofte of ambtseed opgemaakt rapport, bijzondere betekenis toegekend. Het college verwijst ook naar een verklaring van de handhavingsspecialist van 4 augustus 2025, waarin staat dat hij het adres van eiser goed weet te vinden en dat er wat hem betreft geen onduidelijkheid was over welke deur van eiser was. Er zijn twee deuren, één voor nummer [huisnummer 1] en één voor [huisnummer 2] . De naam van eiser staat vermeld op de deur en je kan zien dat er een trap achter de deur zit, wat een bevestiging is dat het niet nummer [huisnummer 1] kon zijn, omdat het geen woning op de begane grond was.

4. Het betoog van eiser slaagt niet. In het rapport staat beschreven op welke datum en welk tijdstip de uitnodigingen bezorgd zijn. Dit rapport is opgemaakt naar ambtseed en ondertekend. Aan zo’n rapport komt bijzondere betekenis toe. In een aanvullende verklaring heeft de handhavingsspecialist nogmaals bevestigd dat de uitnodiging is bezorgd. Met deze verklaring wordt ook duidelijk dat niet waarschijnlijk is dat de handhavingsspecialist zich in de deur kan hebben vergist. Gelet op voorgaande is het aannemelijk dat de uitnodiging is bezorgd. Vervolgens is de stelling dat de uitnodiging pas later is ontvangen onvoldoende om aan de ontvangst op de door het college genoemde data te twijfelen. Eiser kan daarom worden verweten dat hij niet op de afspraak is verschenen en het college was dus bevoegd om de bijstandsuitkering in te trekken.

Conclusie en gevolgen

5. Het beroep is ongegrond. Dat betekent dat eiser geen gelijk krijgt. Eiser krijgt daarom het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. C.M. Delstra, rechter, in aanwezigheid van mr. M.L Pijpers, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 5 november 2025.

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Centrale Raad van Beroep waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen zes weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden.

Digitaal hoger beroep instellen kan via “Formulieren en inloggen” op www.rechtspraak.nl. Hoger beroep instellen kan eventueel ook nog steeds door verzending van een brief aan de Centrale Raad van Beroep, Postbus 16002, 3500 DA Utrecht.

Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Centrale Raad van Beroep vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. C.M. Delstra

Griffier

  • mr. M.L Pijpers

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?