RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/776042 / KG ZA 25-777 MdV/KH
Vonnis in kort geding van 13 november 2025
in de zaak van
FLUKE ELECTRONICS CORPORATION,
te Everett, Washington, Verenigde Staten,
eisende partij bij dagvaarding van 30 september 2025,
verwerende partij in reconventie,
hierna te noemen: Fluke,
advocaten: mr. F.N. Jorritsma en mr. C.O. Wenkebach,
tegen
SORAMA B.V.,
te Eindhoven,
gedaagde partij in conventie,
eisende partij in reconventie,,
hierna te noemen: Sorama,
advocaten: mr. E.J. Louwers en S.F.W. van Dooren.
1. De procedure
Tijdens de mondelinge behandeling op 28 oktober 2025 heeft Fluke de dagvaarding toegelicht. Sorama heeft mede aan de hand van een vooraf ingediende conclusie van antwoord verweer gevoerd en een eis in reconventie (tegenvordering) ingesteld. Fluke heeft de tegenvordering bestreden. Beide partijen hebben producties en pleitaantekeningen in het geding gebracht. Vonnis is bepaald op 11 november 2025, maar is uitgesteld tot vandaag.
Ter zitting waren aanwezig:
- namens Fluke: [naam 1] (product manager) met mr. Jorritsma en mr. Wenkebach,
- namens Sorama: [naam 2] (CEO) met mr. Louwers en mr. Van Dooren.
2. De feiten
Fluke is een ontwikkelaar en leverancier van test- en meetinstrumenten, waaronder warmtebeeldcamera's en gascamera's voor industriële toepassingen en markten. Sorama is een ontwikkelaar van akoestische beeldtechnologie die bijvoorbeeld kan worden gebruikt om een gaslek te detecteren.
Tussen Fluke en Sorama gold de Master Agreement Revision I (hierna: de MSA). Op grond daarvan gebruikte Fluke, kort gezegd, beeldtechnologie van Sorama in haar producten. Over door Fluke verkochte eindproducten kreeg Sorama 10% royaltyvergoeding.
Fluke diende conform artikel 5.5 MSA opgave te doen aan Sorama zoals in dat artikel bepaald en Sorama kon op grond van artikel 5.6 MSA boekenonderzoek laten verrichten, beide om te kunnen verifiëren of Fluke de verschuldigde royaltyvergoeding heeft betaald. Deze artikelen luiden:
“5.5 During the Term and for three (3) years after, Fluke will maintain at its primary place of Business full, true, and accurate books of account (kept in accordance with generally accepted accounting principles) and records concerning all transactions and activities under this Agreement. Such books and records will include and record all data reasonably required for verification of amounts to be paid and the quantity of Fluke Products and New Fluke Products shipped. With each payment, Fluke will provide Sorama with a report on the total Net Revenue over such quarter, including a breakdown of the number of Fluke Products and New Fluke Products shipped and the number of Fluke Products and New Fluke Products distributed as an upgrade to existing products marketed by Fluke before. Any additional information reasonably requested, allowable in terms of Fluke distribution and sales agreements and applicable privacy laws will be provided by Sorama separately upon request.
Sorama will have the right through auditors, mutually agreed upon by Fluke and Sorama, during normal business hours upon at least five (5) business days prior notice, to audit, copy, and analyze the relevant books and records of Fluke to verify compliance with the provisions of this Agreement and that all payments were properly made. The audit will be conducted at Sorama’s expense unless there is inadequate record keeping or the results of such audit establishes an underpayment of License Fees to Sorama of more than three percent (3%) of the amount actually due in any calendar year, in which case Fluke will bear the expenses of the audit.”
De MSA en het bijbehorende ‘FPI Addendum’ dat tussen partijen en nog een derde partij, Fluke Process Instruments GmbH (hierna: FPI), gesloten was, zijn door Sorama ontbonden tegen 8 februari 2025.
Tussen partijen ontstond een geschil dat heeft geleid tot een kortgedingvonnis van deze rechtbank van 13 maart 2025 (hierna: het vonnis). In reconventie vorderde Sorama onder meer veroordeling van Fluke tot het verstrekken van een opgave conform artikel 5.5 MSA, omdat zij twijfelde aan de juistheid van de gedane opgave. De beslissing in het vonnis luidt op dit punt:
“De voorzieningenrechter
(…)
veroordeelt Fluke om binnen 48 uur na betekening van dit vonnis conform artikel 5.5 van de MSA een volledige en waarheidsgetrouwe opgave te verstrekken aan Sorama ten aanzien van:
- de huidige voorraad Fluke Products, New Fluke Products en FPI Products (alle zoals gedefinieerd in de MSA respectievelijk het FPI Addendum);
- het aantal verkochte Fluke Products, New Fluke Products en FPI Products en het aantal Fluke Products, New Fluke Products en FPI Products dat is gedistribueerd als een upgrade voor bestaande producten die eerder door Fluke op de markt zijn gebracht; en
- de Net Revenue en Total Net Revenue van de Fluke Products, New Fluke Products en FPI Products,
veroordeelt Fluke om aan Sorama een dwangsom te betalen van € 10.000,00 voor zover zij niet tijdig voldoet aan de in 5.5 gegeven veroordeling, te vermeerderen met € 2.500,00 per dag of gedeelte daarvan dat het niet voldoen aan die veroordeling voortduurt, een en ander tot een maximum van € 200.000,00 is bereikt, (…)”
Op 21 maart 2025 heeft Fluke informatie toegestuurd aan Sorama. Op 26 maart 2025 is het vonnis aan Fluke betekend.
Op 4 april 2025 heeft Fluke op grond van artikel 5.5 van de MSA (dat na beëindiging nog drie jaar doorloopt) een reguliere opgave gedaan van het eerste kwartaal van 2025.
Bij brief van 18 april 2025 heeft (de advocaat van) Sorama laten weten dat zij vindt dat Fluke niet aan het vonnis heeft voldaan. Partijen hebben vervolgens gediscussieerd over de vraag of Fluke al dan niet aan het vonnis heeft voldaan.
Sorama heeft op 2 september 2025 executoriaal derdenbeslag gelegd onder Fluke Europe B.V. en Fluke Nederland B.V. voor het maximum van de dwangsom.
Intussen is door Joanknecht CFFR B.V. (hierna: Joanknecht) een audit uitgevoerd bij Fluke conform artikel 5.6 van de MSA. De bevindingen zijn vastgelegd in een rapport van 7 oktober 2025 (hierna: het rapport).
3. Het geschil
In conventie
Fluke vordert om bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis:
I. Sorama te gebieden de executie van de op 2 september 2025 gelegde derdenbeslagen onder Fluke Europe B.V. en onder Fluke Nederland B.V. aangaande de aangezegde dwangsommen te verbieden dan wel te schorsen,
II. de op 2 september 2025 gelegde derdenbeslagen onder Fluke Europe B.V. en onder Fluke Nederland B.V. op te heffen,
III. Sorama te verbieden om op grond van het vonnis ten laste van Fluke verdere (derden)beslagen te leggen of anderszins executiemaatregelen te treffen,
IV. Sorama te veroordelen in de proceskosten, vermeerderd met de wettelijke rente.
Fluke meent dat zij een volledige en tijdige opgave aan Sorama heeft gedaan. Sorama heeft keer op keer gesteld dat Fluke geen volledige en waarheidsgetrouwe opgave heeft verstrekt, maar dat heeft Fluke steeds gemotiveerd en uitgebreid weerlegd. Fluke heeft nog aangeboden om samen te zitten als Sorama meent dat de opgave onjuist of onvolledig zou zijn. Daarvan heeft Sorama geen gebruik gemaakt. Fluke heeft daarnaast meegewerkt aan de maandenlange en gedetailleerde audit die zij coulancehalve ook nog in Nederland heeft laten plaatsvinden in plaats van in de Verenigde Staten. Het rapport laat zien dat er geen (significante) problemen zijn aangetroffen, laat staan fouten die een financiële impact voor Sorama hebben gehad. Overigens is het rapport voor de beoordeling van de vraag of het vonnis op juiste wijze is nagekomen niet relevant nu het rapport niet ziet op die vraag. Sorama is er niet in geslaagd om aannemelijk te maken dat de door Fluke verstrekte informatie onjuist of onvolledig was. Bovendien is het Fluke niet duidelijk wat zij nog meer zou moeten aanleveren. Het onder deze omstandigheden incasseren van dwangsommen, die slechts dienen als prikkel tot nakoming van het vonnis (wat Fluke heeft gedaan), is gezien de coöperatieve houding van Fluke in strijd met redelijkheid en billijkheid.
Sorama voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
In reconventie
Sorama vordert om bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis:
I. aan Sorama een aanvullende dwangsom te betalen van € 75.000,00, voor zover Fluke binnen 48 uur na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis nog steeds niet de in 5.5 van het vonnis (van 13 maart 2025) bevolen volledige en waarheidsgetrouwe opgave heeft verstrekt, te vermeerderen met € 15.000,00 per dag of gedeelte daarvan dat het niet voldoen aan die veroordeling voortduurt,
II. primair: Fluke Europe B.V. en Fluke Nederland B.V. per email te instrueren om binnen 48 uur na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis conform de gelegde derdenbeslagen verklaring als bedoeld in artikel 476a en 476b Rv te doen van al hetgeen zij onder zich hebben ten gunste van Fluke, en subsidiair binnen 48 uur na betekening van het in deze zaak te wijzen vonnis de instructie aan Fluke Europe B.V. en Fluke Nederland B.V. om geen verklaring af te geven als bedoeld in artikel 476a en 476b Rv per email in te trekken, een en ander met gelijktijdige kopie aan de advocaten van Sorama,
III. Fluke te veroordelen om aan Sorama een dwangsom te betalen van € 50.000,00 voor iedere dag of gedeelte daarvan, voor zover zij niet tijdig voldoet aan de onder II gevorderde veroordeling, te vermeerderen met € 10.000,00 per dag of gedeelte daarvan dat het niet voldoen aan die veroordeling voortduurt, een en ander tot een maximum van € 500.000,00 is bereikt,
IV. Fluke te veroordelen in de proceskosten conform de kostenspecificatie van Sorama overeenkomstig artikel 18.2 van de MSA.
Volgens Sorama heeft Fluke niet (tijdig) voldaan aan de verplichtingen uit het vonnis. Als gevolg daarvan zijn dwangsommen verbeurd tot het maximum. Uit (bijlage 7 bij) het rapport blijkt dat op meerdere wezenlijke onderdelen nog steeds aanzienlijke onduidelijkheden en onverklaarde verschillen bestaan. Zo heeft Fluke in haar opgave 13.065 verkochte units ii900/ii910 gerapporteerd over een bepaalde periode, terwijl Joanknecht over dezelfde periode 12.734 stuks rapporteert. Het verschil van 331 stuks is niet verklaard. Daarnaast zit er een discrepantie in de door Fluke aangeleverde informatie ten opzichte van haar kwartaalrapportage van april 2025. In laatstgenoemde rapportage staat dat 19 ii9x0 producten zijn verkocht, terwijl in de aangeleverde informatie staat dat dat er 49 zijn. Daarnaast is onder meer de rental-omzet niet gerapporteerd, is de FPC-omzet materieel onderschat en ontbreekt de granulariteit in de informatie van Fluke. Dit alles leidt tot de conclusie dat de aangeleverde informatie naar aanleiding van het vonnis aantoonbaar onvolledig en onjuist is. Nu Fluke tot op heden niet (voldoende) heeft meegewerkt en de dwangsommen zijn volgelopen, is volgens Sorama een nadere dwangsom zonder maximum nodig.
Fluke voert verweer. Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover van belang, nader ingegaan.
4. De beoordeling
In dit executiegeschil gaat het in de kern om de vraag of Fluke dwangsommen heeft verbeurd. Voor Fluke bestond op grond van het vonnis de verplichting om conform artikel 5.5 van de MSA een volledige en waarheidsgetrouwe opgave te verstrekken aan Sorama, op straffe van een dwangsom. Daar zijn partijen het over eens. Partijen verschillen van mening over de vraag of de door Fluke gedane opgave volledig en waarheidsgetrouw is en dus of dwangsommen verbeurd zijn en het gelegde beslag terecht is.
Sorama meent dat Fluke niet aan het vonnis heeft voldaan. Zij heeft op verschillende onderdelen onderbouwd uiteengezet waarom zij van mening is dat de opgave onvolledig of onjuist is. Zij meent dat dat standpunt steun vindt in het rapport van Joanknecht. De voorzieningenrechter volgt Sorama niet. Fluke heeft per onderdeel gemotiveerd onderbouwd waarom zij van mening is dat de aangeleverde informatie wel volledig en waarheidsgetrouw is en dat op sommige onderdelen sprake is van een interpretatieverschil dat thuishoort in een – door de MSA voorgeschreven – arbitrageprocedure. Op één onderdeel, het aantal verkochte ii9x0 producten, heeft Fluke erkend dat de informatie onjuist was. Dat kwam volgens haar doordat zij een andere berekeningsmethode heeft moeten toepassen om tussentijds opgave te kunnen doen (in plaats van per kwartaal).
Uit de stellingen van Sorama en de weerlegging daarvan en toelichting daarop door Fluke, blijkt niet evident dat Fluke niet zou hebben voldaan aan de veroordeling uit het vonnis. Dat blijkt evenmin onomstotelijk uit (bijlage 7 of de key observations uit) het rapport naar aanleiding van het door Joanknecht uitgevoerde boekenonderzoek. Daar komt bij dat het boekenonderzoek is verricht op grond van artikel 5.6 van de MSA en Joanknecht dus, zo blijkt ook uit het rapport, heeft beoordeeld in hoeverre Fluke heeft voldaan aan de verplichtingen uit de MSA en of de royaltyvergoeding volledig is voldaan. Dat is een andere beoordeling dan de vraag of Fluke al dan niet een volledige en waarheidsgetrouwe opgave heeft gedaan op grond van artikel 5.5 van de MSA. Dat maakt dat het rapport ook niet een klip en klaar antwoord bevat op de vraag of Fluke aan het vonnis heeft voldaan.
Dat de gedane opgave nog tot een aantal vragen leidt of onduidelijkheden bevat en dat de aangeleverde informatie ‘slechts een vodje van 6 bladzijdes was’, zoals Sorama meent, betekent niet direct dat de opgave van Fluke niet volledig of waarheidsgetrouw is. Als Sorama meende dat het overzicht een vodje was, had zij dat bovendien gelijk na ontvangst ervan moeten melden, wat zij niet heeft gedaan. Gelet op het voorgaande kan, vooruitlopend op een eventuele bodem-/of arbitrageprocedure en zonder nader onderzoek waarvoor in dit kort geding geen plaats is, niet worden vastgesteld dat Fluke niet aan het vonnis heeft voldaan. Dat betekent naar voorlopig oordeel dat geen dwangsommen zijn verbeurd en dat geen grondslag bestaat voor de gelegde derdenbeslagen. Nu de conclusie vooralsnog is dat Fluke aan de veroordeling heeft voldaan, kan Sorama het vonnis ook niet verder executeren. Vordering II en III van Fluke worden daarom toegewezen. Vordering I niet, omdat toewijzing daarvan niet nodig is nu het beslag al wordt opgeheven. De vorderingen van Sorama zullen worden afgewezen.
Sorama is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van Fluke worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
144,47
- griffierecht
€
714,00
- salaris advocaat
€
1.107,00
- nakosten
€
178,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
2.143,47
De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.
Sorama is ook in reconventie in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten betalen. Gelet op de samenhang met de conventie worden deze proceskosten aan de zijde van Fluke begroot op nihil.
5. De beslissing
De voorzieningenrechter
in conventie
heft de op 2 september 2025 gelegde derdenbeslagen onder Fluke Europe B.V. en onder Fluke Nederland B.V. op,
verbiedt Sorama om op grond van het vonnis ten laste van Fluke verdere (derden)beslagen te leggen of anderszins executiemaatregelen te treffen,
veroordeelt Sorama in de proceskosten van € 2.143,47, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 92,00 plus de kosten van betekening als dit vonnis wordt betekend,
veroordeelt Sorama tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 Burgerlijk Wetboek over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,
verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af,
in reconventie
weigert de gevraagde voorzieningen,
veroordeelt Sorama in de proceskosten, aan de zijde van Fluke begroot op nihil,
wijst het meer of anders gevorderde af,
Dit vonnis is gewezen door mr. W.M. de Vries, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. K. Hogeman, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 13 november 2025.