ECLI:NL:RBAMS:2026:10416

ECLI:NL:RBAMS:2026:10416

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 22-10-2026
Datum publicatie 23-10-2026
Zaaknummer AMS 26/6395
Rechtsgebied Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Procedure Voorlopige voorziening
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

Mondelinge uitspraak verzoek om een voorlopige voorziening. Preventieve last onder dwangsom in verband met geplande dansevenementen zonder evenementenvergunning. De activiteiten die specifiek in de last worden genoemd gaan niet door. Daarom niet duidelijk dat de overtreding gaat plaatsvinden. Verzoek toegewezen en preventieve last onder dwangsom geschorst tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de voorzieningenrechter van

22 oktober 2026 in de zaak tussen

Room Mate Amsterdam B.V., uit Amsterdam, verzoekster

de burgemeester van Amsterdam, verweerder, hierna: de burgemeester

Samenvatting

Bestuursrecht

Zaaknummer: AMS 26/6395

(gemachtigden: mr. U.E.M. Pinas en mr. S.F. Knoop),

en

(gemachtigden: mr. M. Boermans, mr. H. Sahlieh en mr. S. Amadmoestar).

Als derde-partij neemt aan de zaak deel: Meet Me At The Hotel te Amsterdam (de organisator van de activiteiten), gemachtigde mr. M.T.M. Koedooder.

Deze uitspraak gaat over de preventieve last onder dwangsom van € 25.000,- per dansevenement die de burgemeester op 21 oktober 2026 aan verzoekster heeft opgelegd in verband met geplande dansevenementen met versterkte muziek en/of DJ’s op woensdag 21 oktober 2026 tot en met zaterdag 24 oktober 2026 zonder evenementenvergunning. Verzoekster is het hier niet mee eens. Kortgezegd vindt zij dat er voor deze activiteiten geen evenementenvergunning nodig is.

In dit proces-verbaal geeft de voorzieningenrechter de beslissing weer die hij op de zitting van 22 oktober 2026 heeft uitgesproken. De voorzieningenrechter heeft het verzoek toegewezen. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.

Procesverloop

In het besluit van 21 oktober 2026 heeft de burgemeester aan verzoekster een preventieve last onder dwangsom opgelegd van € 25.000,- per dansevenement in verband met het houden van dansevenementen met versterkte muziek en/of DJ’s op woensdag 21 oktober 2026 tot en met zaterdag 24 oktober 2026 zonder evenementenvergunning. Verzoekster heeft hiertegen bezwaar gemaakt en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 22 oktober 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: [naam 1] namens verzoekster, de gemachtigden van verzoekster, de gemachtigden van de burgemeester, [naam 2] en [naam 3] namens de organisator en de gemachtigde van de organisator.

Na afloop van de zitting heeft de voorzieningenrechter op 22 oktober 2026 uitspraak gedaan.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

Standpunten partijen

3. De burgemeester stelt zich op het standpunt dat voor de dansevenementen met versterkte muziek en/of DJ’s op woensdag 21 oktober 2026 tot en met zaterdag

24 oktober 2026 een evenementenvergunning vereist is. Volgens de burgemeester zijn de activiteiten waar de preventieve last onder dwangsom op ziet aan te merken als evenementen in de zin van artikel 2.1 en artikel 2.47, eerste lid, van de Algemene Plaatselijke Verordening 2008 (de APV). Verzoekster betwist dit standpunt en stelt dat deze activiteiten geen evenementen zijn in de zin van de APV, omdat het gaat om netwerkbijeenkomsten die niet voor het publiek toegankelijk zijn. Een evenementenvergunning is daarom volgens verzoekster niet noodzakelijk.

Overwegingen van de voorzieningenrechter

4. Op de zitting heeft de burgemeester verklaard dat de preventieve last onder dwangsom alleen ziet op de drie specifiek in het besluit van 21 oktober 2026 genoemde activiteiten. Dit betreft de activiteit van donderdag 22 oktober 2026 vanaf 18:00 uur genaamd ‘Monetunes & Cryo Mix present: Room Servive’, de activiteit van zaterdag 24 oktober 2026 van 10:30 uur tot 15:00 uur genaamd ‘RCVRY X STËLZ RAVE RUN’ en de activiteit van zaterdag 24 oktober 2026 van 14:30 tot 16:00 uur genaamd ‘JOB DUTCHTUBER x BILLY THE KIT | My first ADE & Showcase’. De preventieve last onder dwangsom ziet dus niet meer op alle andere activiteiten die tot en met zaterdag 24 oktober 2026 gepland staan.

5. Op de zitting hebben verzoekster en de organisator van de activiteiten toegezegd dat die drie specifiek in het besluit genoemde activiteiten niet doorgaan. Zij hebben dit al laten weten aan de personen die op donderdag 22 oktober 2026 zouden komen. Ook zullen zij dit op de website vermelden.

6. De burgemeester heeft een preventieve last onder dwangsom opgelegd. Dat betekent dat duidelijk moet zijn dat de overtreding gaat plaatsvinden. Naar het oordeel van de voorzieningenrechter is dat nu niet meer het geval omdat verzoekster en de organisatie hebben toegezegd dat de drie activiteiten niet doorgaan. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom toe en treft de voorlopige voorziening dat het besluit van 21 oktober 2026 is geschorst tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar.

7. Omdat de voorzieningenrechter het verzoek toewijst moet de burgemeester het griffierecht aan verzoekster vergoeden. Omdat het verzoek om een voorlopige voorziening wordt toegewezen alleen al op grond van het feit dat de preventieve last onder dwangsom is opgelegd voor meer activiteiten dan alleen de drie specifiek in het besluit van 21 oktober 2026 genoemde, krijgt verzoekster ook een vergoeding van haar proceskosten. De burgemeester moet deze vergoeding betalen. De vergoeding is met toepassing van het Besluit proceskosten bestuursrecht als volgt berekend. Voor de rechtsbijstand door een gemachtigde krijgt verzoekster een vast bedrag per proceshandeling. De gemachtigde heeft het verzoekschrift ingediend en aan de zitting deelgenomen. Elke proceshandeling heeft een waarde van € 934,-. De vergoeding bedraagt dan in totaal € 1.868,-.

Beslissing

De voorzieningenrechter:

- schorst het besluit van 21 oktober 2026 tot zes weken na bekendmaking van de beslissing op bezwaar;

- bepaalt dat de burgemeester het griffierecht van € 397,- aan verzoekster moet vergoeden;

- veroordeelt de burgemeester tot betaling van € 1.868,- aan proceskosten aan verzoekster.

Deze uitspraak is gedaan door mr. S.D. Arnold, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. J.C.M. Schilder, griffier. Uitgesproken in het openbaar op 22 oktober 2026 .

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. J.C.M. Schilder

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand