RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht
Zaaknummer: C/13/760277 / HA ZA 24-1315
Herstelvonnis van 25 februari 2026
in de zaak van
1. [eiser 1] , 2. [eiser 2] ,
beiden wonende te [woonplaats 1] ,
eisende partijen,
hierna samen te noemen: [eisers] (in enkelvoud) en afzonderlijk [eiser 1] en [eiser 2] ,
advocaat: mr. B. Altena,
tegen
1. [gedaagde 1] ,
wonende te [woonplaats 2] ,
advocaat: mr. H.R. Yucesan,2. [gedaagde 2], 3. [gedaagde 3],
beiden wonende te [woonplaats 1] , advocaat: mr. J. Brakke,
gedaagde partijen,
hierna te noemen: [gedaagde 1] , [gedaagde 2] of [gedaagde 2] en [gedaagde 3] ,
1. Het verzoek tot verbetering.
Bij e-mail van 11 februari 2026 is namens [eisers] de rechtbank verzocht om verbetering van de op 11 februari 2025 gegeven vonnis, in die zin dat de datum van het vonnis wordt aangepast naar 11 februari 2026.
De rechtbank heeft gedaagden in de gelegenheid gesteld om op dit verzoek te reageren. Er is niet van deze gelegenheid gebruik gemaakt.
2. De beoordeling
De rechtbank is van oordeel dat in het vonnis van 11 februari 2025 sprake is van een kennelijke fout, die zich voor eenvoudig herstel leent. De rechtbank zal het verzoek dan ook toewijzen als volgt.
3. De beslissing
De rechtbank
bepaalt dat in het vonnis waar staat
11 februari 2025
wordt gewijzigd in
11 februari 2026
bepaalt dat deze verbetering onder de vermelding van de datum 25 februari 2026 wordt vermeld op de minuut van het vonnis van 11 februari 2025,
gelast elk van partijen, voor zover zij dit niet reeds hebben gedaan, de ontvangen grosse dan wel het ontvangen afschrift van de beschikking van 11 februari 2025 na ontvangst van dit herstelvonnis aan de griffie van de rechtbank te retourneren.
Dit vonnis is gewezen door mr. C.M.E. de Koning, rechter, bijgestaan door mr. S.C.C. Valk, griffier en in het openbaar uitgesproken op 25 februari 2026.