ECLI:NL:RBAMS:2026:2587

ECLI:NL:RBAMS:2026:2587

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 20-02-2026
Datum publicatie 13-03-2026
Zaaknummer 11827592
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

Proces-verbaal mondelinge uitspraak. Gedaagde moet de openstaande facturen van circa 18 duizend euro betalen. Gedaagde heeft geen grondslag om niet te betalen.

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

Civiel recht

Kantonrechter

Zaaknummer: 11827592 \ CV EXPL 25-10735

Proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van 20 februari 2026

in de zaak van

[eiser] (H.O.D.N. [handelsnaam] ),

wonende te [woonplaats] ,

eisende partij,

hierna te noemen: [eiser] ,

gemachtigde: [gemachtigde] ,

tegen

[bedrijf] B.V.,

gevestigd te [vestigingsplaats] ,

gedaagde partij,

hierna te noemen: [bedrijf] ,

verschenen bij: [naam] .

De zitting wordt gehouden in het gebouw van de rechtbank in Amsterdam.

De zaak wordt behandeld door mr. B.T. Beuving, kantonrechter, bijgestaan door mr. S.H.I. Hoestra als griffier.

Aanwezig zijn:

- [eiser] ;

- [naam] namens [bedrijf] .

Partijen hebben op de zitting hun standpunten toegelicht. Vervolgens is de mondelinge behandeling gesloten en heeft de kantonrechter op de zitting in aanwezigheid van partijen mondeling uitspraak gedaan.

1. De beoordeling

Vaststaat dat [eiser] werkzaamheden heeft verricht voor [bedrijf] . De kwaliteit van deze werkzaamheden wordt door [bedrijf] op zichzelf niet betwist. [eiser] heeft voor de uitgevoerde werkzaamheden meerdere facturen verzonden aan [bedrijf] met een betalingstermijn van veertien dagen. [bedrijf] heeft deze facturen onbetaald gelaten. [bedrijf] stelt dat het in de branche gebruikelijk is, en dat tussen partijen is overeengekomen, dat pas een betalingsverplichting richting [eiser] ontstaat nadat de werkzaamheden door de opdrachtgever van [bedrijf] zijn goedgekeurd en zij door haar opdrachtgever is uitbetaald. Dit is door [bedrijf] op geen enkele wijze onderbouwd. [bedrijf] heeft geen overeenkomst of algemene voorwaarden overgelegd, noch een toelichting gegeven op wat in de branche gebruikelijk zou zijn. Bovendien heeft [eiser] gemotiveerd betwist – onder verwijzing naar de communicatie tussen partijen – dat een dergelijke afspraak is gemaakt, en gesteld dat was afgesproken dat betaling binnen twee weken na uitvoering van de werkzaamheden zou plaatsvinden. Dat betekent dat [bedrijf] haar standpunt onvoldoende heeft onderbouwd en er dus geen grondslag bestaat om, nota bene een jaar na het verrichten van de werkzaamheden en de ontvangst van de facturen nog steeds niet tot betaling over te gaan. Dit betekent dat de vorderingen van [eiser] volledig worden toegewezen.

Ook de gevorderde wettelijke handelsrente door [eiser] berekend tot 25 juli 2025 en begroot op € 695,69 is als onbetwist toewijsbaar. Ook wordt toegewezen de wettelijke handelsrente over de hoofdsom vanaf 26 juli 2025.

[eiser] vordert vergoeding van buitengerechtelijke incassokosten. Hij heeft voldoende gesteld en onderbouwd dat hij buitengerechtelijke incassowerkzaamheden heeft verricht. Het gevorderde bedrag van € 955,05 komt overeen met het in het Besluit vergoeding buitengerechtelijke incassokosten bepaalde tarief en zal worden toegewezen.

[bedrijf] is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:

- kosten van de dagvaarding

122,35

- griffierecht

732,00

- salaris gemachtigde

864,00

(2 punten × € 432,00)

- nakosten

144,00

(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

1.862,35

2. De beslissing

De kantonrechter

veroordeelt [bedrijf] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 18.005,00, te vermeerderen met de wettelijke handelsrente als bedoeld in artikel 6:119a BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 26 juli 2025, tot de dag van volledige betaling,

veroordeelt [bedrijf] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 695,69 aan vervallen wettelijke handelsrente, berekend vanaf de verzuimdatum tot 25 juli 2025,

veroordeelt [bedrijf] om aan [eiser] te betalen een bedrag van € 955,05 aan buitengerechtelijke kosten,

veroordeelt [bedrijf] in de proceskosten van € 1.862,35, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als [bedrijf] niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.

Deze mondelinge uitspraak is gewezen door mr. B.T. Beuving en in het openbaar uitgesproken in aanwezigheid van de griffier.

Dit proces-verbaal is opgemaakt en ondertekend door de kantonrechter.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. B.T. Beuving

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand