ECLI:NL:RBAMS:2026:3715

ECLI:NL:RBAMS:2026:3715

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 31-03-2026
Datum publicatie 14-04-2026
Zaaknummer 13/066956-25
Rechtsgebied Strafrecht; Europees strafrecht
Procedure Eerste en enige aanleg
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

aanvullende toestemming aan de Duitse autoriteiten verleend

Uitspraak

RECHTBANK AMSTERDAM

INTERNATIONALE RECHTSHULPKAMER

Parketnummer: 13/066956-25

Datum beslissing: 31 maart 2026

BESLISSING

op de vordering op grond van artikel 14, derde lid, Overleveringswet (hierna: OLW), ingediend door de officier van justitie bij deze rechtbank op 17 april 2025, strekkende tot het in behandeling nemen van een verzoek om toestemming te verlenen voor de tenuitvoerlegging van een straf die is opgelegd voor feiten die vóór het tijdstip van de overlevering zijn begaan en waarvoor de betrokkene niet is overgeleverd, als bedoeld in artikel 14, eerste lid, aanhef en onder g, OLW. Dit verzoek is ingediend door het Amtsgericht Geldern, Duitsland, op 20 november 2024, met kenmerk 7 Ls 21/19, en betreft:

[overgeleverde persoon] ,

geboren op [geboortedag] 1996 in [geboorteplaats] (Duitsland),

thans gedetineerd in Duitsland,

hierna te noemen: de overgeleverde persoon.

1. Beoordeling

Bij tussenbeslissing van 25 november 2025 heeft de rechtbank geoordeeld dat de stukken in het verzoek ontoereikend waren, omdat onvoldoende was gebleken dat de overgeleverde persoon in de gelegenheid was gesteld om zijn opmerkingen en bezwaren over het verzoek tot aanvullende toestemming kenbaar te maken, zoals bedoeld in het arrest van het Hof van Justitie van de Europese Unie van 26 oktober 2021.

Uit de aanvullende informatie van de Duitse autoriteiten van 18 februari 2026 blijkt dat de overgeleverde persoon inmiddels op een zitting van 3 februari 2026 in de gelegenheid is gesteld om eventuele opmerkingen en bezwaren over het verzoek tot aanvullende toestemming kenbaar te maken. De overgeleverde persoon was in persoon aanwezig bij die zitting en is door de rechter gehoord over de in het verzoek omschreven veroordeling en over het huidige verzoek tot aanvullende toestemming.

Het verzoek bevat de gegevens als bedoeld in artikel 8, eerste lid, van Kaderbesluit 2002/584/JBZ. De voorhanden zijnde stukken zijn thans toereikend om - met volledige eerbiediging van de rechten van verdediging van de overgeleverde persoon - een beslissing te nemen.

Het verzoek betreft een feit waarvoor krachtens de OLW overlevering had kunnen worden toegestaan.

De rechtbank zal daarom het verzoek toewijzen.

2. Beslissing

De rechtbank:

verleent op grond van artikel 14, eerste lid, aanhef en onder g, en derde lid, OLW toestemming voor tenuitvoerlegging van de straf van [overgeleverde persoon] voor het feit zoals vermeld in het verzoek.

Deze beslissing is genomen op 31 maart 2026 door

mr. M. Scheeper, voorzitter,

mrs. M. Westerman en L. Sanders, rechters,

in tegenwoordigheid van mr. C.W. van der Hoek, griffier.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. M. Scheeper

Griffier

  • mr. C.W. van der Hoek

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?