ECLI:NL:RBAMS:2026:4312

ECLI:NL:RBAMS:2026:4312

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 21-04-2026
Datum publicatie 01-05-2026
Zaaknummer AMS 26/2074
Rechtsgebied Bestuursrecht; Bestuursprocesrecht
Procedure Voorlopige voorziening
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

Vovo hangende bezwaar. Buiten zitting afgedaan. Urgentieverklaring vanwege schimmel in woning en gezondheidsklachten kind. Spoedeisend belang onvoldoende onderbouwd en geen evident onrechtmatig besluit

Uitspraak

[verzoeker] , uit [plaats] , verzoekster

(gemachtigde: mr. B.B.A. Willering),

en

het college van burgemeester en wethouders van Amsterdam, verweerder

(gemachtigde: [gemachtigde] ).

Inleiding

1. Verzoekster heeft een aanvraag ingediend voor een urgentieverklaring. Verweerder heeft deze aanvraag met het besluit van 26 maart 2026 afgewezen.

2. Verzoekster heeft hiertegen op 13 april 2026 bezwaar gemaakt en op diezelfde dag de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen waarbij haar een urgentieverklaring wordt verstrekt.

3. Verweerder heeft op 15 april 2026 op het verzoek gereageerd met een verweerschrift.

4. Omdat het verzoek kennelijk ongegrond is doet de voorzieningenrechter uitspraak zonder zitting. Artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) maakt dat mogelijk. De voorzieningenrechter legt hierna uit waarom het verzoek kennelijk ongegrond is. Het oordeel van de voorzieningenrechter bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

5. Op grond van artikel 8:81 van de Awb kan de voorzieningenrechter op verzoek een voorlopige voorziening treffen indien onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist. Onverwijlde spoed wil zeggen dat er onomkeerbare gevolgen kunnen intreden waardoor de beslissing op bezwaar niet kan worden afgewacht.

6. Verzoekster heeft een urgentieverklaring gevraagd op medische gronden vanwege de aanwezigheid van vocht en schimmel in haar huidige woning en de negatieve effecten die dat heeft op de gezondheid van haar (inmiddels) driejarige zoon. Er is door de afwijzing van haar aanvraag volgens verzoekster sprake van een noodsituatie.

7. De voorzieningenrechter heeft begrip voor de zorgen die verzoekster heeft over de gezondheid van haar zoon. Zij is echter van oordeel dat verzoekster onvoldoende heeft onderbouwd dat sprake is van een spoedeisend belang. Daarvoor is van belang dat uit het dossier volgt dat er op 22 april 2026 een hoorzitting is gepland waarna verweerder in beginsel binnen zes weken een beslissing op bezwaar zal nemen. Van onomkeerbare gevolgen die maken dat de beslissing op bezwaar niet kan worden afgewacht, is niet gebleken. Het medische bericht van OLVG Oost van 7 april 2026 geeft er weliswaar blijk van dat verzoeksters zoon onder meer kampt met luchtwegklachten, maar daaruit volgt onvoldoende dat dit in relatie staat tot het huisvestingsprobleem. Dat in die brief staat dat sprake is van een vergrote infectiedruk thuis, is zonder nadere onderbouwing onvoldoende om die relatie op dit moment aan te nemen.

8. De voorzieningenrechter is bovendien van oordeel dat er geen sprake is van een evident onrechtmatig besluit. In dat kader overweegt de voorzieningenrechter nog dat de aard van de zaak, het verkrijgen van een urgentieverklaring, zich hangende de bezwaarfase niet snel leent voor toewijzing van een voorlopige voorziening. Een dergelijke voorziening zou alleen kunnen worden getroffen als er nagenoeg geen twijfel is dat verweerder de urgentieverklaring aan verzoekster had moeten geven. De summiere gronden van bezwaar geven te weinig aanleiding om tot die conclusie te komen. Overigens betekent het

krijgen van een urgentieverklaring in Amsterdam ook niet dat daarmee direct een andere woning bemachtigd kan worden.

Conclusie en gevolgen

9. Het verzoek is daarom kennelijk ongegrond. De voorzieningenrechter wijst het verzoek dus af. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. L. Dolfing, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. P. Tanis, griffier.

Uitgesproken in het openbaar op 21 april 2026.

De voorzieningenrechter is buiten staat deze uitspraak mede te onderteken

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. P. Tanis

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand