beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/786727 / FA RK 26/3239
kenmerk: ZM/IND/200868
Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
Beschikking van 4 mei 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedag] 1995 te [geboorteplaats] (Soedan),
wonende te [woonplaats] , [adres 1] ,
verblijvende te [vestigingsplaats] , [adres 2] ,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. P. Jeeninga te Amsterdam,
zorgaanbieder: [zorgaanbieder].
1. Procesverloop
Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 21 april 2026.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 4 mei 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder.
Ter zitting waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- de raadsman;
- dhr. [persoon 1] , psychiater;
- dhr. [persoon 2] , arts.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.
2. Beoordeling
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van een ongespecificeerde psychotische stoornis.
Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in: levensgevaar, ernstig lichamelijk letsel en maatschappelijke teloorgang.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen of de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.
Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig. Van de in het verzoekschrift genoemde vormen van zorg, die zijn gebaseerd op het zorgplan en het advies van de geneesheer-directeur, alsmede gelet op hetgeen bij de mondelinge behandeling naar voren is gekomen acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk voor de duur van zes maanden:
toedienen van vocht, voeding en medicatie;
het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
beperken van de bewegingsvrijheid;
uitoefenen van toezicht op betrokkene;
onderzoek aan kleding of lichaam;
onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen en het nakomen van afspraken met het ambulant behandelteam;
opnemen in een accommodatie.
De rechtbank zal de verplichte zorg in de vorm van ‘insluiten’ niet toewijzen, omdat ter zitting is gebleken dat er voor deze vorm van verplichte zorg geen noodzaak is.
De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
De raadsman heeft aangegeven dat de medische verklaring niet duidelijk is. Het is aan de onafhankelijke psychiater om zelf de diagnose te toetsen. Het verzoek is om de zorgmachtiging af te wijzen. Betrokkene heeft een blanco psychiatrische voorgeschiedenis en kan vanuit huis behandeld worden met een ACT-team. Bij het ernstig nadeel staat maatschappelijke teloorgang omdat betrokkene geen huisvesting zou hebben, dat is onjuist. Betrokkene kan terug naar het Leger des Heils.
De arts heeft aangegeven dat betrokkene alleen terug kan naar het Leger des Heils als er een juridisch kader is. Als dat er niet is, is er alsnog sprake van maatschappelijke teloorgang omdat betrokkene dan geen huisvesting meer heeft.
De rechtbank is van oordeel dat in de medische verklaring niet heel duidelijk is beschreven welke observaties en conclusies door de onafhankelijke psychiater zelf zijn gedaan. Het verdient aanbeveling dit beter te omschrijven. Aan de eindconclusies van de medische verklaring wordt echter niet getwijfeld.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor en doelen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz. De zorgmachtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van zes maanden.
3. Beslissing
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1995 te [geboorteplaats] (Soedan), inhoudende dat gedurende de looptijd van de machtiging bij wijze van verplichte zorg de in rechtsoverweging 2.4 genoemde maatregelen kunnen worden getroffen;
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 4 november 2026.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is op 4 mei 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door
mr. P.B. Martens, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 11 mei 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.