ECLI:NL:RBAMS:2026:4837

ECLI:NL:RBAMS:2026:4837

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 13-05-2026
Datum publicatie 20-05-2026
Zaaknummer C/13/781374 / HA ZA 26-15
Rechtsgebied Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

Vonnis in incident. Het verzoek tot inzage ex artikel 195 juncto artikel 194 Rv wordt deels toegewezen. Voor een deel van de verzochte informatie oordeelt de rechtbank dat eisers in het incident daarbij onvoldoende belang hebben.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht

Zaaknummer: C/13/781374 / HA ZA 26-15

Vonnis in incident van 13 mei 2026

in de zaak van

1. [eiser 1] , 2. [eiser 2] ,

beiden wonende in [woonplaats 1] ,

eisende partijen in de hoofdzaak,

verwerende partijen in het incident,

hierna samen te noemen: [eisers] ,

advocaat: mr. B.P.C. Bijl,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

1. [gedaagde 1] B.V.,

gevestigd in [vestigingsplaats] ,

hierna te noemen: [gedaagde 1] ,

advocaat: mr. A.T.J. van Boekel,2. [gedaagde 2] , 3. [gedaagde 3] ,

beiden wonende in [woonplaats 2] ,

hierna samen te noemen: [gedaagden] ,

advocaat: mr. J.L. van Maanen,

gedaagde partijen in de hoofdzaak,

eisende partijen in het incident.

1. De zaak in het kort

[eisers] en [gedaagden] zijn buren. Begin 2025 hebben [gedaagden] [gedaagde 1] ingeschakeld om renovatiewerkzaamheden aan hun woning uit te voeren. [eisers] vinden dat door deze werkzaamheden schade aan hun woning is ontstaan en vorderen daarom in deze procedure in de hoofdzaak dat [gedaagde 1] als aannemer en [gedaagden] als opdrachtgevers worden veroordeeld om de schade van [eisers] te vergoeden.

[gedaagde 1] en [gedaagden] betwisten dat de door [eisers] geleden schade door de door [gedaagde 1] uitgevoerde renovatiewerkzaamheden komt. De schade kan ook veroorzaakt zijn door andere omstandigheden, zoals bestaande gebreken in de woning van [eisers] en renovatiewerkzaamheden die [eisers] zelf in hun woning hebben (laten) uitvoeren. Om op de vordering in de hoofdzaak te kunnen reageren, vragen [gedaagde 1] en [gedaagden] de rechtbank in dit incident [eisers] te veroordelen om aan [gedaagde 1] en [gedaagden] een afschrift van het aankoopdossier van de woning van [eisers] en informatie over de door [eisers] uitgevoerde renovatiewerkzaamheden te verstrekken.

De rechtbank wijst de vordering in het incident deels toe. Voor een deel van de verzochte informatie oordeelt de rechtbank dat [gedaagde 1] en [gedaagden] daarbij onvoldoende belang hebben.

2. De procedure

Het verloop van de procedure blijkt uit:

de dagvaardingen van 2 en 4 december 2025, met producties,

de conclusie van antwoord tevens houdende de incidentele vordering tot verzoek tot inzage ex artikel 195 Rv van [gedaagde 1] , met producties,

de conclusie van antwoord tevens houdende de incidentele vordering tot verzoek tot inzage ex artikel 195 Rv van [gedaagden] , met producties,

de conclusie van antwoord in het incident van [gedaagde 1] van de zijde van [eisers] ,

de conclusie van antwoord in het incident van [gedaagden] van de zijde van [eisers]

3. De feiten voor zover van belang in het incident

[eisers] zijn sinds augustus 2024 eigenaar van de woning aan het [adres 1] in [plaats] . Deze woning beschikt over een souterrain.

[gedaagden] zijn sinds november 2024 eigenaar van de woning aan het [adres 2] te [plaats] .

[eisers] en [gedaagden] zijn buren. [eisers] hebben onderstaande plattegrond overgelegd, waarin zij met rood de muur tussen de woningen (hierna: de tussenmuur) hebben omlijnd. Aan de linkerzijde van het rood omlijnde vak is de woning van [gedaagden] en aan de rechterzijde de woning van [eisers]

[gedaagden] hebben [gedaagde 1] ingeschakeld om renovatiewerkzaamheden aan hun woning uit te voeren. Het ging daarbij onder meer om het realiseren van een aanbouw.

[eisers] hebben vanaf augustus 2024 ook renovatiewerkzaamheden aan hun woning (laten) uitvoeren. Het souterrain is verbouwd, waarbij meerdere slaapkamers en een badkamer zijn gerealiseerd. Verder zijn er voorzetwanden geplaatst en is de koekoek vergroot.

In januari 2025 is [gedaagde 1] begonnen met de renovatiewerkzaamheden aan de woning van [gedaagden]

[eisers] hebben diezelfde maand een lekkage geconstateerd in het souterrain van hun woning afkomstig van de tussenmuur.

In opdracht van [eisers] heeft Karssemeijer Expertise in februari 2025 een onderzoek verricht naar de oorzaak van de schade en van deze bevindingen een rapport opgesteld. In het rapport staat onder meer dat door zware constructieve werkzaamheden aan de woning van [gedaagden] de verdeling van de belasting op de fundering is vergroot en verplaatst, waardoor “met aan zekerheid grenzende waarschijnlijkheid sprake is van zetting”. Volgens Karssemeijer Expertise heeft dit geleid tot een geringe verzakking van de aanpalende constructie en zijn hierdoor scheuren in de tussenmuur ontstaan. Vervolgens is water via de tussenmuur de woning van [eisers] binnengedrongen.

Bij brief van 25 maart 2025 hebben [eisers] [gedaagden] aansprakelijk gesteld voor de schade in het souterrain.

Bij brief van 17 november 2025 hebben [eisers] [gedaagde 1] aansprakelijk gesteld voor de schade in het souterrain.

De verzekeraar van [gedaagde 1] heeft DEKRA Experts ingeschakeld om te rapporteren over de oorzaak en de schade. In het rapport van 19 december 2025 staat onder meer dat geen sprake kan zijn geweest van zetting van de fundering en dat een causaal verband tussen de werkzaamheden van [gedaagde 1] en de scheuren in de kelderwand is uitgesloten. Verder is niet uitgesloten dat in het verleden reeds sprake is geweest van lekkages en de kelderwand is geïnjecteerd.

4. Het geschil

in de hoofdzaak

[eisers] vorderen samengevat dat de rechtbank [gedaagde 1] en [gedaagden] hoofdelijk veroordeelt tot betaling van € 70.233,86 als schadevergoeding, vermeerderd met buitengerechtelijke incassokosten, wettelijke rente en proceskosten. [eisers] verzoeken de rechtbank het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

in het incident

[gedaagde 1] en [gedaagden] vorderen afzonderlijk dat de rechtbank [eisers] beveelt om binnen veertien dagen na het vonnis een afschrift te verstrekken van de volgende informatie:

I. het volledige aankoopdossier van de woning van [eisers] , waaronder in elk geval:

a. de aankoopbrochure, inclusief de door de verkoper ingevulde vragenlijst,

b. het rapport van de bouwkundige keuring,

c. alle correspondentie tussen (de makelaar van) [eisers] en de verkopende makelaar/eigenaar en

d. alle informatie die door of namens de verkoper is verstrekt over de woning.

II. alle informatie over de uitgevoerde renovatie in de kelder van de woning van [eisers] , waaronder in elk geval:

a. de opdracht aan de aannemer en andere gegevens waaruit blijkt welke werkzaamheden door wie in de woning van [eisers] zijn uitgevoerd,

b. de exacte data waarop de verschillende werkzaamheden zijn gestart, verricht en afgerond (inclusief een toelichting op en foto’s van de uitgevoerde werkzaamheden),

c. de vergunningsaanvragen (inclusief bijlagen),

d. de toegekende vergunningen en

e. bouwtekeningen en technische specificaties.

[gedaagde 1] en [gedaagden] verzoeken de rechtbank daarnaast [eisers] hoofdelijk te veroordelen in de proceskosten in het incident en het vonnis uitvoerbaar bij voorraad te verklaren.

5. De beoordeling in het incident

Standpunten van partijen

[gedaagde 1] en [gedaagden] baseren hun incidentele vordering op artikel 195 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv). Zij stellen dat zij in de hoofdzaak door [eisers] worden aangesproken op grond van een onrechtmatige daad en dat zij om op de vordering in de hoofdzaak te kunnen reageren belang hebben bij inzage in informatie waaruit blijkt wat de staat van de woning van [eisers] was en welke renovatiewerkzaamheden aan de woning van [eisers] zijn uitgevoerd. Deze informatie ligt binnen het domein van [eisers] , maar zij weigeren om dit te verstrekken.

[eisers] voeren aan dat niet aan de voorwaarden van artikel 194 Rv is voldaan, omdat de gevraagde informatie onvoldoende is bepaald en [gedaagde 1] en [gedaagden] onvoldoende hebben onderbouwd dat zij belang hebben bij de gevraagde informatie. Verder is een behoorlijke rechtsbedeling in de hoofdzaak zonder verschaffing van de gevraagde informatie al voldoende gewaarborgd, gelet op het rapport van Karssemeijer Expertise en de omstandigheid dat geen nulmeting is uitgevoerd voorafgaand aan de renovatiewerkzaamheden aan de woning van [gedaagden] Voor zover het verzoek wordt toegewezen, verzoeken [eisers] dat [gedaagde 1] en [gedaagden] worden veroordeeld in de noodzakelijke kosten die [eisers] voor de verstrekking van de verzochte informatie maken.

Toetsingskader

Artikel 195 lid 1 Rv bepaalt dat een partij de rechter kan verzoeken de wederpartij te bevelen tot het verstrekken tot inzage, afschrift of uittreksel van bepaalde gegevens. Voor toewijzing van de vordering moet in dit geval aan de volgende vereisten uit artikel 194 Rv worden voldaan:

de partij die informatie van een ander wil moet partij zijn bij een rechtsbetrekking,

de verlangde informatie moet voldoende bepaald zijn,

de verzoekende partij moet voldoende belang hebben bij haar informatieverzoek en

degene van wie inzage wordt verlangd moet over de gevraagde informatie beschikken.

Als aan alle eisen wordt voldaan, kan de vordering tot het verstrekken van gegevens alsnog worden afgewezen als sprake is van gewichtige redenen.

Het doel van het inzagerecht is om opheldering te krijgen over nog niet erkende of omstreden feiten of om de eigen rechtspositie in een geschil nader te bepalen. Artikel 194 Rv is niet bedoeld om een partij in de gelegenheid te stellen via deze route ruim informatie op te vragen in de hoop dat daar iets tussen zit waar die partij in de hoofdzaak een beroep op kan doen (zogenoemde ‘fishing expedition’). Om het verzoek te kunnen toewijzen moet aannemelijk zijn dat de informatie die gevraagd wordt bestaat en de inhoud daarvan in dit geval relevant is voor het bepalen van de rechtspositie van [gedaagde 1] en [gedaagden] in de hoofdzaak.

De incidentele vorderingen worden deels toegewezen

De rechtbank oordeelt dat de verzoeken van [gedaagde 1] en [gedaagden] voldoen aan de hiervoor onder 1, 2 en 4 genoemde vereisten van artikel 194 lid 1 Rv. Tussen partijen is namelijk niet in geschil dat tussen hen sprake is van een rechtsbetrekking (1). Verder hebben [gedaagde 1] en [gedaagden] voldoende concreet omschreven welke stukken zij van [eisers] willen (2). [eisers] hebben zich in zijn algemeenheid op het standpunt gesteld dat zij niet over alle verzochte bescheiden beschikken, maar hebben niet concreet gemaakt welke stukken zij dan niet hebben en waarom. De rechtbank vindt het aannemelijk dat [eisers] zouden moeten kunnen beschikken over de soort stukken die gevraagd zijn (4). [eisers] hebben dit onvoldoende concreet betwist. Van gewichtige redenen om het verzoek af te wijzen is de rechtbank niet gebleken. De verzochte informatie is dus toewijsbaar voor zover daarbij voldoende belang bestaat (3).

De rechtbank begrijpt de verzoeken van [gedaagde 1] en [gedaagden] zo dat zij de gevraagde informatie willen om hun verweer in de hoofdzaak te kunnen onderbouwen. Dat verweer komt erop neer dat de oorzaak van de schade in de woning van [eisers] niet is gelegen in de door [gedaagde 1] in opdracht van [gedaagden] uitgevoerde renovatiewerkzaamheden, maar dat de scheuren in de tussenmuur zijn ontstaan door omstandigheden die in de risicosfeer van [eisers] zelf liggen. Daarvoor hebben [gedaagde 1] en [gedaagden] in de eerste plaats genoemd dat dit mogelijk het gevolg kan zijn van bestaande gebreken in de woning van [eisers] , omdat [eisers] zelf hebben gezegd dat er in de keldermuur eerder sprake was van vochtdoorslag en dit preventief is behandeld. In de tweede plaats hebben [gedaagde 1] en [gedaagden] aangevoerd dat de werkzaamheden die [eisers] zelf in hun woning hebben (laten) uitvoeren, waaronder in de kelder en aan een draagmuur op de begane grond mogelijk oorzaak van de lekkage zijn.

De door [gedaagde 1] en [gedaagden] verzochte informatie in 4.2 onder I wordt toegewezen voor zover het gaat om de aankoopbrochure, inclusief de door de verkoper ingevulde vragenlijst (a) en het rapport van de bouwkundige keuring (b). De rechtbank vindt het aannemelijk dat deze stukken informatie bevatten over de juistheid van de in de hoofdzaak door [gedaagde 1] en [gedaagden] ingenomen stelling dat er bestaande gebreken aan de kelder waren. Voor de ander onder I verzochte informatie – een afschrift van het volledige aankoopdossier van de woning van [eisers] , waaronder alle correspondentie met de verkoper en alle door de verkoper verstrekte informatie over de woning – hebben [gedaagde 1] en [gedaagden] onvoldoende toegelicht dat en waarom aanleiding bestaat om aan te nemen dat daarin informatie staat die relevant is voor hun verweer. Deze gevorderde informatie wordt daarom afgewezen.

De in 4.2. onder II gevorderde informatie wordt toegewezen voor zover het gaat om de opdracht aan de aannemer en andere gegevens waaruit blijkt welke werkzaamheden in de kelder en aan een draagmuur op de begane grond van de woning van [eisers] zijn uitgevoerd (a) en de exacte data waarop deze verschillende werkzaamheden zijn gestart, verricht en afgerond (b). Niet in geschil is dat [eisers] kort geleden renovatiewerkzaamheden hebben (laten) verrichten in de kelder van hun woning. [gedaagde 1] en [gedaagden] hebben aangevoerd dat een draagmuur op de begane grond zou zijn verwijderd waarvoor een staalconstructie in de plaats is gekomen. De rechtbank vindt dat [gedaagde 1] en [gedaagden] voldoende hebben toegelicht dat informatie over welke werkzaamheden aan de kelder en aan een draagmuur op de begane grond zijn uitgevoerd, en wanneer, van belang kan zijn voor het verweer van [gedaagde 1] en [gedaagden] dat de schade bij die werkzaamheden veroorzaakt is. Dat [gedaagde 1] en [gedaagden] in dit kader belang hebben bij informatie over renovatiewerkzaamheden elders in de woning van [eisers] hebben zij onvoldoende onderbouwd. Die gevorderde informatie wordt daarom afgewezen. Ook de andere verzochte informatie onder II wordt afgewezen (vergunningsaanvragen, vergunningen, bouwtekeningen en technische specificaties), omdat [gedaagde 1] en [gedaagden] hun belang daarbij in het kader van hiervoor besproken verweer in de hoofdzaak niet hebben toegelicht.

Conclusie

De conclusie is dat het verzoek van [gedaagde 1] en [gedaagden] wordt toegewezen zoals hiervoor in 5.7 en 5.8 is bepaald. De rechtbank stelt de termijn waarbinnen [eisers] hieraan moeten voldoen vast op twee weken na betekening van dit vonnis. [gedaagde 1] en [gedaagden] moeten de kosten voor het verstrekken van de informatie dragen, voor zover die kosten noodzakelijk zijn en in redelijkheid zijn gemaakt.

Proceskosten

[eisers] zijn grotendeels in het ongelijk gesteld en moeten daarom de proceskosten in het incident (inclusief de nakosten) betalen. De proceskosten van [gedaagde 1] en [gedaagden] worden ieder afzonderlijk begroot op:

- salaris advocaat

€

653,00

(1 punt × € 653,00)

- nakosten

€

189,00

(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)

Totaal

€

842,00

De gevorderde wettelijke rente over de proceskosten wordt toegewezen zoals vermeld in de beslissing.

De proceskostenveroordeling wordt hoofdelijk uitgesproken. Hoofdelijk betekent dat iedere veroordeelde kan worden gedwongen het hele bedrag te betalen. Wat de één betaalt hoeft de ander niet meer te betalen.

Uitvoerbaar bij voorraad

De veroordelingen worden uitvoerbaar bij voorraad verklaard. Dit betekent dat de veroordelingen ook moeten worden uitgevoerd als tegen dit vonnis hoger beroep wordt ingesteld en zolang daarop nog niet is beslist.

6. De beslissing

De rechtbank

in het incident

veroordeelt [eisers] om binnen twee weken na betekening van dit vonnis aan [gedaagde 1] en [gedaagden] en op hun kosten een afschrift te verstrekken van de volgende informatie:

de aankoopbrochure, inclusief de door de verkoper ingevulde vragenlijst,

het rapport van de bouwkundige keuring,

de opdracht aan de aannemer en andere gegevens waaruit blijkt welke werkzaamheden in de kelder en aan een draagmuur op de begane grond van de woning van [eisers] zijn uitgevoerd,

de exacte data waarop de verschillende werkzaamheden zijn gestart, verricht en afgerond,

veroordeelt [eisers] hoofdelijk in de proceskosten van dit incident aan de zijde van [gedaagde 1] van € 842,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als [eisers] niet tijdig aan de veroordeling voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,

veroordeelt [eisers] hoofdelijk in de proceskosten van dit incident aan de zijde van [gedaagden] van € 842,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als [eisers] niet tijdig aan de veroordeling voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,

veroordeelt [eisers] hoofdelijk tot betaling van de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over de proceskosten als deze niet binnen veertien dagen na aanschrijving zijn betaald,

verklaart dit vonnis wat betreft de onder 6.1 tot en met 6.4 genoemde beslissingen uitvoerbaar bij voorraad,

wijst het meer of anders gevorderde af,

in de hoofdzaak

verwijst de zaak naar de rol van 20 mei 2026 voor beraad omtrent het bepalen van een mondelinge behandeling,

houdt iedere verdere beslissing aan.

Dit vonnis is gewezen door mr. J. Huber, rechter, bijgestaan door mr. V.W. de Leeuw, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 13 mei 2026.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. J. Huber

Griffier

  • mr. V.W. de Leeuw

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand