beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/784711 / FA RK 26/2079
Rechterlijke machtiging tot opname en verblijf
Beschikking van 1 april 2026, van de Rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door het Centrum Indicatiestelling Zorg (CIZ) ingediende verzoek tot het verlenen van een machtiging voor de duur van zes maanden als bedoeld in artikel 24 e.v. van de Wet zorg en dwang (Wzd), ten aanzien van:
[betrokkene] ,
geboren op [geboortedag] 1936,
wonende te [woonplaats] , [adres] ,
zorgaanbieder: Cordaan,
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. J. Kuijper te Amsterdam.
1. Procesverloop
Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 11 maart 2026.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 1 april 2026 in de woning van betrokkene.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene;
- de advocaat;
- dhr. [persoon 1] , specialist ouderengeneeskunde;
- mw. [persoon 2] , casemanager;
- mw. [persoon 3] , huisarts;
- de partner en een vriend van betrokkene.
2. Beoordeling
Anders dan de advocaat namens betrokkene heeft bepleit, is de rechtbank van oordeel dat er geen nieuwe beoordeling door een onafhankelijke psychiater noodzakelijk is. Tijdens de mondelinge behandeling is gebleken dat er geen discussie bestaat over de diagnose. Daarnaast is tijdens de mondelinge behandeling gebleken dat het ernstig nadeel voldoende aanwezig en actueel is. De casemanager heeft toegelicht dat er twee pogingen zijn gedaan door de onafhankelijke psychiater om betrokkene te spreken, maar dat de deur niet werd open gedaan door betrokkene of zijn vrouw. Ook de casemanager kan moeilijk in contact komen met betrokkene. Hoewel betrokkene nu aangeeft wel te willen spreken met een onafhankelijke psychiater, is de verwachting dat betrokkene dat later wederom zal weigeren. Gelet op het voorgaande ziet de rechtbank geen aanleiding om het verzoek aan te houden voor het opstellen van een nieuwe medische verklaring
Uit de overgelegde stukken en het behandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychogeriatrische aandoening, te weten vasculaire dementie.
Anders dan de advocaat namens betrokkene heeft bepleit, leidt deze psychogeriatrische aandoening tot ernstig nadeel. Dit ernstig nadeel bestaat uit ernstig lichamelijk letsel, ernstige financiële schade, ernstige verwaarlozing, maatschappelijke teloorgang, bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat hij onder invloed van een ander raakt en de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept. Bij betrokkene in huis is een zeer hoge koolmonoxidewaarde aangetroffen en hulpdiensten hebben de deur moeten forceren omdat betrokkene weigerde de deur open te doen. Voorts is betrokkene een geregistreerd partnerschap aangegaan, waardoor hij is gekort op zijn inkomsten en hogere aanslagen ontvangt. Betrokkene kan hier niet adequaat mee omgaan, waardoor hij schulden maakt. Daarnaast gaat de hygiëne en zelfzorg van betrokkene achteruit. Betrokkene loopt onder andere in verzadigd incontinentiemateriaal en hij houdt zorg af. Het huis van betrokkene is eveneens vervuild. Verder kon betrokkene in februari van dit jaar de weg naar huis niet meer vinden en was een tijd zoek. De veiligheid van betrokkene kan niet meer gewaarborgd worden. De mentor en huisarts krijgen ook geen toegang tot de woning van betrokkene, ondanks melding bij Veilig Thuis
De opname en het verblijf zijn noodzakelijk en geschikt om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden. Betrokkene weigert zorg. Ook weigert hij zorgverleners de toegang tot de woning. Hierdoor kan hij zichzelf schade toebrengen. Betrokkene heeft geen ziekte-inzicht door zijn dementie. Betrokkene heeft 24 uur per dag zorg, begeleiding en toezicht in de nabijheid nodig. Binnen een intramurale psychogeriatrische setting is er 24 uur per dag zorg, begeleiding en toezicht in de nabijheid aanwezig.
Er zijn geen minder ingrijpende mogelijkheden om het ernstig nadeel te voorkomen of af te wenden.
Gebleken is dat betrokkene zich verzet tegen de opname en het verblijf. Desgevraagd laat betrokkene weten niet naar het verpleeghuis te willen en dat zijn vrouw voor hem zorgt.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor verlening van een rechterlijke machtiging tot opname en verblijf als bedoeld in de Wzd. De machtiging zal worden verleend voor de (verzochte) duur van zes maanden, en geldt dus tot en met 1 oktober 2026.
3. Beslissing
De rechtbank:
verleent een machtiging tot opname en verblijf ten aanzien van [betrokkene] , geboren op [geboortedag] 1936,
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 1 oktober 2026.
Deze beschikking is op 1 april 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken door
mr. L. van der Heijden, rechter, bijgestaan door mr. K.W. de Haan als griffier en op 14 april 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.