RECHTBANK AMSTERDAM
Civiel recht
Kantonrechter
Zaaknummer: 11960639 \ CV EXPL 25-15628
Vonnis van 12 mei 2026 (bij vervroeging)
in de zaak van
[eiseres] ,
wonende te [woonplaats] ,
eisende partij,
hierna te noemen: [eiseres] ,
gemachtigde: mr. M. Eshtehardi (Rechtsagent),
tegen
HI TRONIC B.V.,
gevestigd te Rucphen, kantoorhoudende te Amsterdam,
gedaagde partij,
hierna te noemen: Batteroo,
procederend in persoon (voorheen bijgestaan door mr. J.E. van Rossem die zich als gemachtigde heeft onttrokken).
1. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
de dagvaarding van 4 november 2025 met producties;
de conclusie van antwoord van 12 december 2025;
het tussenvonnis van 2 december 2025, waarbij een mondelinge behandeling is bevolen, waarna daarvoor een dag is bepaald.
De zaak is besproken op de mondelinge behandeling van 20 april 2026. [eiseres] is verschenen, bijgestaan door de gemachtigde. Namens Batteroo is niemand verschenen, hoewel zij daartoe deugdelijk is opgeroepen. [eiseres] heeft haar vordering nader toegelicht, mede aan de spreekaantekeningen en vragen van de kantonrechter beantwoord. De griffier heeft hiervan aantekeningen gemaakt en deze zijn in het dossier gevoegd. Vervolgens is om een vonnis gevraagd waarvoor een datum is bepaald.
2. De feiten
Op 1 april 2025 heeft Batteroo [eiseres] telefonisch benaderd over de aankoop van een thuisbatterij en heeft Batteroo haar op 22 april 2025 thuis bezocht. Na dit bezoek heeft Batteroo aan [eiseres] diezelfde dag een persoonlijk aanbod op maat toegezonden per e-mail voor de aankoop van een thuisbatterij met de omschrijving “Batteroo Al 5 1 Fase 57”, tegen betaling van € 14.489,75.
Dit aanbod heeft [eiseres] vervolgens digitaal ondertekend. In de offerte staat onder meer het volgende bepaald:
“Let op: onze producten, software en installatie worden afgestemd op uw technische- en persoonlijke (woon)omstandigheden, alsmede uw wensen. Ons aanbod betreft daarom een aanbod op maat. Gaat u met dit aanbod akkoord, dan heeft u niet meer het recht om de overeenkomst met betaalverplichtingen te herroepen binnen 14 dagen.”
[eiseres] heeft op 24 april 2025 vijf facturen ontvangen voor de aanbetaling van een totaalbedrag van € 2.514,00. Dit bedrag heeft zij diezelfde dag volledig voldaan.
Op 6 mei 2025 heeft [eiseres] zowel telefonisch als per e-mail aan Batteroo laten weten dat zij gebruik maakt van haar herroepingsrecht en dat zij op grond daarvan de overeenkomst wil ontbinden. Daarbij heeft zij verzocht om terugbetaling van de aanbetaling.
Batteroo heeft vervolgens op 6 mei 2025 per e-mail aan [eiseres] “Opzeggen aanvraag thuisbatterij” bevestigd:
“Wij bevestigen hierbij de ontvangst van uw verzoek tot herroeping van de overeenkomst. Zoals aangegeven in onze algemene voorwaarden en bevestigd bij ondertekening van de offerte, zijn wij — op uw verzoek — binnen de wettelijke bedenktijd gestart met de uitvoering van onze diensten. In dat geval bent u verplicht de kosten te vergoeden voor de
werkzaamheden die tot het moment van herroeping zijn verricht.
U ontvangt hiervoor binnenkort een gespecificeerde factuur met de gemaakte kosten tot nu toe. Mocht u vragen hebben over de factuur of alsnog willen besluiten het traject voort te zetten, dan staan wij uiteraard voor u klaar.”
De geplande technisch schouw van 9 mei 2025 is niet uitgevoerd en de thuisbatterij is niet geleverd. [eiseres] heeft na de herroeping geen factuur ontvangen van Batteroo.
Bij brief van 13 juni 2025 heeft de gemachtigde van [eiseres] Batteroo gesommeerd om de aanbetaling uiterlijk binnen zeven dagen aan [eiseres] terug te betalen. Omdat betaling uitbleef heeft de gemachtigde van [eiseres] een ingebrekestelling per brief van 21 augustus 2025 aan Batteroo verzonden.
Batteroo is niet tot betaling overgegaan.
3. Het geschil
[eiseres] vordert – samengevat – dat Batteroo uitvoerbaar bij voorraad te verklaren vonnis wordt veroordeeld tot betaling van € 2.514,00 aan hoofdsom vermeerderd met de wettelijke rente vanaf 13 juni 2025, € 455,44 aan buitengerechtelijke incassokosten,
en veroordeling van Batteroo in de proceskosten.
Batteroo voert verweer.
Op de stellingen van partijen wordt hierna, voor zover nodig, nader ingegaan.
4. De beoordeling
De overeenkomst met betrekking tot de aankoop van een thuisbatterij betreft een consumentenkoop. Het betreft een koop op afstand in de zin van artikel 6:230g lid 1 sub e van het Burgerlijk Wetboek (hierna: BW), omdat de overeenkomst is gesloten op 22 april 2025 door digitale ondertekening door [eiseres] . Batteroo heeft aangevoerd dat op 1 april 2025 de overeenkomst tot stand is gekomen maar dat is door [eiseres] gemotiveerd betwist en op geen enkele manier onderbouwd door Batteroo.
Volgens Batteroo is het herroepingsrecht niet van toepassing op de overeenkomst die partijen heeft gesloten. Zij heeft er daarbij op gewezen dat sprake zou zijn van een maatwerkopdracht (zoals uitgezonderd in artikel 6:230p aanhef en onder f sub 1 BW), terwijl Batteroo daarnaast al voor de herroeping op 6 mei 2025 diverse voorbereidingswerkzaamheden heeft verricht en de technische schouw al ingepland stond op 9 mei 2025. Daarover wordt als volgt overwogen.
Uit de stukken blijkt niet dat de thuisbatterij die door Batteroo zouden worden geleverd een product is die door Batteroo voor [eiseres] op maat gemaakt zou worden gemaakt. Batteroo heeft in haar conclusie niet toegelicht waaruit dat maatwerk zou bestaan. Gelet op de gemotiveerde betwist van [eiseres] wordt dit standpunt van Batteroo niet gevolgd.
Daarnaast heeft Batteroo aangevoerd dat zij al was begonnen met de uitvoering van de overeenkomst en diverse werkzaamheden heeft uitgevoerd. Dit verweer slaagt niet. Op grond van artikel 6:230p aanhef en onder d sub 1 BW alsmede de totstandkomingsgeschiedenis van die bepaling heeft een consument geen ontbindingsrecht als de dienstverlener de nakoming van de overeenkomst volledig is nagekomen binnen de ontbindingstermijn, mits de consument toestemming heeft gegeven voor de nakoming van de overeenkomst en de consument uitdrukkelijk heeft verklaard om afstand te doen van het ontbindingsrecht nadat de overeenkomst is uitgevoerd. Van een volledige nakoming is in dit geval geen sprake, alleen al omdat de thuisbatterij niet is geleverd. De uitzondering van artikel 6:230p aanhef en onder d sub 1 BW is hier dan ook niet van toepassing. Dit betekent dat [eiseres] geen kosten verschuldigd is in verband met het ontbinden van de overeenkomst.
Conclusie
[eiseres] heeft op 6 mei 2025 de overeenkomst rechtsgeldig ontbonden. Gelet hierop wordt de vordering tot betaling van € 2.514,00 toegewezen.
Voor zover Batteroo heeft aangevoerd dat zij de aanbetaling wil verrekenen met kosten die zij zou hebben gemaakt, bestaat daar geen grondslag voor. De kosten die Batteroo gemaakt zou hebben door binnen de herroepingstermijn werkzaamheden te verrichten, blijven voor rekening en risico van Batteroo. Omdat Batteroo sinds 20 juni 2025 in verzuim is zal de gevorderde wettelijke rente vanaf die datum worden toegewezen.
Buitengerechtelijke incassokosten
[eiseres] vordert vergoeding van de buitengerechtelijke incassokosten. De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). Batteroo betwist deze kosten en heeft aangevoerd dat er geen aantoonbare incasso activiteiten hebben plaatsgevonden. Geoordeeld wordt dat [eiseres] voldoende heeft gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. Zij heeft daarom recht op een vergoeding voor de kosten van die werkzaamheden en het gevorderde bedrag van € 376,40 worden toegewezen.
Proceskosten
Batteroo is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van [eiseres] worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
147,42
- griffierecht
€
257,00
- salaris gemachtigde
€
506,00
(2 punten × € 253,00)
- nakosten
€
72,00
(plus de kosten van betekening zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
982,42
5. De beslissing
De kantonrechter:
veroordeelt Batteroo om aan [eiseres] te betalen de hoofdsom van € 2.514,00, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over het toegewezen bedrag, met ingang van 20 juni 2025, tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt Batteroo om aan [eiseres] te betalen een bedrag van € 376,40 aan buitengerechtelijke kosten,
veroordeelt Batteroo in de proceskosten van € 729,42, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met de kosten van betekening als Hi Tronic niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. I.M. Bilderbeek, kantonrechter, bijgestaan door mr. H. Heida, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 12 mei 2026.
61291