ECLI:NL:RBAMS:2026:8428

ECLI:NL:RBAMS:2026:8428

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 26-08-2026
Datum publicatie 25-08-2026
Zaaknummer C/13/779292
Rechtsgebied Civiel recht
Procedure Bodemzaak
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

Vordering tot betaling factuur gedeeltelijk afgewezen. Tussen eiser en gedaagde is ten aanzien van de eerste set camera's een overeenkomst tot stand gekomen, ondanks dat gedaagde daarbij onbevoegd is vertegenwoordigd. Eiser mocht er onder de gegeven omstandigheden op vertrouwen dat de opdrachtgever bevoegd was om hem een opdracht te geven. Dat geldt niet ten aanzien van de tweede set camera's. De vordering wordt toegewezen voor zover de factuur ziet op de kosten voor de eerste set camera's.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht

Zaaknummer: C/13/779292 / HA ZA 25-1749

Vonnis van 26 augustus 2026

in de zaak van

[eiser] ,

wonende in [woonplaats],

handelend onder de naam [handelsnaam eiser],

eiser,

verweerder in de tegenvordering (in reconventie),

advocaat: mr. B.F. Ooijevaar,

tegen

SKYTREE B.V.,

gevestigd in Amsterdam,

gedaagde,

eiser van de tegenvordering (in reconventie),

advocaat: mr. S.A. Amrani.

De rechtbank noemt partijen hierna [eiser] en Skytree.

1. De procedure

In het dossier zitten:

- de dagvaarding van 4 november 2025 met producties,

- de conclusie van antwoord met tegenvordering met producties,

- de conclusie van antwoord op de tegenvordering met producties,

- het tussenvonnis van 22 april 2026, waarin de rechtbank de mondelinge behandeling heeft bepaald,

- de akte houdende overlegging producties en uitlating producties van [eiser],

- de akte overleggen aanvullende producties van Skytree,

- het verkorte proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 13 juli 2026,

- de aantekeningen van de mondelinge behandeling.

De rechtbank heeft ten slotte bepaald dat zij vandaag uitspraak doet.

2. De feiten

[eiser] heeft een eenmanszaak met de naam [handelsnaam eiser]. Hij is onder andere gespecialiseerd in het bouwen van kunststof- en metalen onderdelen. Skytree is een onderneming die CO2-afvangsystemen ontwikkelt. De (indirect) bestuurders van Skytree zijn [naam 1] en [naam 2].

Tussen januari 2024 en juli 2025 was de vader van [eiser] (hierna: [naam 3]) als Mechanical Design Engineer werkzaam bij Skytree. Op 6 januari 2025 stuurde [naam 3] aan [eiser] een e-mail waarin hij [eiser] heeft gevraagd om vier camerabehuizingen te maken voor Skytree. De e-mail is verstuurd aan [eiser] met in kopie (cc) [naam 4] (Team Lead – Product Innovation & Prototyping bij Skytree), [naam 5] (technisch directeur bij Skytree), [naam 6] (Lead Process Engineer bij Skytree) en [naam 7] (Junior Technical Buyer bij Skytree).

In deze e-mail schreef [naam 3] aan [eiser]:

“Hereby the request to design and build 4x a camera housing, based on the ESP32 camera modules supplied to you this morning. The camera’s are placed inside the Stratus Alpha main vacuum chamber and need their signal brought outside the vacuum chamber. Please check the possibilities with these modules and test them within a full metal chamber, before supplying them in [plaats] on this Thursday (January 9th) at latest. If supply can be achieved earlier, that would be great!

Please send a paid per hour based quote and a fixed price for the modules for this work to [naam 7] [[naam 7], rb]. He will arrange a PO on this.”

PO staat voor ‘Purchase Order’ (ook wel: ‘Purchase Requisition’ of PR) waarbij een opdracht en bijbehorende offerte in het interne systeem van Skytree worden ingevoerd. Op basis daarvan verleent een bevoegde vertegenwoordiger van Skytree al dan niet goedkeuring aan de opdracht, wordt de opdracht vervolgens verwerkt in de administratie van Skytree en kan de opdrachtnemer worden uitbetaald na oplevering (hierna: PR-traject).

[eiser] heeft op 6 januari 2025 een offerte gestuurd aan [naam 7] (met [naam 3] in cc):

“Hereby, I quote the following:

To design and build 4 camera housings

The hourly rating is €50,00 ex VAT, that will be multiplied with the total amount of hours spend as soon the project is finished. The material cost will be €200,00 ex VAT, that will be added to the final cost on the invoice.

Due to the urgency of the camera housings, the delivery will be ultimately at the end of 09-01-2025.”

[eiser] is meteen aan de slag gegaan met het bouwen van de camerabehuizingen (hierna: camera’s). Hij heeft op of rond 12 januari 2025 een set van vier camera’s afgeleverd aan de Hardware Test Engineer bij Skytree ([naam 8] ). Bij het testen van de camera’s heeft [naam 8] geconstateerd dat de camera’s te heet worden en niet tegelijk kunnen worden gebruikt. Hij heeft daarna op 28 januari 2025 contact met [eiser] opgenomen met het verzoek een nieuwe set camera’s te bouwen die voldoen aan een aantal nieuwe eisen:

“(…)

1. Design and build a smaller and lighter casing. (…)

2. Upgrade the camera’s resolution, and consider the option to use cables instead of wifi. I’m aware we initially said we needed wireless transmission. But due to recent changes in the strategy we now have many cable ports available for power and image cables.

3. Improve the interface so the 4 cameras can be seen simultaneously and recorded.

(…)”

Daarop is [eiser] gaan werken aan een tweede set camera’s. Hij heeft

op 12 maart 2025 de eerste camera opgeleverd en de andere drie camera’s heeft hij op 20 maart 2025 opgeleverd.

[eiser] heeft op 2 juni 2025 een factuur gestuurd aan Skytree voor een bedrag van € 31.960,27 met een betaaltermijn 30 dagen. Ondanks dat [eiser] meerdere herinneringen en sommaties heeft gestuurd, heeft Skytree niets betaald.

3. Feiten betreffende de tegenvordering

In of rond december 2024 hebben [eiser] en Skytree een overeenkomst gesloten waarin [eiser] zich heeft verplicht tegen betaling een ‘punching tool’ te bouwen voor een bepaald onderdeel en dat onderdeel 800 keer te produceren. [eiser] is gestart met de opdracht maar heeft de goederen niet geleverd aan Skytree.

Skytree heeft op 20 januari 2026 een e-mail gestuurd aan [eiser] over de ontbinding van de opdracht om een ‘punching tool’ te maken. Daarin staat onder andere:

“(…) Ontbinding

6. Cliënte heeft helaas nooit de punching tool noch de onderdelen [nummer] geleverd gekregen. Thans heeft cliënte daar ook geen behoefte meer aan. De termijn van vier weken waarbinnen de verbintenis diende te worden nagekomen, is ruim overschreden. U verkeert derhalve in verzuim en cliënte is bevoegd de overeenkomst te ontbinden.

7. Namens cliënte ontbind ik hierbij dan ook de overeenkomst. Dat betekent dat op partijen nu de verbintenis rust tot ongedaanmaking van de prestaties die over en weer verricht zijn uit hoofde van de ontbonden overeenkomst. In uw geval betekent dat dat u gehouden bent tot terugbetaling aan cliënte van het aankoopbedrag ad. EUR 7.620.(…)

[eiser] heeft dit bedrag niet terugbetaald.

4. Het geschil

De vordering van [eiser]

vordert dat de rechtbank Skytree veroordeelt om te betalen:

- € 31.960,27 aan hoofdsom;

- € 1.075,40 aan wettelijke handelsrente van 2 juli 2025 tot 30 oktober 2025;

- de wettelijke handelsrente gerekend vanaf 30 oktober 2025;

- buitengerechtelijke incassokosten € 1.094,60;

- de proceskosten.

[eiser] verzoekt de rechtbank daarbij te bepalen dat het vonnis ook uitgevoerd moet worden als hoger beroep wordt ingesteld tegen dit vonnis (uitvoerbaar bij voorraad).

[eiser] stelt dat hij met Skytree een overeenkomst had, die inhoudt dat hij tegen betaling camera’s voor Skytree maakt. Hij heeft de camera’s gemaakt en geleverd. Skytree heeft evenwel niet betaald. Zij moet dat alsnog doen.

Skytree voert verweer. Skytree stelt dat zij niet gebonden is aan de overeenkomst met [eiser] omdat zij bij het geven van de opdracht aan [eiser] niet is vertegenwoordigd door werknemers die daartoe bevoegd zijn. Voor zover Skytree wel gebonden is aan de overeenkomst zijn de camera’s volgens haar gebrekkig en hoeft zij daarom niet voor de camera’s te betalen.

De tegenvordering van Skytree

Skytree vordert dat de rechtbank [eiser] veroordeelt om € 7.620,00 aan Skytree te betalen, plus de proceskosten. Zij verzoekt de rechtbank daarbij te bepalen dat het vonnis ook uitgevoerd moet worden als hoger beroep wordt ingesteld (uitvoerbaar bij voorraad).

Skytree stelt dat zij met [eiser] een overeenkomst had waarbij zij hebben afgesproken dat [eiser] voor Skytree tegen betaling een ‘punching tool’ zou maken. Skytree heeft hiervoor een aanbetaling gedaan. [eiser] heeft het product nooit geleverd en dus wil Skytree nu haar aanbetaling terug.

[eiser] voert verweer tegen de tegenvordering van Skytree waarop de rechtbank hierna ingaat.

5. De beoordeling

De vordering van [eiser]

en Skytree verschillen van mening over de vraag of zij een overeenkomst hebben gesloten waarbij [eiser] tegen betaling camera’s voor Skytree moest maken. De rechtbank oordeelt dat er een (geldige) overeenkomst is gesloten wat betreft de eerste set camera’s maar niet voor de tweede set camera’s. Skytree heeft daarom alleen een betalingsverplichting voor de eerste set. Dit zijn daarvoor de redenen.

[naam 3] heeft [eiser] de opdracht gegeven om camera’s voor Skytree te maken. Partijen zijn het erover eens dat [naam 3] formeel niet bevoegd was om Skytree te vertegenwoordigen bij het sluiten van een overeenkomst met [eiser]. Het gaat er dus om of [eiser] er onder de gegeven omstandigheden op mocht vertrouwen dat [naam 3] hem namens Skytree een opdracht mocht geven.

Bij de vraag of sprake is van gerechtvaardigd vertrouwen dat een medewerker van een bedrijf vertegenwoordigingsbevoegd is, geldt het volgende. Volgens artikel 3:61 lid 2 Burgerlijk Wetboek (hierna: BW) is er sprake van een schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid als een partij in naam van een ander zegt te handelen en de wederpartij op grond van een verklaring of gedraging van die ander heeft aangenomen, en onder de gegeven omstandigheden redelijkerwijze mocht aannemen, dat die partij inderdaad in naam van die ander mocht handelen. De ander in wiens naam is gehandeld kan zich er in zo’n situatie niet op beroepen dat die partij niet in zijn naam mocht handelen. Het is vaste jurisprudentie dat naast een verklaring of een gedraging van de ander ook sprake kan zijn van een schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid op grond van feiten en omstandigheden die voor risico van de ander komen en waaruit naar verkeersopvattingen de schijn van vertegenwoordigingsbevoegdheid kan worden afgeleid. Daarbij hoort volgens de Hoge Raad dat de wederpartij er onder omstandigheden ook op mag vertrouwen dat de organisatie van de ander zo is ingericht dat zij handelt met de daartoe bevoegde personen.

De rechtbank oordeelt dat [eiser] er redelijkerwijs vanuit mocht gaan dat [naam 3] op 6 januari 2025 bevoegd was om hem namens Skytree een opdracht te geven. Op die datum kreeg [eiser] een e-mail van [naam 3] met het verzoek tot het bouwen van een set van vier camera’s. De bedoeling was dat [eiser] de gevraagde camera’s binnen een paar dagen zou leveren (op 9 januari 2025), en [eiser] heeft dat ook gedaan (uiteindelijk op of omstreeks 12 januari 2025). Omdat er een lek in de tank van de vacuümkamer zat, moest dit met spoed gebeuren. Tijdens de mondelinge behandeling heeft [naam 2] verder bevestigd dat de taak van [naam 3] was om een vacuümsysteem te ontwerpen. Ook heeft hij bevestigd dat er een lek in de vacuümkamer zat dat gedicht moest worden. Skytree had dus belang bij een camerasysteem in de vacuümkamer en er was op dat moment haast geboden bij de opdracht aan [eiser].

In de cc van de e-mail van 6 januari 2025 stonden verder onder meer [naam 4], verantwoordelijk voor de werkplaats van Skytree, en de heer [naam 5], technisch directeur bij Skytree. [naam 3] richtte de e-mail ook in kopie aan [naam 7], de inkoper van Skytree, met het verzoek aan [eiser] om een offerte aan [naam 7] te sturen zodat deze een inkooporder (voor het PR-traject) aan kon maken. [eiser] heeft vervolgens een offerte gestuurd aan [naam 7] en is gestart met de opdracht om camera’s te ontwikkelen voor in een vacuümkamer, zonder een bevestiging van [naam 7] dat een PO of PR bij Skytree was aangemaakt.

Het is echter vaker voorgekomen dat [eiser] een urgente opdracht had gekregen voordat binnen Skytree een PR-nummer was aangemaakt. In die gevallen was het ook zo dat [eiser] opdracht kreeg van [naam 3] of van [naam 9] (team lead / begeleidend mechanisch engineer) om aan de slag te gaan met het bouwen van een product vóórdat het formele PR-traject was doorlopen. De facturen van [eiser] zijn voor die opdrachten – zo heeft Skytree niet betwist – steeds door Skytree betaald.

Onder de omstandigheden genoemd in alinea’s 5.4, 5.5 en 5.6 mocht [eiser] er op 6 januari 2025 op vertrouwen dat [naam 3] bevoegd was om hem namens Skytree een opdracht te geven. Weliswaar heeft [eiser] vaker opdrachten van Skytree gekregen en is hij bekend met het PR-traject, maar in dit geval mocht hij erop vertrouwen dat hij een opdracht had gekregen van Skytree voordat het PR-traject volledig was doorlopen. Met name de omstandigheid dat partijen bij urgente opdrachten vaker zo gehandeld hebben, het feit dat hij conform het gebruikelijke PR-traject een offerte heeft gestuurd aan [naam 7] om dit traject in gang te zetten en het feit dat relevante medewerkers binnen Skytree in de e-mail van 6 januari 2025 zijn betrokken bij het inschakelen van [eiser], maken dat [eiser] erop mocht vertrouwen dat hij met Skytree een overeenkomst had gesloten voor de eerste set camera’s.

Voor de tweede set camera’s geldt dit niet. Het verschil met de opdracht voor de eerste set camera’s is dat na het aanleveren van die eerste set, de opdracht is veranderd en de urgentie niet langer aanwezig was. Op 16 januari 2025 leverde [eiser] de eerste set camera’s. Daarna kreeg hij op 28 januari 2025 van [naam 8], de hardware test engineer van Skytree, een eerste reactie op de geleverde camera’s. Er werden nieuwe eisen gesteld door [naam 8], met name dat de camera’s bestand moesten zijn tegen hoge temperaturen, een hogere resolutie moesten hebben en dat alle vier de camera’s tegelijk moesten werken. Dit kwam in feite neer op het ontwerpen en maken van een nieuwe set camera’s. Daarop is [eiser] direct aan de slag gegaan.

Op dat moment had [eiser] al ruim 100 uur aan de opdracht voor de eerste set camera’s gewerkt. De totale arbeidskosten bedroegen toen ongeveer € 5.000,- exclusief btw (100 x uurtarief van € 50,- volgens offerte). Er waren op dat moment ongeveer drie weken voorbijgegaan sinds de e-mail van [naam 3] met de oorspronkelijke opdracht. De urgentie om zo snel mogelijk aan de slag te gaan ontbrak dus inmiddels. Weliswaar was het nog steeds belangrijk voor Skytree om zo snel mogelijk te beschikken over de camera’s, maar gezien het tijdsverloop tussen het aanleveren van de eerste set camera’s en de feedback van [naam 8] was het belang van een snelle oplevering minder groot geworden, zodat er geen noodzaak meer was om meteen aan de slag te gaan.

Daarbij is van belang dat [eiser] niet eerder van [naam 8] een opdracht namens Skytree had gekregen. De team lead, technisch directeur en junior technical buyer die in het eerdere verzoek wel betrokken waren via de e-mail zijn in dit aangepaste verzoek van [naam 8], dat kennelijk een omvangrijke klus betrof, niet gekend. De kosten van de eerdere opdrachten van Skytree aan [eiser] waren, op een enkele uitzondering na, aanzienlijk lager. Het had daarom op de weg van [eiser] gelegen om, vóórdat hij begon aan de tweede set camera’s, te controleren of de opdracht formeel goedgekeurd was of dat hij een nieuwe offerte moest sturen ter goedkeuring via het PR-traject. [eiser] was er immers mee bekend dat een opdracht formeel via het PR-traject moest worden goedgekeurd.

Onder deze omstandigheden had van [eiser] mogen worden verwacht dat hij navraag zou doen naar de goedkeuring van zijn offerte of opdracht, al dan niet via het PR-traject.

De rechtbank komt tot de conclusie dat [eiser] en Skytree een overeenkomst hebben voor de eerste set camera’s maar niet voor de tweede set camera’s. Skytree is daarom verplicht om de factuur te betalen voor zover die ziet op arbeidsloon voor de eerste set.

Gebreken aan de camera’s

Het verweer van Skytree dat zij niet hoeft te betalen omdat de camera’s gebrekkig zijn gaat niet op omdat - ook als dat klopt, wat [eiser] betwist - Skytree nog steeds verplicht is de factuur te betalen voor zover die ziet op de eerste set camera’s. Skytree heeft niet bij [eiser] geklaagd over gepretendeerde gebreken, zij heeft [eiser] niet in gebreke gesteld en ook geen gelegenheid gegeven gebreken te herstellen. Integendeel, [naam 8] heeft de eerste set camera’s zonder bezwaar in ontvangst genomen, daarmee tests uitgevoerd en vervolgens [eiser] gevraagd een nieuwe set camera’s te maken met nieuwe specificaties en eisen. Zodoende heeft Skytree de eerste set camera’s in gebruik genomen of in ieder geval beschikte zij vanaf dat moment over die camera’s en heeft zij geen bezwaar of voorbehoud gemaakt. Skytree wordt daarmee geacht de eerste set camera’s (stilzwijgend) te hebben aanvaard.

Hoofdsom en rente

Skytree wordt veroordeeld tot betaling voor de eerste set camera’s. Uit de door [eiser] overgelegde urenspecificaties volgt dat [eiser] 100,02 uur aan de eerste set camera’s heeft besteed à € 50 euro, exclusief btw, en dat de kosten voor het ontwikkelen van de bijbehorende software en hardware voor de eerste set camera’s neerkomen op 65 uur à € 50, exclusief btw. Dat leidt tot toewijzing van een hoofdsom van € 9.983,71, inclusief btw.

[eiser] heeft de wettelijke handelsrente gevorderd over de te betalen hoofdsom, voor de periode vanaf 2 juli 2025 tot aan 30 oktober 2025, en vervolgens vanaf 30 oktober 2025. Nu sprake is van een handelsovereenkomst zal die rente worden toegewezen.

De door [eiser] gevorderde wettelijke handelsrente over de periode vanaf 2 juli tot 30 oktober 2025 wordt toegewezen voor een bedrag van € 335,93. De wettelijke handelsrente zal verder worden toegewezen vanaf 30 oktober 2025.

De tegenvordering van Skytree

Skytree stelt dat [eiser] de aanbetaling die hij heeft ontvangen voor de opdracht van de ‘punching tool’ moet terugbetalen. Zij heeft de overeenkomst ontbonden omdat [eiser] de product(en) niet op tijd heeft opgeleverd. Skytree vond dat zij dat mocht doen omdat partijen een termijn voor oplevering zouden hebben afgesproken die niet is gehaald.

[eiser] betwist de stellingen van Skytree. Hij voert aan dat hij wel materiaal heeft besteld en werk heeft verricht, maar dat Skytree zelf voor de afronding heeft aangegeven geen prijs meer te stellen op levering van de punching tool. Nadien heeft Skytree ook op geen enkel moment geïnformeerd naar de voortgang van de opdracht of aangedrongen op nakoming. Dat bevestigt dat zij de punching tool niet meer wilde ontvangen. Er is geen sprake van verzuim aan de kant van [eiser]. Hij is niet in gebreke gesteld en er is geen fatale termijn afgesproken. Skytree heeft de overeenkomst daarom niet rechtsgeldig ontbonden.

De rechtbank overweegt dat de betalingsverplichting van Skytree jegens [eiser] uit hoofde van de overeenkomst voor de punching tool nog steeds bestaat. Terecht voert [eiser] aan dat hij niet in verzuim was op het moment dat Skytree hem meedeelde de overeenkomst te ontbinden. De ontbinding is daarom niet rechtsgeldig. Ook voor dit product geldt dat Skytree niet bij [eiser] heeft geklaagd over het uitblijven van de levering, zij heeft [eiser] niet in gebreke gesteld en ook geen gelegenheid gegeven alsnog de punching tool te leveren. Dat een fatale termijn zou zijn afgesproken wordt betwist door [eiser] en blijkt verder nergens uit.

Bovendien lag het gezien de gemotiveerde betwisting en uitleg van [eiser] over hoe de opdracht volgens hem is uitgevoerd en geëindigd op de weg van Skytree om haar stelling dat [eiser] nog wel tot levering gehouden was te onderbouwen met concrete feiten en omstandigheden. Dat heeft zij niet gedaan. Ook is daarvan uit de communicatie voorafgaande aan deze procedure niets gebleken. De rechtbank wijst daarom de tegenvordering van Skytree af.

De buitengerechtelijke incassokosten

De vordering moet worden beoordeeld op grond van artikel 6:96 BW en het Besluit vergoeding voor buitengerechtelijke incassokosten (hierna: het Besluit). [eiser] heeft voldoende gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. [eiser] heeft daarom recht op een vergoeding voor de kosten van die werkzaamheden. Daarom zal een bedrag van € 874,19 worden toegewezen.

De vordering en de tegenvordering

De proceskosten van de vordering van [eiser]

Hoewel een groot deel van de vordering wordt afgewezen is [eiser] voor het toegewezen bedrag terecht een procedure gestart. Daarom moet Skytree de proceskosten en de nakosten betalen. De rechtbank berekent de kosten van het salaris van de advocaat aan de hand van de toegewezen hoofdsom. De proceskosten van [eiser] worden begroot op:

- dagvaarding € 122,35

- griffierecht € 1.374,-

- salaris advocaat € 1.108,- (2 punten × tarief € 554,-)

Totaal € 2.604,35

De proceskosten van de tegenvordering van Skytree

De rechtbank veroordeelt Skytree ook in de proceskosten van de tegenvordering omdat haar vordering wordt afgewezen. Die kosten worden begroot op: € 831,- (1,5 punt × tarief € 554). Hierbij wijst de rechtbank 1,5 punt toe omdat de tegenvordering een ander onderwerp betreft dan de vordering van [eiser].

Skytree dient ten slotte ook de nakosten te betalen van € 296,- plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing.

6. De beslissing

De rechtbank

wat betreft de vordering van [eiser]

veroordeelt Skytree om € 10.319,64 te betalen aan [eiser], te vermeerderen met de wettelijke handelsrente over een bedrag van € 9.983,71 vanaf 30 oktober 2025 tot aan algehele voldoening,

veroordeelt Skytree om € 874,19,- aan buitengerechtelijke incassokosten te betalen,

veroordeelt Skytree in de proceskosten van € 2.604,35,

wat betreft de tegenvordering van Skytree

veroordeelt Skytree in de proceskosten van € 831,-.

over de vordering en de tegenvordering

veroordeelt Skytree in de nakosten van € 296,-. Als Skytree niet op tijd aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend moet zij € 98,- extra betalen, plus de kosten van betekening,

verklaart dit vonnis tot zover uitvoerbaar bij voorraad,

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door mr. M.F. van Schendel, rechter, bijgestaan door mr. D.K.W. Collins, griffier en in het openbaar uitgesproken op 26 augustus 2026.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. M.F. van Schendel

Griffier

  • mr. D.K.W. Collins

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand