RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht
Zaaknummer: C/13/778142 / HA ZA 25-1670
Vonnis van 12 augustus 2026
in de zaak van
TEMA TECHNIEK B.V.,
gevestigd in Lobith,
eiseres in conventie,
verweerster in reconventie,
hierna te noemen: Tema Techniek,
advocaat: mr. I.A. Hoedemaeker,
tegen
PREMIER MECHANICAL INSTALLATIONS B.V.,
gevestigd in Amsterdam,
gedaagde in conventie,
eiseres in reconventie,
hierna te noemen: PMI,
advocaten: mr. A. Moret en mr. M.L. Welling de Aruda.
1. De zaak in het kort
Tema Techniek heeft in 2024 en 2025 in totaal 27 koolstofstalen opslagtanks aan PMI verkocht en geleverd. Zij heeft hiervoor drie facturen aan PMI verstuurd, waarvan PMI er twee heeft voldaan. De laatste factuur ter waarde van € 85.305,00 heeft PMI niet voldaan. PMI heeft deze betalingsverplichting opgeschort, omdat zich al snel na de levering roest op de tanks had gevormd. Tema Techniek betwist dat de geconstateerde roestvorming is ontstaan door een gebrek aan de door haar geleverde tanks. Zij zegt dat deze is ontstaan doordat de tanks maandenlang buiten op een bouwterrein hebben gestaan zonder dat de transportopeningen van de tanks met de meegeleverde afdekplaatjes waren afgedekt. De roestvorming kan volgens Tema Techniek ook zijn ontstaan doordat PMI op eigen houtje het isolatiemateriaal van de tanks heeft verwijderd, waarbij mogelijk een deel van de anti-roestcoating is meegekomen. PMI was dan ook niet bevoegd om de betaling van de derde factuur op te schorten. Tema Techniek vordert in conventie betaling van deze factuur. PMI voert hiertegen aan dat zij door de non-conformiteit van de tanks voor een bedrag van € 202.058,43 aan schade heeft geleden, omdat zij voor dit bedrag aan kosten heeft moeten maken om de tanks te (laten) herstellen. In conventie beroept zij zich op verrekening van dit bedrag met het openstaande factuurbedrag van Tema Techniek en in reconventie vordert zij een schadevergoeding ter hoogte van het bedrag dat na verrekening overblijft. Tema Techniek voert hiertegen verweer.
De rechtbank wijst de vordering in conventie af, omdat de tanks niet de eigenschappen bezaten die PMI op grond van de koopovereenkomsten mocht verwachten en zij daardoor voor een bedrag aan schade heeft geleden dat het openstaande factuurbedrag overstijgt. De vordering in conventie gaat dus door verrekening teniet. De rechtbank wijst de in reconventie gevorderde schadevergoeding toe en begroot de schade van PMI op € 135.922,43. Na verrekening van dit bedrag met de factuur van Tema Techniek, heeft PMI nog € 50.617,43 van Tema Techniek tegoed. De rechtbank veroordeelt Tema Techniek dit bedrag aan PMI te betalen.
2. De procedure
Het verloop van de procedure blijkt uit:
- de dagvaarding van 21 oktober 2025;
- de akte overlegging producties van Tema Techniek;
- de conclusie van antwoord tevens eis in reconventie met producties;
- de conclusie van antwoord in reconventie met producties;
- het tussenvonnis van 1 april 2026;
- de akte overlegging producties van PMI; en
- het proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 1 juli 2026 en de daarin genoemde stukken.
3. De feiten
Tema Techniek is onder andere een leverancier van opslagtanks. De opslagtanks waarover deze procedure gaat, zijn geproduceerd door een Italiaans bedrijf genaamd T.M.L. s.r.l..
PMI is een installatiebedrijf en als onderaannemer betrokken bij de ontwikkeling van een datacenter in Schiphol-Rijk. De hoofdaannemer van dit project is een Iers bedrijf genaamd Mercury Engineering (Mercury).
PMI heeft ten behoeve van de koeling van het datacenter in totaal 27 opslagtanks voor koud water van Tema Techniek afgenomen. De eerste koopovereenkomst tussen partijen betrof 15 tanks en is tot stand gekomen door middel van een ‘quotation’ van Tema Techniek van 28 juni 2024 en een ‘purchase order’ van PMI van 11 juli 2024. De koopsom voor deze 15 tanks was € 176.250 exclusief BTW. Op de ‘quotation’ van Tema Techniek is onder ‘item description’ het volgende te lezen:
“Storage tank 5.000 liter insulated chilled water systemCapacity 5.000 literInside carbon steel S235JROutside carbon steel S235JR with anti-rust coatingInsulation 40mm Armaflex with Aluminium cladding(…)Delivered conform attached specifications/drawing”
Op de technische tekening waarnaar in deze ‘quotation’ wordt verwezen, is de volgende tekst opgenomen:
“EXTERNAL TREAT: PaintedINTERNAL TREAT: Raw”
Op 15 november en 17 december 2024 heeft Tema Techniek de eerste 15 tanks op het bouwterrein van het datacenter geleverd. Tema Techniek heeft hiervoor een factuur aan PMI gestuurd en PMI heeft deze voldaan.
De tweede koopovereenkomst betrof 12 tanks en is tot stand gekomen door middel van twee ‘quotations’ van Tema Techniek van 28 juni 2024 en een ‘purchase order’ van PMI van 6 januari 2025. Partijen hebben hierbij per e-mail afgesproken dat voor de koop van deze tanks dezelfde voorwaarden gelden als voor de 15 eerder geleverde tanks. De koopsom voor deze 12 tanks bedroeg € 141.000 exclusief BTW.
Tema Techniek heeft deze 12 tanks op 7 en 8 april 2025 geleverd. Zij heeft hiervoor twee facturen voor een bedrag van € 70.500 exclusief BTW aan PMI verstuurd. PMI heeft alleen de eerste van deze twee facturen voldaan.
PMI heeft op een gegeven moment op een van de tanks roestvorming geconstateerd. Op 8 april 2025 heeft zij om deze reden per e-mail aan Tema Techniek gevraagd of de tanks onder de aluminium bekleding (‘cladding’) en het isolatiemateriaal (‘insulations’) waren voorzien van een verflaag. PMI heeft Tema Techniek later die dag ook de volgende e-mail gestuurd:
“This needs addressing urgently please. This could result in stripping the cladding and insulations on all vessels if not satisfactory. This has come from the client team. I have seen a number of locations that flangs have been left raw mental. What is the process for painting these vessels in factory? Have you got before and after photos please?”
Tema Techniek heeft hierop per e-mail van 9 april 2025 de volgende reactie van product T.M.L. aan PMI doorgestuurd:
“Painting
Tanks which are insulated with insulation to prevent condensation are not treated or painted the same way as tanks with insulation for heating process. Parts that are painted are the legs, the connections, lifting lugs and all other part that are not covered by our insulation. All parts that are covered by our insulation are treated by our insulation department, glued and insulation covered.
The insulation covers the body and the bottoms of the tank the material is closed cell expanded polyethylene
therefore, even without an external cladding, the insulation is already waterproof.
The costumer has opened the insulation, this shouldn’t they have done, id this is not repaired carefully there will be change of condensation. The rust on the flanges is strange, the flanges have been painted, we can imagine that these places are scratched during transport or placing of the tanks, please slightly grind and apply an epoxy paint on the scratched parts before insulated.
Cladding
Some lifting lugs haven’t been properly sealed, production apologizes for this, this can be fixed by silicone kit.
Regarding the missing screws, this is not the way these tanks left our production side, we think the have been lost during transport.”
Op 3 juni 2025 hebben medewerkers van Tema Techniek en PMI de opslagtanks op de bouwplaats geïnspecteerd en samen met medewerkers van Mercury overleg gevoerd over de geconstateerde problemen en de vereiste vervolgstappen. Na deze bijeenkomst heeft een medewerker van Mercury, [naam 1] , [naam 2] van PMI en [naam 3] van Tema Techniek als volgt bericht:
“Following your site inspection and today’s meeting, please find below a summary of the issues identified and the agreed actions to be undertaken and demonstrated to the client:
1. Inspection of Pipework Penetrations:
Cladding and insulation must be removed at all positions where pipework penetrates through the cladding (including pipework outlets, top cap vent, feet, and transport brackets).
This is to verify that no rust is present beneath the glued insulation.
2. Reinstatement of Insulation:
After inspection, cladding and insulation must be properly reinstated to ensure the insulation remains both vapour-tight and watertight.
3. Rust Treatment:
All visible rust spots on the pipework, brackets, and feet must be treated and repainted to ensure long-term protection.
4. External Cladding:
All joints in the external cladding must be fully watertight to prevent moisture ingress.
5. Warranty Extension:
A formal letter confirming the extension of the warranty is to be provided to the client.
6. Verification:
These actions are to be carried out and verified on a minimum of two (2) buffer vessels to demonstrate the effectiveness and correctness of the rust protection measures.
Please confirm and provide a timeline for when the above actions will be completed.”
[naam 2] van PMI heeft [naam 3] van Tema Techniek per e-mail van 4 juni 2025 bericht dat PMI de betaling van de laatste factuur van Tema Techniek opschort totdat de herstelwerkzaamheden aan de tanks op locatie (‘onsite’) hebben plaatsgevonden.
[naam 2] van PMI heeft [naam 3] en [naam 4] van Tema Techniek per e-mail van 10 juli 2025 als volgt bericht:
“The client has rejected the proposal for the additional 8-year warranty offer.
The remedial action Mercury has suggested is,
The full external surface of the affected buffer vessels should be treated, including sanding to remove all insulation, adhesive and rust, priming, painting, and re insulated and cladded, to ensure the issue is fully resolved and future corrosion is prevented.
Mercury is still planning to engage with [de opdrachtgevers van Mercury, rb] tomorrow to walk them through TML’s proposal and try to work collaboratively toward an agreed solution.
The aim is to confirm whether the proposed approach is acceptable to them and to identify any additional actions they may require.
I have attached some photos of the vessel with a digital paint thickness reader. As can be seen in the photos attached the thickness of paint applies differs in all locations tested. The paint thickness on the top of the vessels is the thickness. In are meeting last Friday TML confirmed that this had not paint which is incorrect.
These vessels should have been supplied fully paint as per the approved drawing. Please confirm if the above can be implement and advise on a time frame for the works to be carried out.”
Nadat [naam 4] van Tema Techniek deze e-mail had doorgestuurd naar een vertegenwoordiger van T.M.L., [naam 5] , heeft [naam 5] [naam 4] van Tema Techniek per e-mail van 10 juli 2025 als volgt bericht:
“As discussed, we reiterate our previous proposal of July the 4th enclosed which we consider the easier, faster and effective. As already explained it will be necessary to disconnect the cylinder from the system. As an exception and limited to the one and only affected vessel which insulation has been removed, we are available to restore the insulation without disconnecting the tank, however it is mandatory to close the valves connected to the vessel as its surface needs to be at room temperature prior to apply the new insulation.
If the above is not accepted we have two other options to propose:
1) Contractor(s) has to dismantle all the vessels (by batches of 5/10 pieces per time), ship them back to TML. We will then remove the insulation, clean and paint the vessels and reinsulate again. Costs of this solution to be shared among all the parties.
2) Contractor(s) dismantles the vessels and return them to TML that will credit their value (excluding transport costs and out of the pocket costs) to Tema Techniek.”
In aansluiting op deze e-mail van [naam 5] van TML aan [naam 4] van Tema Techniek, die [naam 4] kennelijk aan PMI had doorgestuurd, heeft [naam 6] van PMI op 10 juli 2025 de volgende e-mail aan [naam 4] van Tema Techniek en [naam 2] van PMI gestuurd:
“None of the proposal’s outlined below is acceptable to our client, therefore we cannot proceed with these.TML do not seem to want to entertain the repairs onsite. The cost of draining down the vessels and removing them from site will be outrageously expensive. The system is fully cleaned and been dosed with glycol at this stage for 15no vessels, this equals 22,500 litres of glycol and 52500 litres of water.
As you know the one vessel we have stripped form batch 1 has not been painted correctly, has not been insulated correctly and has not been sealed correctly.
Answer me this question please [ [naam 4] , toevoeging rb.], is the paint finish below the insulation acceptable for Tema Techniek?
I will note that there seem to be a much higher level of workmanship on the second batch of vessels. Is it possible that these have been painted correctly under the insulation? Is there any photographs of these before the insulation was added?
If there is no way forward from your side we will need to instruct painters and an insulation company to carry out the work on your behalf and deduct the costs form the outstanding invoice.”
Tema Techniek heeft op 15 juli 2025 een brief aan PMI gestuurd, waarin zij heeft toegelicht dat de tanks (volgens haar) aan de overeengekomen specificaties voldoen en dat PMI de openstaande factuur daarom moet voldoen. Het slot van deze brief luidt als volgt:
“We offered several solutions to solve the problems that occurred during the last months, but we have to mention that these solutions were merely accommodating, as we concluded
earlier that by delivering the buffer tanks according to the specifications, Tema Techniek already fulfilled its obligations. As we already met all of our obligations, we are in fact entitled to the payment of the amount due of € 85,305.00.
We are still quite willing to offer solutions for the problems that occurred, but direct payment of a substantial part of our second invoice must be part of any settlement to be reached. As pointed out before, both TML and ourselves are prepared to reship all buffer tanks that are concerned and have them treated against corrosion in Italy and share the costs equally between all three parties: TML, PMI and Tema Techniek. We still are ready to do so, but again: we are entitled to full payment of the second installment of the purchase price of the 12 buffer tanks. We can agree to deduct an amount for the estimated costs of such operation, but notreaching an agreement on the solution can no longer be an argument to postpone payment of the moneys owed to us.
We suggest that we will discuss things further on short notice together with all parties concerned, such as TML and Mercury. We await your swift response.”
Op 21 juli 2025 heeft [naam 2] van PMI de reactie van PMI op deze brief van Tema Techniek aan [naam 4] van Tema Techniek gestuurd, met daarbij de volgende begeleidende e-mail:
“Please see attached
1. The first attachment is our response to your letter outlying our evaluation and the required corrective actions
2. The second attachment is a Non-Conformance issued to us by Mercury for the manufacturing issues of your vessels
The next step from here is to agree on implementing the corrective actions —We need a response on this from you by COB Wednesday 23.07.2025”
In de bijgevoegde brief, ook van 21 juli 2025, heeft PMI toegelicht waarom de geleverde tanks (volgens haar) niet aan de overeengekomen specificaties voldoen. Het slot van deze brief luidt als volgt:
“Required Remedial Actions
To resolve the issue, we require a dedicated team to be deployed to site for the full duration of the following works on all 27 vessels:
1. Remove all cladding and insulation.
2. Prepare external surfaces by sanding, removing adhesives and insulation, eliminating rust, and thoroughly cleaning the steel in preparation for painting.
3. Prime and paint the external surfaces using a paint compatible with Armaflex adhesive.
4. Reapply insulation , ensuring all joints are sealed in strict accordance with the manufacturers installation instructions.
5. Reinstall cladding , ensuring all joints and openings are properly sealed to prevent water ingress.”
[naam 4] van Tema Techniek heeft per e-mail van 22 juli 2025 als volgt op deze e-mail en brief van PMI gereageerd:
“I think we must agree to disagree.I wrote you the tanks are produced conform specifications, and you write the tanks are produced incorrectly.We are still willing to help PMI towards Mercury.
I think there is an extra option we can look at, in addition to the options previously discussed:
- PMI is contracting a third party who can fill out all PMI’s wishes on side, quotation and the distribution of costs will be discussed in advance.
Please inform us how you want to proceed.”
[naam 2] van PMI heeft hierop per e-mail van 25 juli 2025 als volgt gereageerd:
“As this is the only option you are willing to provide then we will have to look into it
We are currently getting quotations for these works and will comeback to you with the finalized costs and proceed from there
We will need to proceed with 1No vessel in order to complete a benchmark by the end of the month”
[naam 2] van PMI heeft [naam 4] van Tema Techniek per e-mail van 15 augustus 2025 offertes voor herstelwerkzaamheden gestuurd. [naam 4] van Tema Techniek heeft hierop per e-mail van 21 augustus 2025 het volgende geantwoord:
“We have received your email.TML is going to make this decision.TML is now closed for summer holiday, Tuesday/Wednesday they are back the office”
[naam 2] van PMI heeft op 22 augustus 2025 als volgt op deze e-mail van [naam 4] van Tema Techniek gereageerd:
“This item is urgent, we cannot wait for TML to confirm as they have not been proactive or shown any interest in resolving this item throughout this entire process
The removal of the cladding and insulation, surface preparation and painting of the vessels has had to start with the re insulation and cladding due to begin within the next week in order to achieve closing the item out in the next 2 weeks
If you would like to come and attend site to inspect these vessels, or send a team to insulate and clad the vessels, this needs to happen now
Tema needs to action and confirm”
[naam 4] van Tema Techniek heeft per e-mail van 26 augustus 2025 als volgt op deze e-mail van [naam 2] van PMI gereageerd: “As already pointed out in our letter of July 15th, 2025 we are of the opinion that all buffer tanks delivered to you were in accordance with the agreement and without any defects. It may be the case that due to ill treatment of the buffer tanks after delivery these were damaged and show certain defects, but this is no longer for our risk. As agreed, delivery took place in Amsterdam and from that moment they were for your risk.
However, as a proof of our good will we offered a number of solutions to mitigate those defects, all of which were refused by yourselves or by your customers.
You offered to have these buffer tanks repaired by a third party at enormous costs, which of course is unacceptable to us and our supplier TML, who would otherwise be involved in repairing the defects caused by events after delivery according to our offer.
We take it that the solutions offered by ourselves earlier are no longer to be discussed. This leads automatically to the matter of our unpaid invoice.
As already mentioned in our letter of July 15, 2025, we are entitled to the payment of the amount due of € 85,305.00. We herewith ask you and in so far as necessary summon you to pay the amount mentioned before September 10, 2025 into our bank account with [rekeningnummer, rb]. Should you not pay this amount before this date, we will seek legal assistance to collect said amount. In that case extrajudicial costs and trade interest as of September 10th, 2025 will be due as well.”
PMI heeft niet aan deze sommatie van Tema Techniek voldaan en uiteindelijk een derde ingeschakeld om herstelwerkzaamheden aan de opslagtanks te verrichten.
4. Het geschil
in conventie
Tema Techniek vordert dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad, PMI veroordeelt:
tot betaling van € 85.305 te vermeerderen met de wettelijke handelsrente hierover vanaf 7 oktober 2025, dan wel vanaf de dag van dagvaarding;
tot betaling van € 1.628,05 aan buitengerechtelijke incassokosten; en
in de proceskosten en de beslagkosten.
Tema Techniek legt aan haar vordering – samengevat – het volgende ten grondslag. Zij heeft de 27 opslagtanks conform de specificaties in de koopovereenkomsten geleverd. De anti-roestcoating is correct aangebracht en de tanks waren bij de levering niet beschadigd. Als de tanks bij de levering beschadigd waren geweest, dan had PMI dat bij de levering op de daarvoor bestemde vrachtbrieven moeten vermelden. De door PMI gestelde gebreken aan de tanks zijn na de levering ontstaan. De roestvorming is veroorzaakt doordat de tanks na de levering maandenlang buiten op het bouwterrein van het datacenter hebben gestaan zonder dat de transportopeningen van de tanks met de meegeleverde afdekplaatjes waren afgedekt. Dit komt voor rekening en risico van PMI. De krassen moeten zijn ontstaan bij het afladen van de tanks op de bouwlocatie of door beschadiging in de periode dat de tanks op de bouwplaats hebben gestaan. Dit komt ook voor rekening en risico van PMI. Tema Techniek heeft de tanks dus conform de eisen in de koopovereenkomsten geleverd en heeft dus recht op betaling van haar factuur.
PMI voert hiertegen – samengevat – het volgende verweer. PMI heeft de betaling van deze factuur rechtsgeldig opgeschort, omdat de geleverde tanks niet voldeden aan de overeengekomen specificaties. De tanks zouden zijn voorzien van een anti-roestcoating en uit de geconstateerde roestvorming blijkt dat dit niet of onvoldoende het geval is geweest. PMI heeft na verwijdering van de bekleding en het isolatiemateriaal met een verfdiktemeter vastgesteld dat de tanks met onvoldoende anti-roestcoating waren afgewerkt. Ook zaten er bij de levering krassen op de tanks. Het standpunt van Tema Techniek dat PMI op de vrachtbrieven melding had moeten maken van deze gebreken, kan niet worden gevolgd omdat deze vrachtbrieven dienden ter bevestiging van de levering van de goederen en niet om de conformiteit daarvan aan te tonen. De door Tema Techniek aangevoerde alternatieve oorzaken van de roestvorming op de tanks overtuigen niet. PMI was dus bevoegd om de betaling van de factuur van Tema Techniek op te schorten. Omdat de in reconventie gevorderde schadevergoeding het openstaande factuurbedrag ruimschoots overstijgt, dient de vordering in conventie te worden afgewezen.
in reconventie
PMI vordert, na eiswijziging, dat de rechtbank bij vonnis, uitvoerbaar bij voorraad Tema Techniek veroordeelt:
tot betaling van € 202.058,43, dan wel € 116.753,43 na verrekening, te vermeerderen met de wettelijke rente vanaf de datum van indiening van de conclusie van antwoord tevens eis in reconventie; en
in de proceskosten.
PMI legt aan deze vordering – samengevat – het volgende ten grondslag. PMI heeft op grond van artikel 6:74 lid 1 BW recht op vergoeding van de schade die zij heeft geleden door de tekortkomingen in de nakoming van de koopovereenkomsten aan de zijde van Tema Techniek. De tanks waren immers niet of onvoldoende voorzien van een anti-roestcoating. Ondanks herhaalde verzoeken daartoe, heeft Tema Techniek zich niet bereid getoond om dit op een passende manier te herstellen. Aan het vereiste van verzuim is voldaan, omdat PMI uit de mededelingen van Tema Techniek heeft moeten afleiden dat zij haar verplichtingen uit de koopovereenkomsten niet meer zou nakomen (artikel 6:83 sub c BW). De schade die PMI door de tekortkomingen van Tema Techniek heeft geleden, is gelijk aan de herstelkosten die zij heeft moeten maken om de tanks alsnog te laten voldoen aan de overeengekomen specificaties. Deze bedragen in totaal € 202.058,43. Na verrekening van dit bedrag met de laatste factuur van Tema Techniek, resteert een vordering van PMI op Tema Techniek van € 116.753,43.
Tema Techniek voert hiertegen, onder verwijzing naar haar stellingen in conventie, het volgende verweer. De tanks voldeden bij de levering wel degelijk aan de specificaties in de koopovereenkomsten. Deze waren beschermd met twee vormen van anti-roestcoating. De onderdelen die bedekt waren met isolatiemateriaal werden beschermd door een roestwerende lijm die het isolatiemateriaal en het koolstofstaal met elkaar verbond, aangebracht aan de binnenkant van de isolatielaag. De onderdelen die niet met isolatiemateriaal bedekt waren, werden beschermd door een roestwerende verf (epoxy). Hoewel de tanks dus niet over de gehele oppervlakten met een roestvrije verf waren afgewerkt, waren deze wel volledig voorzien van (een vorm van) een anti-roestcoating. Bovendien wordt betwist dat de koolstofstalen tanks door roest zijn aangetast. Er is weliswaar roestwater op de tanks terechtgekomen, maar dit roestwater is niet doorgedrongen tot het koolstofstaal. De gestelde roestvorming had met een vochtige doek eenvoudig verwijderd kunnen worden. Voor zover PMI schade heeft geleden, is dit haar eigen schuld, omdat zij de transportopeningen van de tanks niet heeft afgedekt met de meegeleverde afdekplaatjes en op eigen houtje het isolatiemateriaal van de tanks heeft verwijderd, waarbij mogelijk een deel van de anti-roestcoating is meegekomen. Aan het vereiste van verzuim is niet voldaan, omdat PMI Tema Techniek niet op een correcte wijze in gebreke heeft gesteld. Voorts is de door PMI gestelde schade onvoldoende onderbouwd en voor Tema Techniek niet te controleren. De vordering in reconventie moet dan ook worden afgewezen.
5. De beoordeling
De rechtbank behandelt eerst de vordering van PMI in reconventie, omdat de uitkomst daarvan ook bepalend is voor de vordering van Tema Techniek in conventie. Het verweer van PMI tegen de vordering in conventie is namelijk dat de tanks niet voldeden aan de specificaties in de koopovereenkomsten en dat zij daardoor een bedrag aan schade heeft geleden dat het factuurbedrag overstijgt, zodat de vordering in conventie van Tema Techniek door verrekening teniet is gegaan. Of de tanks bij de levering voldeden aan de overeengekomen specificaties, is een vraag die ook moet worden beantwoord bij de vordering in reconventie. De rechtbank zal hiermee dus beginnen.
in reconventie
Voor toewijzing van de vordering in reconventie is vereist dat Tema Techniek is tekortgeschoten in de nakoming van de koopovereenkomsten en PMI daardoor schade heeft geleden. Ook moet zijn voldaan aan het vereiste van verzuim.
Is Tema Techniek tekortgeschoten in de nakoming van de koopovereenkomsten?
Naar het oordeel van de rechtbank is Tema Techniek tekortgeschoten in de nakoming van de koopovereenkomsten, omdat de geleverde tanks niet de eigenschappen bezaten die PMI op grond van de koopovereenkomsten mocht verwachten. Dit wordt hierna toegelicht.
Tussen partijen is niet in geschil dat de tanks op grond van de koopovereenkomsten afgewerkt moesten zijn met een anti-roestcoating. Dit blijkt ook wel uit de ‘quotation’ van 28 juni 2024 waarin staat: “Outside carbon steel S235JR with anti-rust coating” en uit de daarbij gevoegde technische tekening van TML waarop staat: “EXTERNAL TREAT: Painted” (zie paragraaf 3.3 en 3.4 hierboven). Naar het oordeel van de rechtbank heeft PMI voldoende onderbouwd dat de tanks onvoldoende waren voorzien van een anti-roestcoating en daardoor onvoldoende beschermd waren tegen roestvorming. Op de foto’s opgenomen in de brief van PMI aan Tema Techniek van 21 juli 2025 en de herstelrapporten van 27 augustus 2025 die PMI heeft overgelegd, is namelijk te zien dat op vrijwel iedere tank aanzienlijke roestvorming is ontstaan. Als de tanks met een geschikte anti-roestcoating waren afgewerkt, dan zou de geconstateerde roest zich niet binnen een periode van vijf tot acht maanden op de tanks hebben kunnen vormen.
Tema Techniek heeft hiertegen aangevoerd dat de gestelde roestvorming op de tanks niet is veroorzaakt door het ontbreken van een anti-roestcoating, maar door andere oorzaken. Ook heeft zij aangevoerd dat slechts sprake is geweest van eenvoudig met een natte doek te verwijderen roestwater. De rechtbank volgt deze standpunten niet. Uit de foto’s in de door PMI overgelegde brief van 21 juli 2025 en de herstelrapporten van 27 augustus 2025 blijkt duidelijk dat de koolstofstalen tanks zijn aangetast door roestvorming en dat niet slechts sprake is van eenvoudig te verwijderen roestwater. Als het probleem daadwerkelijk met een natte doek opgelost had kunnen worden, dan licht het ook niet in de lijn der verwachting dat PMI de kostbare herstelwerkzaamheden zou hebben laten verrichten. Bovendien heeft PMI op de mondelinge behandeling onbetwist aangevoerd dat haar personeel een zandstraal machine heeft moeten gebruiken om de roestvorming van de tanks te krijgen.
Verder heeft Tema Techniek aangevoerd dat de roestvorming is ontstaan doordat de tanks maandenlang buiten hebben gestaan zonder dat de transportopeningen van de tanks met de meegeleverde afdekplaatjes waren afgedekt. De rechtbank begrijpt dit betoog van Tema Techniek zo dat de anti-roestcoating aangebracht in de transportopeningen door ‘ingeregend’ water zou zijn uitgesleten en dat vervolgens in deze transportopeningen roestwater is ontstaan, dat zich via het isolatiemateriaal over de gehele oppervlakten van de tanks heeft verspreid en zo de geconstateerde roestvorming/het roestwater heeft veroorzaakt. De rechtbank acht dit niet aannemelijk. De transportopeningen van de tanks zijn erg klein en bevinden zich op specifieke plekken op de tanks, terwijl de roestvorming zich over de gehele oppervlakten van de tanks heeft verspreid. Bovendien heeft Tema Techniek zelf tijdens de mondelinge behandeling bevestigd dat de transportopeningen zich aan de onderkant van de tanks bevonden toen zij horizontaal op het bouwterrein van het datacenter waren opgesteld en dat in die periode dus geen roestvorming op de opslagtanks via deze transportopeningen kan zijn ontstaan. De stelling van Tema Techniek dat de tanks maandenlang onbeschermd op het bouwterrein van het datacenter hebben gestaan en dat hierdoor de roestvorming is ontstaan gaat dus niet op. Volgens Tema Techniek zou het roest over de gehele opslagtanks dan moeten zijn ontstaan in de korte periode dat de tanks voor hun installatie rechtop hebben gestaan, terwijl in die periode de transportopeningen zich horizontaal ten opzichte van de tanks bevonden en regenwater hier dus niet recht van boven op de tanks terecht kan zijn gekomen. Dat er zoveel regenwater via deze horizontale transportopeningen op de tanks terecht is gekomen dat over de gehele oppervlakten van de tanks roestvorming is ontstaan is daarmee niet aannemelijk.
Wat hier ook van zij, uit de ‘quotation’ van 28 juni 2024 blijkt duidelijk dat de buitenkant van de koolstofstalen tanks moest worden afgewerkt met een anti-roestcoating, zodat eventueel water via het isolatiemateriaal, aangebracht op de buitenkant van de koolstofstalen tanks, ook niet tot roestvorming op de tanks had mogen leiden. Bovendien heeft T.M.L. als fabrikant van de tanks in het in paragraaf 3.9 hierboven geciteerde bericht bevestigd dat de tanks niet volledig met anti-roestcoating zijn bewerkt. Zij schrijft hierin namelijk dat alleen de ‘legs, connections, lifting lugs and all other part that are not covered by our insulation’ met de anti-roestcoating zijn bewerkt en niet de gedeelten van de tanks waar het isolatiemateriaal op is aangebracht omdat het isolatiemateriaal al voldoende waterdicht is. Tijdens de mondelinge behandeling heeft Tema Techniek hiertegen ingebracht dat dit niet in deze e-mail wordt bevestigd en dat deze e-mail alleen ziet op een vraag van PMI over het kleurverschil van de tank en de onderdelen buiten de tank. De rechtbank gaat hier niet in mee, aangezien deze bevestiging van T.M.L. volgt op alarmerende en expliciete vragen van PMI en Mercury dat alle tanks anders gestript moeten worden om te controleren of er anti-roestcoating onder het isolatiemateriaal is aangebracht. Ook heeft PMI onbetwist gesteld en onderbouwd dat fabrikant T.M.L. tijdens een Teams meeting op 4 juli 2025 heeft bevestigd dat de boven- en onderkant van de tanks niet behandeld zijn met de anti-roestcoating. PMI heeft ook onbetwist gesteld dat zij heeft geconstateerd dat één van de 27 tanks geen roestvorming had en dat juist op deze tank wel voldoende anti-roestcoating was aangebracht.
Ten slotte heeft Tema Techniek aangevoerd dat de roestvorming mogelijk is ontstaan doordat PMI het isolatiemateriaal van de tanks heeft ‘afgetrokken’ en daarmee mogelijk een deel van de anti-roestcoating is meegekomen. In dit scenario zou de roestvorming op de tanks pas zijn ontstaan na verwijdering van het isolatiemateriaal door PMI en zou PMI naar aanleiding van de daarna ontstane roestvorming een claim tegen Tema Techniek hebben opgetuigd. Dit scenario vindt geen steun in de feiten. PMI heeft immers al bij Tema Techniek aan de bel getrokken vóórdat zij het isolatiemateriaal en de bekleding van de tanks is gaan verwijderen.
Aldus heeft PMI voldoende onderbouwd dat de tanks onvoldoende waren voorzien van een anti-roestcoating en is Tema Techniek er niet in geslaagd om dit voldoende gemotiveerd te betwisten. De conclusie is dan ook dat de geleverde tanks niet de eigenschappen bezaten die PMI op grond van de koopovereenkomsten mocht verwachten en dat Tema Techniek is tekortschoten in de nakoming daarvan.
Mocht PMI uit mededelingen van Tema Techniek afleiden dat zij niet meer zou nakomen?
PMI stelt dat Tema Techniek in verzuim is doordat PMI uit de mededelingen van Tema Techniek heeft mogen afleiden dat zij haar verplichtingen uit de koopovereenkomsten niet meer zou nakomen. Tema Techniek voert aan dat PMI haar geen ingebrekestelling heeft gestuurd. De bepaling waarop PMI zich beroept, artikel 6:83 sub c BW, vereist echter geen ingebrekestelling. Op grond van deze bepaling treedt het verzuim namelijk zonder ingebrekestelling in wanneer de schuldeiser uit een mededeling van de schuldenaar moet afleiden dat deze in de nakoming van de verbintenis zal tekortschieten. De rechtbank volgt PMI in haar stelling dat deze situatie zich hier voordoet. Dit wordt hierna toegelicht.
PMI heeft Tema Techniek onder meer bij brief van 21 juli 2025 verzocht de tanks op locatie (de bouwplaats) te herstellen. Zij heeft zich daartoe niet bereid verklaard. Tema Techniek heeft weliswaar alternatieven aangeboden, maar voor PMI zat daar geen geschikte oplossing tussen. Zo heeft Tema Techniek voorgesteld om de tanks naar de fabriek van T.L.M. in Italië te transporteren en daar door T.L.M. te laten herstellen, onder de voorwaarde dat de transportkosten tussen partijen zouden worden verdeeld. Ook heeft zij voorgesteld dat PMI de tanks aan T.L.M. zou retourneren, waarna T.L.M. de waarde van de tanks, exclusief transportkosten en ‘out-of-pocket-kosten’, aan PMI zou voldoen. Beide voorstellen heeft PMI van de hand gewezen, omdat 15 van de 27 tanks al in gebruik waren en het buitensporig duur zou zijn om deze tanks weer leeg te laten lopen en van de bouwplaats te verwijderen. De rechtbank acht het niet onredelijk dat PMI deze voorstellen heeft afgewezen, omdat op Tema Techniek als leverancier van de non-conforme tanks de plicht rustte om ervoor te zorgen dat de tanks op haar kosten zouden worden hersteld. Van PMI kon dan ook niet worden verwacht dat zij akkoord zou gaan met een voorstel waarbij de tanks langere tijd niet gebruikt konden worden en zij moest meebetalen aan de bijbehorende kosten. Hetzelfde geldt voor het voorstel van Tema Techniek om de garantietermijn van de tanks te verlengen. Later heeft Tema Techniek nog voorgesteld dat PMI een derde zou inschakelen die de werkzaamheden op locatie zou kunnen verrichten, maar daarbij stelde zij ook weer als voorwaarde dat partijen op voorhand zouden overleggen over de verdeling van de kosten (“quotation and the distribution of costs will be discussed in advance”). Tema Techniek heeft met dit voorstel opnieuw miskend dat op haar de plicht rustte om de tanks te (laten) herstellen. Het heeft hierbij ook niet meegeholpen dat Tema Techniek zich tegenover PMI bij herhaling achter T.L.M. heeft verscholen als de partij die feitelijk verantwoordelijk was voor de herstelwerkzaamheden. Nadat PMI per e-mail van 15 augustus 2025 offertes voor de herstelwerkzaamheden naar Tema Techniek had gestuurd, heeft Tema Techniek daarop per e-mail van 21 augustus 2025 geantwoord dat T.L.M. de beslissing daarover zou nemen, en per e-mail van 26 augustus 2025 dat zij en T.L.M. de voorgestelde herstelkosten onacceptabel hoog vonden en de eerder gedane voorstellen tot herstel van de tanks van tafel waren. Voor zover PMI er tot 26 augustus 2025 nog rekening mee moest houden dat Tema Techniek de herstelkosten mogelijk toch nog voor haar rekening zou nemen, heeft zij uit deze laatste e-mail in ieder geval moeten afleiden dat Tema Techniek dat niet meer zou doen. Het verzuim van Tema Techniek is dus uiterlijk op 26 augustus 2025 ingetreden (artikel 6:83 sub c BW).
Schade en causaal verband
PMI stelt dat zij door de tekortkomingen van Tema Techniek € 202.058,43 aan schade heeft geleden, omdat zij voor dit bedrag herstelkosten heeft moeten maken om de tanks alsnog te laten voldoen aan de specificaties in de koopovereenkomsten. PMI heeft deze kosten als volgt uitgesplitst:
i) de personeelskosten van PMI voor het verwijderen van het isolatiemateriaal en het roestvrij maken van de tanks ter hoogte van € 39.840;
ii) de kosten voor accommodatie en transport voor het personeel van PMI ter hoogte van € 36.305;
iii) de kosten van inhuurkrachten ter hoogte van € 15.180;
iv) materiaalkosten ter hoogte van € 6.899,10; en
v) de kosten van het door een derde laten aanbrengen van coating/bekleding en isolatiemateriaal ter hoogte van € 103.843,33.
PMI heeft de gevorderde kosten onder (iii), (iv) en (v) ter hoogte van opgeteld € 125.922,43 aan de hand van facturen onderbouwd. Tema Techniek heeft deze schadeposten niet gemotiveerd betwist. Zij heeft alleen in algemene zin aangevoerd dat als PMI al schade heeft geleden, deze is te wijten aan haar eigen schuld. Tema Techniek onderbouwt dit verweer met dezelfde argumenten als haar standpunt dat de tanks conform de koopovereenkomst zijn geleverd en de rechtbank heeft al geoordeeld dat deze niet slagen. Het eigen schuld-verweer van Tema Techniek slaagt dus ook niet. Zij zal de onder (iii), (iv) en (v) gevorderde schadeposten dus aan PMI moeten vergoeden.
PMI heeft de gevorderde kosten onder (i) en (ii) onderbouwd met een Excel-tabel met de volledige maandsalarissen van vier werknemers, een Excel-tabel met (deels geschatte) kosten van transport en accommodatie voor deze werknemers en twee huurovereenkomsten voor onbepaalde tijd. Hoewel PMI deze schadeposten hiermee wel enigszins heeft onderbouwd, is de rechtbank het met Tema Techniek eens dat PMI onvoldoende inzicht heeft gegeven in de daadwerkelijke tijdsbesteding van deze werknemers. Daarvoor is het volgende van belang. De twee door PMI overgelegde Excel-tabellen duiden erop dat twee werknemers van augustus tot en met november 2025 (vier maanden) en twee werknemers van augustus tot en met oktober 2025 (drie maanden) met de herstelwerkzaamheden bezig zijn geweest. Op zitting heeft de directeur van PMI desgevraagd bevestigd dat deze vier werknemers in de genoemde perioden fulltime met deze werkzaamheden bezig zijn geweest. De rechtbank kan deze informatie – na nadere bestudering van de stukken – niet plaatsen, omdat uit de door PMI overgelegde herstelrapporten van 27 augustus 2025 blijkt dat deze herstelwerkzaamheden op die datum al waren afgerond. In deze rapporten zijn per tank namelijk foto’s opgenomen van de ‘Buffer Vessel Strip Out Stage’, de ‘Buffer Vessel Cleaning Stage’, de ‘Buffer Vessel 1st Stage Painting’, de ‘Buffer Vessel 2nd Stage Painting’ en de ‘Buffer Vessel Finish Stage’ en deze zijn allemaal gedateerd op 27 augustus 2025. De rechtbank kan dus niet volgen dat de betreffende werknemers van PMI in de maanden september, oktober en november 2025 ook nog fulltime met deze werkzaamheden bezig zijn geweest. De rechtbank acht wel voldoende aannemelijk dat PMI personeel voor deze werkzaamheden heeft ingezet en dat dit personeel substantiële werkzaamheden heeft verricht. De rechtbank zal de gevorderde schadeposten onder (i) en (ii) om deze reden schatten. Aangezien PMI Tema Techniek per brief van 21 juli 2025 en per e-mail van 25 juli 2025 nog in de gelegenheid heeft gesteld om zelf het isolatiemateriaal te verwijderen en de tanks roestvrij te maken (“remove all cladding and insulation” en “prepare external surfaces”) en de herstelrapporten dateren van 27 augustus 2025, gaat de rechtbank ervan uit dat deze werkzaamheden in een periode van maximaal een maand zijn verricht. Bij een gebrek aan controleerbare informatie over de precieze omvang van deze werkzaamheden, schat de rechtbank de omvang van de schadeposten onder (i) en (ii) samen op € 10.000,00.
De schade van PMI wordt dus begroot op € 135.922,43 (€ 125.922,43 + € 10.000). Na verrekening van de door Tema Techniek aan PMI verschuldigde schadevergoeding van € 135.922,43 met de factuur van Tema Techniek van € 85.305,00, resteert een vordering van PMI op Tema Techniek van € 50.617,43. De rechtbank veroordeelt Tema Techniek dit bedrag aan PMI te voldoen.
Zoals door PMI gevorderd, zal de rechtbank de gevorderde wettelijke rente over dit bedrag toewijzen vanaf de datum van de indiening van de conclusie van antwoord tevens eis in reconventie, te weten, 16 december 2025.
in conventie
Zoals in reconventie geoordeeld, heeft PMI recht op een schadevergoeding van € 135.922,43 en resteert er na verrekening van dit bedrag met het openstaande factuurbedrag van Tema Techniek een vordering van PMI op Tema Techniek van € 50.617,43. Het gevolg is dat de vordering van Tema Techniek door verrekening is tenietgegaan. De rechtbank wijst deze vordering daarom af. De door Tema Techniek gevorderde beslagkosten en buitengerechtelijke incassokosten volgen de hoofdvordering en worden daarom ook afgewezen.
6. Proceskosten
De vorderingen in conventie wordt afgewezen. Tema Techniek is in het ongelijk gesteld en moet daarom de proceskosten in conventie van PMI betalen. Deze worden begroot op:
- griffierecht
€
2.995,00
- salaris advocaat in conventie
€
2.580,00
(2 punten × € 1.290,00)
Totaal
€
5.575,00
De nakosten worden begroot overeenkomstig hetgeen hieronder wordt overwogen in paragraaf 6.4.
De vordering in reconventie wordt gedeeltelijk toegewezen. Tema Techniek wordt veroordeeld tot betaling van een bedrag van € 50.617,43, te vermeerderen met de wettelijke rente over dit bedrag vanaf 16 december 2026. Tema Techniek is in reconventie grotendeels in het ongelijk gesteld en moet daarom ook de proceskosten in reconventie van PMI betalen. Deze worden begroot op € 2.051,00 aan salaris advocaat (1 punt x € 2.051,00).
De nakosten worden in conventie en reconventie begroot op € 296,00, plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing.
7. De beslissing
De rechtbank
in conventie
wijst de vorderingen van Tema Techniek af,
veroordeelt Tema Techniek in de proceskosten van € 5.575,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe,
verklaart deze proceskostenveroordeling uitvoerbaar bij voorraad.
in reconventie
veroordeelt Tema Techniek om aan PMI een bedrag te betalen van € 50.617,43, te vermeerderen met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW over dit bedrag vanaf 16 december 2025 tot de dag van volledige betaling,
veroordeelt Tema Techniek in de proceskosten van € 2.051,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe,
verklaart de onderdelen 7.4. en 7.5. uitvoerbaar bij voorraad,
wijst het meer of anders gevorderde af.
in conventie en in reconventie
veroordeelt Tema Techniek in de nakosten van € 296,00, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98,00 plus de kosten van betekening als Tema Techniek niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend.
Dit vonnis is gewezen door mr. N. Versteeg, rechter, bijgestaan door mr. W.B. Fonville, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 12 augustus 2026.