beschikking
RECHTBANK AMSTERDAM
Afdeling privaatrecht Team Familie & Jeugd
zaaknummer / rekestnummer: C/13/791798 / FA RK 26/6008
kenmerk: ZM/IND/205225
Machtiging tot het verlenen van verplichte zorg
Beschikking van 14 augustus 2026 van de rechtbank Amsterdam naar aanleiding van het door de officier van justitie ingediende verzoek tot het verlenen van een zorgmachtiging als bedoeld in artikel 6:4 van de Wet verplichte geestelijke gezondheidszorg (Wvggz), ten aanzien van:
[betrokkene],
geboren op [geboortedag] 2003 te [geboorteplaats] (Iran),
wonende te [adres 1],
verblijvende te [adres 2],
hierna te noemen: betrokkene,
advocaat: mr. N. van der Vegt te Bussum,
zorgaanbieder: Arkin.
1. Procesverloop
Het procesverloop blijkt uit het verzoekschrift met bijlagen, ingekomen ter griffie op 29 juli 2026.
De mondelinge behandeling van het verzoek heeft plaatsgevonden op 14 augustus 2026 in het gebouw van de zorgaanbieder.
Ter zitting waren aanwezig en heeft de rechtbank de volgende personen gehoord:
- betrokkene, bijgestaan door een tolk in de taal Farsi;
- de raadsvrouw;
- mw. [naam 1], arts;
- mw. [naam 2], verpleegkundige.
Omdat de officier van justitie een nadere toelichting op of motivering van het verzoek niet nodig acht, is hij niet bij de mondelinge behandeling verschenen.
2. Beoordeling
De raadsvrouw heeft namens betrokkene verzocht om het verzoek af te wijzen, danwel om aanhouding omdat de medische verklaring niet aan de wettelijke vereisten voldoet. Uit de medische verklaring blijkt niet of de beoordeling van de onafhankelijke psychiater is afgenomen met een tolk en betrokkene kan het zich niet meer herinneren. Het is onduidelijk of betrokkene de psychiater heeft begrepen. Daarnaast is er geen sprake van acuut ernstig nadeel, het ernstig nadeel dat omschreven staat in de medische verklaring is al van langere tijd geleden. Voort is betrokkene bereid om vrijwillig mee te werken. Hij is blij met de zorg en medicatie die hij krijgt. Ook om deze redenen moet de zorgmachtiging worden afgewezen.
Subsidiair verzoekt de advocaat om de vormen van verplichte zorg te beperken tot alleen toedienen van medicatie, het verrichten van medische controles en het aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten. In de stukken staat niks over een gesloten opname en van insluiten en uitoefenen van toezicht is nog nooit sprake geweest.
Meer subsidiair heeft de raadsvrouw verzocht het verzoek te beperken tot maximaal zes maanden.
De arts heeft ter zitting naar voren gebracht dat de zorgmachtiging is aangevraagd vanwege de eerdere risico’s tijdens een manisch psychotische ontregeling. Tijdens een ontregeling is sprake van middelengebruik en komt betrokkene in contact met justitie. Gelukkig gaat het nu goed, maar er is nog sprake van een kwetsbaar evenwicht. Betrokkene wil graag een trauma behandeling en dat kan ook zorgen voor een ontregeling en slecht slapen. Voldoende slaap is juist een factor voor betrokkene om stabiel te blijven. Het doel van de zorgmachtiging is om de noodzakelijke zorg te kunnen inzetten bij een ontregeling, voor onderhoudsbehandeling van de medicatie en voor de PTSS behandeling. Het is fijn dat betrokkene vrijwillig meewerkt, maar hij is ook eerder zelfstandig gestopt met medicatie omdat hij vond dat het niet meer nodig was. Betrokkene krijgt nu één keer per maand een depot.
Als er bij betrokkene sprake is van een (acute) manie, dan is behandeling in ambulante setting onvoldoende, daarom is de opname mogelijkheid wel nodig. Ook de andere vormen zijn nodig, omdat in het verleden sprake is geweest van agressie, dan kan het nodig zijn om betrokkene in te sluiten op zijn kamer of in een EBK met cameratoezicht. Betrokkene is bekend met middelen gebruik, dus om hem daartegen te beschermen zijn die vormen van verplichte zorg ook nodig.
Als laatste voegt de arts toe dat er een notitie in het interne dossier van betrokkene zit waaruit blijkt dat er een telefonische tolk aanwezig was. De taal staat niet genoemd.
De rechtbank overweegt als volgt. Artikel 1:8 Wvggz vermeldt: 1. Bij de voorbereiding, de uitvoering, de wijziging en de beëindiging van verplichte zorg wordt betrokkene in een voor hem begrijpelijke taal geïnformeerd. 2. Voor zover de uitvoering van de verplichte zorg leidt tot vrijheidsbeneming heeft betrokkene, indien hij de Nederlandse taal niet beheerst, recht op bijstand van een tolk.
In de medische verklaring staat weliswaar niet vermeld dat de onafhankelijke psychiater de betrokkene met bijstand van een tolk heeft gehoord, maar in het interne dossier is opgenomen dat gesproken is met de telefonische bijstand van een tolk. Betrokkene heeft zijn standpunt kenbaar kunnen maken en naar voren kunnen brengen bij de medische verklaring. Dat blijkt onder andere doordat betrokkene in de medische verklaring erkent alcohol en drugs te gebruiken, maar dit niet beschouwt als een wezenlijk probleem. Ook ziet betrokkene geen relatie tussen de eerdere psychiatrische ontregelingen. Tevens wenst hij geen behandeling in gedwongen kader. De rechtbank ziet geen aanleiding om aan te nemen dat betrokkene niet heeft begrepen wat er op het spel stond en wijst dit verweer af.
Uit de stukken en het verhandelde ter zitting is gebleken dat betrokkene lijdt aan een psychische stoornis, in de vorm van schizofreniespectrum- en andere psychotische stoornissen, middelgerelateerde- en verslavingsstoornissen.
Deze stoornis leidt tot ernstig nadeel, gelegen in: ernstig lichamelijk letsel, ernstige psychische schade, ernstige financiële schade, maatschappelijke teloorgang, bedreiging van de veiligheid van betrokkene al dan niet doordat hij onder invloed van een ander raakt en de situatie dat betrokkene met hinderlijk gedrag agressie van anderen oproept.
Om het ernstig nadeel af te wenden of de geestelijke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen of de door de stoornis bedreigde of aangetaste fysieke gezondheid van betrokkene te stabiliseren of te herstellen, heeft betrokkene zorg nodig.
Gebleken is dat er geen mogelijkheden voor passende zorg op vrijwillige basis zijn. Om die reden is verplichte zorg nodig. Gelet op het advies van de geneesheer-directeur en op hetgeen bij de mondelinge behandeling naar voren is gekomen, acht de rechtbank de volgende vormen van verplichte zorg noodzakelijk:
toedienen van medicatie;
het verrichten van medische controles of andere medische handelingen en therapeutische maatregelen, ter behandeling van een psychische stoornis, dan wel vanwege die stoornis, ter behandeling van een somatische aandoening;
beperken van de bewegingsvrijheid;
insluiten;
uitoefenen van toezicht op betrokkene;
onderzoek aan kleding of lichaam;
onderzoek van de woon- of verblijfsruimte op gedrag-beïnvloedende middelen en gevaarlijke voorwerpen;
controleren op de aanwezigheid van gedrag-beïnvloedende middelen;
aanbrengen van beperkingen in de vrijheid het eigen leven in te richten, die tot gevolg hebben dat betrokkene iets moet doen of nalaten, waaronder het gebruik van communicatiemiddelen en het nakomen van afspraken met het ambulant behandelteam;
opnemen in een accommodatie.
Tijdens de mondelinge behandeling heeft de advocaat verzocht om de vormen van verplichte zorg te beperken. De arts heeft ter zitting toegelicht waarom alle vormen van verplichte zorg nodig zijn. De rechtbank volgt de arts in haar motivering dat de inzet van de genoemde zorgvormen noodzakelijk kan zijn omdat er rekening mee moet worden gehouden dat betrokkene terugvalt als bijvoorbeeld de trauma-behandeling wordt ingezet. De rechtbank ziet daarom geen reden om te voldoen aan het verzoek van de advocaat.
De verplichte zorg is evenredig en naar verwachting effectief. Uit de stukken blijkt dat bij het bepalen van de juiste zorg rekening is gehouden met de voorwaarden die noodzakelijk zijn om deelname van betrokkene aan het maatschappelijk leven te bevorderen, alsmede met de veiligheid van betrokkene. Er zijn geen minder bezwarende alternatieven die hetzelfde beoogde effect hebben.
Hetgeen namens betrokkene als verweer is aangevoerd, doet aan het voorgaande niet af.
De rechtbank ziet wel aanleiding om de duur van de machtiging te beperken tot zes maanden. Het is positief dat het goed gaat met betrokkene, zijn mentale situatie is duidelijk stabieler geworden. Dat maakt dat de rechtbank reden ziet de duur van de machtiging te beperken, ook rekening houdend met een verdere verbetering van betrokkene’s mentale toestand door de geplande inzet van trauma-therapie op korte termijn. Tegelijk geldt dat het een spannende periode is waarin de kans op ontregeling groter is. Het is balanceren op een dun koord. De zorgmachtiging is hoe dan ook van belang om betrokkene te ondersteunen gedurende de komende periode.
Gelet op het voorgaande is voldaan aan de criteria voor het verlenen van verplichte zorg als bedoeld in de Wvggz.
3. Beslissing
De rechtbank:
verleent een zorgmachtiging ten aanzien van [betrokkene], geboren op [geboortedag] 2003 te [geboorteplaats] (Iran), inhoudende dat gedurende de looptijd van de machtiging bij wijze van verplichte zorg de in rechtsoverweging 2.7 genoemde vormen van zorg kunnen worden ingezet.
bepaalt dat deze machtiging geldt tot en met uiterlijk 14 februari 2027.
wijst af het meer of anders verzochte.
Deze beschikking is op 14 augustus 2026 mondeling gegeven en in het openbaar uitgesproken
door mr. C.F. de Lemos Benvindo, rechter, bijgestaan door D.L. Overduin als griffier en op 28 augustus 2026 schriftelijk uitgewerkt en ondertekend.
Tegen deze beschikking staat het rechtsmiddel van cassatie open.