RECHTBANK AMSTERDAM
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak in de zaak van
[eiser]
de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid [gedaagde] B.V.
proces-verbaal mondeling vonnis kort geding
Afdeling privaatrecht – kort geding
zaaknummer: 12347654 KK EXPL 26-513
datum uitspraak: 25 augustus 2026
func.: 364
wonende te [woonplaats]
eiser, nader te noemen: [eiser]
gemachtigde: mr. J. Duijn
t e g e n
gevestigd te [vestigingsplaats]
gedaagde, nader te noemen: [gedaagde]
procederend bij [naam] .
Op 25 augustus 2026 zijn voor mr. B. Brokkaar, kantonrechter, bijgestaan door mr. T.C. van Andel, griffier, ter zitting verschenen:
Partijen hebben hun standpunten nader toegelicht en vragen van de kantonrechter beantwoord.
De kantonrechter heeft na een schorsing de behandeling van de zaak gesloten en meegedeeld dat zij mondeling uitspraak zal doen.
De kantonrechter doet de volgende uitspraak.
DE GRONDEN VAN DE BESLISSING
1. [eiser] stelt dat hij op 30 april 2026 met [gedaagde] online een koopovereenkomst heeft gesloten met betrekking tot de koel-vriescombinatie Liebherr XRCbs 5295 Peak (verder: de ijskast). Hij vordert primair om [gedaagde] te veroordelen tot nakoming van deze overeenkomst, door levering van de ijskast binnen twee weken na het vonnis, op de opgegeven afleverlocatie, een en ander op straffe van een dwangsom. Subsidiair vordert [eiser] vergoeding van de door hem geleden schade, in de vorm van levering van de genoemde ijskast, eveneens op straffe van een dwangsom. Tot slot voert [eiser] [gedaagde] te veroordelen in de proceskosten.
2. In dit kort geding moet worden beoordeeld of de vordering in een bodemprocedure zodanige kans van slagen heeft dat het gerechtvaardigd is op de toewijzing daarvan vooruit te lopen door het treffen van een voorziening zoals gevorderd.
3. Voorshands staat vast dat [gedaagde] tijdens de actieweek DMDK 7-daagse op haar website de ijskast Liebherr XRCbs 5295 Peak koel-vriescombinatie voor een prijs van € 3.000,- heeft aangeboden. Op 30 april 2026 heeft [eiser] dit aanbod geaccepteerd door de procedure op de website te doorlopen. De bestelling is daarna per e-mail aan hem bevestigd, waarbij het bedrag van € 3.000,- opnieuw is genoemd. [eiser] heeft vervolgens dezelfde dag de eerste van drie betaaltermijnen betaald aan In3, een betaalservice die [gedaagde] haar klanten biedt op haar website, waarna In3 deze betaling heeft bevestigd. Op 4 mei 2026 heeft [eiser] het bedrag teruggestort gekregen van In3.
4. Los van de vraag of deze betaling wel of niet is ontvangen door [gedaagde] , is door het aanbod van [gedaagde] en de aanvaarding daarvan door [eiser] , tussen partijen in beginsel een koopovereenkomst tot stand gekomen. Dat volgt ook uit de bevestiging van de koop door [gedaagde] .
5. Dat zou alleen anders kunnen zijn als de prijs, zoals [gedaagde] aanvoert, zo afwijkend was van het bedrag waartegen de ijskast normaliter (eventueel met korting) wordt aangeboden, dat [eiser] redelijkerwijs wist of kon weten dat [gedaagde] de ijskast niet voor die prijs heeft willen aanbieden. Dan kwamen de wil en de verklaring van [gedaagde] (over de prijs) immers niet overeen en zou ondanks het aanbod en aanvaarding geen overeenkomst tot stand zijn gekomen. [gedaagde] heeft echter vooralsnog onvoldoende toegelicht dat [eiser] had moeten of kunnen weten dat zij de ijskast niet voor € 3.000,- heeft willen aanbieden. Er was op het moment van bestellen een speciale actieweek gaande, er werd op de website geadverteerd met een op = op korting en er liep een timer mee waarop de aanbieding zou aflopen. Deze omstandigheden maken, naast de niet overduidelijk afwijkende prijs, dat [eiser] niet hoefde te bevroeden dat € 3.000,- niet het daadwerkelijke bedrag was waarvoor [gedaagde] de ijskast wilde aanbieden. Van [eiser] kon dan ook niet worden verwacht dat hij (nader) onderzoek zou doen naar de prijs voordat hij de bestelling plaatste.
6. [gedaagde] heeft nog aangevoerd dat de ijskast een outletmodel betrof waar er nog maar één van was en dat dat outletmodel al was verkocht voordat [eiser] bestelde, maar ook dat blijkt niet uit de advertentie en volgt overigens ook niet uit de gang van zaken vlak na de bestelling. Een serienummer van de ijskast is bovendien niet in de advertentie niet genoemd en was [eiser] bij zijn aankoop dus niet bekend, zoals [gedaagde] ter zitting heeft erkend. Dat een medewerker dit model ijskast voor een verkeerde prijs op de website heeft gezet, komt voor rekening en risico van [gedaagde] en kan niet aan [eiser] worden tegengeworpen. Ten slotte is naar voorlopig oordeel één en ander niet zozeer in strijd met de redelijkheid en billijkheid dat dat moet leiden tot afwijzing van de vordering, zoals [gedaagde] nog heeft bepleit.
7. Slotsom is dan ook dat de ijskast alsnog moet worden geleverd voor de prijs die tussen partijen is overeengekomen. De primaire vordering is dan ook toewijsbaar, waarbij wordt opgemerkt dat geen vergoeding hoeft te worden betaald voor het betalen in termijnen, nu [eiser] ter zitting heeft meegedeeld het bedrag van € 3.000,- in één keer te voldoen. De gevorderde dwangsom is toewijsbaar zoals gevorderd.
8. [gedaagde] wordt in het ongelijk gesteld en daarom veroordeeld in de proceskosten aan de zijde van [eiser] .
DE BESLISSING
De kantonrechter:
veroordeelt [gedaagde] - na betaling van € 3.000,- door [eiser] - tot nakoming van de koopovereenkomst tussen partijen door levering van een Liebherr XRCbs 5295 Peak koel-vriescombinatie binnen 14 dagen na betekening van het vonnis, op de overeengekomen afleverlocatie, op straffe van een dwangsom van € 100,- voor iedere dag dat [gedaagde] niet of niet volledig aan deze veroordeling voldoet, met een maximum van € 7.500,-;
veroordeelt [gedaagde] in de kosten van het geding, tot op heden aan de zijde van [eiser] begroot op:exploot € 155,02salaris € 577,00griffierecht € 93,00totaal € 825,02voor zover van toepassing, inclusief btw, te vermeerderen met de wettelijke rente als deze kosten niet binnen 14 dagen na aanschrijving zijn voldaan;
veroordeelt [gedaagde] in de na dit vonnis ontstane kosten, begroot op € 124,00 aan salaris gemachtigde, voor zover van toepassing inclusief btw;
verklaart de veroordelingen uitvoerbaar bij voorraad;
wijst het meer of anders gevorderde af.
Waarvan is opgemaakt dit proces-verbaal.
De griffier De kantonrechter