RECHTBANK Amsterdam
Civiel recht, voorzieningenrechter
Zaaknummer: C/13/792149 / KG ZA 26-712 MK/EV
Vonnis in kort geding van 2 september 2026
in de zaak van
STADSGOED FONDS B.V.,
te Amsterdam,
eisende partij bij dagvaarding van 17 augustus 2026,
advocaat: mr. H.A.J. van Rens,
tegen
HEN DIE VERBLIJVEN AAN DE [adres],
te [woonplaats],
gedaagden,
niet verschenen.
1. De procedure
Op de mondelinge behandeling van 1 september 2026 zijn namens eiseres verschenen [naam 1] ([functie 1]) en [naam 2] ([functie 2]) met mr. Van Rens. Eiseres heeft de dagvaarding en de bijbehorende producties toegelicht, vragen beantwoord en verzocht vonnis te wijzen. Tegen de niet verschenen gedaagden is verstek verleend. Vonnis is bepaald op vandaag.
2. Het geschil
Eiseres vordert - kort gezegd - om bij uitvoerbaar bij voorraad verklaard vonnis:
I. gedaagden te veroordelen om de onroerende zaak aan de [adres] binnen 48 uur na betekening van dit vonnis ontruimd en verlaten te hebben en te houden;
II. te bepalen dat het vonnis op grond van artikel 557a lid 3 Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering (Rv) tot één jaar na vonnisdatum ten uitvoer kan worden gelegd tegen eenieder die zich ten tijde van de tenuitvoerlegging in het pand bevindt of daar binnentreedt, telkens wanneer dit zich voordoet;
III. gedaagden (hoofdelijk) te veroordelen in de proceskosten.
3. De beoordeling
Het gevorderde komt de voorzieningenrechter niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing is vermeld.
Gedaagden zijn in het ongelijk gesteld en moeten daarom (hoofdelijk) de proceskosten (inclusief nakosten) betalen. De proceskosten van eiseres worden begroot op:
- kosten van de dagvaarding
€
151,94
- griffierecht
€
735,00
- salaris advocaat
€
760,00
- nakosten
€
189,00
(plus de verhoging zoals vermeld in de beslissing)
Totaal
€
1.835,94
4. De beslissing
De voorzieningenrechter
veroordeelt gedaagden om de onroerende zaak aan de [adres] binnen 48 uur na betekening van dit vonnis ontruimd en verlaten te hebben en te houden, met medeneming van alle personen en zaken die zich vanwege gedaagden in of op het pand bevinden en die niet aan eiseres toebehoren, onder afgifte van alle sleutels aan eiseres en onder verplichting het pand geheel ter vrije beschikking van eiseres te stellen,
bepaalt dat dit vonnis op grond van artikel 557a lid 3 Rv tot één jaar na de dag waarop het is uitgesproken ook ten uitvoer kan worden gelegd tegen eenieder die zich ten tijde van de tenuitvoerlegging in het pand bevindt of daar binnentreedt, telkens wanneer dit zich voordoet,
veroordeelt gedaagden hoofdelijk in de proceskosten van € 1.835,94, te betalen binnen veertien dagen na aanschrijving daartoe, te vermeerderen met € 98 plus de kosten van betekening als gedaagden niet tijdig aan deze veroordeling voldoen en het vonnis daarna wordt betekend,
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. M.L.S. Kalff, voorzieningenrechter, bijgestaan door mr. E.P.M. Vos, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 2 september 2026.