ECLI:NL:RBAMS:2026:9387

ECLI:NL:RBAMS:2026:9387

Instantie Rechtbank Amsterdam
Datum uitspraak 03-06-2026
Datum publicatie 22-09-2026
Zaaknummer C/13/743894 / HA ZA 23-1141
Rechtsgebied Civiel recht; Burgerlijk procesrecht
Procedure Eerste aanleg - meervoudig
Zittingsplaats Amsterdam

Samenvatting

Rolbeslissing over het verdere verloop van de procedure. Aktewisseling voorafgaand aan mondelinge behandeling.

Uitspraak

RECHTBANK Amsterdam

Civiel recht

Zaaknummer: C/13/743894 / HA ZA 23-1141

Rolbeslissing van 3 juni 2026

in de zaak van

1. de vennootschap onder firma

[naam V.O.F.] V.O.F.,

gevestigd in [vestigingsplaats] ,

eiseres in conventie,

verweerster in reconventie,

advocaat: mr. I. de Groot,

en door Schiphol ex artikel 118 Rv als derde partijen in reconventie opgeroepen:

2. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Ballast Nedam Bouw & Ontwikkeling Speciale Projecten B.V.,

gevestigd in Amsterdam,

3. de vennootschap naar buitenlands recht

TAV Tepe Akfen Yatirim İnşaat Ve İşletme A.Ş,

gevestigd in Istanbul (Turkije),

4. de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

Ballast Nedam Bouw & Ontwikkeling Holding B.V.,

gevestigd in Nieuwegein,

advocaat: mr. I. de Groot,

tegen

de besloten vennootschap met beperkte aansprakelijkheid

SCHIPHOL NEDERLAND B.V.,

gevestigd in Haarlemmermeer,

gedaagde in conventie,

eiseres in reconventie,

advocaat: mr. G.W. van der Bend.

1. De procedure

Het verloop van de procedure:

- het tussenvonnis van 22 april 2026 (hierna: het tussenvonnis) en de daarin vermelde processtukken,

- de akte uitlating winstderving van [naam V.O.F.] ,

- de akte uitsluiting gederfde winst van Schiphol, met producties,

- het verkort proces-verbaal van de mondelinge behandeling van 26 mei 2026 en de daarin vermelde processtukken.

De rechtbank heeft bepaald dat zij vandaag een rolbeslissing geeft over het verdere verloop van de procedure.

2. Regie

De rechtbank heeft in haar brief aan partijen van 22 januari 2026, waarbij de eiswijziging van Schiphol is toegestaan, aangekondigd dat een regiezitting zal plaatsvinden. De reden voor de regiezitting is om de verdere procedure zo doelmatig en voortvarend mogelijk te laten verlopen.

Zoals in het tussenvonnis is aangekondigd, is op de regiezitting onder andere besproken:

a. a) of partijen reden zien voor (verdere) eiswijzigingen;

b) tot welk moment nog (verdere) eiswijzigingen kunnen worden toegestaan;

c) of het uit een oogpunt van hoor en wederhoor noodzakelijk is dat een nadere aktewisseling moet worden toegestaan, en zo ja, over welke onderwerpen en van welke omvang;

d) hoe de vorderingen in reconventie zich verhouden tot de vorderingen in conventie, in het licht van hetgeen in het tussenvonnis is beslist over de methode van financiële afwikkeling; en

e) op welk moment een nadere, inhoudelijke mondelinge behandeling kan plaatsvinden en welke onderwerpen daar aan de orde kunnen komen.

Partijen hebben zich hierover uitgelaten op de regiezitting. Op basis van dat wat is besproken komt de rechtbank tot de volgende beslissingen over het verdere verloop van de procedure:

Algemeen

De rechtbank zal een mondelinge behandeling bepalen waarop de gehele zaak besproken zal worden. Daaraan voorafgaand zullen partijen nog een aantal aktes indienen.

Aktes

Er volgen drie rondes met aktes die door partijen telkens gelijktijdig worden ingediend:

Akteronde 1 (roldatum 12 augustus 2026)

- [naam V.O.F.] reageert op de akte eiswijziging van Schiphol van 7 januari 2026 in een akte van maximaal 100 bladzijdes. Een cijfermatige uitwerking van de herstelkosten kan, gezien de opvolgende aktes achterwege blijven.

- Schiphol reageert op het FTI-rapport van 24 maart 2025 (productie E491) in een akte van maximaal 25 bladzijdes.

Akteronde 2 (roldatum 4 november 2026)

- [naam V.O.F.] kan haar eiswijziging indienen en laat zich (nader) uit over eventuele gebreken, aansprakelijkheid voor die gebreken en herstelkosten daarvan (waarbij zij uit dient te gaan van kosten die [naam V.O.F.] zelf zou hebben moeten maken om de gebreken te (laten) herstellen) in een akte van maximaal 150 bladzijdes.

- Schiphol kan haar eiswijziging indienen (die ziet op aanpassing van de eis van 7 januari 2026 in het licht van de beslissingen in het tussenvonnis van 22 april 2026 over de methodiek van afrekenen) waarbij zij zich tevens uitlaat over herstelkosten die [naam V.O.F.] zou hebben moeten maken om zelf de gebreken te (laten) herstellen, in een akte van maximaal 150 bladzijdes.

Akteronde 3 (roldatum 23 december 2026)

Partijen kunnen in een akte van maximaal 75 bladzijdes over en weer reageren op elkaars standpunten in akte 2.

Voor alle aktes geldt het volgende:

- Daar waar onderwerpen worden besproken die ook in eerdere processtukken van de betreffende partij aan bod zijn gekomen, dient naar de relevante passages te worden verwezen, al dan niet door middel van een voetnoot.

- De aktes moeten voorzien zijn van een leeswijzer waarin per onderwerp staat welke passages in eerdere processtukken staan en welke producties over datzelfde onderwerp gaan.

- De processtukken moeten zowel schriftelijk (in vijfvoud) als digitaal worden aangeleverd. De producties worden alleen digitaal verstrekt. Digitale stukken worden aangeleverd als losse bestanden, zodanig bewerkt dat ze doorzoekbaar zijn.

- Bij de derde akte wordt een volledig overzicht van de producties verstrekt, alsmede een overzicht van de door de desbetreffende partij ingebrachte deskundigenrapporten (met vindplaats), voorzien van een korte aanduiding van (het onderwerp van) de inhoud.

- De processtukken zijn op A-4 formaat, marges rondom 2,5 cm en in 11 punts courant lettertype met regelafstand van minimaal 1.

Zitting

In het eerste kwartaal van 2027 worden twee zittingsdagen gepland voor de inhoudelijke behandeling van de zaak. Partijen geven hun verhinderdata op voor Q1 van 2027 vóór 10 juni 2026.

De rechtbank stelt na ontvangst van de laatste aktes de agenda van de zittingsdagen vast en deelt deze zo spoedig mogelijk na de derde akte met partijen. Zodra de zittingsdata bekend zijn, zal de rechtbank partijen laten weten tot welke datum producties ten behoeve van de zitting kunnen worden ingediend.

3. De beslissing

De rechtbank

bepaalt dat de zaak op de rol komt van 10 juni 2026 voor opgave verhinderdata Q1 2027, waarna de zaak op de rol zal komen van achtereenvolgens 12 augustus 2026, 4 november 2026 en 23 december 2026 voor uitlating door beide partijen zoals hiervoor vermeld in alinea 2.3,

houdt iedere verdere beslissing aan.

Deze beslissing is gegeven door mr. L. Voetelink, mr. R.C.J. Hamming en mr. J.T. Kruis, bijgestaan door mr. D.K.W. Collins, griffier, en in het openbaar uitgesproken op 3 juni 2026.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. D.K.W. Collins

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand