de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder,
gemachtigde: mr. A. Houben.
Overwegingen
De rechtbank stelt vast dat haar uitspraak van 4 december 2020 een kennelijke misslag bevat die zich voor eenvoudig herstel leent.
In de kop van de uitspraak is abusievelijk vermeld dat het een uitspraak van de enkelvoudige kamer is. Dit moet zijn “meervoudige kamer”.
Beslissing
De rechtbank verbetert de kop van haar uitspraak van 4 december 2020, zaaknummer AWB 19/935 als volgt:
“uitspraak van de meervoudige kamer van 4 december 2020 in de zaak tussen”
in plaats van
"uitspraak van de enkelvoudige kamer van 4 december 2020 in de zaak tussen"
Hetgeen verder in de uitspraak van 4 december 2020 is overwogen blijft ongewijzigd.
Deze uitspraak is gedaan door mr. M. van Veelen, voorzitter, en mr. A.P. Hameete, en mr. W.P.M. Jurgens, leden, in aanwezigheid van mr. A.J. Eertink, griffier.
Deze uitspraak is in het openbaar gedaan en bekendgemaakt op 7 december 2020.
De voorzitter is verhinderd deze uitspraak te ondertekenen.
griffier voorzitter
Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:
Rechtsmiddel
Deze uitspraak brengt geen wijziging in de termijn voor hoger beroep tegen de oorspronkelijke uitspraak.