RECHTBANK DEN HAAG
uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen
[naam] , eiser,
de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummer: NL23.19017
V-nummer: [nummer]
(gemachtigde: mr. J.E. Groenenberg),
en
Procesverloop
Verweerder heeft op 10 maart 2023 aan eiser de maatregel van bewaring op grond van artikel 59, eerste lid, aanhef en onder a, van de Vw opgelegd. Deze maatregel duurt nog voort.
Eiser heeft tegen het voortduren van de maatregel van bewaring beroep ingesteld. Daarbij heeft hij verzocht om schadevergoeding.
Verweerder heeft een voortgangsrapportage overgelegd.
Eiser heeft daarop gereageerd.
De rechtbank heeft bepaald dat een onderzoek ter zitting achterwege blijft en het onderzoek op 7 juli 2023 gesloten.
Overwegingen
1. Eiser te zijn geboren op [geboortedatum] en de Marokkaanse nationaliteit te hebben.
2. Indien de rechtbank van oordeel is dat de toepassing of tenuitvoerlegging van de maatregel van bewaring in strijd is met de Vw dan wel bij afweging van alle daarbij betrokken belangen in redelijkheid niet gerechtvaardigd is, verklaart zij op grond van artikel 96, derde lid, van de Vw het beroep gegrond en beveelt zij de opheffing van de maatregel of een wijziging van de wijze van tenuitvoerlegging daarvan.
3. De rechtbank stelt voorop dat zij deze maatregel van bewaring al eerder heeft getoetst. Uit de uitspraak van deze rechtbank en zittingsplaats van 25 april 2023, ECLI:NL:RBDHA:2023:7606, volgt dat de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek dat aan die uitspraak ten grondslag ligt, rechtmatig was. Daarom staat nu alleen ter beoordeling of sinds het moment van het sluiten van dat onderzoek, 24 april 2023, de maatregel van bewaring rechtmatig is.
4. Eiser stelt dat er geen zicht is op uitzetting naar Marokko op korte termijn. Er zijn drie maanden verstreken sinds verweerder de LP-aanvraag aan Marokkaanse autoriteiten heeft verzonden en daar is nog niet op gereageerd. Ook is niet gebleken dat er inmiddels contact is geweest met de Marokkaanse autoriteiten om een presentatie te plannen. Eiser meent dan ook dat geen presentatie zal worden gepland op korte en redelijke termijn. Verder betwist eiser dat er rapellen zijn verzonden aan de Marokkaanse autoriteiten, nu verweerder deze niet aan het dossier heeft toegevoegd.
5. De rechtbank is van oordeel dat in zijn algemeenheid wel kan worden uitgegaan van zicht op uitzetting naar Marokko. De rechtbank verwijst naar de uitspraak van de Afdeling van 14 november 2022. Eiser heeft geen aanknopingspunten naar voren gebracht voor de conclusie dat in zijn geval zicht op uitzetting ontbreekt. De sinds het indienen van de LP-aanvraag verstreken tijd leidt niet op voorhand tot twijfel over de vraag of de Marokkaanse autoriteiten voor eiser binnen afzienbare termijn een presentatie zullen plannen of een LP zullen afgeven. Hierbij betrekt de rechtbank dat verweerder op dit punt afhankelijk is van de Marokkaanse autoriteiten.
6. Het is de rechtbank ambtshalve bekend dat algemene rappelbrieven door verweerder niet aan digitale dossiers worden toegevoegd. In de meegezonden voortgangsrapportage staat dat over de LP-aanvraag op 17 mei 2023, 26 april 2023, 8 juni 2023 en 29 juni 2023 is gerappelleerd bij de Marokkaanse autoriteiten. De rechtbank ziet geen aanleiding om hieraan te twijfelen.
7. Tot slot leidt ook de ambtshalve toetsing niet tot het oordeel dat het voortduren van de maatregel van bewaring tot het moment van het sluiten van het onderzoek op enig moment onrechtmatig was.
8. Het beroep is ongegrond. Daarom wordt ook het verzoek om schadevergoeding afgewezen.
9. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De rechtbank:
- verklaart het beroep ongegrond;
- wijst het verzoek om schadevergoeding af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. B.F.Th. de Roos, rechter, in aanwezigheid van mr. J. de Winter, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.