ECLI:NL:RBDHA:2023:4904

ECLI:NL:RBDHA:2023:4904, Rechtbank Den Haag, 22-02-2023, NL23.3186

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 22-02-2023
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer NL23.3186
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Utrecht
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 1 zaken
Aangehaald door 2 zaken
3 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0011823 BWBR0012287

Samenvatting

beroep tegen de ophouding, artikel 50 lid 2 was de juiste grondslag, ongegrond

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

[eiser] , eiser V-nummer: [V-nummer]

Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL23.3186

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

(gemachtigde: mr. A.D. Kupelian),

en

de Staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder (gemachtigde: mr. R. Hopman).

Procesverloop

Eiser is op 24 januari 2023 overgenomen en opgehouden op grond van artikel 50, tweede lid, van de Vreemdelingenwet 2000 (Vw 2000). De ophouding is geƫindigd op

25 januari 2023 om 13.15 uur.

Eiser heeft beroep ingesteld tegen de ophouding en heeft daarbij verzocht om schadevergoeding.

De rechtbank heeft het beroep op 13 februari 2023 op zitting behandeld. Eiser is heeft zich laten vertegenwoordigen door mr. H. Palanciyan, als waarnemer van zijn gemachtigde.

Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.

Overwegingen

1. Eiser heeft de Oezbeekse nationaliteit en is geboren op [geboortedatum] 1988. Hij stelt dat er sprake is van een onrechtmatige ophouding, omdat deze op een onjuiste wettelijke grondslag van artikel 50, tweede lid, van de Vw 2000 is gebaseerd. Zijn identiteit, nationaliteit en verblijfsstatus zijn tijdens het strafrechtelijke traject immers al vastgesteld.

2. De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich terecht op het standpunt heeft gesteld dat de identiteit, nationaliteit en verblijfsstatus niet vast stonden op het moment dat eiser werd overgenomen vanuit het strafrechtelijke traject. Deze gegevens konden pas worden gecontroleerd en vastgesteld na een onderzoek daartoe door de vreemdelingenpolitie. Om die reden kon eiser worden opgehouden op grond van artikel 50, tweede lid, van de Vw 2000.

3. De rechtbank beperkt zich in deze procedure tot de toetsing van de rechtmatigheid van de ophouding. De toetsing van het terugkeerbesluit en het inreisverbod ligt in deze procedure niet ter beoordeling voor. De beroepsgronden die eiser heeft gericht tegen het terugkeerbesluit en het inreisverbod laat de rechtbank daarom onbesproken.

4. Het beroep is ongegrond en het verzoek om schadevergoeding wordt afgewezen.

5. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.J.A. Schaaf, rechter, in aanwezigheid van mr. E. Mulder, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

22 februari 2023

Documentcode: [documentcode]

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. R.J.A. Schaaf

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?