RECHTBANK DEN HAAG
[eiser 1], eiser 1,
Zittingsplaats Middelburg
Bestuursrecht
zaaknummers: NL24.21031 en NL24.21032
V-nummers: 294.796.4120, 294.796.4518 en 294.796.5247
proces-verbaal van de mondelinge uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaken tussen
[eiseres] , eiseres,
[eiser 2] , eiser 2,
hierna tezamen: eisers,
(gemachtigde: mr. M.C.W. van der Zanden),
en
de minister van Asiel en Migratie, daaronder mede begrepen diens rechtsvoorgangers, verweerder,
(gemachtigde: mr. E.H.J.M. de Bonth).
Procesverloop Bij besluiten van 15 mei 2024 (de bestreden besluiten) heeft verweerder de asielaanvragen van eisers afgewezen als ongegrond.
Eisers hebben tegen de bestreden besluiten beroep ingesteld.
De rechtbank heeft de beroepen op 5 juli 2024 op zitting behandeld. Eisers en hun gemachtigde zijn, met voorafgaand bericht, niet verschenen. Verweerder heeft zich laten vertegenwoordigen door zijn gemachtigde.
Na afloop van de behandeling van de zaken ter zitting heeft de rechtbank onmiddellijk uitspraak gedaan.
Beslissing
De rechtbank verklaart de beroepen niet-ontvankelijk.
Overwegingen
1. Eisers hebben asiel aangevraagd in Nederland. Bij bericht van 25 juni 2024 heeft verweerder laten weten dat eisers met onbekende bestemming zijn vertrokken. De rechtbank heeft op dezelfde dag de gemachtigde van eisers verzocht aan te geven of zij nog recent contact heeft gehad met eisers en zij op de hoogte is van hun verblijfplaats. Bij bericht van 28 juni 2024 heeft de gemachtigde van eisers aangegeven geen (recent) contact meer te hebben met eisers en verzoekt de rechtbank een uitspraak te doen op basis van de stukken in het dossier.
2. Gelet op recente jurisprudentie van de Afdeling en de reactie van de gemachtigde van eisers neemt de rechtbank aan dat eisers niet langer prijs stellen op de aanvankelijk gezochte internationale bescherming in Nederland. Eisers hebben dan ook geen belang meer bij de inhoudelijke beoordeling van hun beroepen.
3. De beroepen zijn daarom niet-ontvankelijk.
4. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Deze uitspraak is uitgesproken in het openbaar op 5 juli 2024 door mr. M.L. Weerkamp, rechter, in aanwezigheid van R. Ben Sellam, griffier, en het proces-verbaal daarvan is openbaar gemaakt door middel van een geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
Dit proces-verbaal is bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen één week na de dag van bekendmaking van dit proces-verbaal.