ECLI:NL:RBDHA:2024:4786

ECLI:NL:RBDHA:2024:4786, Rechtbank Den Haag, 04-04-2024, NL24.8867

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 04-04-2024
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer NL24.8867
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Voorlopige voorziening
Zittingsplaats Arnhem
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 3 zaken
Aangehaald door 2 zaken
4 wettelijke verwijzingen

Verwijst naar

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0006358 CELEX:32001L0055 EU:32001L0055

Samenvatting

Voorlopige voorziening, derdelander Oekraïne, Richtlijn tijdelijke bescherming. De voorzieningenrechter wijst de voorlopige voorziening gelet op recente ontwikkelingen. Deze uitspraak geldt voor 90 zaken gelijktijdig.

Uitspraak

uitspraak van de voorzieningenrechter van 4 april 2024 in de zaak tussen

90 verzoekers,

en

de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid.

Inleiding

1. Deze uitspraak gaat over de vraag of ‘derdelanders’ uit Oekraïne die daar een tijdelijk verblijfsrecht hadden, voorlopig nog tijdelijke bescherming behouden in afwachting van hun procedure bij de rechtbank. De voorzieningenrechter beslist in deze uitspraak in één keer in de zaken van een grote groep derdelanders, zodat duidelijkheid bestaat over hun rechten en plichten.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Derdelanders die na het uitbreken van de oorlog in Oekraïne naar Nederland zijn gevlucht, kregen hier tijdelijke bescherming op grond van de Europese Richtlijn Tijdelijke Bescherming. Het gaat in deze uitspraak om de groep derdelanders die zich vóór 19 juli 2022 in de basisregistratie personen hebben ingeschreven.

3. In een uitspraak van 17 januari 2024 heeft de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (Afdeling) geoordeeld dat de tijdelijke bescherming van deze groep derdelanders van rechtswege eindigt op 4 maart 2024.

Bij uitspraak van 28 maart 2024 heeft de meervoudige kamer van deze rechtbank en zittingsplaats dit oordeel gevolgd. Een aantal andere zittingsplaatsen is echter tot andersluidende oordelen gekomen en de zittingsplaats Amsterdam heeft op 29 maart 2024 prejudiciële vragen gesteld aan het Hof van Justitie over de uitleg van artikel 6 van de Richtlijn Tijdelijke Bescherming.

Vervolgens heeft de voorzieningenrechter van de Afdeling op 2 april 2024 in zes zaken een voorlopige voorziening getroffen. In die uitspraken is gewezen op de verwijzingsuitspraak van zittingsplaats Amsterdam en de uiteenlopende en verschillende oordelen van andere zittingsplaatsen van deze rechtbank. Daarin ziet de voorzitter van de Afdeling aanleiding om de beantwoording van de prejudiciële vragen af te wachten. Om die reden is bepaald dat de betreffende vreemdelingen niet worden uitgezet en dat zij worden behandeld alsof het recht op tijdelijke bescherming bedoeld in de Richtlijn Tijdelijke Bescherming, en de daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluiten, op hen van toepassing is, totdat op het door hen ingestelde hoger beroep is beslist.

De voorzieningenrechter heeft verder kennis genomen van de brief van 3 april 2024 van de staatssecretaris aan gemeenten waarin hij schrijft dat de door de voorzieningenrechter van de Afdeling getroffen voorzieningen alleen betrekking hebben op de zes betreffende vreemdelingen en dat gemeenten door kunnen gaan met het beëindigen van de opvang van andere derdelanders, zolang in individuele zaken geen ordemaatregel of voorlopige voorziening is getroffen.

4. Een groot aantal derdelanders heeft bij de rechtbank Den Haag beroep ingesteld tegen het eindigen van hun tijdelijke bescherming. Velen hebben daarnaast de voorzieningenrechter verzocht om in afwachting van de beroepsprocedure een voorlopige voorziening te treffen. Bij de zittingsplaats Arnhem zijn op dit moment verzoeken van negentig van deze derdelanders geregistreerd.

5. De voorzieningenrechter heeft de staatssecretaris om een reactie gevraagd. Die heeft op 4 april 2024 bericht dat hij onverkort het oordeel van de Afdeling in de uitspraak van 17 januari 2024 als uitgangspunt neemt. Hij heeft echter ook kennis genomen van de uitspraak van de voorzieningenrechter van de Afdeling van 2 april 2024 en wacht het oordeel van de voorzieningenrechter van deze zittingsplaats af. Hij neemt voor het overige geen inhoudelijk standpunt in.

6. Omdat het op zeer korte termijn niet mogelijk is om op al deze verzoeken afzonderlijke beslissingen te nemen, doet de voorzieningenrechter in één uitspraak alle lopende verzoeken af. Deze uitspraak wordt vandaag gepubliceerd op rechtspraak.nl.

In de bijlage bij deze uitspraak staan alle zaaknummers waarop deze uitspraak betrekking heeft. Derdelanders die een verzoek om voorlopige voorziening hebben gedaan dat aan deze zittingsplaats is toegedeeld, hebben eerder al een bevestiging ontvangen met een zaaknummer. Aan de hand daarvan kunnen zij aantonen dat deze uitspraak ook geldt voor hun procedure. Deze uitspraak zal daarnaast ook in al deze zaken individueel bekend worden gemaakt.

7. Gelet op de onder 3. tot en met 3.3 geschetste ontwikkelingen en met name het bericht van de staatssecretaris dat gemeenten de beëindiging van opvang van derdelanders kunnen voortzetten, is sprake van onverwijlde spoed in de zin van artikel 8:83, vierde lid,

van de Algemene wet bestuursrecht. Dit betekent dat de voorzieningenrechter uitspraak zal doen zonder een zitting te houden.

8. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening toe. Hierna legt hij uit hoe hij tot deze beslissing komt.

9. Hoewel deze zittingsplaats in de onder 3.1 genoemde uitspraak heeft geoordeeld dat de tijdelijke bescherming van derdelanders inmiddels is beëindigd, hebben zich nadien dermate veel ontwikkelingen voorgedaan dat de voorzieningenrechter aanleiding ziet om de verzoeken toe te wijzen en te bepalen dat verzoekers de tijdelijke bescherming behouden totdat op het door hen ingestelde beroepen is beslist. Dit komt ook overeen met de voorlopige voorziening zoals die op 2 april 2024 door de voorzitter van de Afdeling is getroffen en betekent dat verzoekers gelijk worden behandeld, ongeacht of ze een hoger beroep procedure bij de Afdeling hebben lopen, of een beroep bij deze rechtbank.

10. Het treffen van de voorlopige voorziening betekent dat verzoekers voorlopig niet uit Nederland hoeven te vertrekken, dat zij hun recht op opvang behouden en dat zij mogen blijven werken.

11. De staatssecretaris moet de proceskosten vergoeden voor zover verzoekers zich hebben laten bijstaan door een professionele rechtsbijstandverlener.

Beslissing

De voorzieningenrechter:

- wijst de verzoeken toe;

- bepaalt dat de verzoekers worden behandeld alsof het recht op tijdelijke bescherming bedoeld in de Richtlijn Tijdelijke Bescherming en de daarop gebaseerde Uitvoeringsbesluiten, op hen van toepassing is, tot uitspraak is gedaan op de beroepen;

- veroordeelt de staatssecretaris in de proceskosten van verzoekers die zich hebben laten bijstaan door een professionele rechtsbijstandverlener, tot een bedrag van € 875,- per verzoeker.

Deze uitspraak is gedaan door mr. G.A. van der Straaten, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. R.P.H. Evers, griffier.

BIJLAGE: ZAAKNUMMERS

NL23.24882

NL23.24885

NL23.25872

NL23.25879

NL23.24775

NL23.25275

NL23.25326

NL23.25336

NL23.25396

NL23.26065

NL23.26095

NL23.26164

NL23.26441

NL23.26559

NL23.26623

NL23.26630

NL23.26670

NL23.26716

NL23.26720

NL23.26810

NL23.26948

NL23.27101

NL23.27103

NL23.27181

NL23.27189

NL23.27201

NL23.27424

NL23.27462

NL23.27767

NL23.28130

NL23.28359

NL23.29197

NL23.37908

NL24.6325

NL24.6597

NL24.7326

NL24.7381

NL24.7384

NL24.7386

NL24.7543

NL24.7740

NL24.7746

NL24.7780

NL24.8421

NL24.8439

NL24.8441

NL24.8443

NL24.8445

NL24.8447

NL24.8769

NL24.8771

NL24.8787

NL24.8831

NL24.8840

NL24.8842

NL24.8867

NL24.8902

NL24.8985

NL24.9069

NL24.9120

NL24.9161

NL24.9217

NL24.9251

NL24.9267

NL24.9273

NL24.9553

NL24.9563

NL24.9768

NL24.10773

NL24.10955

NL24.11054

NL24.11087

NL24.11185

NL24.11737

NL24.12108

NL24.12148

NL24.12228

NL24.12232

NL24.12234

NL24.12243

NL24.13140

NL24.13188

NL24.13201

NL24.13245

NL24.13938

NL24.13995

AWB 23/10036

AWB 23/10107

AWB 23/10109

AWB 23/10190

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?