[eiser 1] en [eiser 2] , eisers,
Mede ten behoeve van hun minderjarige kinderen
[minderjarige 1] en [minderjarige 2]
V-nummers: [V-nummer 1] , [V-nummer 2] , [V-nummer 3] en [V-nummer 4]
(gemachtigde: mr. M.C.M. van der Mark),
en
de minister van Asiel en Migratie, verweerder.
Overwegingen
Naar aanleiding van het bericht in het digitale dossier van de gemachtigde van eisers van 29 juli 2025 heeft de rechtbank vastgesteld dat haar uitspraak van 28 juli 2025 een kennelijke misslag bevat die zich voor eenvoudig herstel leent. De fout heeft betrekking op de nadere termijn die verweerder wordt gesteld om alsnog een besluit bekend te maken op de aanvragen van eisers.
In de overwegingen wordt verweerder een nadere termijn van twee weken gesteld om alsnog een besluit op de aanvragen van eisers bekend te maken. In het dictum van de uitspraak is een termijn tot uiterlijk 1 september 2025 opgenomen. Dit is niet juist. De rechtbank zal daarom de beslissing als volgt aanpassen.
Beslissing
De rechtbank verbetert haar uitspraak van 28 juli 2025 met zaaknummers NL25.18796 en NL25.18792 door in het dictum op te nemen dat de nadere beslistermijn twee weken bedraagt.
Het dictum in de uitspraak van 28 juli 2025 komt daarmee als volgt te luiden:
De rechtbank:
- verklaart het beroep gegrond;
- draagt verweerder op binnen twee weken na de dag van verzending van deze uitspraak een besluit bekend te maken met inachtneming van deze uitspraak;
- bepaalt dat verweerder aan eisers een dwangsom van € 100 verbeurt voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt, met een maximum van € 15.000;
- veroordeelt verweerder in de proceskosten van eisers tot een bedrag van € 453,50.
Deze uitspraak is gedaan op 30 juli 2025 door mr. A.C.J. van Dooijeweert, rechter, in aanwezigheid van A.S.J.I. Hendrickx, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
De uitspraak is bekendgemaakt op:
Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.