ECLI:NL:RBDHA:2025:15066

ECLI:NL:RBDHA:2025:15066, Rechtbank Den Haag, 13-08-2025, NL23.1317

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 13-08-2025
Datum publicatie Onbekend
Zaaknummer NL23.1317
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Voorlopige voorziening
Zittingsplaats Arnhem
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
2 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537 BWBR0006358

Samenvatting

vovo hangende bezwaar, verzet-me-niet, toegewezen.

Uitspraak

[verzoeker], v-nummer: [nummer], verzoeker

(gemachtigde: mr. B. Aydin),

en

de minister van Asiel en Migratie ,

Inleiding

1. Bij het besluit van 5 januari 2023 heeft de minister de aanvraag van eiser voor een verblijfvergunning regulier met als verblijfsdoel ‘arbeid als zelfstandige’ afgewezen.

Verzoeker heeft hiertegen bezwaar gemaakt. Hij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

De voorzieningenrechter doet op grond van artikel 8:83, vierde lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Uit artikel 8:81 van de Awb volgt dat de voorzieningenrechter die bevoegd is of kan worden in de hoofdzaak op verzoek een voorlopige voorziening kan treffen, als tegen een besluit bezwaar is gemaakt en onverwijlde spoed, gelet op de betrokken belangen, dat vereist.

De minister heeft de aanvraag van verzoeker afgewezen, omdat verzoeker bij de aanvraag geen nieuw gebleken feiten of veranderde omstandigheden heeft vermeld. Het hiertegen door verzoeker gemaakte bezwaar schort de rechtsgevolgen van dit besluit niet op. Omdat gedurende de behandeling van het bezwaar uitzetting niet achterwege wordt gelaten, heeft verzoeker een spoedeisend belang bij de verzochte voorziening.

De minister heeft in een brief van 5 augustus 2025 laten weten dat hij zich niet verzet tegen toewijzing van het verzoek tot het treffen van een voorlopige voorziening.

Conclusie en gevolgen

3. Gelet op het voorgaande wijst de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening toe en bepaalt dat het besluit van 5 januari 2023 wordt geschorst totdat op het bezwaar is beslist. Dat betekent dat verzoeker gedurende de bezwaarprocedure niet mag worden uitgezet.

4. Omdat het verzoek wordt toegewezen, krijgt verzoeker een vergoeding voor de proceskosten die hij vanwege de behandeling van het verzoek redelijkerwijs heeft moeten maken. De minister moet deze vergoeding betalen. De vergoeding bedraagt € 907 omdat de gemachtigde van verzoeker een verzoekschrift heeft ingediend, waarvoor gelet op het Besluit proceskosten bestuursrecht 1 punt wordt toegekend. Ook moet de minister het griffierecht van € 184,- aan verzoeker vergoeden.

Beslissing

De voorzieningenrechter:

Deze uitspraak is gedaan door mr. I.A.M. van Boetzelaer - Gulyas, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. V. Bouman, griffier.

Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. I

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand