RECHTBANK DEN HAAG
[verzoeker] , V-nummer: [V-nummer] , verzoeker (gemachtigde: mr. A.C. Pool),
de minister van Asiel en Migratie, de minister (gemachtigde: mr. W. van Hoof).
uitspraak
Zittingsplaats Utrecht Bestuursrecht zaaknummer: NL25.19914
uitspraak van de voorzieningenrechter in de zaak tussen
en
Procesverloop
Verzoeker heeft een aanvraag ingediend tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd. Verweerder heeft met het bestreden besluit van 24 april 2025 deze aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond. Verzoeker heeft hiertegen beroep ingesteld en de voorzieningenrechter gevraagd om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met de behandeling van het beroep (NL25.19913), op 15 augustus 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben verzoeker en zijn gemachtigde deelgenomen, evenals tolk S. Assaban. Ook was de gemachtigde van de minister aanwezig.
Overwegingen
1. Met de uitspraak van vandaag, zaaknummer NL25.19913, heeft de rechtbank op het beroep beslist. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
2. De voorzieningenrechter ziet, gelet op de uitkomst van het beroep, aanleiding verweerder te veroordelen in de proceskosten van verzoeker. Deze kosten stelt de voorzieningenrechter op grond van het Besluit proceskosten bestuursrecht voor de door een derde beroepsmatig verleende rechtsbijstand vast op € 907,- (1 punt voor het indienen van het verzoekschrift met een waarde per punt van € 907,- en wegingsfactor 1).
Beslissing
De voorzieningenrechter:
Deze uitspraak is gedaan door mr. M.E.A. Braeken, rechter, in aanwezigheid van mr. S. van den Broek, griffier.
Uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
05 september 2025