ECLI:NL:RBDHA:2025:17535

ECLI:NL:RBDHA:2025:17535, Rechtbank Den Haag, 22-09-2025, NL25.7257

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 22-09-2025
Datum publicatie 24-09-2025
Zaaknummer NL25.7257
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Middelburg
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

BNT, regulier, mvv nareis asiel, geen rechtsgeldige IGS, niet-ontvankelijk.

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser], eiser,

Zittingsplaats Middelburg

Bestuursrecht

Zaaknummer: NL25.7257

V-nummer: [V-nummer]

(gemachtigde: mr. M.M. Polman)

en

de minister van Asiel en Migratie , verweerder.

Procesverloop

Eiser heeft beroep ingesteld tegen het niet tijdig nemen van een besluit op de aanvraag om verlening van een machtiging tot voorlopig verblijf in het kader van nareis voor zijn vrouw [vrouw], en zijn kinderen [kind 1], [kind 2], [kind 3] en [kind 4].

Verweerder heeft een verweerschrift ingediend.

De rechtbank doet op grond van artikel 8:54, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht (Awb) uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

1. Eiser heeft verzocht om vrijstelling van de betaling van het griffierecht voor de behandeling van zijn beroep wegens betalingsonmacht. De rechtbank heeft het verzoek om vrijstelling voorlopig toegewezen. Met het overgelegde formulier is voldoende aannemelijk gemaakt dat wordt voldaan aan de voorwaarden voor vrijstelling. Het verzoek om vrijstelling van het griffierecht wordt definitief toegewezen.

2. Op grond van artikel 6:2, aanhef en onder b, van de Awb wordt voor de toepassing van wettelijke voorschriften over bezwaar en beroep het niet tijdig nemen van een besluit met een besluit gelijkgesteld. In artikel 6:12, tweede lid, van de Awb is bepaald dat het beroepschrift kan worden ingediend zodra het bestuursorgaan in gebreke is om op tijd een besluit te nemen en twee weken zijn verstreken nadat een schriftelijke ingebrekestelling door het bestuursorgaan is ontvangen.

3. De rechtbank stelt vast dat eiser op 3 maart 2024 foto’s van een papieren ingebrekestelling heeft overgelegd. De datum op deze ingebrekestelling is 14 januari 2024. Verweerder heeft zich in zijn verweerschrift op het standpunt gesteld dat nimmer een ingebrekestelling is ingediend door eiser. Desgevraagd heeft eiser aan de rechtbank meegedeeld dat hij geen bewijs heeft dat hij de ingebrekestelling heeft verstuurd. Eiser heeft verweerder daarom (opnieuw) in gebreke gesteld op 8 augustus 2025.

4. Nu verweerder heeft meegedeeld dat hij de ingebrekestelling van eiser van 14 januari 2025 niet heeft ontvangen en eiser niet heeft onderbouwd dat hij deze ingebrekestelling aan verweerder heeft verstuurd, kan niet worden vastgesteld dat sprake is van een rechtsgeldige ingebrekestelling. Dat maakt dat niet is voldaan aan de voorwaarden voor het indienen van een beroep op grond van het niet tijdig beslissen door verweerder, als bedoeld in artikel 6:12, tweede lid, van de Awb. Het beroep is daarom niet-ontvankelijk.

5. Voor zover eiser de rechtbank heeft verzocht om bij dit beroep te betrekken dat eiser op 8 augustus 2025 verweerder (opnieuw) in gebreke heeft gesteld, overweegt de rechtbank dat gelet op artikel 6:12, tweede lid, van de Awb een ingebrekestelling voorafgaand aan het beroep tegen het niet tijdig beslissen moet worden ingediend. De ingebrekestelling van 8 augustus 2025 kan dan ook niet leiden tot een ander oordeel.

6. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan op 22 september 2025 door mr. K.M. de Jager, rechter, in aanwezigheid van mr. P. Lukanika, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is bekendgemaakt op:

Bent u het niet eens met deze uitspraak?

Als u het niet eens bent met deze uitspraak, kunt u een brief sturen naar de rechtbank waarin u uitlegt waarom u het er niet mee eens bent. Dit heet een verzetschrift. U moet dit verzetschrift indienen binnen 6 weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. U ziet deze datum hierboven. Als u graag een zitting wilt waarin u uw verzetschrift kunt toelichten, kunt u dit in uw verzetschrift vermelden.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. K.M. de Jager

Griffier

  • mr. P. Lukanika

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand