[naam] , verzoekster
V-nummer: [v-nummer] ,
en haar minderjarige dochter,
[naam] ,
V-nummer: [v-nummer] ,
(gemachtigde: mr. A.S. Sewman),
en
de Minister van Asiel en Migratie, de minister
(gemachtigde: mr. drs. J.P.M. Wuite).
Inleiding
1. Bij besluit van 31 juli 2025 (het bestreden besluit) heeft de minister de aanvraag van verzoekster tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd afgewezen als kennelijk ongegrond.
Verzoekster heeft tegen het bestreden besluit beroep ingesteld. Zij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.
De voorzieningenrechter heeft het verzoek, samen met het beroep tegen het bestreden besluit in de zaak met nummer NL25.36275, op 9 oktober 2025, op zitting behandeld. Hieraan hebben verzoekster en haar minderjarige dochter, de gemachtigde van verzoekster, een tolk en de gemachtigde van de minister deelgenomen.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
2. Bij uitspraak van vandaag, heeft de rechtbank uitspraak gedaan op het beroep tegen het bestreden besluit. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om die reden af.
Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. N. Meesters - van Luijk, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. V. Vegter, griffier, en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.
De uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:
Rechtsmiddel
Tegen deze uitspraak staat geen rechtsmiddel open.