ECLI:NL:RBDHA:2025:20001

ECLI:NL:RBDHA:2025:20001, Rechtbank Den Haag, 20-08-2025, 11408837 MB VERZ 24-22439

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 20-08-2025
Datum publicatie 30-10-2025
Zaaknummer 11408837 MB VERZ 24-22439
Rechtsgebied Strafrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Gouda
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Verwijst naar 2 zaken
Aangehaald door 1 zaken

Verwijst naar

Aangehaald door

Samenvatting

Boete niet disproportioneel. Uit de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 31 juli 2025 (met kenmerk: ECLI:NL:GHARL:2025:4719) blijkt dat in beginsel moet worden uitgegaan van de boetetarieven zoals die op grond van de wet zijn vastgesteld. Daaraan doet niet af dat een deel van de verhoging van de tarieven boven het niveau van de inflatie is en bedoeld is om in de rijksbegroting meer inkomsten te kunnen opnemen. De kantonrechter oordeelt dat het bedrag van de boete in dit geval niet in een onredelijke verhouding staat tot de aard en de ernst van de onderhavige gedraging of de financiële situatie van betrokkene voor zover daarover informatie is verschaft. Ook overigens ziet de kantonrechter geen reden tot matiging.

Uitspraak

Rechtbank DEN HAAG

Zittingsplaats Gouda

CJIB-nummer: 264537379

Registratienummer team straf: 11408837 MB VERZ 24-22439

Uitspraakdatum : 20 augustus 2025

Beslissing van de kantonrechter, tevens houdende het opgemaakte proces-verbaal van de zitting

in de zaak van

[betrokkene] B.V.

wonende dan wel gevestigd te: [postcode] [vestigingsplaats]

[adres] , nader ook te noemen: betrokkene.

Het verloop van de procedure

Aan betrokkene is een administratieve sanctie (hierna te noemen: boete) opgelegd. Betrokkene heeft daartegen beroep ingesteld bij de officier van justitie. De officier van justitie heeft het beroep ongegrond verklaard. Tegen die beslissing is beroep ingesteld bij de kantonrechter.

De zaak is behandeld op de zitting van 20 augustus 2025. Op de zitting is de vertegenwoordiger van de officier van justitie verschenen. Namens betrokkene is [naam] ter zitting verschenen.

De kantonrechter deelt betrokkene mee niet tot antwoorden verplicht te zijn.

Overwegingen

Verkeersboete

Het gaat om een boete van 8 maart 2024 van € 72,00 (exclusief administratiekosten) wegens 9 km per uur harder rijden dan mag binnen de bebouwde kom op 26 februari 2024 met de auto met kenteken [kenteken] waarvan betrokkene kentekenhouder is.

Beroepsgronden en standpunten

De beroepsgronden houden in de kern het volgende in. De boete is disproportioneel ten opzichte van het gepleegde feit en dient met 4,3% te worden verlaagd. De officier van justitie heeft de beslissing onvoldoende gemotiveerd.

De vertegenwoordiger van de officier van justitie heeft ter zitting voorgesteld het beroep ongegrond te verklaren. De vertegenwoordiger heeft daarover in het bijzonder aangevoerd dat er foto’s zijn van de gedraging en dat zij geen aanleiding heeft voor twijfel aan de meting. Wat betreft de hoogte van de boete ziet de vertegenwoordiger geen financiële bezwaren die zouden moeten leiden tot matiging van de boete.

Oordeel

Het beroep is ongegrond.

Daartoe overweegt de kantonrechter het volgende.

Uit het zaakoverzicht en de foto’s blijkt dat de gedraging is verricht. De kantonrechter twijfelt niet aan de verklaring van de verbalisant.

De motivering van de beslissing van de officier van justitie is niet ondeugdelijk of gebrekkig. De officier van justitie heeft voldoende inzichtelijk gemaakt waarom de door de betrokkene aangevoerde gronden geen doel treffen. Dat voor de motivering van de beslissing gebruik is gemaakt van standaard tekstblokken maakt dat oordeel niet anders.

Uit de uitspraak van het Gerechtshof Arnhem-Leeuwarden van 31 juli 2025 (met kenmerk: ECLI:NL:GHARL: 2025:4719) blijkt dat in beginsel moet worden uitgegaan van de boetetarieven zoals die op grond van de wet zijn vastgesteld. Daaraan doet niet af dat een deel van de verhoging van de tarieven boven het niveau van de inflatie is en bedoeld is om in de rijksbegroting meer inkomsten te kunnen opnemen.

De kantonrechter oordeelt dat het bedrag van de boete in dit geval niet in een onredelijke verhouding staat tot de aard en de ernst van de onderhavige gedraging of de financiële situatie van betrokkene voor zover daarover informatie is verschaft. Ook overigens ziet de kantonrechter geen reden tot matiging.

Beslissing

De kantonrechter:

- verklaart het beroep ongegrond.

Deze uitspraak is gedaan door mr. F.C. Berg, kantonrechter, bijgestaan door D.C. Carsten, griffier en in het openbaar uitgesproken.

De griffier De kantonrechter

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep open.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. F.C. Berg

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?