[verzoeker] , verzoeker, [V-nummer]
alsmede zijn werkgever:
[bedrijf] , te Litouwen, verzoekster
(gemachtigde: mr. B.J. Maes),
en
de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder.
Inleiding
In het besluit van 19 augustus 2024 (het bestreden besluit) heeft verweerder het bezwaar van verzoeker tegen de verlening van een verblijfssticker met de arbeidsmarktaantekening ‘Arbeid wel toegestaan, tewerkstellingsvergunning wel vereist’ ongegrond verklaard.
Verzoeker heeft beroep (AWB 24/14528) ingesteld tegen het bestreden besluit. Hij heeft verder de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen, die inhoudt dat vooruitlopend op de behandeling van het beroep een arbeidsmarktaantekening ‘Tewerkstellingsvergunning niet vereist voor specifieke arbeid, andere arbeid niet toegestaan’ wordt afgegeven.
De voorzieningenrechter doet uitspraak buiten zitting op grond van artikel 8:83, derde lid, van de Algemene wet bestuursrecht.
Beoordeling door de voorzieningenrechter
1. In de uitspraak van 3 november 2025, verzonden op 5 november 2025, in de zaak met nummer AWB 24/14528 heeft de rechtbank beslist op het beroep waarop dit verzoek om een voorlopige voorziening betrekking heeft. Een voorlopige voorziening is daarom niet meer nodig. Het verzoek wordt om die reden als kennelijk ongegrond afgewezen.
2. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.
Beslissing
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan op 13 november 2025 door mr. M.L. Weerkamp, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van mr. A.S. Hamans, griffier, en openbaar gemaakt door middel van geanonimiseerde publicatie op www.rechtspraak.nl.
Afschrift verzonden aan partijen op: