ECLI:NL:RBDHA:2025:22376

ECLI:NL:RBDHA:2025:22376, Rechtbank Den Haag, 26-09-2025, NL24.41042

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 26-09-2025
Datum publicatie 01-12-2025
Zaaknummer NL24.41042
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Amsterdam
Jurisprudentie Netwerk (LiDo)
Aangehaald door 1 zaken
1 wettelijke verwijzingen

Aangehaald door

Wettelijke verwijzingen

BWBR0005537

Samenvatting

beroep tegen niet tijdig beslissen, BNT, asiel, asielaanvraag, gegrond

Uitspraak

RECHTBANK DEN HAAG

uitspraak van de enkelvoudige kamer in de zaak tussen

[eiser] , eiser

de minister van Asiel en Migratie, verweerder.

Zittingsplaats Amsterdam

Bestuursrecht

Zaaknummer: NL24.41042

[V-Nummer]

(gemachtigde: mr. K. Ross),

en

Procesverloop

Eiser heeft beroep ingesteld wegens het niet tijdig beslissen op zijn asielaanvraag.

Verweerder heeft de gelegenheid van verweer gehad.

De rechtbank doet uitspraak zonder zitting.

Overwegingen

Overwegingen

Voor het wettelijke kader en de aan het beroep ten grondslag liggende overwegingen verwijst de rechtbank naar de bijlage bij deze uitspraak.

Is de beslistermijn overschreden?

( x ) Ja, belanghebbende heeft onbetwist gesteld dat de beslistermijn is overschreden.

( ) Ja, dit is tussen partijen niet in geschil.

( ) Nee.

Is er een correcte ingebrekestelling en is het beroep meer dan twee weken later ingesteld?

( x ) Ja.( ) Nee.

( ) Een ingebrekestelling is in dit geval niet vereist. De rechtbank verwijst hierbij naar de uitspraak van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State (hierna: de Afdeling) van 8 maart 2019.

Is het beroep gegrond?

( ) Nee. Het beroep is niet-ontvankelijk omdat niet is voldaan aan de voorwaarden voor het instellen van beroep tegen het niet tijdig nemen van een besluit.( x ) Ja.

Heeft belanghebbende de rechtbank verzocht om de bestuurlijke dwangsom vast te stellen?

( x ) Ja. Verweerder is in dit geval geen bestuurlijke dwangsom verschuldigd. Met de tijdelijke wet dwangsom heeft verweerder de bestuurlijke dwangsom afgeschaft in asielzaken. Dit is niet in strijd met het Unierechtelijke gelijkwaardigheidsbeginsel of doeltreffendheidsbeginsel. Voor de motivering van dit oordeel wordt verwezen naar de uitspraak van de Afdeling van 30 november 2022.( ) Nee.

Binnen welke termijn moet verweerder alsnog een besluit nemen?

( x ) De rechtbank ziet in dit geval aanleiding om verweerder op te dragen zo snel mogelijk op de asielaanvraag van belanghebbende te beslissen, maar uiterlijk twee weken na verzending van deze uitspraak. De rechtbank stelt vast dat de uiterste termijn van 21 maanden zoals genoemd in artikel 31, vijfde lid, van de Procedurerichtlijn is verstreken zonder dat verweerder een besluit heeft genomen.

Hoe hoog is de rechterlijke dwangsom als verweerder niet binnen deze termijn beslist? ( ) € 100,-, met een maximum van € 7.500,-. ( x ) € 200,-, met een maximum van € 15.000,-.

( ) € 250,-, met een maximum van € 37.500,-.

Is er aanleiding om proceskosten vast te stellen?

( x ) Ja. ( ) Nee.

Hoe hoog zijn de te vergoeden proceskosten? De volgende proceskosten worden toegekend:

( x ) 1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 0,5.( ) 0,5 punt voor een nadere reactie met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 0,5.

( ) 1 punt voor het indienen van het beroepschrift met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 1.( ) 0,5 punt voor een nadere reactie met een waarde per punt van € 907,- en een wegingsfactor 1.

Beslissing

De rechtbank:

( ) verklaart het beroep niet-ontvankelijk;

( x ) verklaart het beroep gegrond;

( x ) draagt verweerder op zo snel mogelijk, maar uiterlijk binnen twee weken na de dag van verzending van deze uitspraak een besluit bekend te maken;

( x ) bepaalt dat verweerder aan belanghebbende een dwangsom van ( ) € 100,- ( x ) € 200,- ( ) € 250,- verbeurt voor elke dag waarmee hij de hiervoor genoemde termijn overschrijdt, met een maximum van ( ) € 7.500,- ( x ) € 15.000,- ( ) € 37.500,-.

( x ) veroordeelt verweerder in de proceskosten van belanghebbende tot een bedrag van

( x ) € 453,50 ( ) € 680,25 ( ) € 907,- ( ) € 1.360,50.

Deze uitspraak is gedaan door mr. R.H.G. Odink, rechter, in aanwezigheid van mr. S. Özçelik, griffier.

De uitspraak is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Rechtsmiddel

Tegen deze uitspraak kan hoger beroep worden ingesteld bij de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State binnen vier weken na de dag van bekendmaking.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. R.H.G. Odink

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?