[eiseres] , V-nummer: [v-nummer] , eiseres/verzoekster (hierna: eiseres)
(gemachtigde: mr. R. Frickus),
en
de minister van Asiel en Migratie, verweerder
(gemachtigde: mr. D. Gigengack).
Inleiding
1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen de afwijzing van haar asielaanvraag en beoordeelt de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening.
Eiseres heeft op 6 mei 2023 een aanvraag tot het verlenen van een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd ingediend. Verweerder heeft met het bestreden besluit van 22 mei 2025 deze aanvraag in de algemene procedure afgewezen als kennelijk ongegrond.
De rechtbank heeft het beroep en het verzoek om een voorlopige voorziening op 24 juni 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiseres, de gemachtigde van eiseres, S. Mohamud als tolk en de gemachtigde van verweerder.
Beoordeling door de rechtbank
Waar gaat deze zaak over?
2. Eiseres heeft de Somalische nationaliteit en stelt te zijn geboren op [geboortedatum] 1983. Eiseres heeft aan haar asielaanvraag ten grondslag gelegd dat zij verschillende problemen heeft ondervonden sinds zij eind 2021 een theehuis is begonnen in hetzelfde huis als waarin de veiligheidstroepen van de autoriteiten zich hadden gevestigd. Eiseres is telefonisch bedreigd door Al-Shabaab, er zijn meerdere bomaanslagen gepleegd en zij heeft seksueel geweld ondervonden. Eiseres is gevlucht uit Somalië nadat er een foto van een onthoofd lichaam naar haar is gestuurd. Eiseres vreest bij terugkeer vermoord te worden door Al-Shabaab.
Het bestreden besluit
3. Het asielrelaas van eiseres bevat volgens verweerder de volgende asielmotieven:
Het eerste asielmotief vindt verweerder deels geloofwaardig. Verweerder gelooft de opgegeven identiteit van eiseres niet. Eiseres heeft geen objectieve documenten overgelegd die dit asielmotief onderbouwen. Verweerder heeft daarom getoetst of eiseres dit asielmotief op een andere manier voldoende aannemelijk heeft gemaakt. Eiseres heeft geen oprechte inspanning geleverd om haar aanvraag te staven. Eiseres heeft tot op heden geen identificerende documenten overgelegd en zij heeft daarvoor geen goede verklaring. De verklaringen van eiseres over haar identiteitskaart vormen verder geen samenhangend en aannemelijk geheel.
Het tweede asielmotief vindt verweerder ongeloofwaardig. Eiseres heeft dit asielmotief niet voldoende onderbouwd met objectieve documenten. Verweerder heeft daarom ook getoetst of eiseres dit asielmotief op een andere manier voldoende aannemelijk heeft gemaakt. Ten eerste heeft eiseres niet samenhangend en aannemelijk verklaard. Verweerder stelt onder andere dat de verklaringen van eiseres over het innemen van haar huis door de autoriteiten niet overeenkomen met de verklaringen van eiseres. Niet aannemelijk is gemaakt dat eiseres een persoonlijk doelwit is van Al Shabaab. Verder is het ongerijmd dat eiseres ruim een jaar telefonisch is bedreigd door Al-Shabaab zonder dat zij daadwerkelijk een bedreiging in persoon heeft ondervonden. Ook komen de verklaringen van eiseres over het innemen van haar huis door de autoriteiten niet overeen met landeninformatie. Ten tweede heeft eiseres haar asielaanvraag niet zo spoedig mogelijk ingediend en daarvoor heeft zij geen goede verklaring.
Dat eiseres uit Somalië komt is onvoldoende om aan te nemen dat zij een vluchteling is als bedoeld in het Vluchtelingenverdrag of dat zij bij terugkeer naar Somalië een reëel risico loopt op ernstige schade als bedoeld in artikel 3 van het EVRM. Eiseres komt vanwege het voorgaande niet in aanmerking voor een verblijfsvergunning asiel voor bepaalde tijd.
Verweerder heeft de aanvraag afgewezen als kennelijk ongegrond, omdat eiseres haar identiteitsdocument heeft kwijtgemaakt en omdat eiseres niet onmiddellijk asiel heeft aangevraagd toen het mogelijk was en hier geen verschoonbare reden voor heeft.
Wat vindt eiseres in beroep?
4. Eiseres is het niet eens met het bestreden besluit en voert – kort samengevat – het volgende aan.
Verweerder heeft de identiteit van eiseres ten onrechte ongeloofwaardig geacht. Eiseres heeft haar paspoort aan de reisagent afgestaan onder dwang en terwijl zij ook te kampen had met psychische problemen. Verweerder werpt daarom ten onrechte tegen dat eiseres zich uit vrije wil heeft ontdaan van haar paspoort.
Verweerder heeft de problemen van eiseres met Al-Shabaab ten onrechte ongeloofwaardig geacht. Ten eerste heeft eiseres een verschoonbare reden voor het niet tijdig aanvragen van haar asielvergunning. Eiseres heeft vanwege haar medische problemen zich niet eerder kunnen aanmelden bij het asielzoekerscentrum. Zij heeft na haar aankomst in Nederland, tegen haar wil in, vastgezeten in een woning die was geregeld door de reisagent. In combinatie met haar medische problemen, die zorgden voor beperking in haar mobiliteit, heeft eiseres niet eerder haar asielaanvraag kunnen doen. Ten tweede heeft eiseres niet onsamenhangend en onaannemelijk verklaard. Eiseres is persoonlijk doelwit geworden van Al-Shabaab. De beschietingen bij haar huis en de twee bomaanslagen bij eiseres haar huis waren persoonlijk op haar gericht. Dat ze niet doeltreffend waren doet hier niet aan af. In de woning van eiseres zaten regeringsfunctionarissen waardoor zij niet in haar huis beschoten kon worden. Ook komen de bedreigingen van eiseres overeen met landeninformatie, waaruit blijkt dat Al-Shabaab aanslagen tegen burgers pleegt om angst te zaaien onder de bevolking. Dat past bij de verklaring van eiseres dat ze steeds kon wegrennen als ze werd opgebeld door Al-Shabaab die vervolgens voor haar theehuis verscheen. Dat eiseres voorafgaand aan de bomaanslag met de auto en het ontploffingsmateriaal in haar woning meermaals telefonisch is bedreigd en na verloop van tijd is geëist dat zij en haar broer 10.000 USD moesten overmaken om niet meer bedreigd te worden, is ook in lijn met deze landeninformatie.
Verweerder werpt ten onrechte tegen dat eiseres zich niet zo snel mogelijk heeft gemeld. Eiseres was zo ziek en zwak, vanwege uitputting en diabetes, dat ze de woning niet kon verlaten en voor rust koos in plaats van naar een druk asielzoekerscentrum te gaan. Ze werd ook tegen haar wil in de woning gehouden.
Verweerder heeft verder ten onrechte geconcludeerd dat eiseres geen reëel risico loopt op ernstige schade omdat Al Shabaab niet aan de macht is in [plaats] (de woonplaats van eiseres). Op grond van het Algemeen Ambtsbericht blijkt dat Al-Shabaab verborgen invloeden heeft in gebieden die in handen zijn van de regering. In [plaats] wordt op dit moment gevochten om controle van het gebied. Uit het Ambtsbericht blijkt ook dat het juist in deze gebieden, waar Al-Shabaab vecht voor controle, vaak onveilig is. Al-Shabaab hoeft geen volledige controle over gebieden uit te oefenen om daar aanslagen te kunnen plegen.
Verweerder heeft de aanvraag ten onrechte als kennelijk ongegrond afgewezen. Verweerder had dus geen vertrektermijn mogen onthouden en geen inreisverbod mogen opleggen.
Wat is het oordeel van de rechtbank?
5. De rechtbank beoordeelt of verweerder de asielaanvraag van eiseres kon afwijzen als kennelijk ongegrond. Zij doet dat aan de hand van de beroepsgronden van eiseres. De rechtbank geeft eiseres geen gelijk. Hieronder legt de rechtbank uit hoe en waarom zij tot deze conclusie is gekomen.
Identiteit
6. De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich niet ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat de identiteit van eiseres ongeloofwaardig is.
De rechtbank overweegt dat verweerder mocht tegenwerpen dat eiseres geen documenten heeft overgelegd. Eiseres heeft in het nader gehoor verklaard dat zij 9 januari 2024 haar identiteitskaart heeft opgestuurd naar de IND. Deze is niet aangekomen bij de IND maar hieruit blijkt wel dat eiseres in ieder geval sinds 9 januari 2024 in bezit is van haar identiteitskaart. Eiseres is meerdere malen in de gelegenheid gesteld om deze identiteitskaart ter onderzoek te laten aanbieden naar Bureau Documenten maar heeft dit tot op heden niet gedaan. Ter zitting is tevens bevestigd dat eiseres haar identiteitskaart niet heeft opgestuurd aan verweerder. In het nader gehoor is het belang van haar identiteitskaart benadrukt.
Ten aanzien van het ontdoen van haar paspoort geldt dat er geen sprake is van te kwader trouw handelen indien de vreemdeling aannemelijk maakt dat er sprake is van dwang. In dit geval mocht verweerder eiseres tegenwerpen dat er geen sprake is geweest van dwang. Eiseres heeft verklaard dat zij met haar reisagent afgesproken heeft om haar paspoort af te staan en zij is gedurende de reis nog meermaals in het bezit geweest van haar paspoort. Het is daarom niet verschoonbaar dat eiseres haar paspoort heeft overgedragen aan haar reisagent.
Eiseres heeft onvoldoende aangetoond dat er sprake is van zodanige psychische problemen dat niet uitgegaan kan worden van haar verklaringen. De verklaringen van eiseres mochten ongeloofwaardig geacht worden door verweerder. Er is hierbij voldoende rekening gehouden met de psychische problemen van eiseres door verweerder.
Problemen met Al-Shabaab
7. De rechtbank is van oordeel dat verweerder zich niet ten onrechte op het standpunt heeft gesteld dat de problemen van eiseres met Al-Shabaab ongeloofwaardig zijn.
De rechtbank overweegt dat verweerder eiseres mocht tegenwerpen dat zij haar asielaanvraag niet zo spoedig mogelijk heeft ingediend, hetgeen afbreuk doet aan de geloofwaardigheid. Eiseres heeft geen goede verklaringen gegeven voor de reden dat ze niet zo spoedig als mogelijk haar asielaanvraag heeft ingediend. Eiseres is na haar aankomst in Nederland door haar reisagent naar een woning gebracht waar zij kon uitrusten. Eiseres stelt dat zij uitgeput was en dat zij, mede vanwege haar gestelde suikerziekte, ziek was aangekomen in Nederland en dat zij de instructies van de reisagent heeft opgevolgd door naar de woning te gaan in plaats van een AZC. Verweerder mocht vinden dat het juist in de lijn der verwachting ligt dat wanneer eiseres medische problemen ervaart dat zij zich meldt voor asiel zodat zij medische hulp kan krijgen. Uit het gehoor blijkt dat eiseres de instructies van de reisagent heeft opgevolgd maar niet dat er sprake is van dwang en dat de reisagent eiseres tegen haar wil in de woning heeft gehouden.
De rechtbank overweegt dat verweerder mocht vinden dat eiseres niet samenhangend en aannemelijk heeft verklaard.
Verweerder mocht vinden dat uit de verklaringen van eiseres niet blijkt dat zij een persoonlijk doelwit is van de Al-Shabaab. Verweerder stelt dat in het algemeen ambtsbericht van Somalië staat dat burgers niet het eerste doelwit van Al-Shabaab zijn. Het is aan eiseres om aannemelijk te maken dat zij wel persoonlijk doelwit is geworden van Al-Shabaab. Met betrekking tot de beschieting van Al-Shabaab mocht verweerder het bevreemdend vinden dat eiseres niet is geraakt door Al-Shabaab en dat Al-Shabaab ook niet achter haar aan kwam het huis in met de reden dat de autoriteiten daar zaten. Verweerder mocht dit aan eiseres tegenwerpen nu er volgens haar verklaringen wel driemaal in en nabij haar huis aanvallen op eiseres zouden zijn geweest. Bij de eerste bomaanslag was er sprake van een bom die over de schutting van eiseres is gegooid en de tweede bomaanslag was een autobom die is ontploft voor haar huis. Wat betreft de twee bomaanslagen bij haar huis heeft eiseres niet aannemelijk gemaakt dat zij het persoonlijke doelwit was. Eiseres heeft zelf verklaard dat het grootste doel van beide bomaanslagen was om de gehele omgeving schade aan te richten, vooral de veiligheidstroepen. Zij verklaart dus geen persoonlijk doelwit te zijn geweest van deze bomaanslagen.
Ten aanzien van de bedreigingen van eiseres in het algemeen mocht verweerder naar het oordeel van de rechtbank vinden dat eiseres oppervlakkig en ongerijmd over haar bedreigingen heeft verklaard. Verweerder mocht het bevreemdend vinden dat eiseres ruim een jaar telefonisch met de dood is bedreigd door Al-Shabaab en dat zij niet tot actie zijn overgegaan. Dat eiseres heeft verklaard dat Al-Shabaab niet tot actie overging omdat de regeringsfunctionarissen in haar huis zaten, mocht verweerder bevreemdend vinden nu eiseres eerder wel heeft verklaard dat er drie aanslagen zijn gepleegd op eiseres in en om haar huis.
De rechtbank overweegt dat de problemen van eiseres met Al-Shabaab niet bevestigd worden door informatie over de algemene veiligheidssituatie in Somalië. Eiseres beroept zich erop dat haar gestelde problemen met Al-Shabaab voldoende aannemelijk worden gemaakt door de algemene landeninformatie. Verweerder mocht vinden dat de algemene landeninformatie haar problemen met Al-Shabaab niet voldoende aannemelijk maakt.
Algemene veiligheidssituatie
Naar het oordeel van de rechtbank mocht verweerder concluderen dat de algemene veiligheidssituatie in Somalië geen reëel risico op ernstige schade voor eiseres oplevert. De beoordeling is gebaseerd op de actuele feitelijke situatie in het land van herkomst. Eiseres komt uit [plaats] en uit de landeninformatie evenals uit de vreemdelingencirculaire blijkt niet dat [plaats] in handen is van Al-Shabaab. In het ambtsbericht staat vermeld dat Al-Shabaab sinds eind februari bezig is met een nieuw offensief maar hieruit blijkt niet dat [plaats] in handen is van Al-Shabaab. Het gebied is pas formeel gezien in handen van de Al-Shabaab wanneer Al-Shabaab het gebied daadwerkelijk heeft veroverd of structurele controle uitvoert. Uit de landeninformatie blijkt naar het oordeel van de rechtbank niet dat iedere persoon die terugkeert naar [plaats] een reëel risico loopt op ernstige schade en eiseres heeft, zoals hiervoor al is overwogen, onvoldoende onderbouwd dat zij op basis van haar individuele omstandigheden dit risico wel zou lopen.
Conclusie en gevolgen
8. Het beroep is ongegrond. Het bestreden besluit blijft in stand. Dat betekent dat de afwijzing van de asielaanvraag in stand blijft.
9. Omdat op het beroep is beslist, bestaat er geen aanleiding meer voor het treffen van een voorlopige voorziening. De voorzieningenrechter wijst het verzoek daarom af.
10. Eiseres krijgt geen vergoeding van haar proceskosten.
Beslissing
De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.
De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.
Deze uitspraak is gedaan door mr. E.M.A. Vinken, (voorzieningen)rechter, in aanwezigheid van mr. J.L. Maats, griffier.
De beslissing is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:
Informatie over hoger beroep
Een partij die het niet eens is met deze uitspraak op het beroep, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen een week na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.