Vaststellen geboortegegevens
Beschikking op het op 29 januari 2025 ingekomen verzoekschrift van:
[naam],
verzoeker, gelet op diens genderbeleving hierna: verzoekster,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. F. Engelbertink te Amsterdam.
Als belanghebbende wordt aangemerkt:
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage,
zetelend te ’s-Gravenhage,
hierna te noemen: de ambtenaar.
Procedure
De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:
- het verzoekschrift, ingekomen op 29 januari 2025;
- het bericht van 17 maart 2025, met bijlagen, van de zijde van verzoekster;
- de brief van 27 mei 2025 van de zijde van de ambtenaar;
- de brief van 5 juni 2025 van de zijde van verzoekster;
- het bericht van 23 juni 2025 van de zijde van verzoekster;
- de brief van 18 juli 2025 van de zijde van de ambtenaar;
- de brief van 24 september 2025 van de zijde van de ambtenaar.
Feiten
- Blijkens de gegevens uit de Basisregistratie Personen is verzoekster geboren op [geboortedatum] 1998 te [geboorteplaats 1], [geboorteland].
- Van verzoekster is geen geboorteakte opgenomen in de registers van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage.
- Verzoekster heeft de Russische nationaliteit.
Verzoek en verweer
Het verzoek strekt ertoe dat de rechtbank de voor het opmaken van de geboorteakte van verzoekster noodzakelijke gegevens als volgt zal vaststellen:
geslachtsnaam: [geslachtsnaam]
voornamen: [voornamen]
geboortedatum: [geboortedatum] 1998
geboorteplaats: [geboorteplaats 2], [geboorteland]
geslacht: M (mannelijk)
De ambtenaar heeft geen bezwaar tegen de verzochte vaststelling van de geboortegegevens.
Beoordeling
Rechtsmacht en toepasselijk recht
Nu verzoekster in Nederland woont, heeft de Nederlandse rechter rechtsmacht op grond van artikel 3 aanhef en onder a van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
Het verzoek is gegrond op artikel 1:25c van het Burgerlijk Wetboek (BW). De rechtbank zal op dit verzoek Nederlands recht als haar interne recht toepassen.
Ontvankelijkheid
Ingevolge artikel 1:25c, eerste lid, BW kan deze rechtbank, indien ten aanzien van een buiten Nederland geboren persoon geen akte van geboorte overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie is opgemaakt of kan worden overgelegd, op verzoek van het openbaar ministerie, van een belanghebbende of van de ambtenaar, de voor het opmaken van een geboorteakte noodzakelijke gegevens vaststellen, indien:
a. die persoon Nederlander is of te eniger tijd Nederlander dan wel Nederlands onderdaan niet-Nederlander is geweest;
b. die persoon rechtmatig verblijft op grond van artikel 8, onder c en d, van de Vreemdelingenwet 2000;
c. op grond van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek een latere vermelding aan de akte van geboorte moet worden toegevoegd.
Verzoekster heeft niet de Nederlandse nationaliteit, zodat niet wordt voldaan aan de in artikel 1:25c, eerste lid onder a, BW gestelde voorwaarde.
Verzoekster is in afwachting van de beslissing op de aanvraag tot het verlenen van de verblijfsvergunning en heeft op dit moment een rechtmatig verblijf op grond van artikel 8, onder f, van de Vreemdelingenwet 2000. Dit is geen verblijfsvergunning als bedoeld in artikel 8, onder c of d, van de Vreemdelingenwet 2000, zodat verzoekster ook niet voldoet aan de in artikel 1:25c, eerste lid onder b, BW gestelde voorwaarde.
Verzoekster stelt zich op het standpunt dat zij op grond van artikel 1:25c, eerste lid onder c, BW kan worden ontvangen in haar verzoek en heeft in dit kader het volgende aangevoerd. Verzoekster is geboren als man, maar heeft de overtuiging tot het vrouwelijk geslacht te behoren. Dat wil verzoekster hebben aangepast in de gemeentelijke registers. Omdat verzoekster niet beschikt over een gelegaliseerde geboorteakte, wordt nu eerst verzocht om de geboortegegevens vast te stellen, zodat daarna op grond van artikel 1:28 BW de geslachtsgegevens kunnen worden gewijzigd.
Ter onderbouwing van haar standpunt heeft verzoekster een deskundigenverklaring van 21 februari 2025 van een BIG arts-deskundige transgenders overgelegd, waaruit volgt dat verzoekster begrijpt wat een geslachtswijziging inhoudt en de wijziging van de vermelding van het geslacht in de geboorteakte weloverwogen blijft wensen.
De rechtbank overweegt dat iemand die de overtuiging heeft tot het andere geslacht te behoren dan is vermeld in de akte van geboorte op grond van artikel 1:28 BW daarvan aangifte kan doen bij de ambtenaar van de burgerlijke stand onder wie de desbetreffende akte berust, dan wel, indien de akte van geboorte niet hier te lande in de registers van de burgerlijke stand is ingeschreven, bij de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage. Voor de toepassing van het eerste lid en het derde lid alsmede de artikelen 1:28a en 1:28b BW wordt onder akte van geboorte mede verstaan een akte van inschrijving van een buiten Nederland opgemaakte akte van geboorte of van een beschikking als bedoeld in artikel 1:25c BW. Een wijziging van het geslacht in de geboorteakte komt vervolgens, mits aan de overige voorwaarden ook is voldaan, tot stand doordat er een latere vermelding aan de geboorteakte wordt toegevoegd. De rechtbank is daarom van oordeel dat verzoekster ontvankelijk is in haar verzoek tot vaststelling van de geboortegegevens op grond van artikel 1:25c, eerste lid onder c, BW.
Inhoudelijke beoordeling
In Nederland is geen geboorteakte van verzoekster ingeschreven en onder de overgelegde stukken bevindt zich evenmin een geboorteakte die voor inschrijving vatbaar is. Verzoekster heeft een kopie van een geboorteakte overgelegd, maar deze is niet gelegaliseerd. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verzoekster voldoende aannemelijk gemaakt dat zij niet beschikt over een overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie opgemaakte originele en voor inschrijving vatbare geboorteakte en dat zij deze ook niet kan verkrijgen.
De rechtbank is van oordeel dat uit de inhoud van de in de procedure gebrachte stukken voldoende aanwijzingen zijn verkregen over de omstandigheden waaronder, de datum waarop en de plaats waar de geboorte van verzoekster moet hebben plaatsgehad, zodat zij de geboortegegevens zal vaststellen.
De rechtbank zal geen oudergegevens vaststellen, nu daarvoor onvoldoende aanwijzingen zijn verkregen en verzoekster hiertoe geen verzoek heeft gedaan.
Het verzoek is op de wet gegrond en op navolgende wijze voor toewijzing vatbaar.
Beslissing
De rechtbank:
stelt de volgende voor het opmaken van een geboorteakte noodzakelijke gegevens vast:
geslachtsnaam: [geslachtsnaam]
voornamen: [voornamen]
geboortedatum: [geboortedatum] 1998
geboorteplaats: [geboorteplaats 2], [geboorteland]
geslacht: M (mannelijk)