ECLI:NL:RBDHA:2025:25111

ECLI:NL:RBDHA:2025:25111, Rechtbank Den Haag, 06-03-2025, 10868475 CV EXPL 24-63

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 06-03-2025
Datum publicatie 07-01-2026
Zaaknummer 10868475 CV EXPL 24-63
Rechtsgebied Civiel recht; Verbintenissenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Gouda

Samenvatting

De consument is een serviceovereenkomst met betrekking tot de levering en service van een warmtepomp en bronnenveld aangegaan bij de aankoop van een nieuwbouwwoning. De bedingen die zijn opgenomen in de projectvoorwaarden ten aanzien van de duur van de serviceovereenkomst vallen onder artikel 6:237 onder k en o BW. De bedingen beperken de consument in haar opzeggingsrecht en zijn hierdoor aan te merken als oneerlijk en vernietigbaar.

Uitspraak

Rechtbank den haag

Zittingsplaats Gouda

SM (CD)

Zaak- en rolnummer: 10868475 CV EXPL 24-63

Datum: 6 maart 2025

Vonnis van de kantonrechter in de zaak:

[eisende partij 1] ,

[eisende partij 2] ,

beiden wonende te [woonplaats] , gemeente [gemeente] ,

eisende partij,

hierna gezamenlijk te noemen: [eisers] c.s.,

gemachtigde: mr. D. Humblet,

tegen

de besloten vennootschap Enera Services B.V.,

statutair gevestigd en kantoorhoudende te Katwijk,

gedaagde partij,

hierna te noemen: Enera Services,

gemachtigde: mr. M.R. de Boer.

1. Procedure

De kantonrechter heeft kennisgenomen van de volgende stukken:

- de dagvaarding d.d. 18 december 2023;

- de conclusie van antwoord;

- de conclusie van repliek;

- de conclusie van dupliek;

- het tussenvonnis van 15 augustus 2024;

- de in het geding gebrachte producties.

Op 12 november 2024 heeft er een mondelinge behandeling plaatsgevonden waarvan de griffier aantekeningen heeft gemaakt. Op verzoek van partijen is de procedure aangehouden in afwachting van een mogelijke minnelijke regeling. Bij brief van 11 december 2024 hebben partijen bericht dat zij geen overeenstemming hebben bereikt en hebben verzocht om vonnis.

2. Feiten

De kantonrechter gaat uit van de navolgende feiten.

[eisers] c.s. hebben op 14 augustus 2020 een nieuwbouwwoning gekocht, waarbij zij zich tevens hebben verbonden aan de verplichting om met Enera Services een serviceovereenkomst aan te gaan met betrekking tot levering en service van een warmtepomp en bronnenveld. De looptijd van de overeenkomst is aangevangen vanaf oplevering woning, zijnde september 2022.

In de door [eisers] c.s. gesloten koop- en aannemingsovereenkomst staat, voor zover relevant, het volgende:

“artikel 23 van de koopovereenkomst:

Koper verbindt zich door ondertekening van deze overeenkomst tevens aan de verplichting om de serviceovereenkomst aan te gaan met Enera Services B.V.

Enera Services B.V. zal aan koper de volgens haar tarievenblad verschuldigde vergoedingen mogen berekenen, er zullen t.b.v. Enera Services B.V. tevens verschillende erfdienstbaarheden, kwalitatieve verplichtingen en/of (een) opstalrecht(en) worden gevestigd t.b.v. de instandhouding van het in de woning aan te brengen warmtepompsystemen, welke eigendom blijft van Enera Services B.V.

Er zal een erfdienstbaarheid en/of een kwalitatieve verplichting worden gevestigd t.b.v. de instandhouding van de koppelleidingen van de bron(nen) in de tuin. Ter plaatse van de bron(nen) zal één vierkante meter per bron eigendom blijven van Enera Services B.V..

Koper zal een erfdienstbaarheid c.q. gebruiksrecht krijgen van tuin op het eigendom van Enera Services.”

en

“artikel 27 van de aannemingsovereenkomst: 1. De Verkrijger verbindt zich door ondertekening van deze overeenkomst tevens aan de verplichting om de serviceovereenkomst aan te gaan met Enera Services B.V. Enera Services B.V. zal aan De Verkrijger de volgens haar tarievenblad verschuldigde vergoedingen mogen berekenen, er zullen t.b.v. Enera Services B.V. tevens verschillende erfdienstbaarheden, kwalitatieve verplichtingen en/of (een) opstalrecht(en) worden gevestigd t.b.v. de instandhouding van de in de woning aan te brengen warmtepomp, welke eigendom blijft van Enera Services B.V.

Er zal een opstalrecht worden gevestigd t.b.v. de instandhouding van de koppelleidingen van de bronnen in de tuin.

2. De levering door derden van warmte en/of warm (tap)water (bijvoorbeeld, doch niet beperkt tot stadsverwarming en/of een (de) zich niet op het perceel van de onderhavige woning bevindende warmtepomp(en) ) en/of door derden geleverde en geïnstalleerde warmwater- en verwarmingsinstallaties (met uitzondering van de dimensionering van de verwarmingslichamen en de leidingen op basis van de technische gegevens van de stadsverwarming en technische gebreken aan de verwarmingslichamen, leidingen en toebehoren) vallen niet onder de toepasselijke garantie- en waarborgregeling, hetgeen impliceert dat iedere (in)directe (gevolg)schade en/of het niet voldoen aan de garantienormen ter zake, zijn uitgesloten van de toepasselijke Garantie- en waarborgregeling.”

Op de serviceovereenkomst zijn de projectvoorwaarden serviceovereenkomst warmte/koude en toestellen [straatnaam] te [woonplaats] van toepassing (hierna ook te noemen: projectvoorwaarden).

Met betrekking tot de duur van de overeenkomst is het volgende opgenomen in de projectvoorwaarden.

Artikel 21 luidt als volgt:“De overeenkomst treedt in werking op het moment dat zij door beide partijen is ondertekend. De looptijd van de overeenkomst is 30 jaar, rekenend vanaf de oplevering van de woning. Indien de overeenkomst niet wordt opgezegd zal deze na het verstrijken van de in artikel 21 genoemde periode voortgezet worden voor een aansluitende perioden van telkens 10 jaar.”

Artikel 22 luidt als volgt:

“Beëindiging van de overeenkomst vindt plaats door opzegging ENERA Services B.V. tegen het einde van de looptijd met inachtneming van een termijn van tenminste 12 maanden. Deze opzegging dient te geschieden bij deurwaardersexploot of per aangetekend schrijven.”

3. Vordering

[eisers] c.s. vorderen bij vonnis, voor zover mogelijk uitvoerbaar bij voorraad, om:

de artikelen 21 en 22 uit de projectvoorwaarden behorende bij de serviceovereenkomst te vernietigen;

voor recht te verklaren dat de tussen partijen gesloten overeenkomst na vernietiging van de artikelen 21 en 22 uit de projectvoorwaarden op elk moment opzegbaar is, in ieder geval door [eisers] c.s.;

Enera Services te veroordelen tot betaling van het door [eisers] c.s. te veel betaalde bedrag van € 940,07;

Enera Services te veroordelen tot betaling van de buitengerechtelijke incassokosten van € 462,50;

Enera Services te veroordelen tot betaling van de wettelijke rente over het bedrag van € 940,07 vanaf de dag van deze dagvaarding tot aan de dag van volledige betaling;

Enera Services te veroordelen tot betaling van de kosten van deze procedure;

Enera Services te veroordelen tot betaling van de nakosten, te vermeerderen met de wettelijke rente.

[eisers] c.s. leggen aan de vordering voormelde vaststaande feiten ten grondslag, alsmede de navolgende stellingen, zakelijk weergegeven.

De tussen partijen aangegane serviceovereenkomst ziet op de levering van een complete service bestaande uit een individuele warmtepomp en een individueel bronnenveld ten behoeve van de verwarming en koeling van de door [eisers] c.s. gekochte woning. [eisers] c.s. betalen hiervoor vastrechtkosten aan Enera Services en een maandelijks bedrag voor huur van de warmtepomp. De van toepassing zijnde projectvoorwaarden, zijn algemene voorwaarden in de zin van artikel 6:231 sub a van het Burgerlijk Wetboek (BW) en opgesteld om in een aantal overeenkomsten te worden opgenomen.

De artikelen 21 en 22 van de projectvoorwaarden zijn onredelijk bezwarend en de door Enera Services gehanteerde tarieven zijn in strijd met de Warmtewet en de maximumtarieven zoals vastgesteld door de Autoriteit Consument en Markt (ACM). Indien een beding in de algemene voorwaarden tot een overeenkomst van levering van o.a. zaken, waaronder warmte en koude begrepen, een duur bepaalt van meer dan een jaar, en de bevoegdheid ontbreekt om te allen tijde op te zeggen met een opzegtermijn van ten hoogte een maand, wordt vermoed onredelijk bezwarend te zijn. In artikel 21 is een duur bepaald van 30 jaar en dit is in strijd met artikel 6:237 sub k BW. Daarnaast volgt uit het artikel dat er na 30 jaar een stilzwijgende verlenging van steeds 10 jaar plaatsvindt. Ook dit wordt beschouwd als onredelijk bezwarend op grond van artikel 6:236 sub j BW. Voorts is artikel 21 onredelijk bezwarend op grond van artikel 6:233 sub a BW, gelet op de aard en inhoud van de overeenkomst en de wijze waarop de voorwaarden tot stand zijn gekomen. Artikel 22 wordt vermoed onredelijk bezwarend te zijn op grond van artikel 6:237 sub o BW, omdat er sprake is van een opzegtermijn langer dan één maand, namelijk een termijn van ten minste twaalf maanden. Gelet op de aard en inhoud van de overeenkomst, de wijze waarop de voorwaarden tot stand zijn gekomen, de wederzijdse kenbare belangen van partijen en de overige omstandigheden van het geval in de zin van artikel 6:233 sub a BW, zijn de artikelen onredelijk bezwarend dan wel worden vermoed onredelijk bezwarend te zijn, en zijn de bedingen op grond van artikel 6:233 sub a BW vernietigbaar.

[eisers] c.s. voeren verder aan dat de Warmtewet van toepassing is, nu het hier gaat om levering van warmte aan [eisers] c.s. Uit artikel 2 lid 3 van de Warmtewet volgt dat de leverancier (Enera Services) slechts gemaximeerde tarieven in rekening mag brengen. De maximumtarieven worden vastgesteld door de ACM en vastgelegd in het Tarievenbesluit warmte. Door Enera Services is maandelijks over het jaar 2023 een bedrag van € 37,25 aan opslagkosten inclusief btw te veel in rekening gebracht bij [eisers] c.s. Nu er geen rechtsgrond bestaat voor de te veel betaalde kosten aan opslag voor koude en het in strijd is met de Warmtewet, vorderen [eisers] c.s. een bedrag van € 310,73 als onverschuldigd betaald terug. Voor opslagkosten aan warmte in het jaar 2023 zou het gaan om een te veel onverschuldigd betaald bedrag van € 61,02 inclusief btw.

Aangezien Enera Services als warmteleverancier is aan te merken, dient zij zich te houden aan de maximumhuurtarieven van de ACM voor de afleverset van warmte en koude, namelijk de warmtepomp ingevolge artikel 8 lid 8 van de Warmtewet, zijnde € 176,80 inclusief btw per jaar. Door [eisers] c.s. is totaal een bedrag van € 913,20 inclusief btw over het jaar 2023 voldaan. Dit betekent dat [eisers] c.s. een totaalbedrag van € 736,44 inclusief btw onverschuldigd aan huur hebben betaald. Over de maanden september tot en met december 2022 hebben [eisers] c.s. een bedrag van € 105,36 inclusief btw onverschuldigd aan vastrecht betaald.

4. Verweer

Enera Services verweert zich tegen de vordering en voert daartoe, zakelijk weergegeven, het navolgende aan.

Zij valt niet onder werking van de Warmtewet en is hierdoor niet gebonden aan de maximumtarieven van de ACM. De Warmtewet is slechts van toepassing op collectieve warmtelevering via warmtenetten aan meer dan één verbruiker en niet op individuele systemen zoals hier het geval is. Daarnaast is er ook geen sprake van een inpandig leidingstelsel. Nog los daarvan levert Enera Services geen warmte en kan ook in die zin niet worden aangemerkt als een warmteleverancier in de zin van artikel 1 lid 1 Warmtewet. De Warmtewet is alleen van toepassing op leveranciers van warmte die thermische energie transporteren via water. De Warmtewet is voor het overgrote deel van toepassing op een Open bodemenergiesysteem. Een essentieel onderdeel van een Gesloten bodemenergiesysteem, de warmtepomp, valt niet onder de werking van de Warmtewet. Slechts de afleverset waar een Open bodemenergiesysteem gebruik van maakt, valt wel onder de werking van de Warmtewet.

De woning van [eisers] c.s. beschikt over een individuele ‘Duurzame Energie Installatie’. Dit betreft een gesloten bodemenergiesysteem en het systeem verzorgt alleen ruimteverwarming en warm tapwater voor de betreffende woning. Ten behoeve van Enera Services is er een voortdurend en zelfstandig recht van opstal gevestigd op onder andere het perceel van [eisers] c.s. tot het realiseren, hebben, onderhouden en in stand houden van de verticale bodemwarmtewisselaars met toebehoren en leidingen, ten behoeve van de levering van warmte/koude. In artikel 1 van de vestigingsakte is bepaald dat het opstalrecht niet door tijdverloop of eenzijdige opzegging ten einde kan komen en in artikel 2 is het gebruik omschreven. Enera Services behoudt op die manier het eigendomsrecht op het energiesysteem. In artikel 23 van de koopovereenkomst en in artikel 27 van de aannemingsovereenkomst is bepaald dat de kopers ( [eisers] c.s.) met ondertekening van de betreffende overeenkomsten zich verbinden tot het aangaan van een serviceovereenkomst met Enera Services. [eisers] c.s. zijn op grond van die serviceovereenkomst betaling van een vergoeding, bestaande uit het gebruiksonafhankelijke tarief voor warmte en koude en de huur van de warmtepomp aan Enera Services verschuldigd. Het verbruik van warmte en/of koude wordt niet afzonderlijk bemeterd of in rekening gebracht door Enera Services. [eisers] c.s. betalen slechts een gebruiksonafhankelijk tarief.

Indien Enera Services wel onder de werking van de Warmtewet valt, zijn de tarieven van de ACM niet overschreden. Voorts is de serviceovereenkomst een huurovereenkomst voor de warmtepomp en de rest van de installatie en is er geen sprake van een overeenkomst van levering van warmte en/of koude conform artikel 6:236 sub j BW en valt zij niet onder de werking van de artikelen 6:236 en 6:237 BW. Daarnaast zijn de artikelen 21 en 22 van de projectvoorwaarden kernbedingen en die vallen niet onder de werking van 6:237 BW. Enera Services is op grond van het in de vestigingsakte van het opstalrecht overeengekomen, bevoegd tot het realiseren, hebben, onderhouden en in stand houden van de verticale bodemwarmtewisselaars met toebehoren en leidingen, ten behoeve van de levering van warmte/koude. Hiervoor is zowel de duur van de serviceovereenkomst, als de opzegbaarheid, als de verlenging van de looptijd essentieel. Enera Services moet verzekerd zijn van een langdurige loop van de serviceovereenkomst om investeringsbeslissingen te kunnen nemen en de continuïteit van het onderhoud van de installatie te kunnen borgen. Indien het geen kernbedingen zijn, zijn deze bedingen niet onredelijk bezwarend. Een beroep van [eisers] c.s. op vernietiging van de artikelen 21 en 22 van de projectvoorwaarden en de daaropvolgende opzegging van de serviceovereenkomst is naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar.

Verder stelt Enera Services dat [eisers] c.s. geen (rechtmatig) belang hebben bij vernietiging van de bedingen. Vernietiging zal ertoe leiden dat [eisers] c.s. de serviceovereenkomst kunnen opzeggen en in strijd handelen met het overeengekomen gebruik op de onroerende zaak waarvoor het opstalrecht is gevestigd. Enera Services zal dan niet langer in staat zijn om zonder schade de installatie te exploiteren. Enera Services zal dan genoodzaakt zijn om de installatie af te sluiten, waardoor de woning niet langer voorzien kan worden van verwarming of warm tapwater of een vergoeding in rekening te brengen wegens ongerechtvaardigde verrijking aan [eisers] c.s., welke vergoeding gelijk is aan de huidige vergoeding.

5. Beoordeling

Is Enera Services een warmteleverancier in de zin van de Warmtewet?

De eerste vraag die partijen verdeeld houdt is of Enera Services een warmteleverancier is in de zin van de Warmtewet en hierdoor gebonden is aan de Warmtewet en de maximumtarieven die door de ACM worden gehanteerd? De kantonrechter is van oordeel dat dat niet het geval is en overweegt hiertoe het volgende.

Door Enera Services wordt betwist dat zij warmteleverancier is in de zin van de Warmtewet en dat de daaruit voorvloeiende verplichtingen uit de Warmtewet op haar van toepassing zijn. Enera Services heeft hiertoe aangevoerd dat zij geen warmte levert, waardoor zij geen leverancier is in de zin van artikel 1 lid 1 van de Warmtewet. Er is sprake van een gesloten bodemenergiesysteem bij de woning van [eisers] c.s., waarbij de thermische energie niet wordt geleverd door transport van water maar door transport van antivriesvloeistof. Cruciaal is hier voor de toepasselijkheid van de Warmtewet of de thermische energie getransporteerd wordt via water of een andere vloeistof. Daarnaast is ook essentieel bij een gesloten bodemenergiesysteem, dat de warmtepomp niet onder de Warmtewet valt.

[eisers] c.s. hebben gelet op het gemotiveerde verweer van Enera Services haar stellingen nader toegelicht en aangevoerd dat individuele systemen niet worden uitgesloten van de warmtewet. Enera Services levert aan meer dan één gebruiker, maar via individuele warmtenetten. Uit artikel 1 lid 1 Warmtewet volgt dat een individuele warmtepomp met bijbehorend leidingwerk tot een warmtenet kan behoren. Bij een warmtepomp is er wel sprake van levering van thermische energie via water en dus van levering van warmte. Conform de huidige constructie dient de warmtepomp wel gezien te worden als afleverset en de huurtarieven dienen daardoor ook de maximale tarieven van de Warmtewet te volgen.

Vast staat dat het hier gaat om een gesloten bodemenergiesysteem. Bij een gesloten bodemenergiesysteem stroomt er koud of warm water door middel van een gesloten leidingenstelsel in de bodem. Een gesloten bodemenergiesysteem onttrekt met een circulatievloeistof door gesloten leidingen warmte of koude aan de bodem. Bij een gesloten bodemenergiesysteem wordt er gebruik gemaakt van de temperatuur van de bodem om daarmee woningen te verwarmen of te koelen. De kantonrechter is anders dan [eisers] c.s. van oordeel dat gesloten bodemenergiesysteem, een individueel systeem, in dit geval wel is uitgesloten van de Warmtewet, aangezien er geen sprake is van een warmtenet maar van aparte en gesloten bodemenergiesystemen per woning.

Verder is ook niet van belang dat vergelijkbare woningen hetzelfde systeem in hun woning hebben. Dit maakt nog niet dat er sprake is van integratie van een warmtenet of collectief systeem. Iedere woning heeft een eigen systeem met eigen installatie en kan afzonderlijk van de andere woning gebruik maken van die installatie.

De vraag of Enera Services warmte levert door middel van thermische energie kan verder onbeantwoord blijven, omdat zij in dit geval niet als warmteleverancier kan worden aangemerkt omdat er sprake is van een gesloten bodemenergiesysteem.

Gelet op het voorgaande is Enera Services niet gehouden aan de maximumtarieven die door de ACM worden gehanteerd en bestaat er geen grond voor terugbetaling van de gevorderde bedragen, nu niet getoetst hoeft te worden of de gehanteerde tarieven in strijd zijn met de ACM. Dit deel van de vordering zal dan ook worden afgewezen.

Welke overeenkomst ligt ten grondslag?

Partijen verschillen over de vraag of hier sprake is van een huurovereenkomst of een serviceovereenkomst. Volgens vaste rechtspraak van de Hoge Raad kan de vraag hoe in een schriftelijk contract de verhouding van partijen is geregeld niet worden beantwoord op grond van alleen maar een zuiver taalkundige uitleg van de bepalingen van dat contract. Voor de beantwoording van die vraag komt het immers aan op de zin die partijen in de gegeven omstandigheden over en weer redelijkerwijs aan deze bepalingen mochten toekennen en op hetgeen zij te dien aanzien redelijkerwijs van elkaar mochten verwachten, het zogeheten Haviltex-criterium.

De kantonrechter gaat voorbij aan het verweer dat hier sprake is van een huurovereenkomst. Uit de bewoordingen zoals opgenomen in de serviceovereenkomst en de uitleg van partijen volgt dat partijen zijn overeengekomen: “een serviceovereenkomst voor de levering van een complete service bestaande uit een warmtepomp en een bronnenveld ten behoeve van de verwarming en koeling van de door afnemer ( [eisers] c.s.) aangekochte woning.” Partijen worden verder aangeduid als serviceverlener en afnemer. Naast dat er een huurbedrag is afgesproken, dienen de afnemers ook maandelijks een bedrag aan vastrecht te betalen. Al deze bepalingen, maken naar het oordeel van de kantonrechter dat partijen een serviceovereenkomst zijn aangegaan en geen huurovereenkomst.

Is er sprake van een kernbeding?

Nu vaststaat dat er sprake is van een serviceovereenkomst, dient beoordeeld te worden of de artikelen 21 en 22 van de projectvoorwaarden zijn aan te merken als kernbedingen of algemene bedingen, en in dat laatste geval of deze bedingen worden geacht onredelijk bezwarend te zijn. De in de artikelen 21 en 22 opgenomen bedingen in de projectvoorwaarden hebben betrekking op de duur, beëindiging en opzegging van de serviceovereenkomst.

Enera Services stelt dat deze bedingen kernbedingen van de serviceovereenkomst vormen, zodat in dit geval de toepassing van artikel 6:233 BW mist. De bepalingen betreffen immers de essentialia van de overeenkomst, waarbij partijen de looptijd en beëindiging van de overeenkomst zijn overeengekomen. Door [eisers] c.s. wordt dit betwist en hiertoe voeren zijn aan dat gelet op de aard en inhoud van de overeenkomst en de wijze van totstandkoming, de bedingen niet als kernbedingen kunnen worden opgenomen.

Bij de beoordeling of er sprake is van een kernbeding dient conform vaste rechtspraak van de Hoge Raad (HR 19 september 1997, NJ 1998, 6) en Hof van Justitie van de Europese Unie (HvJEU 3 september 2020, ECLI:EU:C:2020:631) een kernbeding zo beperkt mogelijk te worden uitgelegd. Onder kernbeding wordt verstaan bedingen die samenvallen met essentialia zonder welke een overeenkomst, bij gebrek van voldoende bepaalbaarheid van de verbintenissen, niet tot stand zou zijn gekomen. Een kernbeding dient een hoofdverbintenis te definiëren. Indien het beding als kernbeding is aan te merken, dan is het beding niet als algemene voorwaarde in de zin van artikel 6:231 onder a BW aan te merken en kan de toets of een bezwaar onredelijk bezwarend is achterwege blijven.

De strikte uitleg van kernbedingen, waarbij bij twijfel de meest gunstige uitleg voor de wederpartij prevaleert wordt bevestigd in de huidige jurisprudentie van de Hoge Raad.

De kantonrechter is van oordeel dat de bedingen zoals opgenomen in de artikelen 21 en 22 van de projectvoorwaarden niet zijn aan te merken als kernbedingen en overweegt daartoe het volgende.

In artikel 21 is de duur van de overeenkomst opgenomen. Naar het oordeel van de kantonrechter is het beding ten aanzien van de duur van de overeenkomst niet zo wezenlijk dat zonder dit beding de overeenkomst niet tot stand zou zijn gekomen en de bepaling hierdoor essentieel is voor het aangaan van de overeenkomst. [eisers] c.s. zijn gelet op de koop- en aannemingsovereenkomst verplicht tot het aangaan van de serviceovereenkomst. Ook zonder een specifieke duur had de overeenkomst tot stand kunnen komen, indien er maar is voorzien in een opzeggingsmogelijkheid voor partijen. Gelet op het voorgaande is er geen sprake van een kernbeding, maar slechts sprake van een algemeen beding welke als algemene voorwaarde is aan te merken.

In artikel 22 van de projectvoorwaarden is de wijze van beëindiging en opzegging van de overeenkomst opgenomen. Naar het oordeel van de kantonrechter gaat het hier niet om een essentialia van de overeenkomst waardoor het geen kernbeding betreft, maar slechts een algemeen beding. Voor de totstandkoming van de overeenkomst is de wijze van beëindiging niet noodzakelijk. Voorts is de opzegging algemeen en kan de wijze van opzegging in meerdere overeenkomsten worden opgenomen, wat uitsluit dat er sprake is van een kernbeding.

Zijn de bedingen onredelijk bezwarend en vernietigbaar?

Gelet op de door [eisers] c.s. ingenomen stelling zal beoordeeld dienen te worden of de bedingen zoals opgenomen in artikelen 21 en 22 van de projectvoorwaarden op grond van artikel 6:237 onder k en o BW onredelijk bezwarend zijn. Door [eisers] c.s. is hiertoe aangevoerd dat met de betreffende bedingen slechts na de duur van 30 jaar, een opzeggingsmogelijkheid bestaat waarbij een opzegtermijn termijn van twaalf maanden wordt gehanteerd. Nu een opzegging pas mogelijk is na de duur van 30 jaar en de opzeggingstermijn langer dan één maand betreft, worden de bedingen op grond van voornoemd artikel onredelijk bezwarend geacht.

De kantonrechter is met [eisers] c.s. eens dat er sprake is van bedingen die vallen onder artikel 6:237 onder k en o BW. De bedingen in de algemene voorwaarden beperken [eisers] c.s. als consument in hun opzeggingsrechten, nu er in de artikelen 21 en 22 een langere termijn dan één maand is opgenomen en dat is aan te merken als oneerlijk. Hetgeen Enera Services als tegenbewijs tegen de oneerlijkheid van de bedingen heeft geleverd is hiertoe onvoldoende. Er is immers geen sprake van kernbedingen. Dat Enera Services in verband met haar financiering verzekerd dient te zijn van een langdurig verloop van de serviceovereenkomst en deze verplichtingen essentieel zijn voor de continuïteit van haar diensten, maakt niet dat deze bepalingen essentieel zijn voor de totstandkoming van de overeenkomst en de bedingen niet vallen onder de reikwijdte van artikel 6:237 onder o BW. Dit leidt ertoe nu er sprake is van oneerlijke bedingen, de bedingen in de relatie tussen partijen kunnen worden vernietigd. De verzochte verklaring voor recht zal in zoverre worden toegewezen.

Kosten

De kantonrechter stelt vast dat [eisers] c.s. voldoende hebben gesteld en onderbouwd dat buitengerechtelijke incassowerkzaamheden zijn verricht. Aangezien het in deze procedure gaat om toewijzing van een vordering van onbepaalde waarde, zal het gevorderde bedrag van € 462,50 exclusief btw worden toegewezen.

Enera Services wordt als de overwegend in het ongelijk gestelde partij veroordeeld in de kosten van de procedure. De nakosten zijn daarbij inbegrepen voor zover deze kosten daadwerkelijk worden gemaakt. De nakosten worden begroot op een halve salarispunt met een maximum van € 135,00, te vermeerderen met de wettelijke rente.

6. Beslissing

De kantonrechter:

vernietigt de artikelen 21 en 22 uit de projectvoorwaarden behorende bij de serviceovereenkomst;

verklaart voor recht dat de tussen partijen gesloten overeenkomst na vernietiging van de artikelen 21 en 22 uit de projectvoorwaarden op elk moment opzegbaar is, in ieder geval door [eisers] c.s.;

veroordeelt Enera Services tot betaling aan [eisers] c.s. van een bedrag van € 462,50 exclusief btw aan buitengerechtelijke incassokosten;

veroordeelt Enera Services in de proceskosten, aan de zijde van [eisers] c.s. tot heden begroot op € 813,00 voor salaris van de gemachtigde van [eisers] c.s., onverminderd de eventueel over de verschotten verschuldigde btw;

veroordeelt Enera Services tot betaling van € 135,00 aan nasalaris, voor zover [eisers] c.s. daadwerkelijk nakosten zal maken, vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in artikel 6:119 BW met ingang van de vijftiende dag na aanschrijving tot de dag der voldoening;

verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad;

wijst het meer of anders gevorderde af.

Dit vonnis is gewezen door kantonrechter mr. P.M. Frinking en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 6 maart 2025.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?