ECLI:NL:RBDHA:2025:25608

ECLI:NL:RBDHA:2025:25608, Rechtbank Den Haag, 22-09-2025, AWB - 25 _ 4677

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 22-09-2025
Datum publicatie 09-01-2026
Zaaknummer AWB - 25 _ 4677
Rechtsgebied Bestuursrecht
Procedure Voorlopige voorziening
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Afwijzing voorlopige voorziening m.b.t. hoogte toegekend voorschot op aanvullende schadevergoeding werkelijk geleden schade (Commissie Werkelijke Schade). Verzoekster wenst een hoger voorschot. Geen spoedeisend belang, geen acute financiële noodsituatie. Geen evident onrechtmatig besluit.

Uitspraak

[verzoekster] , te [woonplaats] , verzoekster

(gemachtigde: mr. P. Salim),

tegen

Dienst Toeslagen, verweerder

(gemachtigden: mr. [gemachtigde 1] en [gemachtigde 2] ).

Inleiding

Verzoekster heeft de Commissie Werkelijke Schade (CWS) bij brief van

6 juni 2025 verzocht om een aanvullende schadevergoeding voor de werkelijk geleden schade. Bij e-mail van 6 juni 2025 heeft zij verzocht om betaling van een voorschot op deze aanvullende vergoeding.

Met het (primaire) bestreden besluit van 27 juni 2025 heeft verweerder verzoekster een voorschot van € 3.800,- toegekend. Dit bedrag is met spoed uitbetaald.

Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen het bestreden besluit. Zij heeft de voorzieningenrechter verzocht om een voorlopige voorziening te treffen.

Verweerder heeft met een verweerschrift gereageerd op het verzoek.

De voorzieningenrechter heeft het verzoek op 8 september 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: verzoekster, de gemachtigde van verzoekster en de gemachtigden van verweerder.

Beoordeling door de voorzieningenrechter

2. Het oordeel van de voorzieningenrechter heeft een voorlopig karakter en bindt de rechtbank in een (eventueel) bodemgeding niet.

Voorgeschiedenis

Op 20 februari 2021 heeft verzoekster een aanvraag tot herbeoordeling van de kinderopvangtoeslag ingediend. Met het definitieve besluit compensatie

kinderopvangtoeslag (over 2009 en 2010) van 1 februari 2022 (UHT-DC I) is het definitieve compensatiebedrag vastgesteld op € 98.265,-. Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit.

Met het definitieve besluit herbeoordeling kinderopvangtoeslag van 17 juli 2023 (UHT-DCHO) heeft verweerder de kinderopvangtoeslag van 2011 tot en met 2015 bekeken. Over de jaren 2009 tot en met 2015 wordt een totale vergoeding vastgesteld van € 109.010,-, dit is inclusief de compensatie van € 98.265,-. Verzoekster zal nog € 10.745,- ontvangen op grond van de regeling Tegemoetkoming opzet/grove schuld (O/GS.) voor het jaar 2011. Verzoekster heeft bezwaar gemaakt tegen dit besluit.

Met het besluit van 14 mei 2025 is beslist op de bezwaren van verzoekster (zie 2.1. en 2.2.). Een aantal componenten van de totale vergoeding is herberekend. Het nieuwe compensatiebedrag wordt € 101.820,-, dit is inclusief de compensatie van € 98.265,-. Dit resulteert in een nabetaling van € 3.555,-. Het bezwaar van verzoekster dat het toeslagjaar 2008 niet is beoordeeld, is ongegrond. Over het toeslagjaar 2007 volgt een afzonderlijke definitieve beschikking. Meegedeeld is dat verzoekster, als zij meer schade heeft, zich kan wenden tot de CWS.

Verzoekster heeft beroep ingesteld tegen het besluit van 14 mei 2025 (SGR 25/4263).

Waar gaat deze zaak over?

Met het verzoek van 6 juni 2025 heeft verzoekster verzocht om vergoeding van aanvullende schade. De schadeposten worden op een later tijdstip nader onderbouwd.

De CWS is een onafhankelijke commissie en heeft tot taak het toetsen van en adviseren over aanvragen tot toekenning van aanvullende schadevergoeding. De CWS brengt een advies uit aan verweerder, die daarna een beslissing neemt.

Met het verzoek om een voorschot van 6 juni 2025 heeft verzoekster meegedeeld dat zij spoedeisend belang heeft bij toekenning daarvan, omdat Univé voor een openstaande schuld invorderingsmaatregelen heeft aangekondigd.

Verweerder heeft het bestreden besluit tot toekenning van het voorschot genomen.

Verweerder gaat er van uit dat in dit geval maximaal € 30.000,- aan immateriële schadevergoeding geadviseerd zal worden door de CWS. Aan verzoekster is al € 15.000,- aan immateriële schadevergoeding betaald bij de definitieve compensatiebeslissing en er is € 10.745,- als Tegemoetkoming O/GS betaald. Daardoor is er ruimte voor een voorschot van maximaal € 3.800,-.

Het standpunt van partijen

Verzoekster stelt dat zij tenminste € 10.000,- nodig heeft als voorschot. Als spoedeisend belang voor het treffen van een voorlopige voorziening heeft zij aangevoerd dat haar inkomen door arbeidsongeschiktheid met ongeveer € 800,- is gedaald. Met het ontslag per 30 juni 2025 en het moeten aanvragen van een uitkering bij het UWV, zal haar inkomen mogelijk met 20% dalen. Er zijn betalingsachterstanden voor haar vaste lasten ontstaan en er is aangekondigd dat de energie zal worden afgesloten. Zij heeft inmiddels ook een huurachterstand.

Verzoekster stelt dat er ruimte is voor een hoger voorschot. Verweerder heeft in zijn berekening ten onrechte de Tegemoetkoming O/GS van € 10.475,- meegerekend in het uitgekeerde bedrag. Voorts heeft verzoekster aan de hand van het Beleidskader een nadere berekening gemaakt met betrekking tot de volgens haar van toepassing zijnde Bouwstenen, die hoger uitvalt dan de berekening van verweerder.

Verweerder heeft een uitgebreid verweerschrift ingediend.

Wat is het oordeel van de voorzieningenrechter?

4. De voorzieningenrechter treft op grond van artikel 8:81, eerste lid, van de Awb alleen een voorlopige voorziening als "onverwijlde spoed" dat vereist.

In dit geval zou het gaan om een actueel (financieel) spoedeisend belang. Een dergelijk belang kan worden aangenomen als door het bestreden besluit een betrokkene schulden heeft moeten maken op grond waarvan acute dreiging bestaat van huisuitzetting, afsluiting van levering van energie en water of het niet langer verzekerd zijn voor ziektekosten.

Ook beslag op inkomsten of een uitkering kan daarbij een rol spelen.

Verzoekster heeft op 11 augustus 2025 een eigen overzicht van haar inkomsten en uitgaven ingezonden. De voorzieningenrechter volgt het standpunt van verweerder dat uit dit overzicht volgt dat er serieuze financiële zorgen zijn, maar dit maakt niet gelijk dat er een spoedeisend belang is voor het treffen van een voorlopige voorziening.

Verzoekster heeft ook diverse facturen en betalingsherinneringen ingezonden. Op zitting heeft verzoekster meegedeeld dat zij inmiddels facturen (gedeeltelijk) heeft betaald en dat er ook (betalings)afspraken zijn gemaakt. De voorzieningenrechter stelt vast dat verzoekster van de tussentijdse betalingen en afspraken geen stukken heeft ingezonden.

De tussentijdse betalingen zouden zien op huurachterstanden in 2025. Niet is gebleken dat sprake is van een acute dreiging van huisuitzetting.

In de laatste aanmaning van Univé, die verzoekster heeft meegezonden met de aanvraag om een voorschot, is vermeld dat zij € 5.206,66 moest betalen vóór 27 maart 2025, daarna volgt incasso. Daarin is ook vermeld dat verzoekster, als zij moeite heeft met betalen, contact kan opnemen. De gewone premie-factuur van Univé dat verzoekster vóór 10 augustus 2025 de premie moet voldoen, vermeldt geen dreigende maatregel. Niet gebleken is dat verzoekster op korte termijn niet langer verzekerd zal zijn voor ziektekosten.

Er is voorts een voorschotfactuur van Dunea overgelegd, maar niet is gebleken dat de levering van water dreigt te worden afgesloten.

Verzoekster heeft een betalingsachterstand bij Budget Energie voor de levering van energie en zij kan eventueel een betalingsregeling treffen. Haar contract zou per 30 augustus 2025 worden beëindigd als niet uiterlijk 29 augustus 2025 zal worden betaald. Verzoekster heeft op zitting gezegd dat zij met betrekking tot de energie ‘iets’ heeft kunnen regelen. Niet gebleken is dat de levering van energie dreigt te worden afgesloten.

Ook ten aanzien van de facturen van Odido, de ASR-verzekering en van de motorrijtuigenbelasting is niet gebleken van een dreigende incasso of andere maatregelen.

Tenslotte is er de incomplete nota van de orthodontist van 7 augustus 2025 voor behandelingen van een zoon van verzoekster, waarin is opgenomen dat een betalingsregeling is gestopt en dat verzoekster een openstaand bedrag binnen drie dagen moet voldoen, anders volgt incasso. Ook hier is niet gebleken van een inmiddels dreigende incasso of andere maatregelen.

Gelet op het voorgaande is niet gebleken dat verzoekster niet meer in haar primaire levensbehoeften zal kunnen voorzien. Daarmee is geen sprake van een acute financiële noodsituatie.

6. De conclusie is daarom dat er geen spoedeisend belang is bij het treffen van een voorlopige voorziening. Verder volgt uit wat is aangevoerd niet op voorhand dat het bestreden besluit evident onrechtmatig is. Verzoekster heeft haar gewenste voorschot berekend aan de hand van het CWS beleidskader begroting immateriële schadevergoeding. Verweerder maakt, omdat de UHT nog niet over een advies van de CWS beschikt, alleen gebruik van de gegevens die de UHT op dat moment heeft. Verweerder berekent het voorschot echter aan de hand van het voorschotkader, waarin het CWS beleidskader dat wordt gehanteerd bij het beoordelen van een aanvraag om vergoeding van aanvullende schade voor een deel wordt gevolgd. Het hanteren van een voorschotkader maakt niet dat het besluit alleen al daarom evident onrechtmatig is.

7. De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

8. Voor een proceskostenveroordeling bestaat geen aanleiding.

Beslissing

De voorzieningenrechter wijst het verzoek om een voorlopige voorziening af.

Deze uitspraak is gedaan door mr. M.M. Meijers, voorzieningenrechter, in aanwezigheid van A.J. van Rossum, griffier. De beslissing is in het openbaar uitgesproken op

22 september 2025.

griffier voorzieningenrechter

Een afschrift van deze uitspraak is verzonden aan partijen op:

Tegen deze uitspraak staat geen hoger beroep of verzet open.

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?