ECLI:NL:RBDHA:2025:26229

ECLI:NL:RBDHA:2025:26229, Rechtbank Den Haag, 25-11-2025, NL25.13431 en NL25.13433

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 25-11-2025
Datum publicatie 16-01-2026
Zaaknummer NL25.13431 en NL25.13433
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

Aanvraag niet-tijdelijke humanitaire gronden - geboren in Nederland en als kind (tegen wil in) vertrokken - geen vrijstelling mvv vereiste nu medische omstandigheden niet zijn aangetoond - geen BMA advies hoeven inwinnen - voldoende gemotiveerd geen vrijstelling mvv vereiste op grond van privéleven onder 8 EVRM - hardheidsclausule - beroep ongegrond.

Uitspraak

[eiser] , eiser/verzoeker (hierna: eiser),

v-nummer: [v-nummer]

(gemachtigde: mr. A. Orhan),

en

de minister van Asiel en Migratie, voorheen de staatssecretaris van Justitie en Veiligheid, verweerder

(gemachtigde: mr. A. Sarmastzada).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiser tegen de afwijzing van zijn aanvraag voor een verblijfsvergunning voor verblijf op niet-tijdelijk humanitaire gronden en beoordeelt de voorzieningenrechter het verzoek om een voorlopige voorziening van eiser.

Verweerder heeft deze aanvraag met het besluit van 9 oktober 2023 afgewezen. Met het bestreden besluit van 14 maart 2025 op het bezwaar van eiser is verweerder bij de afwijzing van de aanvraag gebleven.

De rechtbank heeft het beroep op 14 oktober 2025 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: eiser, de gemachtigde van eiser, de zus van eiser en de gemachtigde van verweerder.

Beoordeling door de rechtbank

Waar gaat deze zaak over?

2. Eiser is geboren op [geboortedatum] 1993 in Alkmaar en heeft de Marokkaanse nationaliteit. Hij heeft een aanvraag gedaan voor een verblijfsvergunning voor verblijf op niet-tijdelijke humanitaire gronden. Eiser is gedurende zijn kindertijd met zijn ouders naar Marokko vertrokken. Dit vertrek heeft tegen zijn wil en zonder zijn medeweten plaatsgevonden. In 2018 is eiser teruggekeerd naar Nederland. Hij verblijft bij zijn broer. In beroep heeft eiser stukken overgelegd waaruit blijkt dat hij een behandeling ondergaat voor PTSS.

3. Verweerder heeft de aanvraag afgewezen omdat eiser niet in het bezit is van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) en hij niet in aanmerking komt voor een vrijstelling van het mvv-vereiste. Zijn gestelde medische omstandigheden geven geen aanleiding om een vrijstelling te verlenen, nu deze omstandigheden niet met stukken waren onderbouwd ten tijde van het besluit en de gestelde behandeling pas ná het bestreden besluit is begonnen. Daarnaast is er geen sprake van een schending van artikel 8 van het EVRM, nu eiser geen gezinsleven heeft met zijn broers en zussen en de belangenafweging ten aanzien van zijn privéleven in zijn nadeel uitvalt. Ook leidt de hardheidsclausule niet tot vrijstelling van het mvv-vereiste.

Wat vindt eiser in beroep?

4. Eiser voert aan dat verweerder ten onrechte vasthoudt aan het mvv-vereiste. Er is sprake van omstandigheden op basis waarvan eiser vrijgesteld dient te worden van het vereiste. Eiser heeft namelijk een verslechterde gezondheid, ondergaat een medische behandeling in Nederland en is afhankelijk van zijn broer. Verweerder heeft in dit kader ten onrechte afgezien van het opvragen van advies bij het Bureau Medisch Advies (BMA). Daarnaast is het besluit in strijd met artikel 8 van het EVRM. Eiser heeft gezinsleven met zijn broer. Verweerder heeft onvoldoende betrokken dat eiser samenwoont met zijn broer, hij op jonge leeftijd tegen zijn wil in is vertrokken naar Marokko, dat ook zijn zus tegen haar wil is vertrokken naar Marokko en dat zijn broers en zussen vrij snel na hun vertrek hebben kunnen terugkeren naar Nederland. Ook is onvoldoende rekening gehouden met de duur van eisers verblijf in Nederland en met zijn verblijf in en sociale banden met Marokko. Daarnaast heeft verweerder onvoldoende gemotiveerd dat het belang van Nederland zwaarder weegt dan het belang dat eiser heeft bij zijn privéleven in Nederland. Eiser is geboren en geworteld in Nederland en zijn medische omstandigheden vormen een objectieve belemmering om het privéleven in Marokko uit te oefenen. Ten slotte is het vasthouden aan het mvv-vereiste onevenredig hard voor eiser. Zijn aanvraag betreft een wedertoelating en daar dient coulant mee om te worden gegaan.

Wat is het oordeel van de rechtbank?

5. Verweerder kan een aanvraag om een verblijfsvergunning afwijzen als de vreemdeling niet beschikt over een geldige mvv. De vreemdeling kan, voor zover hier van belang, worden vrijgesteld van dit vereiste wanneer het gelet op de medische omstandigheden van de vreemdeling niet verantwoord is om te reizen. Ook kan een vreemdeling worden vrijgesteld van het mvv-vereiste als wordt voldaan aan één van de genoemde situaties in het tweede lid van artikel 3.71 van het Vb, bijvoorbeeld als uitzetting in strijd zou zijn met artikel 8 van het EVRM. Verder is een vrijstelling mogelijk op grond van het derde lid van dat artikel, wanneer de toepassing van het mvv-vereiste zal leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard. In paragraaf B1/4.1 van de Vreemdelingencirculaire 2000 (Vc) staan ook nog andere situaties genoemd die tot vrijstelling kunnen leiden. Niet in geschil is dat eiser niet aan het mvv-vereiste voldoet. Naar het oordeel van de rechtbank geeft wat eiser naar voren heeft gebracht geen grond voor het oordeel dat hij hiervan vrijgesteld had moeten worden. De rechtbank overweegt hiertoe als volgt.

Vrijstelling op grond van medische omstandigheden

6. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder niet ten onrechte in de medische omstandigheden van eiser geen aanleiding gezien om hem vrij te stellen van het mvv-vereiste. Daartoe overweegt de rechtbank als volgt.

Voorafgaand aan het primaire besluit heeft verweerder eiser verzocht om een onderbouwing van zijn medische problematiek en is toegelicht welke stukken verweerder in dit verband verlangt. Eiser heeft deze stukken niet aangeleverd. In het primaire besluit heeft verweerder erop gewezen dat eiser zelf verantwoordelijk is voor het aanleveren van een medisch dossier en dat – vanwege het ontbreken van de benodigde stukken – geen advies is gevraagd aan het BMA. Uit het bestreden besluit volgt dat eiser tijdens de hoorzitting opnieuw op zijn medische situatie heeft gewezen en dat hij stelt dat hij op dat moment onder medische behandeling staat vanwege psychische problematiek. Hoewel eiser vervolgens enkele stukken aan verweerder heeft toegestuurd, volgt uit het bestreden besluit dat verweerder geen aanleiding heeft gezien om het BMA (alsnog) om advies te vragen omdat uit de stukken geenszins blijkt dat eiser onder medische behandeling staat. Bij gebreke van de benodigde stukken, kan geen onderzoek worden gestart, zo stelt verweerder in het bestreden besluit. Naar het oordeel van de rechtbank heeft verweerder tegen deze achtergrond zonder BMA-advies kunnen concluderen dat de vreemdeling niet in aanmerking komt voor vrijstelling van het mvv-vereiste vanwege medische omstandigheden. In beroep heeft eiser voor het eerst met stukken onderbouwd dat hij gezondheidsklachten heeft. Uit deze stukken blijkt dat hij een behandeling ondergaat voor PTSS, die is gestart op een datum na het bestreden besluit. Verweerder heeft de onderbouwing en de behandeling dus niet mee kunnen nemen in de besluitvorming en heeft daarom terecht geen aanleiding gezien om advies in te winnen van het BMA. Verweerder heeft er bovendien terecht op gewezen dat eiser – als hij meent dat sprake is van een situatie waarin uitzetting vanwege zijn gezondheidstoestand achterwege moet blijven of dat het vanwege zijn gezondheidstoestand niet verantwoord is om te reizen – een aanvraag kan indienen voor toetsing aan artikel 64 van de Vw. De beroepsgrond slaagt niet.

Vrijstelling op grond van artikel 8 van het EVRM

7. Verweerder heeft eiser ook terecht geen vrijstelling voor het mvv-vereiste verleend op grond van artikel 8 van het EVRM. De rechtbank is namelijk van oordeel dat verweerder zich op het standpunt heeft kunnen stellen dat er geen sprake is van gezinsleven in de zin van artikel 8 van het EVRM tussen eiser en zijn broers en zussen, nu niet is gebleken dat er bijkomende elementen van afhankelijkheid bestaan tussen eiser en zijn familieleden. In het bestreden besluit heeft verweerder alle omstandigheden betrokken die door eiser in dit kader zijn aangevoerd, waaronder de samenwoning met zijn broer, het vertrek naar Marokko op jonge leeftijd, het feit dat ook eisers zus een onvrijwillig vertrek heeft meegemaakt en de banden van eiser met Marokko. Hoewel de rechtbank begrijpt dat eiser steun vindt in de nabijheid van zijn broers en zussen, heeft verweerder deze omstandigheden onvoldoende kunnen vinden om aan te nemen dat sprake is van bijkomende elementen van afhankelijkheid. Eiser heeft onvoldoende aannemelijk gemaakt dat hij daadwerkelijk afhankelijk is van hulp van zijn broer en zonder die hulp niet in staat is om zelfstandig te kunnen functioneren.

Ook in het privéleven van eiser heeft verweerder geen aanleiding hoeven zien voor een vrijstelling van het mvv-vereiste. Verweerder heeft aangenomen dat eiser privéleven heeft in Nederland en heeft een belangenafweging gemaakt die in het nadeel van eiser is uitgevallen. Verweerder heeft daar onder meer bij betrokken dat eiser in Nederland is geboren en de basisschool heeft doorlopen, dat eiser sociale contacten onderhoudt in Nederland, zijn familieleden if n Nederland wonen en dat hij het grootste deel van zijn leven heeft doorgebracht in Marokko. De rechtbank is van oordeel dat niet is gebleken dat de belangen van eiser onvoldoende bij deze belangenafweging zijn betrokken of dat aan zijn belangen onvoldoende gewicht is toegekend. Verweerder heeft voldoende gemotiveerd waarom de belangenafweging in het nadeel van eiser uitvalt en waarom de inbreuk op zijn privéleven niet maakt dat eisers uitzetting in strijd zou zijn met artikel 8 van het EVRM. Daarbij heeft verweerder kunnen betrekken dat eiser meerderjarig is en zich kan handhaven in Marokko. Verweerder heeft ook kunnen betrekken dat eiser het grootste deel van zijn leven in Marokko heeft gewoond, daar scholing heeft genoten, er heeft gewerkt, de taal spreekt en de gebruiken kent. Ook heeft verweerder mogen vinden dat eiser de banden en contacten die hij heeft opgebouwd in Nederland op afstand zou kunnen voortzetten. Dat de medische omstandigheden van eiser een objectieve belemmering vormen voor het uitoefenen van privéleven in Marokko, heeft verweerder niet kunnen en hoeven betrekken in de belangenafweging omdat daarvan ten tijde van het bestreden besluit geen stukken ter onderbouwing zijn overgelegd. De enkele verwijzingen naar de aangevoerde jurisprudentie en het Informatiebericht 2024/9 zijn geenzins onderbouwd en doen daarom niet af aan dit oordeel.

Vrijstelling op basis van de hardheidsclausule

8. Voor zover eiser ook een beroep op de hardheidsclausule heeft willen doen met hetgeen hij heeft aangevoerd over zijn medische omstandigheden en over artikel 8 van het EVRM, overweegt de rechtbank als volgt. Eiser heeft ter zitting betoogd dat verweerder het beroep op de hardheidsclausule had moeten beoordelen in het kader uiteengezet in de uitspraak van de Afdeling van 29 maart 2019, waarin een lagere lat wordt gehanteerd om aan te nemen dat het tegenwerpen van het mvv-vereiste onevenredig is. De rechtbank volgt eiser niet in dit betoog, omdat eisers aanvraag – anders dan in het kader dat de Afdeling uiteenzet – niet ziet op het verblijfsdoel ‘verblijf als familie- of gezinslid’. Zijn broers en zussen zijn daarnaast geen gezinsleden als bedoeld in artikel 4 van de Gezinsherenigingsrichtlijn.

Gelet op al het voorgaande heeft verweerder zich in redelijkheid op het standpunt kunnen stellen dat niet is gebleken van omstandigheden die maken dat vasthouden aan het mvv-vereiste onevenredig hard is. Eiser heeft niet aannemelijk gemaakt dat het, gelet op zijn medische omstandigheden, zijn band met zijn broers en zussen en zijn privéleven in Nederland, voor hem onmogelijk of zeer lastig is om tijdelijk terug te keren naar Marokko en vanuit daar de procedure voor de mvv-aanvraag te doorlopen. Ook in de stelling dat sprake is van een situatie gelijkend op die van een wedertoelating, heeft verweerder geen aanleiding hoeven zien om de hardheidsclausule toe te passen.

Conclusie en gevolgen

9. Het beroep is ongegrond.

10. Het verzoek om een voorlopige voorziening wordt buiten zitting afgedaan en niet-ontvankelijk verklaard, nu er uitspraak is gedaan in het beroep en er niet langer sprake is van connexiteit.

11. Eiser krijgt het griffierecht niet terug. Hij krijgt ook geen vergoeding van zijn proceskosten.

Beslissing

De rechtbank verklaart het beroep ongegrond.

De voorzieningenrechter verklaart het verzoek om een voorlopige voorziening niet-ontvankelijk.

Deze uitspraak is gedaan door mr. J. Smeets, (voorzieningen)rechter, in aanwezigheid van mr. M.E. Jans, griffier.

De beslissing is uitgesproken in het openbaar en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak op het beroep, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen vier weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Tegen de uitspraak op het verzoek om een voorlopige voorziening staat geen hoger beroep of verzet open.

Zittende Magistratuur

Griffier

  • mr. M.E. Jans

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?