Vaststellen geboortegegevens
Beschikking op het op 10 mei 2024 ingekomen verzoekschrift van:
[verzoeker] ,
verzoeker,
wonende op een bij de rechtbank bekend adres,
advocaat: mr. E. Verschuren te Gilze, Als belanghebbende wordt aangemerkt:
de ambtenaar van de burgerlijke stand van de gemeente ’s-Gravenhage,
zetelend te ’s-Gravenhage,
hierna te noemen: de ambtenaar.
Procedure
Bij beschikking van 23 juli 2025 van deze rechtbank is bepaald dat de behandeling van het verzoek wordt aangehouden tot 1 november 2025 pro forma om verzoeker in de gelegenheid te stellen zich uit te laten zoals in het lichaam van de beschikking is aangegeven en is bepaald dat de ambtenaar uiterlijk twee weken voor de genoemde pro forma datum voor zover daarop wordt prijs gesteld, kan reageren.
De rechtbank heeft vervolgens ontvangen:
- een F9-formulier van 11 november 2025 van verzoeker.
Beoordeling
De rechtbank handhaaft alles wat in de vorige beschikking is overwogen en beslist, voor zover in deze beschikking niet anders wordt overwogen of beslist.
Verzoeker is in de beschikking van 23 juli 2025 in de gelegenheid gesteld om alsnog een originele, gelegaliseerde geboorteakte te overleggen, dan wel gemotiveerd te onderbouwen met bewijsstukken over de pogingen die zijn ondernomen om de geboorteakte te verkrijgen via (bijvoorbeeld) het Iraakse ministerie van Gezondheid (Wazaret Alseha).
Hierop heeft de rechtbank een F9-formulier ontvangen met daarin vermeld dat de advocaat een reactie via de familieleden van verzoeker heeft ontvangen inhoudende dat ‘de hele kwestie hen enorme koppijn bezorgd en dat ze hier allemaal niet om gevraagd hebben.’
De advocaat heeft verder meegedeeld dat de gemeente waar verzoeker woonachtig is de geboortedatum van verzoeker heeft aangepast naar [datum] 1957 en dat niet te verwachten is dat verzoeker datgene zal doen wat in de beschikking van 23 juli 2025 van hem is gevraagd. De advocaat van verzoeker heeft zich gerefereerd aan het oordeel van de rechtbank.
Gelet op het voorgaande en op wat in de beschikking van 23 juli 2025 is overwogen, is de rechtbank van oordeel dat verzoeker niet heeft aangetoond niet te kunnen beschikken over een overeenkomstig de plaatselijke voorschriften door een bevoegde instantie opgemaakte akte van geboorte en deze ook niet kan verkrijgen.
De rechtbank wijst het verzoek daarom af.
Beslissing
De rechtbank:
wijst het verzoek af.