ECLI:NL:RBDHA:2025:26548

ECLI:NL:RBDHA:2025:26548, Rechtbank Den Haag, 16-12-2025, C/09/693776 / FA RK 25-8168

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 16-12-2025
Datum publicatie 22-01-2026
Zaaknummer C/09/693776 / FA RK 25-8168
Rechtsgebied Civiel recht; Personen- en familierecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Den Haag

Samenvatting

voorlopige voorzieningen

Uitspraak

Voorlopige voorzieningen

Beschikking op het op 28 oktober 2025 ingekomen verzoek van:

[de man] ,

de man,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. E.G.S.N. Asselbergs te ’s-Gravenhage.

Als belanghebbende wordt aangemerkt:

[de vrouw] ,

de vrouw,

wonende op een bij de rechtbank bekend adres,

advocaat: mr. N.M. Lindhout-Schot te Tilburg.

Procedure

De rechtbank heeft kennisgenomen van de stukken, waaronder:

- het verzoekschrift;

- het verweerschrift tevens verzoekschrift;

- het bericht van 30 november 2025, met bijlagen, van de man.

Op 2 december 2025 is de zaak op de zitting van deze rechtbank behandeld. Hierbij zijn verschenen: de man met zijn advocaat, de vrouw met haar advocaat en [naam] namens de Raad voor de Kinderbescherming.

Feiten

- Partijen zijn gehuwd op [dag] 2009 te [plaats] , Portugal.

- Zij zijn de ouders van de volgende minderjarige kinderen:

- [minderjarige 1] , geboren op [geboortedatum 1] 2010 te [geboorteplaats] .

- [minderjarige 2] , geboren op [geboortedatum 2] 2011 te [geboorteplaats] .

- Partijen oefenen het gezamenlijk gezag over de kinderen uit.

- De kinderen verblijven bij de vrouw.

Verzoek en verweer

Het verzoek van de man strekt ertoe dat:

- een regeling inzake de verdeling van de zorg- en opvoedingstaken ten aanzien van kinderen van partijen wordt vastgesteld, inhoudende dat de kinderen elke dinsdagmiddag uit school bij de man zijn en elk weekend van vrijdagmiddag/avond tot zondagavond, alsmede de helft van de schoolvakanties en de helft van de vrije dagen;

- de vrouw aan de man beschikbaar zal stellen de goederen strekkend tot zijn dagelijks gebruik en zij hem in gelegenheid zal stellen deze bezittingen telkens in delen met zich mee te nemen wanneer de man de kinderen komt brengen of halen of wanneer hij anderszins op afspraak bij de vrouw thuiskomt,

een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.

De vrouw voert verweer, welk verweer hierna – voor zover nodig – zal worden besproken en verzoekt zelfstandig de voorheen in praktijk uitgevoerde zorg- en contactregeling te schorsen totdat het contact tussen de kinderen en de man met hulp van een professional is hersteld en afgesproken is hoe de zorg- en contactregeling eruit zal zien, al dan niet na een opbouw van de contactmomenten, een en ander voor zover mogelijk met uitvoerbaarverklaring bij voorraad.

Beoordeling

Voorlopige zorgregeling

De man heeft met betrekking tot zijn verzoek omtrent de zorgregeling samengevat het volgende aangevoerd. Partijen zijn eind april 2025 uit elkaar gegaan. Zij hebben vanaf die datum een regeling afgesproken inhoudende dat de kinderen en de man iedere dinsdagmiddag en vrijdagmiddag tot zondagavond omgang zouden hebben, welke regeling zou lopen tot het einde van de zomervakantie. Ook is de man in de zomervakantie 2025 met de kinderen drie weken naar Frankrijk geweest. Begin september 2025 heeft er echter een incident plaatsgevonden en vanaf dat moment heeft de vrouw de zorgregeling stopgezet. Vervolgens heeft de vrouw als voorwaarde voor herstel van het contact tussen de kinderen en de man twaalf herstelgesprekken voorgesteld. De man kan zich vinden in het voorstel van de vrouw om een herstelgesprek te laten plaatsvinden, maar vindt twaalf gesprekken onnodig. Partijen zijn het er bovendien niet over eens wie het herstelgesprek zal begeleiden. De man mist de kinderen en wil ze graag weer zien. Hoewel de vrouw aangeeft dat zij het contact met de man in het belang van de kinderen acht, komt dit volgens de man niet terug in de gedragingen van de vrouw.

De vrouw stelt in het verweerschrift voorop dat zij het in het belang van de kinderen acht dat zij met beide ouders contact hebben. Volgens de vrouw is er echter te veel tussen partijen gebeurd om de door partijen afgesproken zorgregeling zomaar te hervatten. Bovendien stelt de vrouw dat de kinderen op dit moment geen contact met de man willen en zij eerst met een kindbehartiger willen praten. Om deze reden acht de vrouw het in het belang van de kinderen dat de door partijen afgesproken zorgregeling wordt geschorst totdat met hulp van een professional het contact tussen de kinderen en de man is hersteld en afspraken zijn gemaakt over hoe de zorgregeling eruit zal moeten komen te zien.

De rechtbank overweegt als volgt. Op de zitting hebben partijen overeenstemming bereikt om met behulp van een mediator het contact tussen de kinderen en de man zo spoedig mogelijk te herstellen. Voordat het contact weer wordt opgestart, zal eerst in het bijzijn van de mediator een gesprek tussen de kinderen en de man plaatsvinden, waarbij de mediator zich voornamelijk zal richten op het ondersteunen van de kinderen. Nadat er een aantal contactmomenten hebben plaatsgevonden, zullen de kinderen nogmaals in de gelegenheid worden gebracht om in het bijzijn van de mediator met de man in gesprek te gaan over het verloop van de contactmomenten.

Op de zitting is afgesproken dat de rechtbank de contactgegevens van partijen zal doorgeven aan het mediationbureau van de rechtbank en dat het mediationbureau vervolgens contact met hen zal opnemen om een geschikte mediator te vinden. De rechtbank merkt daarbij nog op dat zij van partijen verwacht dat zij - na een opbouw - weer de regeling zullen uitvoeren die zij voorheen zijn overeengekomen, inhoudende dat de kinderen en de man omgang zullen hebben iedere dinsdagmiddag en vrijdagmiddag tot zondagavond.

Bezittingen van de man

De rechtbank is van oordeel dat het verzoek van de man omtrent het beschikbaar stellen van goederen strekkend tot zijn dagelijks gebruik te algemeen en te onbepaald van aard is, nu niet duidelijk is om welke spullen het gaat. Om deze reden zal de rechtbank het verzoek van de man afwijzen.

Beslissing

De rechtbank:

verwijst partijen naar een door hen aan te wijzen mediator om met behulp van de mediator het contact tussen de kinderen en de man te herstellen;

verklaart deze beschikking tot zover uitvoerbaar bij voorraad;

wijst af het meer of anders verzochte.

Deze beschikking is gegeven door mr. L.L. Benink, rechter, tevens kinderrechter, bijgestaan door mr. A.J.A. Olthoff als griffier, en uitgesproken ter openbare terechtzitting van 16 december 2025.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. L.L. Benink

Griffier

  • mr. A.J.A. Olthoff

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?