RECHTBANK DEN HAAG
vonnis
Team handel
zaaknummer / rolnummer: C/09/686503 / HA ZA 25-513
Vonnis van 6 augustus 2025
in de zaak van
DSOLUTION.BIZ.B.V. te Rotterdam,
eiseres,
advocaat mr. W.B.J. van Overbeek te Amsterdam,
tegen
INTELISYS AVIATION NORTH AMERICA INC. te Saint John in Canada,
gedaagde,
niet verschenen.
1. De procedure
De onderhavige procedure ziet op de tenuitvoerlegging van de veroordeling van gedaagde tot betaling aan eiseres van schadevergoeding aan eiseres, inclusief de
afdracht van genoten winst op de verkoop door gedaagde van haar eigen interlining softwareapplicatie, op te maken bij staat. Deze veroordeling is bij verstek uitgesproken door deze rechtbank in de procedure met zaak-/rolnummer C/09/661370 / HA ZA 24-156 bij vonnis van 20 maart 2024.
Het verloop van de procedure blijkt uit:
de dagvaarding van 7 maart 2025, met producties 1 tot en met 58;
het tegen gedaagde verleende verstek.
Ten slotte is vonnis bepaald.
2. De beoordeling
Voor de ingestelde vorderingen en de daartoe gestelde feiten verwijst de rechtbank, gelet op artikel 230 lid 2 van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering, kortheidshalve naar de aan dit verstekvonnis gehechte en gewaarmerkte kopie van de dagvaarding.
Voor de overwegingen over de internationale bevoegdheid van de rechter en het toepasselijk recht verwijst de rechtbank kortheidshalve naar het vonnis van 20 maart 2024.
Het gevorderde komt de rechtbank niet onrechtmatig of ongegrond voor en zal als volgt worden toegewezen.
Gedaagde zal als de in het ongelijk gestelde partij in de proceskosten worden veroordeeld. De kosten aan de zijde van eiseres worden begroot op:
- dagvaarding € 119,40
- griffierecht € 10.188,00
- salaris advocaat € 4.357,00 (1,0 punt × tarief à € 4.357,00)
- nakosten € 178,00 (met verhoging bij betekening van het vonnis)
Totaal € 14.842,40
De over de proceskosten gevorderde rente zal worden toegewezen op de wijze zoals in de beslissing opgenomen.
3. De beslissing
De rechtbank
veroordeelt gedaagde om aan eiseres te betalen een bedrag van € 3.375.820,00 aan schadevergoeding vermeerderd met de wettelijke rente als bedoeld in art. 6:119 Burgerlijk Wetboek over het toegewezen bedrag met ingang van 1 augustus 2023 tot de dag van volledige betaling;
veroordeelt gedaagde in de proceskosten van eiseres van € 14.842,40 te betalen binnen 14 dagen na aanschrijving daartoe. Als gedaagde niet tijdig aan de veroordelingen voldoet en het vonnis daarna wordt betekend, dan moet gedaagde € 92,00 extra aan nakosten betalen, plus de kosten van betekening, te vermeerderen met de wettelijke rente over deze bedragen vanaf 14 dagen na betekening van dit vonnis tot de dag waarop de proceskosten volledig zijn betaald;
verklaart dit vonnis uitvoerbaar bij voorraad.
Dit vonnis is gewezen door mr. C.J-A Seinen en in het openbaar uitgesproken op 6 augustus 2025.