ECLI:NL:RBDHA:2026:10038

ECLI:NL:RBDHA:2026:10038

Instantie Rechtbank Den Haag
Datum uitspraak 29-04-2026
Datum publicatie 29-04-2026
Zaaknummer NL25.48908
Rechtsgebied Bestuursrecht; Vreemdelingenrecht
Procedure Eerste aanleg - enkelvoudig
Zittingsplaats Groningen

Samenvatting

MVV - verblijf als familie of gezinslid - inburgeringsvereiste - Beroep gegrond - Er is sprake van een op relevante onderdelen vergelijkbare positie met vreemdelingen die niet zijn vrijgesteld van het inburgeringsvereiste - De minister heeft onvoldoende gemotiveerd dat het gemaakte onderscheid naar nationaliteit gerechtvaardigd is vanwege buitenlandse betrekkingen en economische belangen en/of vanwege de bevordering van de integratie - Er is onvoldoende acht geslagen op de omstandigheid dat het hier gaat om vreemdelingen die rechten ontlenen aan de Gezinsherenigingsrichtlijn - Voor wat betreft de regulering van migratiestromen kan geen sprake zijn van een legitiem doel als bedoeld in artikel 14 van het EVRM - Door de minister is tot slot onvoldoende gemotiveerd dat hij met het stellen van de inburgeringsplicht personen niet selecteert.

Uitspraak

[naam 1], eiseres,

geboren op [geboortedatum],

van Marokkaanse nationaliteit,

V-nummer: [nummer],

(gemachtigde: mr. S. Karkache),

en

de minister van Asiel en Migratie, de minister,

(gemachtigde: mr. J. Kamphuis).

Inleiding

1. In deze uitspraak beoordeelt de rechtbank het beroep van eiseres tegen het bestreden besluit van 10 september 2025. Daarin heeft de minister het bezwaar van eiseres tegen de afwijzing van haar aanvraag tot het verlenen van een machtiging tot voorlopig verblijf (mvv) voor het doel ‘verblijf als familie- of gezinslid’ bij haar echtgenoot de heer [naam 2] (referent) in het besluit van 11 februari 2025 kennelijk ongegrond verklaard.

De rechtbank heeft het beroep op 16 maart 2026 op zitting behandeld. Hieraan hebben deelgenomen: de gemachtigde van eiseres en de gemachtigde van de minister. De rechtbank heeft het onderzoek op de zitting gesloten.

De rechtbank komt in deze uitspraak tot het oordeel dat de afwijzing niet in stand kan blijven. Eiseres krijgt gelijk en het beroep is dus gegrond. De rechtbank zal de minister wegens de gegrondverklaring van het beroep in de proceskosten van eiseres veroordelen. Hierna legt de rechtbank uit hoe zij tot dit oordeel komt en welke gevolgen dit oordeel heeft.

Beoordeling door de rechtbank

Waar gaat deze zaak over?

2. Eiseres heeft op 9 juli 2024 een aanvraag gedaan voor een afhankelijke verblijfsvergunning voor verblijf bij haar echtgenoot op grond van familieleven in het kader van artikel 8 EVRM. Eiseres woont in Marokko en is op 2 juni 2022 getrouwd met referent die de Nederlandse nationaliteit heeft. Omdat eiseres bij referent wil wonen heeft zij op 5 juli 2024 een aanvraag ingediend voor het verlenen van voornoemde mvv.

De minister heeft de aanvraag tot het verlenen van een mvv afgewezen omdat eiseres niet voldoet aan het inburgeringsvereiste op grond van de Wet inburgering in het buitenland (Wib). Volgens de minister is geen sprake van bijzondere omstandigheden om eiseres ontheffing te verlenen van dit vereiste. De minister heeft de afwijzing in bezwaar gehandhaafd en het bezwaar kennelijk ongegrond verklaard.Wat vindt eiseres?

3. Eiseres is het niet eens met de afwijzing. Eiseres voert aan dat het inburgeringsvereiste in strijd is met het discriminatieverbod van artikel 14 van het EVRM en met artikel 7, tweede lid van de Gezinsherenigingsrichtlijn. Volgens eiseres maakt de minister een ongerechtvaardigd onderscheid naar nationaliteit. Eiseres verwijst hierbij naar uitspraken van deze rechtbank, zittingsplaats Amsterdam en zittingsplaats Utrecht. In die uitspraken hebben de zittingsplaatsen geoordeeld dat, voor zover hier van belang, de minister onvoldoende heeft gemotiveerd dat het gemaakte onderscheid naar nationaliteit gerechtvaardigd is. Eiseres verwijst ook naar de uitspraak van de Afdeling van 11 juni 2025, waarin de Afdeling prejudiciële vragen heeft gesteld over de vraag of het onderscheid naar nationaliteit — waarbij onderdanen van bepaalde landen wél en anderen níet aan het inburgeringsvereiste moeten voldoen — juridisch toelaatbaar is.

Wat vindt de rechtbank?

4. De rechtbank beoordeelt het bestreden besluit aan de hand van de beroepsgronden van eiseres en hetgeen de minister in dit kader heeft aangevoerd.

De rechtbank stelt voorop dat het Hof van Justitie van de Europese Unie zich nog moet uitspreken over de door de Afdeling gestelde prejudiciële vragen. De rechtbank ziet echter geen aanleiding om de beantwoording van de prejudiciële vragen af te wachten, nu partijen hier niet om hebben verzocht en het onduidelijk is wanneer de uitspraak van het Hof van Justitie zal volgen.

De rechtbank overweegt verder dat de meervoudige kamer van deze rechtbank, zittingsplaats Utrecht, in de uitspraak van 15 juli 2024 heeft geoordeeld dat bij vreemdelingen die zijn vrijgesteld van het inburgeringsvereiste sprake is van een op relevante onderdelen vergelijkbare positie met vreemdelingen daarvan niet zijn vrijgesteld. De rechtbank heeft daarnaast geoordeeld dat de minister onvoldoende heeft gemotiveerd dat het gemaakte onderscheid naar nationaliteit gerechtvaardigd is vanwege buitenlandse betrekkingen en economische belangen en/of vanwege de bevordering van de integratie. Verder is onvoldoende acht geslagen op de omstandigheid dat het hier gaat om vreemdelingen die rechten ontlenen aan de Gezinsherenigingsrichtlijn. De rechtbank heeft verder geoordeeld dat wat betreft de regulering van migratiestromen geen sprake kan zijn van een legitiem doel als bedoeld in artikel 14 van het EVRM. Door de minister is tot slot onvoldoende gemotiveerd dat hij met het stellen van de inburgeringsplicht personen niet selecteert.

De rechtbank ziet in wat de minister heeft aangevoerd in de onderhavige zaak geen aanleiding voor een ander oordeel. De rechtbank neemt daarom het oordeel in voornoemde uitspraak van de rechtbank Den Haag, zittingsplaats Utrecht, als ook de overwegingen die tot dit oordeel hebben geleid, in het bijzonder de rechtsoverwegingen 7 tot en met 20, 23 en 24, over en maakt deze tot de hare.

Conclusie en gevolgen

5. Het beroep is gegrond. De rechtbank vernietigt het bestreden besluit. De rechtbank ziet geen aanleiding om de rechtsgevolgen van het besluit in stand te laten of zelf in de zaak te voorzien. De minister moet daarom een nieuw besluit nemen en rekening houden met deze uitspraak. De rechtbank stelt hiervoor een termijn van acht weken.

Omdat het beroep gegrond is, krijgt eiseres een vergoeding van haar proceskosten. De minister moet deze vergoeding betalen. De vergoeding bedraagt € 1.868,00 (1 punt voor het indienen van het beroepschrift en 1 punt voor het verschijnen ter zitting met een waarde per punt van € 934,00 en een wegingsfactor 1).

Beslissing

De rechtbank:

Deze uitspraak is gedaan door mr. R. Tesfai, rechter, in aanwezigheid van mr. K.E. Mulder, griffier en openbaar gemaakt door middel van gepseudonimiseerde publicatie op rechtspraak.nl.

Deze uitspraak is openbaar gemaakt en bekendgemaakt op:

Informatie over hoger beroep

Een partij die het niet eens is met deze uitspraak, kan een hogerberoepschrift sturen naar de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State waarin wordt uitgelegd waarom deze partij het niet eens is met deze uitspraak. Het hogerberoepschrift moet worden ingediend binnen vier weken na de dag waarop deze uitspraak is verzonden. Kan de indiener de behandeling van het hoger beroep niet afwachten, omdat de zaak spoed heeft, dan kan de indiener de voorzieningenrechter van de Afdeling bestuursrechtspraak van de Raad van State vragen om een voorlopige voorziening (een tijdelijke maatregel) te treffen.

Zittende Magistratuur

Rechter

  • mr. R. Tesfai

Griffier

  • mr. K.E. Mulder

Vindplaatsen

Rechtspraak.nl
Bekijk op rechtspraak.nl Download XML
Rechtspraak.nl XML
+ Alert

♥ Steun Jurisprudentie.online

Gratis service, geen ads, geen tracking.
Klik op de zoekopdracht - dat helpt kleine ondernemers.

🔍 opent nieuw tabblad

Advocaat of Jurist?

Organisch Google verkeer voor een fractie van Google Ads.

✓ 6-26x goedkoper
✓ 100% echte bezoekers
✓ Geen click fraud
Meer info

Eigen website?

Word partner en krijg gerichte bezoekers die juridische info zoeken.

Nu actief:
Word Partner

Klik opent een nieuw tabblad. Je hoeft niks te kopen - alleen de klik helpt.

Alert aanmaken

Keyword:

Je email:

Hoe vaak?

⚡ Powered by
Hostinger Hosting
Betrouwbare hosting vanaf €1.99/maand